Hulp voor mensen met speciale behoeften
MENSEN die geen ernstige problemen met hun zintuigen hebben, staan er meestal niet bij stil wat dit voor personen die daar wel mee kampen, betekent, tenzij het om leden van hun eigen familie gaat. Niettemin is het een kwestie die aandacht verdient. In Groot-Brittannië wordt beraadslaagd over manieren waarop zintuiglijk gehandicapten in de maatschappij geïntegreerd kunnen worden.
Jack Ashley, een Engels parlementslid dat doof is, wijst op de noodzaak van begrip. „De meeste mensen zijn niet op de hoogte van de problemen waarmee doven te kampen hebben”, legt hij uit. „[De doven] hebben bovenal behoefte aan begrip van horenden, erkenning van de ernst van hun handicap en respect voor hun persoonlijke kwaliteiten waaraan niets schort, behalve in de verbeelding van anderen.” — Wij cursiveren.
Dat mensen doof zijn, wil nog niet zeggen dat hun geestvermogens in enig opzicht aangetast zijn. Toch zegt een intelligente jonge vrouw die niet kan horen, dat sommige mensen haar als achterlijk schijnen te beschouwen. Toen zij en haar man een onderhoud hadden met een verzekeringsagent, vroeg hij waarom zij hem zo aanstaarden. Zij vertelden hem dat zij beiden doof waren en probeerden te liplezen, en toen begreep hij het volkomen.
Zo komt het ook nogal eens voor dat men zich niet erg op zijn gemak voelt bij contacten met blinden. En dus blijft, terwijl de meeste mensen toch wel willen helpen als een blinde staat te wachten tot hij de straat over kan steken, niet iedereen staan om dat te doen. Waarom niet? Vaak vanwege onzekerheid over de reactie van de blinde op de geboden hulp. Blinden zijn echter over het algemeen blij met hulp als die op een natuurlijke en beleefde manier wordt aangeboden, zoals er bijvoorbeeld hulp aangeboden wordt aan een bejaarde of aan iemand die wat hulp schijnt te kunnen gebruiken bij het dragen van een zware last. Hoe juist is het derhalve om dat gevoel van onzekerheid te overwinnen en vriendelijk uw hulp aan te bieden!
Als u een van uw vijf voornaamste zintuigen moest opgeven, zou u het waarschijnlijk het liefst zonder uw reuk stellen. Die wordt als minder belangrijk dan de andere zintuigen beschouwd. Maar een vrouw die haar reukvermogen kwijtraakte, klaagde: „Ik voelde me in allerlei opzichten gehandicapt. Ik had altijd graag gekookt, maar dat was nu onmogelijk. Ik gebruikte òf te veel òf te weinig kruiden.”
Zelfs het verlies van dit schijnbaar minder belangrijke zintuig kan dus tragisch zijn. Ellis Douek van het Guy’s Hospital in Londen zegt: „Je moet [het verlies van de reukzin] heel ernstig opnemen. De meeste slachtoffers zijn heel verdrietig en sommigen worden echt klinisch depressief. Zij hebben het gevoel dat zij in een kleurloze wereld leven. De reuk kan van een diepere emotionele betekenis zijn dan mensen beseffen.”
De mate waarin mensen zintuiglijk gehandicapt zijn, kan aanzienlijk verschillen. De een kan totaal doof zijn, zonder enig restgehoor, terwijl de ander er moeite mee kan hebben onder bepaalde omstandigheden te horen, misschien als er veel achtergrondlawaai is. In feite kunnen de meeste doven wel wat geluid horen, ook al kunnen zij niet horen praten. Bij het zien is het net zo. Sommige mensen zijn volkomen blind. Maar in de Verenigde Staten bijvoorbeeld wordt iemand wettelijk als blind beschouwd als hij pas op een afstand van 20 voet (zo’n 6 meter) kan zien (met bril of contactlenzen) wat iemand met een normaal gezichtsvermogen op een afstand van 200 voet ziet.
Technische hulpmiddelen
Met het oog op de uiteenlopende ernst van de handicaps beschikken deskundigen over een hele reeks apparaten om de mate van functieverlies te meten. Zo gebruiken technici apparatuur om het gehoorniveau vast te stellen. Dan proberen artsen de aard van de gehoorstoornis te bepalen. Is het probleem te wijten aan een gebrekkige overdracht van de elektrische impulsen naar de hersenen? Is de handicap operatief te verhelpen?
In dezelfde zin meten optometristen en oogheelkundigen de vermogens van het oog. Hun bevindingen helpen artsen de oorzaak van de gezichtsstoornis en de mogelijke behandeling vast te stellen. Ongeveer 95 procent van alle gevallen van blindheid wordt naar verluidt door ziekten veroorzaakt en de rest door verwondingen.
Zijn de oorzaak en de ernst van de handicap eenmaal vastgesteld, dan kan men onderzoeken waarmee de patiënt het beste geholpen zou zijn. De technologie biedt enkele oplossingen in de vorm van apparaten die het vermogen van een zintuig vergroten. Voor gehoorgestoorden zijn er hoorapparaten, toestellen die op een batterij werken, soms voorzien van een zodanig gevormd oorstukje dat het in het oor van de persoon in kwestie past. Bij deze apparaten wordt gebruik gemaakt van het restgehoor in een poging een gehoorgestoorde enigszins in staat te stellen spraak te verstaan. Voor de visueel gehandicapten worden vaak brillen of contactlenzen voorgeschreven. Zelfs simpele voorwerpen zoals een vergrootglas zijn voor velen een zegen gebleken. Anderen zijn geholpen door hoornvliestransplantaties.
Bij personen die hun reuk zijn kwijtgeraakt, is het probleem soms te herleiden tot neuspoliepen, sinusaandoeningen, chronische verkoudheid, allergieën en rhinitis. Veel van deze kwalen kunnen medisch behandeld en genezen worden.
Hoewel de geneeskunde en de technologie de situatie van zintuiglijk gehandicapten vaak kunnen verbeteren, zijn er nog meer mogelijkheden te noemen die een grote hulp zijn.
Zichzelf helpen
Daar een medische ingreep niet altijd slaagt of gewenst is, hebben velen getracht de droeve consequenties van hun handicap te omzeilen door al hun mogelijkheden uit te buiten. Dit hebben zij gedaan door de bekwaamheden en talenten die zij bezitten, ten volle te ontwikkelen. Iemand die dit deed, was Helen Keller, die zowel blind als doof was en veel bekendheid kreeg als schrijfster en door het houden van voordrachten. Er zijn echter nog veel meer mensen te noemen met zintuiglijke handicaps die op allerlei terreinen uitblonken.
Als iemand die gehandicapt is, de uitdaging aanneemt om zijn of haar bekwaamheden te ontwikkelen, leidt dit vaak tot grotere onafhankelijkheid en zelfrespect, om nog maar niet te spreken van de hulp die zo’n gemotiveerd iemand voor anderen kan zijn. Janice, die zowel doof als blind is, merkt op: „Met compenseren bereik je veel. Het is verbazingwekkend te zien dat Jehovah God ons zo wonderbaarlijk heeft gemaakt dat wij een verlies kunnen compenseren.”
Nuttige relaties
Veel mensen die blind of doof zijn, vereenzamen. Zij missen sociale contacten. Hoe kan in deze vitale behoefte worden voorzien?
Soms kunnen huisdieren een hulp zijn. Misschien wordt de nuttige samenwerking tussen mens en dier wel het beste geïllustreerd door die tussen geleidehonden en blinden. Michael Tucker, trainer van geleidehonden en auteur van The Eyes That Lead, gelooft dat er door het leven met een geleidehond een heel nieuwe wereld voor de blinden opengaat, die hun „vrijheid, onafhankelijkheid, mobiliteit en gezelschap” verschaft. Een tegenhanger van de honden voor blinden zijn dovengeleidehonden voor doven.
Huisdieren hebben echter ook veel andere gehandicapten geholpen. De organisator van een programma dat ten doel heeft zieken en bejaarden een huisdier te bezorgen, merkt op: „Je hoeft alleen maar de vreugde te zien die zij ervaren. Mensen die zo in zichzelf gekeerd zijn dat zij nauwelijks met iemand kunnen praten, reageren wel op een dier.” Natuurlijk moeten de voordelen van het gezelschap van een huisdier afgewogen worden tegen de verantwoordelijkheid ervoor te zorgen.
Hoewel er een unieke band kan groeien tussen de zintuiglijk gehandicapte en een dier, is communicatie met andere mensen een nog grotere hulp.
Goede communicatie
Om een beter begrip tussen mensen die zintuiglijk gehandicapt zijn en mensen die willen helpen te bevorderen, moet er een goede communicatie zijn. Maar hoe is dat mogelijk als juist de zintuigen die normaal bij dat proces gebruikt worden niet goed functioneren? Dan blijken voor velen braille, vingertaal en liplezen een hulp te zijn.
In 1824 ontwikkelde Louis Braille, een vijftienjarige blinde scholier uit Frankrijk, een leessysteem dat gebaseerd was op een reeks punten en streepjes in reliëf. Vijf jaar later publiceerde hij het nu beroemde zes-puntensysteem, met 63 mogelijke puntencombinaties die niet alleen de letters van het alfabet maar ook de punctuatie en getallen voorstellen. Voor de visueel gehandicapten is het leren van braille een aanzienlijke investering in termen van tijd en moeite. In plaats van dit als een te grote uitdaging te zien, geeft het door de UNESCO (de organisatie van de Verenigde Naties voor onderwijs, wetenschap en cultuur) uitgegeven boek Working With Braille de verzekering: „Benadrukt moet worden dat het aftasten van brailleschrift ruimschoots binnen het vermogen van onze tastzin ligt.”
Uit studies van braille-leestechnieken blijkt dat met braille de hoogste snelheid en de grootste leesbekwaamheid bereikt wordt door personen die de wijsvingers van beide handen gebruiken. Zij bewegen hun vingers soepel over de reliëfpunten en bereiken een leessnelheid die wel half zo groot is als die van iemand die visueel iets leest wat gedrukt is.
De toenemende beschikbaarheid van publikaties in braille, alsook op geluidscassettes, verschaft de visueel gehandicapte toegang tot veel literaire schatten. De voornaamste daarvan is de bijbel, die in zijn geheel in braille verkrijgbaar is bij de uitgevers van dit tijdschrift en waarvan de Griekse Geschriften op cassettebanden besteld kunnen worden. (In het Engels is de hele bijbel op cassettebanden verkrijgbaar.) Wij leveren ook de boeken Naar de Grote Onderwijzer luisteren en Mijn boek met bijbelverhalen op cassettes, evenals de Engelse uitgave van ons zustertijdschrift De Wachttoren. En met ingang van volgend jaar zal ook de Engelse Ontwaakt! op cassette verkrijgbaar zijn.
Over vingertaal zeggen de onderzoekers J. G. Kyle en B. Woll dat het begrijpen ervan „de eerste stap tot het slechten van de barrières voor allen in de wereld der doven” is. Dank zij dit zeer doelmatige communicatiemiddel voelen de doven zich bij elkaar thuis. Het is geweldig als personen die wel kunnen horen en spreken, de moeite nemen om vingertaal te leren. Op die manier raken doven en horenden meer geïntegreerd, tot wederzijds nut. Horenden leren een nieuwe taal en verrijken hun culturele beleving, en doven krijgen meer toegang tot de wereld der horenden.
Het is interessant dat velen die vanaf hun geboorte of sedert hun vroege kinderjaren doof zijn, zichzelf niet als gehandicapt bezien. Het verschil tussen hen en horenden wordt beschouwd als louter een verschil in taal en een cultureel verschil. Daar staat tegenover dat voor mensen die in hun latere leven doof worden door een ongeluk of ziekte, de psychische schok vaak heel groot is — zij ervaren een intens gevoel van verlies. Voor velen van hen is de vingertaal een moeilijke remedie, want het betekent dat zij een geheel nieuwe taal moeten leren. Velen geven er de voorkeur aan liplezen te leren en te blijven spreken om hun reeds ontwikkelde spraakvermogen op peil te houden.
Begrijpen hoe zintuiglijk gehandicapten zich voelen en contact met hen onderhouden, neemt de wortel van het probleem niet weg. Hun handicap blijft. Als daaraan een eind gemaakt kon worden, zouden de ongelijkheid, de onrechtvaardigheid en de problemen waaronder de zintuiglijk gehandicapten gebukt gaan, tot het verleden behoren. Zal dat ooit gebeuren?
[Kader op blz. 5]
Help uzelf
1. Kennis. Probeer zo veel mogelijk te weten te komen over uw handicap en hoe u die enigszins op kunt vangen.
2. Eerlijkheid. Wees openhartig en geef toe dat u gehandicapt bent.
3. Empathie. Neem het initiatief om anderen op hun gemak te stellen en leg uit hoe zij u het beste kunnen helpen.
4. Activiteit. Ga u om neerslachtigheid tegen te gaan, met lichamelijke of mentale activiteiten bezighouden.
5. Moed. Compenseer minderwaardigheidsgevoelens door uw energie in activiteiten te stoppen waar u goed in bent.
[Kader op blz. 6]
Hulp die anderen kunnen bieden
1. Probeer situaties te bezien vanuit het standpunt van mensen die zintuiglijk gehandicapt zijn.
2. Betrek hen bij uw geregelde activiteiten. Isoleer hen niet.
3. Geef hun dingen te doen waardoor zij zich nuttig kunnen voelen.
4. Luister als zij willen laten weten wat hun mening is.
5. Als u een speciale behoefte opmerkt, doe dan al het mogelijke om samen met de gehandicapte aan een oplossing te werken.
[Illustratie op blz. 7]
Janice (links) is zowel blind als doof, en toch is zij een volle-tijdpredikster
[Illustratie op blz. 8]
Aan huisdieren kun je wat gezelschap hebben