Jonge mensen vragen . . .
Is er iets mis met me?
De snelle uitbreiding van AIDS heeft de aandacht van de wereld gevestigd op het onderwerp homoseksualiteit en veel vragen en angsten onder jongeren met betrekking tot hun eigen seksualiteit aan het licht gebracht. De bedoeling van dit artikel is sommige van deze angsten op een waardige en nuttige manier te bespreken.
’IK BEN een meisje en ik voel mij aangetrokken tot een van mijn leraressen. Ik ben bang dat ik verliefd op haar ben of zoiets.’ Dit schreef een dertienjarig meisje. Haar situatie is niet ongewoon. Het boek Adolescence merkt op dat het onderwerp homoseksualiteit „onder veel tieners aanzienlijke bezorgdheid wekt . . . Het is voor tieners niet ongewoon dat zij zich afvragen of zijzelf homoseksueel zijn.”
Alan, nu een jonge volwassene, vertelt: „Mark was mijn eerste echte vriend. Voor die tijd was ik op school een buitenbeentje geweest en werd ik gemeden vanwege mijn interesse voor kunst en een gebrek aan belangstelling voor sport. Marks vriendschap riep warme gevoelens van bewondering in mij wakker. Ik hield van hem in de zin dat ik graag bij hem wilde zijn en net als hij wilde zijn. Maar ik zat erover in of deze plotselinge sterke gevoelens een uiting zouden kunnen zijn van latente homoseksuele neigingen.”
Waar komen zulke gevoelens vandaan? Zijn ze per definitie slecht?
De oorzaak van verliefdheid op seksegenoten
Er is niets verkeerds aan om een nauwe band met iemand te willen hebben. „Er bestaat een vriend die aanhankelijker is dan een broeder”, zegt Spreuken 18:24. Een aantal hechte vriendschappen, vrij van homoseksuele associaties, staan speciaal in de bijbel vermeld; bijvoorbeeld die van Jezus en de apostel Johannes, van Naomi en Ruth, en van David en Jonathan. — Ruth 1:16, 17; 1 Samuël 18:1; Johannes 13:23.
Verliefdheid op seksegenoten verschilt echter hierin van een volwassen verhouding die op vriendschap of respect gebaseerd is, dat zo’n verliefdheid niets anders is dan een bevlieging die meestal van één kant komt. Het voorwerp van de verliefdheid is vaak een iets oudere jongere of een volwassene (bijvoorbeeld een leraar of lerares) die eigenlijk verafgood wordt.
De meeste deskundigen geloven dat zo’n verliefdheid niets meer is dan een kortstondige groeistuip, „meer een blijk van het ontwikkelingsproces in de tienerjaren dan van homoseksualiteit” (Coping With Teenage Depression, door Kathleen McCoy). Jongeren zoeken identiteit en aanvaarding. Het is zoals de schrijfster Sally Helgesen zegt: „Wij wenden ons vaak tot oudere [jongeren] die lijken te vertegenwoordigen wat wij graag willen worden en proberen onszelf te richten naar hun voorbeeld.”
Dwepen met leden van hetzelfde geslacht kan ook ontstaan door eenzaamheid, een gebrek aan zelfrespect of de behoefte aan emotionele steun. Alan vertelt: „De voornaamste oorzaken waren mijn emotionele onstabiliteit en de vervreemding van mijn ouders. Met het gevoel dat ik niet met hen kon communiceren, nam ik Mark steeds meer in vertrouwen.”
Dr. Richard E. Kreipe zegt dat „verliefde verhoudingen niet als ’homoseksueel’ moeten worden beschouwd, aangezien ze zelden uitlopen op intiem contact. Eveneens voorspelt zo’n gedrag niet dat de jongere in de toekomst als volwassene, homoseksueel georiënteerd zal zijn” (Medical Aspects of Human Sexuality). Alan zegt dan ook: „Mijn angsten in verband met mijn gevoelens voor Mark namen af. Ik realiseerde mij dat er toch echt niets ’mis’ met me was!”
Niettemin geeft verliefdheid op seksegenoten vaak aanleiding tot depressiviteit, jaloezie, bezitsdrang en een werkelijk geheel en al vervuld zijn van degene die verafgood wordt — inderdaad ongezonde emoties! Hoe kun je jezelf van zulke gevoelens bevrijden? Begin eens met de geïdealiseerde persoon rustig en objectief te bekijken. Is het niet zo dat hij of zij ook maar een mens is, onderhevig aan allerlei zwakheden en tekortkomingen? (Romeinen 3:23) Gelukkig ontgroeien tieners gewoonlijk zulke verliefdheden naarmate zij volwassen worden en meer zelfvertrouwen krijgen.
Een noodzaak om op je hoede te blijven
Maar wat nu als de verliefdheid gepaard gaat met erotische gedachten of dromen over iemand van hetzelfde geslacht? Bedenk dat je in „de bloem der jeugd” bent — de periode waarin je vatbaar bent voor aanvallen van nieuwe verlangens en gevoelens (1 Korinthiërs 7:36). Totdat je leert hoe je met deze impulsen moet omgaan, zul je blootstaan aan ongewenste seksuele prikkelingen. En hoewel het verontrustend kan zijn dat je je aangetrokken voelt tot iemand van je eigen geslacht, betekent het niet dat je homoseksueel zult worden. De meeste jongeren ontgroeien zulke gevoelens.
Toch is het noodzakelijk om op je hoede te zijn zodat je niet in homoseksualiteit verstrikt raakt. De bijbel waarschuwt in 1 Korinthiërs 6:9, 10: „Noch hoereerders, noch afgodendienaars, noch overspelers, noch mannen die er voor tegennatuurlijke doeleinden op na worden gehouden, noch mannen die bij mannen liggen, („homoseksueel perverse personen”, Today’s English Version) . . . zullen Gods koninkrijk beërven.” — Vergelijk Leviticus 18:22; 20:13; Romeinen 1:26, 27.
Een jongere die stil blijft staan bij immorele gedachten, loopt ernstig gevaar dat verbeelding werkelijkheid wordt (Jakobus 1:14, 15). Enquêtes onthullen dat vooral onder jonge tieners „seksspelletjes” met jongeren van hetzelfde geslacht alarmerend veel voorkomen. Het is waar dat de meeste deskundigen het erover eens zijn dat dit zelden tot een homoseksueel leven leidt. Toch is zo’n ’seksspelletje’ (ook al wordt het misschien gedaan zonder wezenlijk begrip van de morele gevolgen) onrein en zou het zelfs kunnen neerkomen op por·neiʹa — het Griekse woord dat in de bijbel wordt gebruikt om immoreel seksueel gedrag met iemand anders te beschrijven (Judas 7). Zo’n gedrag mishaagt Jehovah niet alleen, maar het zou een jongere tot homoseksuele handelingen kunnen brengen en blijvende emotionele littekens kunnen achterlaten.
Als er erotische gedachten over anderen van hetzelfde geslacht bij je opkomen, werk er dan hard aan je geest gericht te houden op dingen die ’rechtvaardig, eerbaar en liefelijk’ zijn (Filippenzen 4:8). Vermijd dingen die immorele verlangens opwekken, zoals bepaalde tv-programma’s, pornografische films en misschien zelfs sommige mode- of body-buildingbladen waarin schaars geklede modellen staan. Dave, die als tiener door homoseksuele fantasieën en dromen geplaagd werd, geeft toe: „Ik weet zeker dat zowel masturbatie als pornografie rechtstreeks tot deze dromen bijdroegen, want de dingen die ik in erotische lectuur en films zag, herleefde ik vaak ’s nachts.” Alleen door zijn geest met juiste gedachten te voeden, slaagde hij erin de obscene fantasieën uit te bannen.
Jason, nu een christelijke ouderling, voelde zich in zijn jonge jaren eveneens seksueel tot leden van zijn eigen geslacht aangetrokken. Hij geeft toe: „Ik denk dat masturbatie mijn probleem met fantasieën over seksegenoten verhevigde. Het veroorzaakte dat mijn gedachten zich elke dag met grove immoraliteit bezighielden. Dit wakkerde nog meer onreine verlangens in mij aan.” Je moet je ’lichaamsleden ten aanzien van hoererij doden’ (Kolossenzen 3:5). Masturbatie voedt verkeerde verlangens alleen maar.a
Je ouders of een rijpe christen in vertrouwen nemen helpt ook. Zo iemand heeft misschien praktische raad te bieden en kan ook toezicht houden op je vorderingen om deze gevoelens te overwinnen. Jason nam een rijpe christen in vertrouwen en later enkele gemeenteouderlingen (Spreuken 11:14). Hij vertelt: „[Mijn vriend] raadde mij aan mijn vriendenkring uit te breiden met zowel mannelijke als vrouwelijke personen en niet aldoor mijn tijd met dezelfde personen door te brengen.”
Totdat Jason zijn seksuele gevoelens volledig in bedwang had, werden verdere voorzorgsmaatregelen verstandig geacht. Hij vertelt: „Ik moest ook leren niet te intiem te zijn met mensen van hetzelfde geslacht door wie ik me seksueel geprikkeld voelde. Met intiem bedoel ik een beetje stoeien en elkaar omhelzen.” Zo’n zelfdiscipline stemt overeen met de aansporing van de apostel Paulus: ’Straf je lichaam, bejegen het hard, train het te doen wat het dient te doen, niet wat het wenst te doen.’ — 1 Korinthiërs 9:27, The Living Bible.
Schuldgevoelens uitbannen
Sommige jongeren worden nog lang nadat hun bevliegingen bekoeld zijn, gekweld door schuldgevoelens en twijfels. Enkelen worden ook geplaagd door herinneringen dat zij zich (als jonge kinderen) onbewust hebben ingelaten met seksspelletjes van homoseksuele aard.
Het zou weinig zin hebben te tobben over het verre verleden, vooral wanneer je alle aantrekkingskracht tot leden van hetzelfde geslacht al lang ontgroeid bent.b Tenslotte ’vergeeft Jehovah rijkelijk’ en houdt hij er rekening mee hoe beperkt iemands begrip als kind inzake seksuele aangelegenheden was (Jesaja 55:7). Wij kunnen ons hart dus ’zekerheid geven voor Gods aangezicht wanneer ons hart ons veroordeelt, want God is groter dan ons hart en weet alle dingen’ (1 Johannes 3:19, 20). De kwestie uitvoerig met je ouders of met christelijke ouderlingen bespreken, kan ook nuttig blijken.
Verliefdheid op iemand van hetzelfde geslacht kan een beschamende en pijnlijke ervaring zijn. Maar het hoeft geen blijvend litteken achter te laten. Het behoort ook tot de jeugdbeproevingen die met zelfdiscipline en de hulp van Jehovah God overwonnen kunnen worden.
[Voetnoten]
a Zie de artikelen over masturbatie in Ontwaakt! van 8 september en 8 november 1987 en 8 maart 1988.
b Als iemand zich tot leden van hetzelfde geslacht aangetrokken blijft voelen of als de onbetamelijke seksuele handelingen plaatsvonden nadat men als christen gedoopt was, is het noodzakelijk dat de jongere hulp zoekt bij christelijke ouders en gemeenteouderlingen. — Jakobus 5:14, 15.
[Illustratie op blz. 23]
Met een ouder of een rijpe christen over je gevoelens spreken, kan je helpen de juiste kijk op de kwestie te krijgen