Australiës jonge hoofdstad komt tot volle bloei
VERGELEKEN met veel andere landen is Australië slechts een jonge natie, dat wil zeggen, wat de kolonisatie van het continent door Europeanen aangaat. De eerste twee eeuwen van zijn bestaan met een Europese bevolking werden pas onlangs afgesloten met de nationale feesten die gedurende het hele jaar 1988 ter herdenking van deze mijlpaal werden gevierd.
Maar als tweehonderd jaar werkelijk nog niet zo lang is, dan heeft daarbij vergeleken de Australische hoofdstad, Canberra, amper „het nest verlaten”, want de plaats werd pas in maart 1913 officieel benoemd. Toch is de schilderachtige nationale hoofdstad, ondanks haar prille leeftijd van 76 jaar, naar de mening van velen ten slotte tot volle bloei gekomen. In 1901 werd er een wetsvoorstel aangenomen waarin werd bepaald dat de zetel van de toekomstige regering „in de deelstaat New South Wales moet komen en ten minste 160 kilometer van Sydney verwijderd moet zijn”. Zes jaar later werd er een stuk grasland ter grootte van 2360 vierkante kilometer en bijna 600 meter boven zeeniveau gelegen van het district Monaro in New South Wales afgenomen dat nu bekendstaat als het Australian Capital Territory.
De naam die ten slotte voor de nationale hoofdstad gekozen werd, was Canberra (dat uitgesproken wordt als Kenʹbra, met de klemtoon op de eerste lettergreep). Aangezien het de plaats zou worden waar toekomstige nationale parlementen en hoogwaardigheidsbekleders uit de hele wereld zouden vergaderen, vonden velen dit een passende naam omdat die overeenkwam met het woord voor „ontmoetingsplaats” in de taal van de Aboriginals.
Een stad naar een uniek ontwerp
Men had in gedachte de nieuwe nationale hoofdstad te doen verschillen van andere steden. Van de 137 inzendingen afkomstig uit de gehele wereld werd als winnaar een ontwerp aangewezen waarbij brede lanen straalsgewijs vanuit een centraal punt liepen dat bekend zou komen te staan als Capital Hill. Er moest ook een groot kunstmatig meer worden aangelegd om de schoonheid van de stad te verhogen. Het zou genesteld liggen in het midden van de stad en haar toekomstige buitenwijken en omzoomd worden door schitterende parken en aantrekkelijke waterkanten, terwijl het tevens een ideale gelegenheid zou bieden voor de beoefening van watersport en voor andere recreatiedoeleinden.
Dit aantrekkelijke idee is zonder twijfel opgeroepen door de kronkelende rivier de Molonglo, die gerieflijk door de hoger gelegen vlakten van dat graslandschap stroomde en gemakkelijk afgedamd kon worden. Een halve eeuw later was er een verrukkelijk negen kilometer lang meer aangelegd dat de naam Lake Burley Griffin kreeg, genoemd naar de jonge landschapsarchitect uit Chicago wiens ontwerp voor Canberra in 1911 de wereldprijsvraag won.
Toen er eenmaal een ontwerp goedgekeurd was, kwam het werk om Canberra tot een aantrekkelijke metropolis te maken die één geheel met het prachtige landschap zou vormen, spoedig op gang. Het resultaat was zo’n succes dat de zich ontwikkelende stad liefkozend de bijnaam Australiës Bush Capital (Boshoofdstad) kreeg.
Het oorspronkelijke ontwerp voor een tuinhoofdstad resulteerde ook in de aanplant van massa’s in- en uitheemse bomen en struiken, een bosrijk panorama dat de weids opgezette buitenwijken en satellietsteden siert. Het aantal inwoners van Canberra bedraagt nu ongeveer 270.000, en de stad maakt er aanspraak op zo goed als geen luchtvervuiling te hebben, aangezien ze genesteld is tussen een schijnbaar oneindige verscheidenheid van meer dan zes miljoen bomen. De vele parken en recreatiegebieden die de stad een landelijk karakter geven, maskeren met hun bladerkronen, die van het voorjaar tot de herfst een ononderbroken schouwspel van wisselende kleuren vertonen, de contouren van de gebouwen en de brede lanen.
De bosrijke omgeving heeft talloze in- en uitheemse vogels en dieren aangetrokken. Er zijn 250 soorten vogels in het gebied, en meer dan 90 hiervan leven binnen een straal van één kilometer van het stadscentrum. Bontgekleurde papegaaien en kaketoes nestelen in de bomen midden in het handelscentrum en vinden daar hun voedsel. Inheemse dieren, zoals kangoeroes en wallabies, leven in de nabijheid van de stad. Er leeft zelfs een kangoeroefamilie op het terrein van de ambtswoning van de gouverneur-generaal.
Lake Burley Griffin verschaft bovendien niet alleen een natuurlijke omgeving voor allerlei watervogels, maar ook voor het merkwaardige Australische vogelbekdier, het kleine pelsdier met zwemvliezen tussen zijn tenen en een brede eendebek.
„Komt tot volle bloei”
De ontwikkeling van deze jonge stad houdt volgens velen direct verband met het parlementsgebouw, een tastbaar monument van de werkelijke reden voor het bestaan van de stad. In 1914 werd er een internationale prijsvraag uitgeschreven voor het ontwerp van een nationaal parlementsgebouw, maar door de Eerste Wereldoorlog werd deze hele onderneming gestaakt. Vervolgens werd er in het begin van de naoorlogse jaren besloten een tijdelijk parlementsgebouw op te richten dat dienst zou doen totdat er een permanent gebouw opgezet kon worden. Dit voorlopige gebouw werd in mei 1927 officieel geopend door de Britse hertog van York (die later koning George VI werd).
In 1965 werd er echter een bijzondere parlementaire commissie gevormd om plannen te maken voor een nieuw permanent parlementsgebouw. Er verstreken bijna tien jaar voordat er eindelijk een beslissing werd genomen dat het gebouw op Capital Hill zou verrijzen. Enkele jaren later, in 1980, spitte de eerste minister de eerste zode om, en de bouw ging van start. Sindsdien zijn er nog eens acht jaar voorbijgevlogen. Maar ten langen leste werd er op 9 mei 1988 met veel feestvreugde door de dochter van de overleden koning George VI, koningin Elizabeth II, op Capital Hill een prachtig nieuw parlementsgebouw officieel geopend.
Het nieuwe parlementsgebouw wordt als een opmerkelijke architectonische prestatie beschouwd. De ontwerpprijsvraag die in 1979 werd uitgeschreven, trok deelnemers aan uit 28 landen. Het gebouw is uniek ontworpen om het door Walter Burley Griffin opgezette Canberraplan te bekronen. Natuurlijk komen zulke imposante bouwwerken niet zonder een eveneens imposant bedrag aan geld tot stand. De kosten van alleen al de vlaggemast worden op 4,4 miljoen Australische dollars geschat.
Naar het zich laat aanzien, kan er nu gezegd worden dat Australiës jonge ’bush capital’ — het schilderachtige Canberra — ten slotte tot volle bloei is gekomen.
[Illustraties op blz. 16, 17]
Het nieuwe parlementsgebouw — rechts op de voorgrond het tijdelijke gebouw
Observatietoren
[Illustratie op blz. 17]
Lake Burley Griffin met op de achtergrond het Hooggerechtshof