Een flitsend kleurenspel
HET was voor mij als Europeaan het eerste bezoek aan Californië. De eerste ochtend in Indian Wells stapte ik naar buiten in de stralende woestijnzon. De bloemen bloeiden op de patio. Terwijl ik daar stond, hoorde ik opeens een luid snorrend geluid van wat naar ik dacht een groot insekt was dat mij voorbijzoemde.
Een paar tellen later hoorde ik het geluid opnieuw en weer zag ik vaag iets voorbijflitsen. Ik nam aan dat het een of andere bovenmaatse Californische bij was die mij waarschuwde om uit haar vliegroute te gaan. Ik riep naar mijn gastheer: „Wat gonsde er zojuist langs mij heen?” „O, alleen maar een kolibrie. Die vliegen hier bij honderden rond.”
Alleen maar een kolibrie! Al mijn zinnen waren gespannen — hier was een schepseltje waarvan ik wel gehoord maar dat ik nog nooit gezien had. Ik keek aandachtig en plotseling ontwaarde ik dit minuscule, snorrende wondertje, zwevend voor een bloem. Het vogeltje schoot, in de lucht hangend, voor- en achteruit om zijn lange snavel in de kostbare nectar te dopen waar het van moest leven.
In vervoering stond ik toe te kijken hoe deze flitsende sprankeling van kleuren in de lucht stilstond en vervolgens achteruitvloog! Ik kon mijn opwinding maar nauwelijks bedwingen! Als Noordeuropeaan had ik nog nooit zo’n schitterend vogeltje gezien. Het was alsof ik een wonder in werking zag. De iriserende veren vertoonden moeilijk te definiëren kleuren — rode, paarse en groene tinten met een soort metaalachtige glans. De pure schoonheid ervan bracht mij ertoe mijn vrouw te roepen om naar deze unieke schepping te komen kijken.
Ik kon de verleiding niet langer weerstaan. Ik haalde mijn fototoestel en ging op zoek naar de juiste hoek en lichtinval om een goede actiefoto te kunnen maken. In de hoek van de patio hing een voerbuisje in de vorm van een rode, klokvormige bloem. Er zat door mensen gemaakte nectar in — een zwakke suikeroplossing. Aangezien er in die hoek niet voldoende licht was, vroeg ik mijn vrouw het voerbuisje op armlengte afstand in het zonlicht te houden. Terwijl zij roerloos bleef staan, kwam het vogeltje uiteindelijk naar haar toe zoemen en begon snel in en uit te vliegen, terwijl het zich te goed deed aan de vloeibare energie. Toen het met deze nieuwe plek vertrouwd was geraakt, onderzocht het zelfs het oor van mijn vrouw — wie weet zat daar wel nectar in!
Wij waren beiden verrukt en opgewonden zelfs, toen wij voor het eerst in ons leven een kolibrie zagen en hoorden. Ik dacht: ’Wat een les! Waar ter wereld wij ook zijn, wij mogen toch eigenlijk nooit een van onze eigen plaatselijke wonderen vanzelfsprekend vinden.’ „Alleen maar een kolibrie”, had mijn vriend nota bene gezegd!
Een kolibrie tegenover een helikopter
Terwijl ik de bewegingen van het vogeltje gadesloeg, moest ik er onwillekeurig aan denken dat de mens het ontwerp van een kolibrie nog het dichtst benadert met een helikopter. Maar wat een lomp gevaarte lijkt zo’n ding in vergelijking met een kolibrie!
Vanaf die dag zo’n vijf jaar geleden ben ik in de ban van de schoonheid en het ontwerp van de kolibrie. En ik heb meer over deze kleine bundeltjes ontwerp en energie ontdekt. Volgens het boek Hummingbirds: Their Life and Behavior zijn er „ongeveer 338 soorten en 116 geslachten van de familie Trochilidae, de kleinste vogels ter wereld”. Sommige kolibries zijn inderdaad zo klein dat ze minder wegen dan een cent en ongeveer het formaat van een hommel hebben. De grootste zijn zo’n 20 centimeter lang.
Om op de vergelijking met een helikopter terug te komen — ik heb bij Sikorsky Aircraft geïnformeerd hoeveel omwentelingen per minuut de rotorbladen van een helikopter maken als de helikopter vliegt. Het antwoord was, tussen de 200 en 300. En de kolibrie? Wanneer ze in de lucht hangen, bereiken sommige een vleugelslag van wel 78 slagen per seconde, ofte wel 4680 slagen per minuut!
Er valt nog zo veel te leren
Enkele van de namen die kolibries in andere talen hebben gekregen, zijn zeer veelzeggend. De Portugezen noemen het vogeltje beija flor, wat „bloemenkusser” betekent. De Spanjaarden zeggen er chupaflor tegen, ofte wel „bloemenzuiger”. In het Italiaans is de kolibrie behalve als colibrì ook nog bekend als de uccello mosca, de „vliegvogel”, vanwege zijn miniformaat.
Hebt u in uw deel van de wereld ooit een kolibrie gezien? Tenzij u op het westelijk halfrond woont, zal dat voorrecht u niet beschoren zijn. Hun gebied strekt zich uit van Alaska naar het zuiden, over het grootste deel van de Verenigde Staten heen en via Mexico en het Caribische gebied tot aan Zuid-Amerika. Maar of u er nu een gezien hebt of niet, u kunt u mijn opwinding bij het zien en horen van mijn allereerste kolibrie indenken.
In alle delen der aarde zijn er verbazingwekkende schepselen die ons vanwege hun ontwerp en schoonheid versteld doen staan. En zelfs de dieren die wij lelijk vinden, verraden een ontzag inboezemend ontwerp. Het is echter een te grote opgave om ze in de korte tijd dat wij leven, alle te leren kennen en te begrijpen. Alleen al alles te weten komen wat er over kolibries te weten valt, vergt jaren van studie en observatie. En toch zeggen sommigen dat eeuwig leven saai zou zijn . . . terwijl er nog zo veel te leren valt!
Het doet mij denken aan de poëtische woorden uit de oudheid, die oorspronkelijk in het Hebreeuws geschreven werden: „Hoe talrijk zijn uw werken, o Jehovah! Gij hebt ze alle in wijsheid gemaakt. De aarde is vol van uw voortbrengselen” (Psalm 104:24). Geen wonder dat toen de psalmist het over zulke scheppingen als „de vogels van de hemel” had, hij ertoe bewogen werd eraan toe te voegen: „O Jehovah, onze Heer, hoe majestueus is uw naam op de ganse aarde!” — Psalm 8:8, 9.
[Illustraties op blz. 16]
In vergelijking met de schoonheid en het ontwerp van een kolibrie is een helikopter een lomp gevaarte
[Verantwoording]
G. C. Kelley photo
[Illustratie op blz. 17]
Het is de enige vogel die achteruit kan vliegen
[Verantwoording]
G. C. Kelly photo
[Illustratie op blz. 17]
Sommige wegen niet meer dan een cent
[Verantwoording]
D. Biggins/U.S. Fish & Wildlife Service
[Illustratie op blz. 18]
Sommige kolibries hebben een vleugelslag van 78 slagen per seconde, terwijl de rotor van een helikopter maar 4 of 5 maal per seconde ronddraait
[Verantwoording]
G. C. Kelley photo
[Illustratieverantwoording op blz. 15]
G. C. Kelley photo