Jonge mensen vragen . . .
Hoe kan ik volwassenen helpen mij te begrijpen?
„DE WELBEKENDE oude vijand van zoveel ouders — de ’generatiekloof’ — is niet de werkelijke barrière tussen ouders en tieners.” Aldus de auteurs van het boek The Private Life of the American Teenager. Maar als het niet de „generatiekloof” is, wat is volgens hen dan wel de barrière? „Het werkelijke probleem is een probleem dat zich bij elke menselijke relatie voordoet — niet praten, niet luisteren en niet proberen het gezichtspunt van de ander te begrijpen.”
Dit was het probleem dat Inge, een jong Duits meisje, en haar ouders hadden. „Van het begin af heb ik mijn ouders afgewezen en een barrière tussen ons opgeworpen”, geeft zij toe. Nu zou zij het anders aanleggen. „Ik zou proberen mij in hun positie te verplaatsen”, zegt zij, „om erachter te komen wat zij denken.” Vanwaar deze veranderde houding? Omdat Inge nu beseft dat jonge mensen volwassenen het best kunnen helpen hen te begrijpen door zelf te proberen volwassenen te begrijpen. Maar misschien vraag je je af hoe je dat voor elkaar moet krijgen.
Praat!
Communicatie is de sleutel tot begrip, want zonder communicatie kun je niet weten wat anderen denken. Wat nog belangrijker is: dan kun je niet weten waarom zij zo denken. Maar communicatie moet van twee kanten komen. Een Duits tijdschriftenartikel met de titel „Soms is het enige wat ontbreekt een beetje begrip” zegt dat „jonge mensen hun ouders meer in vertrouwen moeten nemen”. Gelijktijdig krijgen ouders de raad „hun kinderen beter te leren kennen”.
Je ouders in vertrouwen nemen, betekent dat je hun eerlijk en openhartig vertelt wat er in je omgaat. Je moet de dingen bij hun naam noemen, zonder echter bot of tactloos te zijn. Door vragen te stellen, niet uitdagend, maar met oprechte belangstelling, zul je hen aan de praat kunnen krijgen. Heb je er bijvoorbeeld wel eens aan gedacht hun — of andere volwassenen — te vragen welke suggesties zij hebben om je te helpen waardevolle vrienden te kiezen, of je goede levensdoelen te stellen? „Raad in het hart van een man is als diepe wateren,” zegt Spreuken 20:5, „maar de man van onderscheidingsvermogen, díe zal hem naar boven halen.” Het zou je wel eens kunnen verbazen wat je van anderen — ja, zelfs van volwassenen — kunt leren. Maar in de allereerste plaats moet je praten.
Laten wij dat eens illustreren met Amy’s ervaring. Zij vertelt: „Nooit zal ik vergeten hoe ik op een keer, toen ik een jaar of vijftien was, tegen mijn moeder zei dat ik niet in God geloofde. Dat moet haar diep gekwetst hebben, want zij is een zeer gelovige vrouw. Maar in plaats van mij te veroordelen, vroeg ze mij waarom niet, en we hebben er wel een uur over gepraat.” Hoewel Amy nog steeds geen christen is, erkent zij nu: „Sinds die tijd ben ik er een beetje anders over gaan denken, maar ik heb haar werkelijk bewonderd omdat zij niet opgewonden raakte en haar zelfbeheersing niet verloor. Misschien wist ze dat ik nog wel bij zou draaien.”
’Prima’, zeg je misschien. ’Als mijn ouders dat soort begrip toonden, zou er geen probleem zijn.’ Maar bedenk dat ook volwassenen hun beperkingen hebben. Larry, een vader die zich niet aan zijn verantwoordelijkheden wil onttrekken, erkende onomwonden: „Ik vind het verschrikkelijk moeilijk mijn kinderen de liefde en het begrip te betonen waarvan ik weet dat zij er recht op hebben, want ik heb die dingen zelf nooit ervaren toen ik opgroeide. Ik weet gewoon niet hoe ik het moet aanpakken.”
Als dit dus bij jou thuis het geval mocht zijn, probeer het je ouders dan gemakkelijker te maken. Neem het initiatief. Toon liefde en begrip voor hen, en in de meeste gevallen zullen zij vroeg of laat meer liefde en begrip voor jou aan de dag leggen. Dat komt doordat liefde aanstekelijk werkt. De bijbel zegt over God: „Wij hebben lief omdat hij ons eerst heeft liefgehad.” — 1 Johannes 4:19.
Karen, zeventien jaar oud, heeft geleerd dat dit waar is. Zij zegt: „Ik geloof dat de meeste kinderen hun ouders geen eerlijke kans geven. Het valt niet mee een ouder te zijn, en soms moeten wij hun te hulp komen.” Dit betekent dat wij moeite moeten doen om te communiceren, iets wat niet altijd gemakkelijk is. „Er was geduld van mijn kant voor nodig”, geeft zij toe. Maar in haar geval is het de moeite waard gebleken; dat zou het ook bij jou kunnen zijn.
Luister en leer!
Praten is belangrijk, luisteren is nog belangrijker. De christelijke discipel Jakobus spoort iedereen aan „vlug [te] zijn om te horen, langzaam om te spreken” (Jakobus 1:19). „Horen” betekent uiteraard meer dan alleen maar woorden aanhoren; het betekent gedachten begrijpen.
Als je dus graag je gevoelens en ideeën met volwassenen zou willen delen, doe dat dan niet met het doel een discussie uit te lokken maar met het doel te luisteren en te leren. Wanneer de meningen uiteenlopen, vraag je dan af waarom. ’Heeft degene met wie ik praat ervaringen gehad die ik niet gehad heb? Weet hij iets wat ik niet weet? En zo ja, wat dan wel? Heeft hij een ander milieu, een andere opvoeding of een andere achtergrond gehad dan ik? In welke opzichten?’ Dit kan je misschien helpen je er beter op in te stellen iets van anderen te leren.
Per slot van rekening behoort het leven dat te zijn — een ononderbroken leerproces. Dat houdt onder meer in dat je voortdurend je zienswijzen, meningen en ideeën moet bijstellen en een open geest moet bewaren. Als je de twintig al gepasseerd bent, weet je dat dit waar is en zul je hoogst waarschijnlijk beamen dat enkele zienswijzen die je er als tiener op na hield aanzienlijk veranderd zijn nu je wat ouder bent. Men heeft wel eens opgemerkt dat wie nooit verandert, vermoedelijk al „dood” is en het alleen nog niet gemerkt heeft. Zorg dus dat je niet „doodgaat” voor je tijd.
Maak vorderingen!
„Word een voorbeeld”, zo luidde de raad die een oudere man bijna 2000 jaar geleden aan een jonge vriend gaf, „in spreken, in gedrag, in liefde, in geloof, in eerbaarheid.” Deze volwassene, de christelijke apostel Paulus, had belangstelling voor Timótheüs’ welzijn. Door een voortreffelijk voorbeeld te worden en door „de begeerten die aan de jeugd eigen zijn” te ontvluchten, zou Timótheüs iemand worden die voor anderen gemakkelijk te begrijpen en te accepteren was. — 1 Timótheüs 4:12; 2 Timótheüs 2:22.
Ieder van ons — hetzij jong of oud — kan hier iets van leren. Als wij hunkeren naar aanvaarding en begrip, kunnen wij die dingen niet eisen op basis van „je moet me maar nemen zoals ik ben”. Wij dienen bereid te zijn positieve veranderingen aan te brengen in onze persoonlijkheid en in ons gedrag, zodat de mensen ons zullen willen accepteren.
Als er dus bepaalde terreinen in je leven zijn die een voortdurende bron van onenigheid met volwassenen vormen — je kleding of uiterlijke verzorging, je keus in vrienden of ontspanning — wees dan ten minste bereid om eerlijk na te denken over suggesties die je krijgt van oudere en meer ervaren personen dan jij. Dit zal je helpen „de scherpe kantjes af te vijlen” en je zult uitgroeien tot iemand voor wie volwassenen wel liefde en bewondering zullen moeten hebben.
Echt begrip vinden
Wees ervan verzekerd dat er werkelijk volwassenen zijn die belangstelling voor jonge mensen hebben. Vraag het maar eens aan Robert, een jonge man uit de Bondsrepubliek Duitsland. In een brief aan het Wachttorengenootschap, geschreven toen hij nog een tiener was, zei hij: „Ik ben opgegroeid met moeilijkheden bij alles wat ik deed. Het duurde altijd een eeuwigheid voordat ik mijn huiswerk af had. Ik kon me niet concentreren. Ik had geen vrienden en geen vertrouwen in mijn ouders. Ik was ongehoorzaam en opstandig. Eén keer heb ik geprobeerd zelfmoord te plegen. Toen maakte ik kennis met Jehovah’s Getuigen. Wat een zegen! Ik heb geleerd mijzelf en anderen met eerlijke ogen te bezien. Ik heb het mooiste ontdekt wat er bestaat — liefde.”
Het kan voorkomen dat je bij het zoeken naar liefde en begrip teleurstellingen ondervindt. Maar geef het niet op. Houd vol, en je zult echte vrienden vinden, ja, zelfs onder volwassenen, vooral in de christelijke gemeente. Je zult ontdekken dat zij als verborgen schatten zijn die, hoewel ze eerst niet werden gezien, des te helderder stralen wanneer ze eenmaal aan het licht zijn gebracht.
En zoals Robert ontdekte, zal het werkelijk tot je voordeel zijn over Jehovah God te leren en te proberen een innige verhouding met hem te bewaren. Wanneer je door mensen verkeerd begrepen wordt, zul je je vrij voelen om in gebed ’je last op Jehovah te werpen’. Hij is een vriend die altijd begrip heeft. Anders dan sommigen die je misschien kent, zal hij het nooit te druk hebben om naar jouw problemen te luisteren, hoe onbeduidend ze misschien ook lijken. Nooit zal hij met zijn aandacht maar half bij je zijn. Nooit zal hij je met een lange preek in de rede vallen. En het mooiste van alles is, dat hij zal reageren. Hij heeft de troostrijke belofte gegeven dat ’hijzelf je zal schragen’. — Psalm 55:22.
[Illustraties op blz. 22, 23]
Wees bereid om te praten . . . en snel om te luisteren