Jonge mensen vragen . . .
Hoe kan ik meer profijt trekken van christelijke vergaderingen?
„UIT een ernstige daling in het kerkbezoek blijkt dat de kerk niet bij machte is de aandacht van haar jongeren te boeien en vast te houden.” Dit zei de katholieke aartsbisschop Emmett kardinaal Carter. Overal ter wereld hoort men dergelijke berichten.
De vorige uitgave van Ontwaakt! liet echter zien dat duizenden jongeren vinden dat de vergaderingen in de plaatselijke Koninkrijkszaal van Jehovah’s Getuigen anders zijn dan saaie kerkdiensten. Op deze vergaderingen ben je werkelijk in de gelegenheid geestelijk te groeien. Niettemin wil je aanwezigheid op zich op deze vergaderingen nog niet zeggen dat je er werkelijk profijt van trekt.
Een jonge man bijvoorbeeld die zijn eerste vergadering in de Koninkrijkszaal bijwoonde, zei dat alhoewel hij de mensen die hij er ontmoette aardig vond, hij „niet begreep wat er op het podium werd gezegd”. En als de vergaderingen nieuw voor je zijn, zullen uitdrukkingen als „Armageddon”, „grote schare” en „overblijfsel” je misschien inderdaad even raadselachtig in de oren klinken als een vreemde taal. De bijbel zelf erkent dat er verschil zou zijn en vergelijkt Gods waarheden met „een zuivere taal”. — Zefanja 3:9.
Hoe raadselachtig deze „taal” in het begin ook mag lijken, laat je er niet door ontmoedigen. Janet van vijftien, die onlangs begonnen is met het bijwonen van vergaderingen in de Koninkrijkszaal, zegt: „Eerst dacht ik: ’Waar hebben ze het over?’ Maar langzamerhand raak ik vertrouwd met de uitdrukkingen.” Ja, het leren van een nieuwe taal is nooit gemakkelijk. In een cursusboek voor het leren van een vreemde taal staat dat er „geduld en voortdurende studie” nodig is om een nieuwe taal meester te worden. Zelfs „dagelijks oefenen” wordt aanbevolen. Evenzo moet men om de zuivere taal van de bijbelse waarheid meester te worden natuurlijk naar de plaats gaan waar ze gesproken wordt, de christelijke vergaderingen!
Niettemin is geregeld vergaderingbezoek nog maar het begin. Wil je het meeste profijt van de vergaderingen hebben, dan is het raadzaam drie eenvoudige stappen te doen.
Stap één: Je voorbereiden
Kort voor Jezus’ dood vroegen zijn discipelen hem: „Waar wilt gij dat wij de toebereidselen maken zodat gij het Pascha kunt eten?” Jezus vertelde het hun. Gehoorzaam deden „de discipelen . . . zoals Jezus hun had bevolen en maakten alles . . . gereed” (Matthéüs 26:17-19). Hoewel dit een heel speciale bijeenkomst was, geldt hetzelfde patroon voor de wekelijkse vergaderingen in de Koninkrijkszaal. Om er het meeste profijt van te trekken, moet je ook „toebereidselen maken” en ’alles gereed maken’. Hoe kun je dat doen?
„Ik heb mijn vaste tijden voor het bestuderen van de boeken die we op de vergaderingen gebruiken”, zegt de zestienjarige Anita. Malene, die elf is, voegt daaraan toe: „Vóór de vergaderingen vraag ik aan mijn moeder de betekenis van moeilijke woorden die ik in De Wachttoren lees.” Dit op de bijbel gebaseerde tijdschrift wordt regelmatig in de gemeenten van Jehovah’s Getuigen bestudeerd. Ook de dertienjarige Anne krijgt hulp. „Elke vrijdag bestudeert mijn vader de helft van de studie in De Wachttoren met me”, legt zij uit. „En ’s zaterdags bestuderen we dan de tweede helft.” Het resultaat? Zij komen naar de vergaderingen met de grote lijnen al in hun geest. Tijdens de vergadering kunnen zij de details invullen. „Op die manier”, zegt Anne, „ben je erbij betrokken en gaat het leren gemakkelijk.” — Vergelijk Spreuken 14:6.
Je voorbereiding kan nog meer omvatten. „Ik oefen de liederen die we op de vergadering zingen”, vertelt Simeon, die veertien is. „Ik speel thuis de bandjes met de liederen af en zing mee. Soms doet mijn jongere broer ook mee. Dan kan ik op de vergadering”, zo voegt hij eraan toe, „uit volle borst zingen” (Psalm 105:2). Zijn er nog meer dingen die hij ’gereed maakt’? „Ja”, vervolgt Simeon. „De dag vóór de vergadering doe ik mijn bijbel, liederenbundel en studieboek in mijn tas, zodat ik ’m de volgende dag alleen nog maar hoef op te pakken.”
Stap twee: Meedoen!
De twaalfjarige Jezus was er de persoon niet naar om passief te zijn als het op Gods aanbidding aan kwam. De bijbel zegt dat Jezus in de tempel in Jeruzalem werd aangetroffen terwijl hij ’luisterde, vragen stelde en antwoorden gaf’ (Lukas 2:46, 47). Meedoen is ook een sleutel tot het profijt trekken van vergaderingen. Het kost echter wel moeite.
Neem bijvoorbeeld luisteren. „Naar een lezing luisteren, is vaak moeilijker dan er een houden”, zei een schrijver eens. Dat komt vooral doordat wij viermaal zo snel kunnen denken als de gemiddelde persoon kan spreken. Het gevolg? De elfjarige Joseph bekent: „Soms dwaalt mijn geest tijdens de vergaderingen af — dan ga ik zitten piekeren over mijn huiswerk.” Zo iets overkomt ons allemaal wel eens. Gebruik daarom een eeuwenoude methode om deze neiging tot afdwalen te beteugelen. De christenen uit de eerste eeuw namen vaak scherven van aardewerk mee naar hun vergaderingen. „Als zij de schriftplaatsen hoorden voorlezen,” legt de publikatie Aid to Bible Understanding uit, „konden zij ze met inkt op de scherven overnemen.”
Thans hebben de aardewerk scherven plaats gemaakt voor handige notitieboekjes, maar het maken van aantekeningen helpt nog steeds. Anita zegt: „Ik schrijf de teksten op die tijdens een lezing worden genoemd; dan kan ik de lezing thuis nog eens doornemen.” De zestienjarige Michael voegt eraan toe: „Ik noteer belangrijke punten. Op die manier kan ik me beter concentreren.” Ja, het maken van aantekeningen helpt je ’meer dan gewone aandacht te schenken aan de dingen die je hoort’. — Hebreeën 2:1.
Zoals reeds gezegd, stelde en beantwoordde de jonge Jezus vragen. Veel jongeren doen op dezelfde manier aan de vergaderingen mee. In Suriname bleek bijvoorbeeld bij een recente enquête dat zeven van de tien jonge mensen tussen de twaalf en twintig jaar die vergaderingen in de Koninkrijkszaal bijwonen, deelnemen aan de wekelijkse vraag-en-antwoordbesprekingen.
Net als Jezus trachten zij antwoorden te geven die van begrip getuigen. Zij lezen de antwoorden niet gewoon voor uit de gebruikte leerboeken, maar geven ze in hun eigen woorden. Sommigen schrijven hun antwoorden op in een notitieboekje en lezen het met eigen woorden weergegeven antwoord tijdens de vergadering voor. Na wat oefening hebben zij het notitieboekje niet meer nodig en kunnen zij, tot vreugde van alle aanwezigen, voor de vuist weg antwoorden. De dertienjarige Anil verklaart: „Op die manier hebben anderen er meer aan, en ik ook.” — Spreuken 15:28.
Het kan natuurlijk zijn dat je je voelt als de jonge Anita, die zei: „Ik was bang mijn stem te laten horen.” Maar al gauw zul je het met Michael eens zijn, die nu zegt: „Ik vind het heerlijk antwoord te geven!” Spreuken 15:23 merkt op: „Een man heeft verheuging in het antwoord van zijn mond.”
Stap drie: Gebruik wat je leert
Als laatste stap moet je ervoor zorgen dat wat je leert, ’in je werkzaam is’ (1 Thessalonicenzen 2:13). Dit wil zeggen dat je gebruikt wat je leert. Tammy, een jong meisje in de Verenigde Staten, verklaart: „Sinds ik naar de vergaderingen ga, ben ik erg veranderd.”
Je klasgenoten zullen deze verandering misschien opmerken en je er vragen over gaan stellen. Dat stelt je in de gelegenheid om het onderwijs dat je op de vergaderingen krijgt met hen te delen. Daar is wel moed voor nodig, maar het is de moeite waard. Susan, een meisje uit Canada, zegt: „Ik vind het echt fijn om mijn vrienden op school getuigenis te geven” (Spreuken 3:27). Ja, als je dat wat je op vergaderingen leert gebruikt, zal dat de vreugde die je uit het leren put, vergroten.
Nog een laatste raad: Doe deze drie stappen geregeld. Bereid je op de vergaderingen voor. Doe mee. En gebruik dan wat je leert. Als je dat doet, zul je ten volle van de vergaderingen in de Koninkrijkszaal genieten. Maak er in elk geval, net als Jezus, een „gewoonte” van de vergaderingen te bezoeken. — Lukas 4:16.
[Kader op blz. 11]
Huiswerk en vergaderingen?
„Als ik van school thuiskom, ben ik vaak overladen met huiswerk. Dan is het verleidelijk te zeggen: ’Ik sla de vergadering over om mijn huiswerk te kunnen doen’”, zegt Anita. Misschien sta je soms voor dezelfde verleiding. Hoe lossen andere jonge christenen dit echter op?
„Vóór de vergaderingen doe ik een deel van mijn huiswerk en de rest als ik weer thuis ben”, zegt Wanita. „Op die avonden”, zo voegt zij eraan toe, „ga ik later dan normaal naar bed, maar ik heb de vergadering op de eerste plaats laten komen!” (Matthéüs 6:33) Simeon vertelt nog: „Ik vind het prettig om na de vergaderingen nog wat te praten en tot het laatst te blijven. Maar als ik huiswerk heb, ga ik onmiddellijk weg om dat te maken.”
’Maar zal het bijwonen van vergaderingen niet van invloed zijn op mijn schoolprestaties?’ vraag je je misschien af. Ja, maar niet in negatieve zin. Een onderwijzer in Schotland merkte zelfs op dat de kinderen van Jehovah’s Getuigen „het goed doen op school . . . omdat hun al heel jong wordt geleerd goed te luisteren en het geleerde in praktijk te brengen”.
[Illustraties op blz. 12, 13]
De sleutel tot het genieten van vergaderingen ligt in je voorbereiding en deelname, en in het toepassen van wat je leert