Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g87 8/2 blz. 23-25
  • De stenen spreken

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • De stenen spreken
  • Ontwaakt! 1987
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • De hoofdtempel
  • Een bezoek aan de opgravingen
  • Een bloeddorstige religie
  • Vergelijkingen — oud en modern
  • De Azteken pasten zich aan een nieuwe religie aan
  • De Azteken — Hun fascinerende overlevingsstrijd
    Ontwaakt! 1999
  • Oude gebruiken leven voort in Mexico
    Ontwaakt! 2008
  • Ware vrijheid — Uit welke bron?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1992
  • De invloed die Mexico’s verleden nu nog op de godsdienst heeft
    Ontwaakt! 1991
Meer weergeven
Ontwaakt! 1987
g87 8/2 blz. 23-25

De stenen spreken

Door Ontwaakt!-correspondent in Mexico

OP 21 februari 1978 waren een paar arbeiders van het gemeentelijk elektriciteitsbedrijf een sleuf aan het graven in de oude binnenstad van Mexico-Stad toen zij een stuk stenen beeldhouwwerk blootlegden. Dit leidde tot wat een van de belangrijkste archeologische ontdekkingen in de geschiedenis van Mexico zou worden.

Het stenen beeldhouwwerk werd gevonden in een gebied waar de hoofdtempel van de Azteekse stad Tenochtitlán had gestaan. De verwoeste resten van de tempel zijn nu blootgelegd en opengesteld voor bezoekers. Sommige bezoekers zijn alleen maar nieuwsgierig. Anderen echter zijn geïnteresseerd in wat deze ruïnes ons kunnen vertellen over de Azteken, de stichters van een oud Mexicaans rijk. Deze stenen hebben namelijk een fascinerend verhaal te vertellen.

De hoofdtempel

Dicht bij de opgravingen is het metrostation Zocalo. Hier kunt u aan een schaalmodel zien hoe, naar men denkt, de hoofdtempel eruit heeft gezien. Hij had een piramidevorm met twee op torens gelijkende gebouwen erbovenop. Dit hoofdcentrum van de Azteekse religie stond, omringd door andere tempels, op het centrale plein van Tenochtitlán. Hier bevonden zich de voornaamste afgoden die de Azteken aanbaden, Huitzilopochtli, de oorlogsgod, en Tlaloc, de regengod.

Toen de Spanjaarden arriveerden, was Tenochtitlán een eiland in een vallei vol meren. Parallel met haar straten liepen kanalen waardoor in kleine bootjes, chalupas, goederen werden getransporteerd. Salvador Toscano beschrijft het ons in zijn boek Cuauhtemoc: „Het grote plein van de hoofdtempel besloeg het centrum van het eiland, en Cortés vertelt er verder van ’dat er geen menselijke taal bestaat die kan beschrijven hoe groots en uniek het was, zo groot dat binnen de begrenzingen woningen voor 500 mensen gebouwd zouden kunnen worden. Het plein bevatte verscheidene piramiden van aanbidding, een terrein voor balspelen, priesterverblijven, schedelplatforms (tzompantlis) en tempels gemaakt van gehouwen steen en aromatisch cederhout. Naast dit alles was er dan de grote tempelpiramide voor de zonnegod van de oorlog, Huitzilopochtli, 30 meter hoog — 116 treden tot boven — vanwaar men het hele eiland kon overzien.’”

Een bezoek aan de opgravingen

Met deze informatie in ons hoofd lopen wij naar de trap die ons omlaag zal voeren naar de opgravingen, om vanaf dat punt eerst het hele gebied te kunnen overzien. Wat ziet u? Aanvankelijk alleen maar een verzameling ruïnes! De vindplaats is exact in de toestand gelaten waarin ze werd aangetroffen, met slechts een paar onbeduidende restauraties. Maar een nauwkeuriger onderzoek onthult toch enkele interessante feiten.

Zo ziet u in het midden van de opgraving de plekken waar Huitzilopochtli en Tlaloc werden aanbeden. Het bouwwerk dat Cortés beschreef, was overigens veel groter dan dit. De Spanjaarden hebben de cultuur van de Azteken volledig willen uitroeien en dat gold vooral voor wat zij zagen als een bloeddorstige religie. Na de verovering van de stad in 1521 verwoestten zij dan ook systematisch de tempel totdat er nog slechts puin restte. Vervolgens bouwden zij op het terrein hun eigen gebouwen.

Wat de Spanjaarden echter niet wisten, was dat de tempel die zij verwoestten, slechts de laatste was van een reeks bouwwerken. Het oorspronkelijke gebouw was zevenmaal vergroot, waarbij iedere uitbreiding telkens de vorige bedekte. Delen van de vroegere tempels hebben daarom de verwoesting van de Spanjaarden overleefd. De twee plaatsen van aanbidding die wij hier zien, maken deel uit van de tweede uitbreiding.

Een bloeddorstige religie

In deze plaatsen van aanbidding werden mensenoffers gebracht, en deze offers brandmerken de Azteekse religie als een bloeddorstige. Wanneer wij een vergelijking maken met huidige vormen van religie, vinden wij echter een behartigenswaardige opmerking door Dominique Verut: „De Azteekse beschaving draagt de gruwel van geïnstitutionaliseerde mensenoffers met zich mee, een cultureel verschijnsel dat vele verdedigers heeft gehad, maar nog steeds afschuw wekt bij de vijanden ervan, die de Heilige Inquisitie en het nazisme vergeten.”

Men kan echter een huivering niet onderdrukken bij het zien van de offersteen voor het tempelgebouwtje van Huitzilopochtli. Op de vlakke bovenkant van deze steen werd het slachtoffer neergelegd, gezicht omhoog, om zijn hart uit te rukken en aan de goden te offeren.

Een ander stuk steen, het beeld van de godin Coyolxauhqui, onthult een ander aspect van de Azteekse religie. Coyolxauhqui was, naar men zei, de zuster van Huitzilopochtli, die door hem was gedood en in stukken verdeeld. Het vlakke beeldhouwwerk beeldt haar dan ook af met het hoofd los van de romp. Kennelijk hadden de Azteken er geen moeite mee een in stukken gesneden godin te aanbidden.

Vergelijkingen — oud en modern

Bijbellezers weten dat mensenoffers vaak deel hebben uitgemaakt van valse religie. De Kanaänieten en soms zelfs afvallige Israëlieten offerden hun kinderen aan demonengoden (2 Koningen 23:10; Jeremia 32:35). Ook de Azteken brachten kinderoffers. Wij lezen hierover in het boek El Templo Mayor: „De overblijfselen van geofferde kinderen werden gevonden in een van deze [putten] te zamen met afbeeldingen van de regengod. Ging het hier om een speciaal offer vanwege een hongersnood?”

Op bladzijde 219 voegt hetzelfde boek hier nog aan toe: „Frater Juan de Torquemada vertelt ons hierover iets in het boek Monarquía Indiana (Indiaanse monarchie): ’De kinderen werden prachtig uitgedost naar de offerplaats gebracht, op draagbare platforms of in draagstoelen, rijkelijk versierd met bloemen en veren, en deze werden dan voortgedragen op de schouders van de priesters en tempeldienaren. Anderen gingen voor hen uit en bespeelden muziekinstrumenten en zongen en dansten. Zo werden zij naar de plaats gevoerd waar zij aan de demon geofferd zouden worden.’”

Ons attent makend op nog meer gelijkenissen tussen de religie van de Azteken en de religies van de Oude Wereld, wordt er bericht dat de god Tlaloc ook de god van de vruchtbaarheid was. Een van de hoofdaltaren is aan hem gewijd. Ook zijn in de tempel twee enorme slangen afgebeeld, welke golden als vruchtbaarheidssymbolen. Op overeenkomstige wijze hadden vele religies van de Oude Wereld een vruchtbaarheidsgod, en de slang was een wijdverbreid religieus symbool. Interessant is ook dat er werd gezegd dat Huitzilopochtli was geboren aan Coatlicue, en deze moedergodin werd later de „moeder van alle goden” genoemd.

De Azteken pasten zich aan een nieuwe religie aan

De Spanjaarden gaven zich veel moeite en gebruikten vaak geweld om de Azteekse religie uit Mexico uit te roeien. In vele gevallen bouwden zij hun eigen kerken boven de Azteekse tempels, waarbij zij de stenen van het oudere bouwwerk bij hun eigen bouwwerkzaamheden gebruikten. Zelfs stukken van Azteekse afgodsbeelden werden bouwmateriaal.

Het was echter niet moeilijk voor de Azteken om aan de nieuwe religie te wennen. Afgodsbeelden van hout en aardewerk kwamen in de plaats van hun stenen afgodsbeelden. Deze nieuwe afgodsbeelden zagen er menselijker uit maar het waren niettemin afgodsbeelden. En vele oudere religieuze ideeën bleven een deel van de Mexicaanse cultuur. Zo was er nog steeds een dodencultus, die elk jaar begin november gevierd werd. En volgelingen van de nieuwe religie geloofden in de onsterfelijkheid van de ziel net zoals de oude inwoners van Mexico dat hadden gedaan. Er waren dus in werkelijkheid vele overeenkomsten tussen de religie die Cortés introduceerde en de religie die hij trachtte te vernietigen.

De ruïnes van de hoofdtempel, nu voor bezoekers opengesteld, roepen een beeld op van een groot rijk en een cultuur die voor altijd voorbij zijn. Ze herinneren ons aan wrede religieuze gewoonten, aan goden die niet langer aanbeden worden, en aan praktijken die nog steeds bewaard zijn gebleven, al is het dan onder een andere naam en in een andere religie. En ze herinneren ons aan de opmerkelijke overeenkomst tussen de valse religies van de Oude Wereld en die van de Nieuwe Wereld.

[Illustratie op blz. 23]

De godin Coatlicue

[Verantwoording]

Nat’l Institute of Anthropology and History, Mexico

[Illustratie op blz. 24]

De godin Coyolxauhqui

[Verantwoording]

Nat’l Institute of Anthropology and History, Mexico

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen