Een erwt die verlamt
Door Ontwaakt!-correspondent in India
DE JONGE Indiase boerenarbeider was de plotselinge pijnen die hem een paar weken eerder met een schok uit zijn slaap hadden gewekt bijna vergeten. Verscheidene nachten achtereen hadden zijn kuitspieren zich samengetrokken tot harde knobbels en had hij last gehad van krampen die tien tot vijftien minuten hadden aangehouden. Maar als hij deze ochtend wakker wordt en gaat staan, valt hij plotseling op de grond. Binnen een paar uur krijgt hij een stijf en zwaar gevoel in zijn benen en zijn stappen worden krampachtig en onbeholpen.
De jonge man heeft er geen besef van dat hij aan de eerste stadiums lijdt van een verlammende ziekte die lathyrisme heet en zal nauwelijks geloven dat zijn dagelijkse kost, een bepaalde erwt, hier pulse genoemd, er de oorzaak van is. (Andere soorten erwten zijn uiteraard voedzaam en gezond.)
Het vergif in de „pulse” De ziekte, die in India duizenden slachtoffers maakt, ontleent haar naam aan een winterharde peulvrucht die Lathyrus sativus heet. De Indiërs kennen die over het algemeen als khesari dal, maar er zijn nog veel meer plaatselijke namen voor. Ze wordt meestal tot meel vermalen en uitgerold tot rotis, een plat ongezuurd brood. Vaak wordt het gekookt en als pap gegeten. Bij geen van beide bereidingswijzen wordt echter afgerekend met een krachtige toxine die het zenuwstelsel aantast en de ongeneeslijke verlammende ziekte, lathyrisme, veroorzaakt.
Vooral jonge mannen zijn door hun over het algemeen grotere eetlust vatbaar voor deze ziekte. Er lijden echter weinig vrouwen aan, omdat vrouwelijke hormonen enige bescherming schijnen te bieden. Tot de eerste symptomen van de ziekte behoren pijn en spierkrampen. Als er in dit stadium verandering wordt gebracht in de dagelijkse kost, kan de ziekte een halt worden toegeroepen. Anders zal ze verergeren totdat de hielen van het slachtoffer bij het lopen niet goed meer op de grond komen en hij op zijn tenen loopt met gebogen knieën en gestrekte enkels. In de meest extreme vorm zal de ziekte alle pogingen om te lopen onmogelijk maken en moet het slachtoffer kruipen of zich voortbewegen door zijn gewicht via zijn handen te verplaatsen.
Als de ziekte in dit stadium komt, zijn de gevolgen verschrikkelijk. Een eens hardwerkende kostwinner en verzorger van zijn gezin zal dan wellicht voor de rest van zijn leven een last voor de samenleving zijn. Maar waarom eist deze ziekte nog steeds slachtoffers als men al zo’n 200 jaar weet wat de oorzaak ervan is en hoe ze voorkomen kan worden?
Waarom zo wijdverbreid? Lathyrisme is een sociaal-economische ziekte. Volgens het Indiase Nationale Instituut voor de Voeding wordt 75 procent van de lijders aan lathyrisme gevormd door landloze arbeiders, die vaak bij de landeigenaar in de schuld staan. Zulke arbeiders krijgen hun loon vaak niet in geld maar in voedsel uitbetaald, waaronder pulse. De landeigenaars gebruiken de pulse omdat die zich heel gemakkelijk laat verbouwen en de stengels en bladeren aan het vee gevoerd kunnen worden. In tijden van schaarste krijgen arbeiders alleen pulse.
Sommigen vinden de zoete smaak lekker en raken eraan gewend ze geregeld te eten. Anderen bemerken dat zij de pulse niet kunnen verkopen of ruilen en eten ze om in leven te blijven. Degenen die niet aan ander voedsel kunnen komen, eten grote hoeveelheden van de verlammende erwten. Als twee derde of meer van de dagelijkse kost uit Lathyrus bestaat, zal de ziekte hoogstwaarschijnlijk toeslaan.
Hoewel in veel deelstaten de verkoop van pulse en het gebruik ervan als uitbetaling in natura verboden zijn, zal deze erwt vermoedelijk niet gauw van het Indiase menu verdwijnen. Nog steeds wordt op bijna een miljoen hectare van India’s landbouwgrond Lathyrus verbouwd. En er is niets dat hebzuchtige kooplui ervan weerhoudt het met andere erwten te vermengen en het produkt aan nietsvermoedende kopers in stadsgebieden te verkopen.
Is er een oplossing? De autoriteiten geloven dat er voor de bestrijding van het probleem intensieve voorlichting over lathyrisme nodig is en dat landeigenaars gemotiveerd moeten worden om andere gewassen te verbouwen. Onderzoekers hebben bijvoorbeeld ontdekt dat 80 tot 90 procent van de toxine verwijderd kan worden door de pulse ongeveer twee uur in vers gekookt water te laten weken en ze dan uit te laten druipen en in schoon water te wassen. Daarna kan de pulse in de zon te drogen worden gelegd voor later gebruik.
Zulke informatie en bestuursmaatregelen zullen helpen. Maar naar alle waarschijnlijkheid zal het lathyrisme in India blijven totdat de hebzucht van de mens uitgeroeid kan worden en mensen overal leren niet hun eigen voordeel te zoeken maar dat van anderen. Daarvoor moeten wij verder kijken dan het huidige onrechtvaardige stelsel en onze ogen gericht houden op de beloofde rechtvaardige nieuwe wereld waarvoor God zal zorgen. — 2 Petrus 3:13.