Zullen de Holocaust-slachtoffers terugkeren?
IS ER hoop voor de miljoenen slachtoffers die in de Holocaust zijn omgekomen? Is het te verwachten dat God een verheven daad van gerechtigheid zal verrichten ten behoeve van deze slachtoffers van het nazisme?
De Hebreeuwse Geschriften bieden een hoop die de getrouwe profeten en dienstknechten van God duizenden jaren geleden staande hield. Was deze gebaseerd op de oude Griekse gedachte van een onsterfelijke ziel die na de dood zou voortleven? Zeker niet, want de Hebreeuwse geschriften en leerstellingen zijn eeuwen ouder dan de Griekse filosofie.
De menselijke ziel is sterfelijk
Het Hebreeuwse verslag in Genesis vertelt ons over de schepping van de eerste mens: „De Here God formeerde de mens uit het stof van de aarde. Hij blies in zijn neusgaten de adem des levens, en de mens werd een levend wezen [Hebreeuws: leneʹfesj]” (Genesis 2:7, Tanakh). De uit 1917 daterende vertaling van de Jewish Publication Society geeft „ziel” voor leneʹfesj. Een ziel of neʹfesj is dan ook een wezen, een schepsel, hetzij dierlijk of menselijk.
Nergens in de Hebreeuwse Geschriften wordt aan neʹfesj ooit onsterfelijkheid toegeschreven. Het woord „onsterfelijk” komt niet eens in de Hebreeuwse Geschriften voor. Integendeel, de Hebreeuwse bijbel geeft te kennen dat neʹfesj de persoon, de levende ziel, is (Ezechiël 18:4, 20). Daarom is de dood het einde, op zijn minst tijdelijk, van de persoon als levende ziel. De dood is een staat van totale inactiviteit, gelijk een diepe slaap, zoals de psalmist David het uitdrukte: „Kijk naar mij, antwoord mij, o Heer, mijn God! Herstel de glans in mijn ogen, opdat ik niet de slaap des doods slaap.” — Psalm 13:4, Tanakh.
De Hebreeuwse Geschriften volgen dezelfde simpele, logische redenatie als ze ons vertellen: „De doden weten niets; zij hebben geen beloning meer, want zelfs de herinnering aan hen is gestorven. Alles waartoe u in staat bent, doe dat met al uw macht. Want er is geen actie, geen overleg, geen kennis, geen wijsheid in Sjeool [het gemeenschappelijke graf van de mensheid], waar gij heen gaat” (Prediker 9:5, 10, Tanakh). Dit stemt overeen met Jobs gevoelens toen hij in ellende verkeerde: „Waarom ben ik niet bij mijn geboorte gestorven? . . . Want nu zou ik ontspannen liggen, in slaap en in rust” (Job 3:11, 13, Tanakh). Job dacht zeker niet in termen van „tastbaar levend” zijn als een onsterfelijke ziel na de dood, zoals de „Beginselverklaring van het conservatieve jodendom” beweert.
Wil dit dan zeggen dat de dood totale vergetelheid betekent? Heel weinig mensen kunnen thans de namen noemen van hun voorouders van vijf of tien generaties terug. Maar God dan? Herinnert hij zich hen? Zal hij aan hen denken? Zal hij aan de miljoenen slachtoffers van de nazi-vervolging denken? Aan de miljoenen die in zinloze oorlogen omgekomen zijn? De profeet Daniël geloofde dat God zich de doden kan herinneren. Uit zijn profetie blijkt dat er een opstanding van de doden zal zijn, want hij zei: „Velen van hen die in het stof der aarde slapen, zullen ontwaken, sommigen tot eeuwig leven, anderen tot smaadheden, tot eeuwige afschuw.” — Daniël 12:2, Tanakh.
Een toekomstige opstanding tot aards leven was de ware hoop van de getrouwe profeten en koningen van het oude Israël. Zij hadden niet het idee dat zij als een onstoffelijke onsterfelijke ziel in het hiernamaals zouden rondzweven. Diezelfde hoop op een opstanding tot volmaakt leven op aarde is thans van kracht. Hoe weten wij dat?
Hoop voor de Holocaust-slachtoffers
Ruim 1900 jaar geleden bood een joodse leraar die hoop toen hij zei: „Verwondert u hierover niet, want het uur komt waarin allen die in de herinneringsgraven zijn, zijn stem zullen horen en te voorschijn zullen komen, zij die goede dingen hebben gedaan, tot een opstanding des levens, zij die verachtelijke dingen hebben beoefend, tot een opstanding des oordeels” (Johannes 5:28, 29). De uitdrukking „herinneringsgraven” behelst dat degenen die zich erin bevinden, in Gods herinnering blijven tot de dag van hun opstanding en hun herstel tot leven op aarde.
In die zin is de door het conservatieve jodendom in de Verenigde Staten uitgegeven „Beginselverklaring” dan ook juist: „Het beeld van olam ha-ba (een hiernamaals) kan de hoop bieden dat wij niet aan het graf overgelaten zullen worden, dat wij niet in vergetelheid zullen geraken.” Gods liefdevolle goedheid en gerechtigheid betekenen dat zij die een opstanding krijgen, in de gelegenheid zullen zijn om, door God te gehoorzamen, te kiezen voor eeuwig leven onder de Koninkrijksheerschappij van Jezus Christus, de Messías.
Wat betekent dit alles dus voor miljoenen joden, Slaven en andere slachtoffers van de Holocaust? Zij leven voort in Gods herinnering, in afwachting van de opstanding, en zullen dan de keus krijgen — gehoorzaamheid aan God met leven in het vooruitzicht of ongehoorzaamheid aan hem met veroordeling in het verschiet. Wij koesteren de hoop dat miljoenen van hen de juiste keus zullen doen!
Of u nu jood of niet-jood bent, neem als u meer wilt weten over deze hoop voor de doden, contact op met de plaatselijke gemeente van Jehovah’s Getuigen, of schrijf naar de uitgevers van dit tijdschrift om een exemplaar van het 256 bladzijden tellende, geïllustreerde boek U kunt voor eeuwig in een paradijs op aarde leven (ƒ 4 voor het kleine formaat, ƒ 8 voor de grote uitgave; voor België respectievelijk 75 F en 150 F en voor Suriname Sƒ 5 en Sƒ 10).
[Illustratie op blz. 20]
De bijbel belooft dat er een opstanding zal zijn en dat ’de vroegere dingen niet in de geest teruggeroepen zullen worden’. — Jesaja 65:17