Japan verwelkomt zes Australische ’VIP’s’
Door Ontwaakt!-correspondent in Japan
HONDERD verslaggevers stonden reikhalzend te wachten in de ochtendschemering op de luchthaven Narita in Tokio. Nadat de jumbo jet tot stilstand was gekomen, werden zes speciale passagiers snel naar hun luxueuze, nieuwe behuizingen geëscorteerd. Wie waren deze langverwachte ’zeer belangrijke personages’?
Zes Australische koalaberen! Al sinds 1975 was er sprake van dat er koala’s naar Japan zouden worden gezonden. Er waren heel wat voorbereidingen aan voorafgegaan voordat men de toekomst zeker gesteld wist voor deze aandoenlijke „goodwill-ambassadeurs” die uiteindelijk op 25 oktober 1984 arriveerden. Maar koalaberen adopteren is ook niet zo gemakkelijk als het misschien klinkt.
Veeleisende gasten
In hun thuisland brengen deze „schemeringsdieren” bijna al hun tijd in eucalyptusbomen door. Geen wonder dus dat het voedsel van de koalabeer geheel uit eucalyptusbladeren bestaat. Uit de bladeren halen ze zowel voedingsstoffen als vocht, en het is voor koala’s heel ongewoon om water te drinken. De naam koala werd het dier gegeven door de Aboriginals, de inheemse bewoners van Australië, en betekent „niet drinkt water”. Maar niet elk maaltje eucalyptusbladeren is goed!
Hoewel er wel 600 soorten eucalyptusbomen bestaan, vinden de koala’s slechts ongeveer tien daarvan lekker. In elk van de steden waarheen de beren gezonden zouden worden, werden daarom grote groepen van deze bomen opgekweekt. Maar zouden Australische koala’s de bladeren eten van de in Japan gekweekte eucalyptusbomen? Verse bladeren werden naar Australië overgevlogen. Daar stond ze een moeilijke test te wachten, maar ze kwamen er met vlag en wimpel door! De koala’s knabbelden met genoegen op de eucalyptusbladeren, al waren ze dan „Made in Japan”.
Aangezien de koala’s een reis van meer dan 6400 kilometer maakten en uit hun geboorteland in een andere omgeving en een ander klimaat kwamen, werd er speciale zorg besteed aan hun behuizing opdat ze gezond zouden blijven. Het koalahuis in de Tama-dierentuin is een licht, bruin- en crème-gestreept nieuw gebouw, gelegen in de buurt van een heuveltop. Het bestaat voornamelijk uit drie koepelvormige delen van verschillende grootte.
In de eerste koepel leren bezoekers wat interessante kenmerken van Australië en zijn buideldieren kennen door middel van foto’s en verklarende teksten. De tweede koepel vormt de behuizing van een aantal kleine Australische dieren, en de bezoekers beleven een extra sensatie wanneer zij in de koepel omhoogkijkend het Zuiderkruis zien schitteren in de sterrenhemel van het zuidelijk halfrond. Maar de meeste opgewondenheid ontstaat in de grootste koepel, de ruimte waarin men de koala’s ziet.
Hier kunnen de bezoekers door een grote glazen ruit de koala’s observeren. Er zijn vijftien bomen waarin deze beminnelijk uitziende dieren kunnen klimmen. Aan elke boom is een nummer bevestigd en de nummers van de bomen waarin de koala’s zitten, worden op een bord vermeld. Dit maakt het gemakkelijker om de koala’s waar te nemen. Met kunstlicht wordt een schemerduister gecreëerd, aangezien deze dieren in de ochtend- of avondschemering en in de avonduren actiever zijn. Op deze wijze kan men ze bezig zien.
Er zijn veel andere ruimten in deze gebouwen ondergebracht, zoals behandel- en quarantainekamers, ruimten voor de opslag van eucalyptusbladeren en voor de voedselbereiding, en zelfs een privé-woonverblijf voor de koala’s. Dit alles heeft 550.000.000 yen ($2.200.000) gekost en laat wel zien hoezeer Japan erop gebrand is om het koalaproject te laten slagen.
De belangstelling voor de koala’s nam aanmerkelijk toe door de publiciteit die de media eraan gaven. Sinds de koalahuizen zijn opengesteld, zijn ze door vele duizenden mensen bezocht. Op één zondag kwamen meer dan 15.000 mensen naar de koala’s in Tokio kijken. En op één dag, in de nieuwjaarsperiode, dromden 22.000 het koalahuis in Kagosjima binnen en 46.000 in Nagoja.
Bezoekers zullen op feestdagen soms wel anderhalf uur in de rij moeten staan voordat zij de koala’s in Tokio’s Tama-dierentuin kunnen zien. Maar wat maakt de koala’s zo populair bij de mensen hier?
Levende teddyberen
Het geheim van hun populariteit is gelegen in hun pluizige, donkergrijze vacht, de kraaloogjes, de opvallende neuzen, hun oren die bedekt zijn met lang bont en hun vriendelijke, op knuffeldieren gelijkende voorkomen. Koala’s zijn werkelijk beminnelijke dieren. Ze zien eruit als levende teddyberen.
Deze alleraardigste schepselen zijn te vinden in het oostelijke en zuidoostelijke deel van Australië en behoren net als de kangoeroes tot de buideldieren, wat wil zeggen dat ze een buidel hebben waarin ze hun jongen dragen. Wanneer een koala geboren wordt, is hij slechts 17 mm groot. De piepkleine baby klimt zelf in de buidel van zijn moeder, en daar groeit hij door zich te voeden met moedermelk. Wanneer er zes of zeven maanden voorbij zijn, verlaat hij ten slotte de buidel en begint zich met eucalyptusbladeren te voeden die door zijn moeder zijn voorverteerd en uitgescheiden. Hierna begint het koalajong zachte eucalyptusloten te eten. Rond deze tijd begint de moeder haar baby op haar rug mee te dragen wanneer zij zich verplaatst. Wat een prachtig plaatje zijn ze dan!
Hoewel er wellicht nog vele dingen onbekend zijn over de gewoonten van deze ’VIP’s’, hoopt men veel te leren door ze te bestuderen en observeren in hun nieuwe Japanse behuizingen.
[Illustratieverantwoording op blz. 26]
Tokyo Zoological Park Society photos