Het mysterie ontraadselen
HET staat onomstotelijk vast dat krachten die het normale te boven gaan mensen in staat hebben gesteld buitengewone dingen te doen. Brian Inglis merkt op: „Paranormale gebeurtenissen zijn nu dichter bij formele erkenning dan ooit het geval is geweest sinds de middeleeuwen — toen men ze even gewoon, hoewel minder voorspelbaar, vond als alle andere natuurkrachten.”
Wat is de bron van deze buitengewone macht? Wel, reeds duizenden jaren lang gelooft het overgrote deel van de menselijke familie dat de zielen van de gestorvenen in de geestenwereld verder leven. En er wordt algemeen geloofd dat deze zielen of geesten van de doden verantwoordelijk zijn voor paranormale verschijnselen. Maar is dit zo?
Zijn de doden ervoor verantwoordelijk?
Als de doden geen bewustzijn hebben — werkelijk dood zijn — dan zouden zij onmogelijk de mysterieuze krachten achter het occulte kunnen zijn. Welnu, in welke toestand bevinden de doden zich?
In een beschrijving van de schepping van de mens, zegt de Schrift: „Alzo werd de mens tot een levende ziel” (Genesis 2:7, Statenvertaling). Merk op dat hier niet de minste aanwijzing wordt gegeven dat de mens een ziel kreeg als een van de bestanddelen van zijn wezen. In plaats daarvan is de ziel klaarblijkelijk de mens zelf. Wat gebeurt er dus wanneer de mens sterft?
Over Jezus Christus werd in de bijbel geprofeteerd dat hij „Zijn ziel uitgestort heeft in den dood” (Jesaja 53:12, SV). En over de mensheid in het algemeen zegt de Schrift: „De ziel, die zondigt, die zal sterven” (Ezechiël 18:4, 20, SV). Alle menselijke zielen sterven omdat zij de zonde hebben geërfd van de eerste mens, Adam, die een zondaar werd door ongehoorzaam te zijn aan God. En de bijbel zegt: „De bezoldiging [het loon, NW] der zonde is de dood” (Romeinen 5:12; 6:23, SV). Dus bij de dood komt de ziel, de over zintuigen beschikkende persoon, te sterven.a
Is het derhalve mogelijk dat de doden met de levenden communiceren? De bijbel zegt: „[De mens] blaast zijn laatste adem uit, hij keert terug naar het stof; en in datzelfde uur houdt al zijn denken op.” Ook zegt de bijbel: „Niet de doden loven de HEER, niet zij die in stilte neerdalen; maar wij, de levenden, zegenen de HEER.” — Psalm 146:4; 115:17, The New English Bible.
Aangezien de doden God niet kunnen loven omdat ’hun denken is opgehouden’, kunnen zij zeer zeker niet communiceren met de levenden en al evenmin verantwoordelijk zijn voor welk paranormaal verschijnsel dan ook. Wie zijn er dan wel verantwoordelijk voor?
Het mysterie ontraadseld
Mensen zijn niet de hoogste levensvorm. De bijbel onthult dat lang voordat God de man en de vrouw schiep, hij een menigte van geestenzonen, onzichtbare engelen, had geschapen (Job 38:4, 7). Later kwam een van deze engelen tegen God in opstand, begon hem zelfs te lasteren, en ontpopte zich zo als de Satan (tegenstander) en de Duivel (lasteraar). Mettertijd sloten andere geestelijke schepselen zich bij Satan de Duivel in zijn opstand aan en vormden een organisatie van opstandige engelen of demonen. Zijn deze demonen degenen die verantwoordelijk zijn voor de paranormale verschijnselen van het occultisme?
Ja, inderdaad! In de dagen voor de Vloed hadden deze geestelijke „zonen van de ware God” het vermogen zich te materialiseren in menselijke lichamen en op aarde te leven (Genesis 6:1, 2; Judas 6). Maar nadat zij naar het geestenrijk waren teruggekeerd, zijn hun contacten met mensen beperkt gebleven tot het veroorzaken van de paranormale verschijnselen die zich door de gehele menselijke geschiedenis heen zo veelvuldig hebben voorgedaan.
De demonen zijn vooral in contact getreden met de levende familieleden en vrienden van de gestorvenen, ervoor zorgend dat deze personen geloof gingen stellen in de leugen dat de doden nog steeds ergens in leven zijn. Het vormt voor de demonen geen enkel probleem om zich uit te geven voor gestorven personen aangezien zij mensen tijdens hun leven nauwkeurig kunnen gadeslaan. Doordat zij op de hoogte zijn van de vertrouwelijke details van iemands leven, met inbegrip van de klank van de stem en de wijze van uitdrukken, kunnen zij zich heel goed voor die persoon uitgeven.
Maar, zo vraagt u zich wellicht af, hoe staat het met de loyale engelen? Misschien treden zij in deze tijd met mensen in contact. Het is waar dat God in het verleden engelen heeft gebruikt om met mensen te communiceren. Vandaag bezitten wij echter de voltooide bijbel als Gods rechtstreekse en toereikende middel tot communicatie met ons mensen (2 Timótheüs 3:16, 17). En daarin lezen wij dat Jehovah mensen specifiek verbiedt om te proberen met de geesten in contact te treden.
Door middel van zijn profeet Jesaja zegt God: „Maar mensen zullen u zeggen boodschappen te vragen van waarzeggers en mediums, die piepen en mompelen. Zij zullen zeggen: ’Mensen moeten immers de geesten boodschappen vragen, en de doden raadplegen ten behoeve van de levenden.’ U moet hun antwoorden: ’Luister naar wat de HEER u leert! Luister niet naar mediums — wat zij u vertellen, zal u geen goed doen.’” — Jesaja 8:19, 20, Today’s English Version.
Het hoeft geen verbazing te wekken dat God de natie Israël gedetailleerde instructies gaf over het vermijden van occulte praktijken. Toen zij het Beloofde Land binnentrokken, waarschuwde hij hen zich niet in te laten met de „verfoeilijke gebruiken” van de Kanaänieten (Leviticus 18:3, 30). In Deuteronomium 18:10, 11 worden deze gebruiken of praktijken in detail opgesomd. Ze omvatten het gebruik van waarzeggerij, beoefening van magie, het zoeken van voortekens, toverij, het binden door banspreuken, raadpleging van beroepsvoorzeggers van gebeurtenissen en het ondervragen van de doden.
Hoed u voor het occulte!
Zo op het oog lijken deze „verfoeilijke gebruiken” misschien onschuldig. Maar daarin schuilt een gevaar. Hoe dat zo? Omdat deze praktijken ertoe kunnen leiden dat men in de greep komt van demonen. De verdorvenheid van de Kanaänieten en hun bezeten zijn van seks en geweld is hier een duidelijk voorbeeld van.
Thans bestaat er een overeenkomstig gevaar wanneer men toegeeft aan een bepaalde belangstelling voor het paranormale. Het zou heel goed het lokaas kunnen zijn dat leidt tot gevangenschap aan demonische krachten. U hoeft niet ver te zoeken om berichten te vinden over voorvallen met een seksueel en gewelddadig karakter die in verband staan met hedendaagse occulte praktijken. Het is daarom in uw eigen belang als u de waarschuwing ter harte neemt.
Gods gebod aan het oude Israël benadrukt een nog belangrijker reden om het occulte te schuwen. „Want iedereen die deze dingen doet, is iets verfoeilijks voor Jehovah” (Deuteronomium 18:12). De uitspraken van de geïnspireerde bijbelschrijvers van de christelijke Griekse Geschriften stemmen met deze fundamentele waarheid overeen. De apostel Paulus noemt de „beoefening van spiritisme” als een van de „werken van het [gevallen] vlees” (Galáten 5:19, 20). En de apostel Johannes tekende Gods waarschuwing op dat het deel van hen „die spiritisme beoefenen . . . zal zijn in het meer dat met vuur en zwavel brandt. Dit betekent de tweede dood”. — Openbaring 21:8.
Sommige mensen zullen menen dat het geen gevaarlijke consequenties kan hebben wanneer men met zo’n onschuldig uitziend Ouija-bord speelt. Niettemin bemerkte een groep buschauffeurs die in hun pauze met een dergelijk Ouija-bord speelden dat hun houding tegenover elkaar begon te veranderen. Enkelen werden ongewoon agressief. Deze houding beïnvloedde zelfs hun rijgedrag. Zij zeiden een sterke onberedeneerde drang te voelen om met hun voertuigen tegen het hun tegemoetkomende verkeer in te rijden.
Dan was er de jonge vrouw die met een Ouija-bord experimenteerde en geobsedeerd raakte met het verleden. Zij geloofde dat zij verliefd was op een man die 300 jaar voordien was gestorven. Zij bleef proberen contact met hem te krijgen. Haar manie leidde er ten slotte toe dat zij zelfmoord pleegde door op de spoorrails te gaan liggen. De politie die de zaak onderzocht, vond dagboeken waaruit bleek dat zij wilde sterven om bij haar geliefde te kunnen zijn.
Dus zelfs als u meent dat u niet overmatig gefascineerd bent door het occulte, pas dan op! Neem de schriftuurlijke raad ter harte: „Houd uw zinnen bij elkaar.” Bedenk wie er achter het occulte zit. „Uw tegenstander, de Duivel, gaat rond als een brullende leeuw, op zoek om iemand te verslinden” (1 Petrus 5:8). Laat het niet zo zijn dat u die „iemand” bent!
Dat de Duivel en zijn demonen werkelijk bestaan en dat zij inderdaad iemands leven kunnen beïnvloeden, wordt geïllustreerd door het volgende artikel.
[Voetnoten]
a Een gedetailleerde bespreking vindt u in het boek Is dit leven alles wat er is? Zie hiervoor blz. 31 van dit tijdschrift.
[Inzet op blz. 10]
Zij geloofde dat zij verliefd was op een man die 300 jaar voordien was gestorven
[Illustratie op blz. 9]
Zijn het de doden met wie zij in contact staan?