Van onze lezers
Afslanken Ik ben 37 jaar en invalide. Ik vecht nu al jaren tegen corpulentie. De dokter heeft mij vermageringskuren en een proteïnedieet voorgeschreven en in het begin viel ik snel af. Maar toen begon ik weer aan te komen. Dat leidde tot ontmoediging en uiteindelijk tot onverschilligheid. Gewapend met de uitleg in het artikel (22 mei 1989) over de manier waarop het lichaam op diëten reageert, voel ik me nu voldoende aangemoedigd om de aanval op de pondjes te hervatten.
G. E., Bondsrepubliek Duitsland
De informatie was geweldig en ik heb van die paar bladzijden meer geleerd dan uit de talloze „afslank”-tijdschriften die ik in ruim tien jaar gekocht en gelezen heb. (Wat een vermogen had ik kunnen uitsparen!) Ik zie nu in wat de praktische en juiste manier is om overgewicht kwijt te raken en een gelukkiger en gezonder mens te worden.
C. L., Groot-Brittannië
Verkering De bespreking over afspraakjes en verkering in Ontwaakt! van 22 april 1989 was de beste die u ooit gepubliceerd hebt. In onze gemeente wordt er door jong en oud over gepraat en men spreekt vol waardering over de reële raad die wordt gegeven. Er werd in erkend dat mensen die verkering hebben, tijd met elkaar moeten doorbrengen, en er werd in verteld wat in de verkeringstijd te bespreken en te doen. Mijn vrouw is twee jaar geleden gestorven en ik weet dat het artikel een hulp voor me zal zijn als ik weer verkering zoek. Heel veel dank voor die praktische inlichtingen.
M. T., Verenigde Staten
Ik heb mijn kinderen geleerd dat het verstandig is zich altijd te laten chaperonneren. Dat daar in dit recente artikel niet over gesproken werd, vind ik bijzonder jammer. Ik denk dat het uitgaan zonder chaperonne erdoor aangemoedigd zal worden.
S. W., Verenigde Staten
De morele gevaren van verkering zijn besproken in de uitgaven van 8 en 22 september 1982. En op de raadzaamheid zich te laten chaperonneren, werd uitgebreid ingegaan in de uitgave van 22 april 1986. Het door u genoemde artikel voegde eenvoudig iets aan de vorige raad toe door de aandacht te vestigen op de noodzaak dat de man en de vrouw elkaar leren kennen. — Red.
Het levensverhaal van een musicus Ik heb zo van het artikel over Larry Graham genoten dat ik het verscheidene malen gelezen heb. Ik ben opgegroeid in de jaren ’60 en zijn vroegere band was een van mijn lievelingsgroepen. Ik vond het zeer aanmoedigend dat hij velen in de muziekwereld met de bijbelse boodschap heeft kunnen bereiken. Ik vind het ook geweldig dat hij nu een volle-tijdprediker is.
M. P., Verenigde Staten
Serie over godsdienstgeschiedenis Ik wil mijn zeer diepe respect uiten voor uw studie van de wereldgodsdiensten. Het is gebruikelijk dat religies zichzelf hoogachten maar andere in diskrediet brengen. Ik was diep onder de indruk van de houding van uw edele religie, die daar boven staat.
J. T., Japan
Uitschelden Vanaf dat ik een kleuter was totdat ik de deur uitging, ben ik uitgescholden. Hoewel mijn vader me nooit sloeg, smeet hij met borden, vernielde meubels — hij sloeg zelfs eens met zijn vuist door een muur. Hij gaf mij daarvan de schuld. De boodschap die uw artikel (8 juni 1989) op mij overbrengt, is dat mijn vader gelijk had, dat het slachtoffer aanleiding geeft tot het schelden.
A. N., Verenigde Staten
Het zou ons spijten als het artikel emotioneel kwetsend is geweest voor slachtoffers van scheldpartijen door ouders. Het ging er in het artikel om hoe een jongere min of meer normale uitbarstingen van de zijde van ouders kan verwerken en misschien kan vermijden er aanleiding toe te geven. Het was beslist niet onze bedoeling te kennen te geven dat een kind verantwoordelijk is voor gedrag zoals dat wat hierboven beschreven wordt. In verband met dergelijke ernstige situaties zei het artikel: „Een jongere [doet] er verstandig aan . . . hulp van buiten in te roepen; misschien kan hij een christelijke ouderling in zijn plaatselijke gemeente benaderen.” — Red.