Jonge mensen vragen . . .
Zou ik er goed aan doen na schooltijd te gaan werken?
„Ontwaakt!”: Waarom ben je na schooltijd gaan werken?
Eric: Ik woonde thuis bij mijn ouders en wilde financieel bijspringen.
Olga: Onafhankelijkheid. Ik wilde beschikken over geld van mezelf.
Michelé: Ik kreeg al een toelage, maar ik wilde werkervaring opdoen.
Duane: Ik werkte niet voor geld. Ik werkte om mijn oom te helpen, die een schilders- en metselaarsbedrijf had.
Anthony: Ik werkte om kleren te kunnen kopen.
„Ontwaakt!”: Kocht je moeder dan geen kleren voor je?
Anthony: Niet het soort kleren dat ik wilde hebben.
DENK je erover na schooltijd te gaan werken? Misschien zou je gewoon graag over wat meer zakgeld beschikken, en een baantje schijnt de snelste manier te zijn om daaraan te komen.
Werken kan zijn voordelen hebben.a Het kan een jongere verantwoordelijkheidsgevoel bijbrengen. Hij kan er waardevolle ervaring door opdoen en nuttige vaardigheden door leren. Toch zijn niet alle aspecten van werken nuttig, en voordat je een baan aanneemt, moet je zorgvuldig de kosten berekenen. — Vergelijk Lukas 14:28; 1 Korinthiërs 10:23.
Wat ga ik met het geld doen?
Veel jongeren werken om hun ouders noodzakelijke financiële hulp te bieden. David L. Manning, leraar aan een middelbare school, merkt echter op dat ’het voornaamste motief voor part-timewerk een toegeeflijk soort eigenbelang schijnt te zijn’. Ja, veel van wat tieners verdienen, wordt niet als spaargeld of bijdrage in de gezinskosten gebruikt, maar besteed aan luxeartikelen, die het hele gamma doorlopen van stereo-installaties en concertkaartjes tot dure sportschoenen. Op de lange duur is het verdiende geld vaak weggegooid geld.
„Tja, wat heb ik eigenlijk met mijn geld gedaan?”, was de reactie van de jonge Michelé toen een Ontwaakt!-verslaggever een groep jongeren vroeg wat zij deden met het geld dat zij met werken verdienden. „Ik weet het niet”, gaf zij toe. „Ik heb er niets van op de bank gezet. Ik denk dat ik het aan uitgaan heb besteed. Aan films — ik ging elk weekend. En aan schoenen. Ik heb een zwak voor schoenen. Ik heb wel $250 per paar betaald.” De jonge Olga gaf een soortgelijk antwoord: „Ik denk dat ik al mijn geld heb uitgegeven. Hoe meer je verdient, hoe meer je uitgeeft. Maar ik heb geen flauw idee waar het gebleven is.”
„Welk voordeel is er voor een mens gelegen in al zijn harde werk waaraan hij hard werkt onder de zon?”, vroeg Salomo (Prediker 1:3). En zonder een duidelijke reden om te werken, zonder een vastomlijnd plan hoe je het geld dat je verdient, gaat besteden — of sparen — zou jouw harde werk eveneens nutteloos, voor niets, kunnen blijken te zijn.b ’Maar wat voor kwaad steekt erin het gewoon uit te geven aan dingen die ik leuk vind?’, vraag je misschien.
Werken voor noodzakelijke behoeften is één ding, maar lang en hard zwoegen voor onbeduidende behoeften is iets anders. Het is een strik. Het kan een ongezond verlangen naar materiële dingen teweegbrengen. (Vergelijk 1 Timotheüs 6:8, 9.) Het kan een egocentrische ’ik eerst’-geest in de hand werken die in strijd is met de christelijke geest van vrijgevigheid (Handelingen 20:35). Zou het daarom niet het beste zijn om voordat je een baantje zoekt, vast te stellen of er een geldige noodzaak voor bestaat?
School en werk
Nog iets om te overwegen, is de uitwerking die een baan op je schoolwerk zou kunnen hebben. „Niemand kan twee meesters als slaaf dienen”, zei Jezus (Mattheüs 6:24). Dit beginsel is van toepassing op veel leerlingen die merken dat hun schoolwerk en hun baan hopeloos met elkaar in conflict komen.
Onderzoeken wijzen uit dat werkende scholieren veel vaker absent zijn dan niet-werkende scholieren. En als zij er zijn, letten zij dikwijls niet op. „Ik kwam tegen twaalven uit school en deed van één tot vijf secretaressewerk”, legt de jonge Olga uit. De uitwerking? „Ik was moe. Een baan naast je schoolwerk is afmattend.” Het is dan ook geen wonder dat de cijfers van veel leerlingen kelderen nadat zij zijn gaan werken. Sommigen blijven zelfs zitten.
„Ik moest in de zomervakantie bijlessen volgen”, vertelt Anthony, die voor zijn examen zakte in de tijd dat hij na schooltijd een fabrieksbaantje had. Anthony bleef echter de hele zomer werken. Het resultaat? „Ik zakte ook voor mijn herexamen en moest een jaar overdoen.” Het is waar dat sommige intelligente leerlingen erin slagen goede cijfers te behouden. Michelé vertelt: „Ik hoefde maar naar mijn lerares te luisteren om te begrijpen wat ze vertelde en een voldoende te halen. Ik hoefde nooit te studeren.” Het maakt echter heel veel verschil uit of je het net redt op school of dat je echt uit de lessen haalt wat erin zit. — Vergelijk 1 Timotheüs 4:15.
Als je dus overweegt om te gaan werken, vraag je dan af: ’Zal ik redelijk aandacht kunnen besteden aan mijn huiswerk? Zal ik voldoende rust en slaap kunnen krijgen?’ (Prediker 4:6) Veel zal afhangen van de aard van het werk en het werkschema. Maar is een baantje echt de moeite waard als het je schoolwerk belemmert?
Werk en jullie gezin
Van belang is ook de uitwerking die een baan op je verhouding met gezinsleden kan hebben. „Onze eigen studies geven te kennen . . . dat adolescenten die werken wel degelijk minder tijd aan gezinsactiviteiten besteden dan hun niet-werkende leeftijdgenoten”, zeggen de onderzoekers Laurence Steinberg en Ellen Greenberger. Zo „berichten veel werkende jongeren dat zij minder vaak met het gezin de avondmaaltijd gebruiken (wat dus het verlies betekent van een van de weinige momenten van de dag waarop ouders en kinderen kunnen bijpraten)”.
Maaltijden waren in bijbelse tijden een belangrijk onderdeel van het gezinsleven, en dat is onder Gods volk in deze tijd nog zo. (Vergelijk Spreuken 15:17.) Veel gezinnen onder Jehovah’s Getuigen gebruiken het ontbijt of de avondmaaltijd als een gelegenheid om geestelijke zaken te bespreken. Zal een baan na schooltijd je verhinderen daaraan deel te nemen?
Werkende jongeren kunnen zich ook behoorlijk onafhankelijk van hun ouders gaan voelen. Sommigen redeneren zelfs dat aangezien zij over hun eigen geld beschikken, hun ouders minder over hen te zeggen hebben. Een looncheque ontslaat je echter niet van je schriftuurlijke verplichting om ’naar het strenge onderricht van een vader te luisteren’ of de ’wet van je moeder’ te gehoorzamen (Spreuken 1:8). Je ouders hebben bijvoorbeeld het volste recht te bepalen hoeveel van je zuurverdiende geld aan gezinsuitgaven moet worden besteed. Per slot van rekening gaat bijna al hun geld daarin zitten.
Als je besluit te gaan werken, waarom zou je je verantwoordelijkheidsbesef en je belangstelling voor het welzijn van het gezin dan niet tonen door je ouders te vragen hoeveel je in de gezinskosten kunt bijdragen?
Je baan en je geestelijke gezindheid
Het allerbelangrijkste punt van overweging is de uitwerking die een baan op je geestelijke gezindheid kan hebben. Steinberg en Greenberger berichten dat blootstelling aan de werkomgeving vaak tot vormen van jeugdig ’wangedrag’ leidt, zoals stelen op het werk of bedrog op school. Sommige jongeren zwichten zelfs voor de druk van leeftijdgenoten en geven hun vrienden ongeoorloofde kortingen — of stelen zelfs voor hen. De spanningen van het werk (en het bezit van contant geld) zet veel jongeren aan tot alcohol- en drugmisbruik.
Natuurlijk zou je er, als je er christelijke beginselen op na houdt, zelfs nooit aan denken zulke dingen te doen. Een baan kan een jongere echter intensiever aan „slechte omgang” blootstellen (1 Korinthiërs 15:33). Ben je erop voorbereid aan een dergelijke druk het hoofd te bieden? Heb je op school ’wijs gewandeld ten aanzien van hen die buiten zijn’ door ongezonde omgang te mijden? (Kolossenzen 4:5) Als gebleken is dat dit een zwak punt van je is, ben je er dan echt klaar voor de grotere druk op het werk onder de ogen te zien?
Een overbelast werkschema kan het ook moeilijk voor je maken om de christelijke routine van vergaderingen, persoonlijke studie van de bijbel en deelname aan de christelijke bediening te volgen. „Ik heb vergaderingen overgeslagen omdat ik moe was na een dag school en werk”, zegt Michelé.
De beslissing of je na schooltijd zult gaan werken, is dus een ernstige beslissing. Alle betrokken factoren moeten zorgvuldig overwogen worden. Bepraat het met je ouders of een rijpe christen. Als een baan noodzakelijk wordt geacht, doe dan je best om je evenwicht te bewaren. Werk een zodanig schema uit dat je voldoende aandacht kunt besteden aan je schoolwerk en je geestelijke groei. Als dat niet mogelijk is, overweeg dan andere manieren om geld te verdienen. Misschien willen je ouders je wel betalen voor het verrichten van wat grotere huishoudelijke klussen. Sommige jongeren beginnen een onderneminkje, zoals gras maaien of babysitten, waardoor zij in de gelegenheid zijn geld te verdienen als het hun uitkomt.
Hoe staat het echter met jongeren in armere landen die weinig andere keus hebben dan te werken? Een toekomstig artikel zal hun situatie bespreken.
[Voetnoten]
a Zie het artikel „Zal een baan na schooltijd me helpen volwassen te worden?” in onze voorgaande uitgave.
b Zie Ontwaakt! van 22 december 1988 en 22 januari 1989 voor suggesties in verband met het omgaan met geld.
[Inzet op blz. 16]
„Het voornaamste motief voor part-timewerk schijnt een toegeeflijk soort eigenbelang te zijn”
[Illustratie op blz. 15]
Werk jij om gerechtvaardigde uitgaven te betalen of om een liefde voor materiële dingen te bevredigen?