Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g90 22/11 blz. 13-16
  • Een geestelijke immuniteit voor de morele ineenstorting

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Een geestelijke immuniteit voor de morele ineenstorting
  • Ontwaakt! 1990
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Geestelijke antilichamen die de geestelijke gezindheid beschermen
  • Deze oude wereld loopt ten einde, de nieuwe is in aantocht
  • Dood voor de oude wereld — Levend voor de nieuwe wereld
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1957
  • Verlangt u werkelijk naar Gods koninkrijk?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1971
  • De enige hoop op een volmaakte regering
    Ontwaakt! 1981
  • Deel 2: Christelijke leefwijze
    Georganiseerd om Jehovah’s wil te doen
Meer weergeven
Ontwaakt! 1990
g90 22/11 blz. 13-16

Een geestelijke immuniteit voor de morele ineenstorting

ONS fysieke organisme wordt belegerd door miljoenen microben die popelen om bij ons binnen te dringen en ons te overwinnen. Gelukkig liggen er miljoenen verdedigers in ons te wachten, klaar om ze te overmeesteren en onschadelijk te maken. Hun reactie op de indringers is automatisch; daar hoeven wij niet bij na te denken. Er is echter een andere soort vijandelijke inval waarbij het terdege nodig is dat wij er het hoofd bij houden willen wij het leven er afbrengen. Ook die is levensbedreigend, en er gaan krachten achter schuil die nog onzichtbaarder zijn dan ziekteverwekkende micro-organismen!

Die krachten vallen de geest en het hart aan, het denken en de gevoelens. Hun zichtbare manifestaties spelen in op het vlees en hongeren de behoeften en vreugden van de geest uit. Op subtiele en op in het oog springende manieren wordt de grote massa voortgestuwd in de zich steeds uitbreidende morele ineenstorting die deze generatie teistert. Is er, zoals er een lichamelijk immuunsysteem is om de invasie in ons lichaam door microben en virussen af te slaan, ook iets wat ons immuun maakt voor de vernietigende aanvallen op onze geestelijke gezindheid? Ja, dat is er!

Wat kan voor de geestelijke antilichamen zorgen die krachtig genoeg zijn om geestelijke immuniteit te verlenen voor de morele ineenstorting? Het is duidelijk dat noch de stroom van populair-psychologische best-sellers noch de gewichtiger boekdelen van psychiaters dat kunnen.

Een veelgelezen columnist wijst op een hogere bron van hulp: „Het is onmogelijk een moreel hoogstaande maatschappij of natie te hebben zonder geloof in God, want alles komt al snel neer op ’ik’, en ’ik’ alleen is zinloos.” Toen de Russische dissident Aleksandr Solzjenitsyn werd gevraagd aan te geven wat het probleem van de 20ste eeuw is, zei hij: „De mensen zijn God vergeten. . . . De hele twintigste eeuw wordt meegezogen in de draaikolk van atheïsme en zelfvernietiging.”

Een van de pioniers van de moderne psychiatrie, dr. C. G. Jung, bracht onder woorden wat het onontbeerlijke ingrediënt is om met succes weerstand te bieden aan het morele verval: „De persoon die niet in God verankerd is, is op eigen kracht niet in staat weerstand te bieden aan de fysieke en morele verlokkingen van de wereld. Daarvoor heeft hij het bewijs nodig van innerlijke, transcendente ervaringen, het enige wat hem kan beschermen tegen het anders onvermijdelijke wegzinken in de massa. Een louter intellectueel of zelfs moreel besef . . . mist de aandrijvende kracht der religieuze overtuiging, daar het slechts verstandelijk is.” — The Undiscovered Self, blz. 34.

Slechts de bijbel voorziet, bij toepassing in ons dagelijks gedrag, in de geestelijke antilichamen die krachtig genoeg zijn om geest en hart te beschermen tegen de zieke antigenen die ons omringen en uitgebraakt zijn bij het kikvorsachtige gekwaak van „onreine geïnspireerde uitingen” bedoeld om ons in conflict met God te brengen. — Openbaring 16:13, 14; 1 Johannes 4:1.

Geestelijke antilichamen die de geestelijke gezindheid beschermen

◼ Gods Woord is bij machte levens te veranderen:

„Noch hoereerders, noch afgodendienaars, noch overspelers, noch mannen die er voor tegennatuurlijke doeleinden op na worden gehouden, noch mannen die bij mannen liggen, noch dieven, noch hebzuchtige personen, noch dronkaards, noch beschimpers, noch afpersers zullen Gods koninkrijk beërven. Toch zijn sommigen van u dat geweest. Maar gij zijt rein gewassen, maar gij zijt geheiligd, maar gij zijt rechtvaardig verklaard in de naam van onze Heer Jezus Christus en met de geest van onze God.” — 1 Korinthiërs 6:9-11.

„Het is voldoende dat gij in de voorbijgegane tijd de wil van de natiën hebt volbracht door u over te geven aan daden van losbandig gedrag, wellusten, overdaad van wijn, brasserijen, drinkpartijen en onwettige afgoderijen. Omdat gij niet langer met hen deze weg bewandelt naar dezelfde lage poel van liederlijkheid, staan zij vreemd te kijken en gaan zij voort schimpend over u te spreken.” — 1 Petrus 4:3, 4.

„Legt de oude persoonlijkheid met haar praktijken af en bekleedt u met de nieuwe persoonlijkheid, die door middel van nauwkeurige kennis wordt vernieuwd naar het beeld van Degene die ze schiep.” — Kolossenzen 3:9, 10.

◼ De Schrift beschermt tegen materialisme als ze wordt toegepast:

„Let op en hoedt u voor elke soort van hebzucht, want ook al heeft iemand overvloed, zijn leven spruit niet voort uit de dingen die hij bezit.” — Lukas 12:15.

„Zij . . . die besloten zijn rijk te worden, vallen in verzoeking en een strik . . . Want de liefde voor geld is een wortel van allerlei schadelijke dingen.” — 1 Timotheüs 6:9, 10.

„Juist zoals men uit zijn moeders buik is voortgekomen, zal men naakt weer heengaan, juist zoals men gekomen is; en men kan volstrekt niets wegdragen voor zijn harde werk.” — Prediker 5:15.

◼ Zorg goed voor de aarde, verontreinig ze niet, letterlijk noch figuurlijk:

„Jehovah God nam nu de mens en plaatste hem in de tuin van Eden om die te bebouwen en er zorg voor te dragen.” — Genesis 2:15.

God heeft „haar geformeerd . . . om ook bewoond te worden”. — Jesaja 45:18.

„De aarde heeft hij aan de mensenzonen gegeven.” — Psalm 115:16.

„Het land zelf is bezoedeld onder zijn bewoners . . . en de bewoners ervan worden voor schuldig gehouden.” — Jesaja 24:5, 6.

God zal „hen . . . verderven die de aarde verderven”. — Openbaring 11:18.

◼ Schuw de „ik eerst”-filosofie, de „ik-aanbidding”:

„Doodt daarom uw lichaamsleden die op de aarde zijn ten aanzien van hoererij, onreinheid, seksuele begeerte, schadelijke verlangens en begerigheid, welke afgoderij is.” — Kolossenzen 3:5.

◼ Vermijd verkeerde omgang:

„Wordt niet misleid. Slechte omgang bederft nuttige gewoonten.” — 1 Korinthiërs 15:33.

„Hij die met wijzen wandelt, zal wijs worden, maar wie zich met de verstandelozen inlaat, zal het slecht vergaan.” — Spreuken 13:20.

◼ Wees op uw hoede voor Satan en zijn wereld:

„De god van dit samenstel van dingen [heeft] de geest van de ongelovigen . . . verblind.” — 2 Korinthiërs 4:4.

„Wij weten dat wij uit God voortspruiten, maar de gehele wereld ligt in de macht van de goddeloze.” — 1 Johannes 5:19.

„Indien iemand de wereld liefheeft, is de liefde van de Vader niet in hem; want alles wat in de wereld is — de begeerte van het vlees en de begeerte der ogen en het opzichtige geuren met de middelen voor levensonderhoud die men heeft — spruit niet voort uit de Vader, maar uit de wereld. De wereld gaat bovendien voorbij en ook haar begeerte, maar wie de wil van God doet, blijft in eeuwigheid.” — 1 Johannes 2:15-17.

◼ Wapen u tegen onzichtbare demonenkrachten:

„Doet de volledige wapenrusting van God aan, opdat gij pal kunt staan tegen de kuiperijen van de Duivel; want onze strijd is niet tegen bloed en vlees, maar tegen . . . de goddeloze geestenkrachten in de hemelse gewesten.” — Efeziërs 6:11, 12.

„Weerstaat de Duivel en hij zal van u wegvluchten. Nadert tot God en hij zal tot u naderen.” — Jakobus 4:7, 8.

◼ Houd u aan veilige richtlijnen en volg het volmaakte model na:

„Uw woord is een lamp voor mijn voet, en een licht op mijn pad.” — Psalm 119:105.

„De gehele Schrift is door God geïnspireerd en nuttig om te onderwijzen, terecht te wijzen, dingen recht te zetten, streng te onderrichten in rechtvaardigheid, opdat de mens Gods volkomen bekwaam zij, volledig toegerust voor ieder goed werk.” — 2 Timotheüs 3:16, 17.

„Christus heeft voor u geleden, u een model nalatend opdat gij nauwkeurig in zijn voetstappen zoudt treden.” — 1 Petrus 2:21.

◼ De denkwijze die de geest hervormt:

„Wordt niet langer naar dit samenstel van dingen gevormd, maar wordt veranderd door uw geest te hervormen, opdat gij u ervan kunt vergewissen wat de goede en welgevallige en volmaakte wil van God is.” — Romeinen 12:2.

„Al wat waar is, al wat van ernstig belang is, al wat rechtvaardig is, al wat eerbaar is, al wat liefelijk is, alles waarover gunstig wordt gesproken, welke deugd er ook is en al wat lof verdient, blijft deze dingen bedenken.” — Filippenzen 4:8.

◼ De kinderopvoeding die criminaliteit voorkomt:

„Gij [hebt] van kindsbeen af de heilige geschriften . . . gekend, die u wijs kunnen maken tot redding door middel van het geloof in verband met Christus Jezus.” — 2 Timotheüs 3:15.

„Leid een knaap op overeenkomstig de weg voor hem; ook als hij oud wordt, zal hij er niet van afwijken.” — Spreuken 22:6.

„Wie zijn roede inhoudt, haat zijn zoon, maar wie hem liefheeft, die zoekt hem werkelijk met streng onderricht.” — Spreuken 13:24.

„Want wat voor een zoon is hij die niet door een vader streng wordt onderricht? Nu schijnt elk streng onderricht weliswaar op het ogenblik zelf niet vreugdevol te zijn, maar bedroevend; toch werpt het later voor hen die erdoor geoefend zijn, een vreedzame vrucht af, namelijk rechtvaardigheid.” — Hebreeën 12:7, 11.

„Deze woorden die ik u heden gebied, moeten op uw hart blijken te zijn; en gij moet ze uw zoon inscherpen en erover spreken wanneer gij in uw huis zit en wanneer gij op de weg gaat en wanneer gij neerligt en wanneer gij opstaat.” — Deuteronomium 6:6, 7.

„Kinderen, weest gehoorzaam aan uw ouders in eendracht met de Heer, want dit is rechtvaardig. En gij, vaders, irriteert uw kinderen niet, maar blijft hen in het strenge onderricht en de ernstige vermaning van Jehovah grootbrengen.” — Efeziërs 6:1, 4.

◼ Vermijd echtscheidingen met hun gevolg van eenoudergezinnen, criminaliteit, druggebruik, seksuele immoraliteit:

„’Jegens de vrouw van uw jeugd mag niemand trouweloos handelen. Want hij heeft echtscheiding gehaat’, heeft Jehovah, de God van Israël, gezegd.” — Maleachi 2:15, 16.

„Ik zeg u dat al wie zich van zijn vrouw laat scheiden, behalve op grond van hoererij, en een ander trouwt, overspel pleegt.” — Mattheüs 19:9.

◼ De liefde die een eind maakt aan alle geweld, misdaad, racisme, drugs, dronkenschap, haat en wandaden tegenover anderen:

„Gij moet Jehovah, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw verstand en met geheel uw kracht.” En: „Gij moet uw naaste liefhebben als uzelf.” — Markus 12:30, 31.

„Alle dingen dan die gij wilt dat de mensen voor u doen, moet ook gij insgelijks voor hen doen; dit is trouwens de betekenis van de Wet en de Profeten.” — Mattheüs 7:12.

„Dit betekent de liefde tot God, dat wij zijn geboden onderhouden.” — 1 Johannes 5:3.

Deze oude wereld loopt ten einde, de nieuwe is in aantocht

Veel moderne psychologen en psychiaters kleineren de praktische waarde van deze schriftuurlijke gedragsrestricties. Sommigen accepteren seksuele immoraliteit en homoseksualiteit als gewoon een andere manier van leven. Het verschil tussen goed en kwaad wordt erg vaag nu men een „nieuwe moraal” gaat aanhangen. Het is een hedendaags voorbeeld van Jesaja 5:20: „Wee hun die zeggen dat goed slecht is en slecht goed, die duisternis tot licht stellen en het licht tot duisternis, die het bittere tot zoet stellen en het zoete tot bitter!” De bijbel zegt over zulke mensen: „Gij allen zijt geneesheren van niets” (Job 13:4). Zij geven geestelijke ziekte-antigenen het groene licht; zij schrijven geen recepten uit voor geestelijke antilichamen om ertegen te vechten.

De toestanden bewijzen dat deze oude wereld zich in haar „laatste dagen” bevindt en plaats gaat maken voor een nieuwe wereld van rechtvaardigheid. „De hemelen en de aarde van nu [zijn] voor het vuur opgespaard en ze worden bewaard voor de dag van het oordeel en van de vernietiging der goddeloze mensen. Maar er zijn nieuwe hemelen en een nieuwe aarde, die wij overeenkomstig zijn belofte verwachten, en daarin zal rechtvaardigheid wonen.” — 2 Timotheüs 3:1-5; 2 Petrus 3:7, 13.

De nieuwe wereld zal het einde van verdriet, ziekte en dood te zien geven en de weg banen voor eeuwig leven op een paradijsaarde: „Geen inwoner zal zeggen: ’Ik ben ziek’” (Jesaja 33:24). God „zal elke traan uit hun ogen wegwissen, en de dood zal niet meer zijn, noch rouw, noch geschreeuw, noch pijn zal er meer zijn” (Openbaring 21:3, 4). En het recept om toegang te krijgen tot die wereld wordt in Johannes 17:3 gegeven: „Dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God, en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus.”

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen