Abortus — Twee kampen
HOEVEEL abortussen — legale en illegale — worden er jaarlijks over de hele wereld verricht? Het boek Abortion verklaart dat dat aantal „op zijn minst gelijkstaat met het aantal sterfgevallen onder volwassenen” — rond de 45 miljoen. Maar het Internationale Genootschap voor Gezinsplanning is tot een schatting gekomen van niet minder dan 55 miljoen!
De Sovjet-Unie was, in het jaar 1920, het eerste land dat abortus legaliseerde. Een recent rapport uit inofficiële bron geeft als aantal ongeveer vijf miljoen abortussen per jaar. Volgens functionarissen van het Chinese Ministerie van Volksgezondheid benadert het aantal abortussen daar de negen miljoen per jaar — een derde van het aantal zwangerschappen. In Japan zijn het er meer dan twee miljoen en de Verenigde Staten melden meer dan anderhalf miljoen gevallen. Het cijfer voor Groot-Brittannië komt dicht bij een kwart miljoen.
In het rooms-katholieke Spanje en Ierland is abortus niet gelegaliseerd. Niettemin zien jaarlijks tienduizenden vrouwen kans een abortus te laten verrichten. Hoe? Natuurlijk zijn er klinieken die illegaal aborteren. Maar een door veel vrouwen gebruikte tactiek is eenvoudig naar een land reizen waar abortus legaal is, waarbij de keus heel vaak op Engeland valt.
Het is duidelijk dat niet al deze abortussen worden verricht omdat de baby’s mogelijkerwijs aangeboren fysieke of mentale gebreken hebben, of omdat de zwangerschappen het gevolg zijn van verkrachting of incest. Britse cijfers tonen aan dat nauwelijks 2 procent van de abortussen op deze gronden geschiedt. Waarom zijn het er dan zoveel? Er zijn twee fundamentele redenen.
De fundamentele strijdpunten
Het beperken van de bevolkingsgroei is een probleem dat men in vroeger tijden niet kende. Stammen en nationale groepen juichten numerieke groei toe, en vrouwen hadden zelden een reden om de grootte van hun gezin te beperken. Eventuele abortussen waren gewoonlijk illegaal en een uitvloeisel van overspel of hoererij.
In contrast daarmee kan het verschaffen van de mogelijkheid van abortus thans een onderdeel zijn van een regeringsbeleid. Zo kan het geboortencijfer worden beperkt in landen waar gevaar bestaat voor een bevolkingsexplosie.
Hoewel een dergelijk gevaar in veel westerse landen niet bestaat, stijgt daar het aantal abortussen nog steeds. Waarom? „Als wij voor de vrijheid van de vrouw zijn,” beklemtoont een woordvoerster van de Religieuze Coalitie voor Abortusrechten in New York, „dan moeten wij er ook voor zijn dat vrouwen het recht bezitten hun eigen morele keuzen te maken.”
Maar bezit een vrouw, wanneer zij eenmaal zwanger is, een onbetwistbaar recht om te kiezen voor een verwerping van het moederschap, voor het aborteren van haar baby? Is een dergelijk gedrag aanvaardbaar? Dat is het punt waar de huidige debatten tussen voor- en tegenstanders van abortus om draaien. Wat is het antwoord?
Er hangt heel veel van definities af. Wat is leven? Wanneer begint het? Heeft een ongeboren kind wettelijke rechten?
Wanneer begint het leven?
Wanneer het mannelijk sperma zijn 23 chromosomen verenigt met een gelijk aantal chromosomen in de vrouwelijke eicel, is er een nieuw menselijk leven verwekt. Vanaf dit moment van conceptie zijn het geslacht en andere persoonskenmerken onveranderlijk vastgelegd. De enige verandering is de groei tijdens de negen maanden van de zwangerschap. „Het stemt met de biologische feiten overeen te verklaren dat u eens uit één enkele cel bestond”, schrijft dr. John C. Willke. Begint het leven dus op het moment van de bevruchting? Velen antwoorden hier eenvoudig Ja op. Voor degenen die er zo over denken, staat het verrichten van een abortus, op welk moment maar ook, gelijk met moord.
Anderen houden staande dat ’het leven ongeveer 20 weken na de aanvankelijke bevruchting begint’. Waarom bezien zij de kwestie zo? Omdat ongeveer rond deze tijd de moeder de bewegingen van de foetus zal beginnen te voelen. Levende geboorten kunnen vanaf de 20ste week plaatsvinden, en abortussen worden gewoonlijk verricht in elk stadium tot aan de 24ste week van de zwangerschap, een tijdfactor die algemeen aanvaard wordt. Is dit dan het tijdstip waarop een baby wettelijk als een levend wezen wordt beschouwd?
In Engeland wordt een ongeboren kind door de wet niet als een menselijk wezen erkend. Onder zulke omstandigheden kan geen enkele abortus wettelijk als moord worden betiteld. Maar wanneer een kind eenmaal het lichaam van zijn moeder heeft verlaten, zelfs als de navelstreng nog intact is, zou het een misdrijf zijn dat kind te doden. Vanaf dat moment heeft het kind wettelijke rechten. Wettelijk gesproken begint het leven volgens dit standpunt dus vanaf de geboorte.
De joodse zienswijze, zoals weergegeven door de Britse opperrabbijn, stemt hiermee overeen. Hij zegt dat het leven pas „begint op het moment van de geboorte”, en voegt eraan toe: „Wij beschouwen vernietiging van het ongeboren kind niet als moord.” Hoe staat het dan met de foetus, de baby die in de baarmoeder groeit? In Marital Relations, Birth Control and Abortion in Jewish Law verklaarde rabbijn David M. Feldman uit New York: „De foetus is onbekend, toekomstig, potentieel, deel van ’de geheimen Gods’.”
Botsende zienswijzen
Hiervan uitgaande zou men gemakkelijk kunnen denken dat abortus in religieus opzicht aanvaardbaar is. Maar niet alle religies denken er zo over. Beschouw het officiële rooms-katholieke standpunt eens.
Paus Pius IX bepaalde in 1869 dat abortus van een embryo, in welk stadium van de zwangerschap maar ook, zou worden gestraft met excommunicatie. In 1951 bracht Pius XII opnieuw het beginsel onder woorden: „Elk menselijk wezen, zelfs een kind in de baarmoeder, ontvangt zijn recht op leven rechtstreeks van God, niet van zijn ouders.” Tijdens een toespraak in Kenia in 1985 verklaarde Johannes Paulus II ronduit: „Contraceptieve handelingen en abortus zijn verkeerd.”
Veel hedendaagse katholieken vinden echter dat een dergelijk standpunt ouderwets is en herzien moet worden. Als gevolg hiervan zijn rooms-katholieken verdeeld over de kwestie. Hier volgen enkele feiten.
Het rooms-katholieke dilemma
Kardinaal Bernardin, voorzitter van het Amerikaanse bisschoppelijke Comité voor Activiteiten ten gunste van Leven, verklaart met klem dat abortus een moreel kwaad is en dat het officiële kerkelijke standpunt bindend is voor alle rooms-katholieken. Bovendien schreef de aan de Amerikaanse Notre Dame-universiteit verbonden rooms-katholieke hoogleraar in de moraaltheologie, James T. Burtchaell, in 1982: „Mijn redenering is rechtlijnig. Abortus is doodslag: de vernietiging van een kind.” Niettemin getroostte priester Richard P. McBrien, hoofd van de theologische faculteit aan dezelfde universiteit, zich vier jaar later veel moeite om uit te leggen dat een verbod op abortus geen dogmatische definitie van zijn kerk is.a Volgens deze zienswijze kunnen katholieken die abortus onderschrijven, niet worden geëxcommuniceerd, hoewel men hen als ontrouw zou kunnen beschouwen.
Aangezien er geen eenstemmigheid bestaat bij de kerkelijke autoriteiten, zijn veel vooraanstaande katholieken uitgesproken voorstanders van abortus. Onder hen bevinden zich in de Verenigde Staten enkele priesters alsmede een aantal nonnen, van wie sommigen hun instemming betuigden met een controversiële kranteadvertentie ten gunste van abortus, voor welke daad zij werden bedreigd met wegzending uit hun orde.
Bovendien vormen de katholieke leken nu een actieve pro-abortuslobby. „Ik behoor tot de voornaamste denkrichting van katholieke leken”, verklaarde mevrouw Eleanor C. Smeal, voorzitster van NOW, een Amerikaanse vrouwenorganisatie, tijdens een bijeenkomst van abortusvoorstanders in Washington D.C. (VS). Volgens The New York Times dreef zij terzelfder tijd de spot met de mogelijkheid dat haar ondersteuning van het recht op abortus tot haar excommunicatie uit de Rooms-Katholieke Kerk zou kunnen leiden.
De Kerk van Rome vindt het steeds moeilijker om zulke botsende zienswijzen binnen haar gelederen op te lossen.
Gevaren van illegale abortussen
Wetten en bevelschriften uitvaardigen is één ding. Maar — zelfs met de beste motieven — proberen de hand te houden aan een besluit inzake abortus is, voor welke autoriteit dan ook, nog heel wat anders. Er zijn mensen bij betrokken, diepgaand, persoonlijk. En onder druk kunnen mensen onvoorspelbaar reageren.
Als een anti-abortusgroep haar doel bereikt, door te voorkomen dat een regering abortus legaliseert of door te bewerken dat de regering bestaande wetten herroept, wat dan? Wordt daardoor enig probleem opgelost? „Een vrouw zal een manier weten te vinden [om een abortus te laten verrichten], soms met gevaar voor haar eigen leven”, zei Marilyn Waring, een voorstandster van abortus en lid van het Nieuwzeelandse parlement, „en er is niets wat politici of wetten kunnen doen om haar tegen te houden.” En daarin ligt een krachtig argument. ’Wat verdient de voorkeur?’ vragen voorstanders van abortus.
Waar abortus gelegaliseerd is, heeft men altijd nog wel enkele sterfgevallen, maar de uitvoering staat dan toch onder strikt medisch toezicht. Illegale abortussen hebben daarentegen een schokkend sterftepercentage, aangezien ze vaak uitgevoerd worden door niet-bevoegd personeel onder onhygiënische omstandigheden. In Bangladesh bijvoorbeeld sterven elk jaar naar schatting 12.000 vrouwen als gevolg van zulke abortussen.
Maar bij dit alles is er nog een andere menselijke factor die beschouwd moet worden. Hoe denken artsen en verplegend personeel over het aan de lopende band verrichten van abortussen? Welke lichamelijke, mentale en emotionele tol eist een abortus nu precies van de aanstaande moeder — en vader? Dit zijn vragen die wij nu zullen beschouwen.
[Voetnoten]
a Een „dogmatische definitie” wordt bezien als onfeilbaar, door de Rooms-Katholieke Kerk op pauselijk gezag uitgevaardigd.
[Kader op blz. 5]
Alternatieve benamingen
Voorstanders van abortus willen vaak liever activisten ten gunste van vrije keuze genoemd worden, net zoals degenen die tegen abortus zijn, zich werkers ten gunste van leven noemen. In deze artikelen wordt omwille van de duidelijkheid steeds gesproken van standpunten voor en tegen abortus.
[Illustratie op blz. 5]
’Wij moeten er voor zijn dat vrouwen het recht bezitten hun eigen morele keuzen te maken’, verklaren velen
[Verantwoording]
H. Armstrong Roberts
[Illustratie op blz. 7]
Veel vrouwen zijn uitgesproken tegenstandsters van abortus
[Verantwoording]
H. Armstrong Roberts