De wonderen van Jezus — Zijn ze werkelijk gebeurd?
MISSCHIEN gelooft u in de wonderen van Jezus zoals die in de bijbel staan, maar misschien ook niet. Wellicht vraagt u zich schouderophalend af: ’Maakt het eigenlijk wel wat uit?’ Toch zou het niet juist zijn het onderwerp te negeren. Indien Jezus’ wonderen niet gebeurd zijn, zou de gezaghebbendheid van sommige leringen van de invloedrijkste man die ooit geleefd heeft, in twijfel getrokken kunnen worden. Zijn deze wonderen echter wèl gebeurd, dan zou dat uw hele toekomst kunnen veranderen.
Volgens het woordenboek is een wonder „een buitengewone gebeurtenis waarbij duidelijk sprake is van goddelijke tussenkomst in menselijke aangelegenheden”. Het is een gebeurtenis die verbazing wekt en volslagen onverklaarbaar is in termen van menselijke kennis. De bijbel vertelt ons dat Jezus heel wat van dergelijke wonderen verrichtte toen hij op aarde was. Het overzicht op de volgende bladzijde toont aan dat deze wonderen in beginsel uit vier soorten bestonden. Zelfs tegenwoordig kan niemand verklaren hoe Jezus in staat was dergelijke daden te verrichten.
Zijn ze werkelijk gebeurd?
Veel mensen geloven dat de wonderen niet echt gebeurd zijn. Eén theoloog beweerde dat de verslagen over de wonderen eenvoudig „overdrijvingen of verkeerd begrepen alledaagse gebeurtenissen” waren. Is dat zo? Of werden degenen die beweerden een wonder gezien te hebben, misschien op de een of andere wijze misleid? Of moeten wij de verslagen over de wonderen als louter symbolisch opvatten, bedoeld om op een beeldende wijze diepe waarheden over te dragen? Laten wij eens zien.
Men kan zich moeilijk voorstellen hoe de verhalen over Jezus’ wonderen als „verkeerd begrepen alledaagse gebeurtenissen” opgevat zouden moeten worden. Bij één gelegenheid, zo vermeldt het verslag, wekte Jezus de zoon van een weduwe uit de dood op toen zijn lichaam al naar de begraafplaats werd gedragen. Bij een andere gelegenheid, zo lezen wij, liep Jezus tijdens een storm over het meer van Galiléa (Lukas 7:11-17; Johannes 6:16-21). Wat voor „alledaagse gebeurtenissen” zouden overdreven of verkeerd begrepen kunnen worden zodat ze dergelijke verhalen zouden doen ontstaan?
Evenmin is het redelijk te zeggen dat de ooggetuigen op enigerlei wijze bedrogen werden (Johannes 9:16). Het is waar dat goochelaars er grote handigheid in hebben hun publiek te misleiden. Zelfs moderne wetenschapsmensen zijn door bedriegers voor de gek gehouden. De wonderen die aan Jezus worden toegeschreven, waren echter niet van het soort waarmee men tegenwoordig nog bedrog heeft kunnen plegen. Naar verluidt heeft Jezus een man genezen die „overdekt was met melaatsheid” en heeft hij een einde gemaakt aan een bloedvloeiing waar een vrouw verscheidene jaren aan had geleden (Lukas 5:12-16; 8:43-48). Welke goochelaar zou daartoe in staat zijn? Hoewel een beroepsgoochelaar met behulp van zijn uitrusting op het toneel verbluffende staaltjes kan vertonen, kan niemand door louter trucage een storm tot bedaren brengen of over een door een stormwind opgezweept meer wandelen.
Ook kunnen wij niet zeggen dat de verslagen over de wonderen louter symbolen of illustraties zijn. Sommigen zijn misschien van mening dat de opstandingsverslagen beeldspraak zijn om aan te tonen dat Jezus mensen in geestelijke zin weer tot leven bracht door hun leven een nieuwe betekenis en richting te geven. Bij een nauwkeurig onderzoek zal men die gedachte echter moeten prijsgeven. Er waren werkelijk bestaande personen bij de wonderen betrokken. Eén persoon van wie werd bericht dat hij een opstanding kreeg, was Lazarus, de broer van Martha en Maria. Lazarus heeft werkelijk bestaan. „Jezus nu had Martha en haar zuster en Lazarus lief” (Johannes 11:5). Na zijn opstanding probeerden de religieuze leiders hem te doden omdat zijn opstanding zo’n machtig teken vormde. De opstanding van Lazarus moet als werkelijk gebeurd opgevat worden! — Johannes 12:9-11.
Zou het dan kunnen zijn dat de getuigen eenvoudig leugens vertelden? Onmogelijk! Jezus verrichtte zijn wonderen in het openbaar en in het bijzijn van grote mensenmenigten. De verslagen over deze wonderen werden openbaar gemaakt terwijl velen van degenen die ze hadden gezien, nog in leven waren. Deze verslagen, waarvan er vele door ooggetuigen zijn geschreven, zijn tot nu toe in de bijbel bewaard gebleven. Lees ze voor uzelf en merk hoe deze verslagen de klank der waarheid bezitten. Elke dag worden er in gerechtshoven ernstige kwesties beslist — zelfs zaken van leven en dood — op grond van minder bewijsmateriaal dan er beschikbaar is om aan te tonen dat Jezus wonderen verrichtte.
Deze wonderen hebben het leven van velen die ze zagen, beïnvloed. Het allergrootste wonder, Jezus’ eigen opstanding, heeft een diepgaande uitwerking op het leven van zijn volgelingen gehad. Vlak na zijn dood waren zijn volgelingen ontmoedigd en stonden zij op het punt terug te keren tot hun vroegere bezigheden. Nadat zij echter de opgestane Jezus hadden gezien en door Gods geest waren verlicht, waren zij bereid de woede van de joodse priesters en de Romeinse regeerders te trotseren, terwijl zij moedig het goede nieuws over Jezus uitdroegen tot aan de verste grenzen van het Romeinse Rijk en nog verder (Handelingen 1:6-8; 4:8-13). Hun moed blijkt bijvoorbeeld uit de verklaring van Petrus en Johannes tegenover de joodse regeerders: „Maar wat ons betreft, wij kunnen niet ophouden te spreken over de dingen die wij gezien en gehoord hebben” (Handelingen 4:20). Zouden zij een dergelijke moed bezeten hebben als zij hadden gelogen toen zij zeiden de opgestane Jezus gezien te hebben?
Wonderen en de moderne wetenschap
Is het echter redelijk om in deze wetenschappelijke eeuw in wonderen te geloven? Ja zeker. Hoewel wij nu heel wat meer van de natuur en haar wetmatigheden afweten dan de mensen in Jezus’ tijd, weten wij nog lang niet alles. Feitelijk merken geleerden dat hoe meer zij ontdekken, des te meer er nog te ontdekken valt. Het is beslist niet zo dat zij al het punt bereikt hebben waarop zij met zekerheid kunnen zeggen: Dit is mogelijk en dat is onmogelijk. Zo kunnen zij bijvoorbeeld niet met zekerheid zeggen dat er geen kracht bestaat die de opstanding van een dode of de genezing van een verdorde hand mogelijk zou kunnen maken. Het enige wat zij kunnen zeggen is dat zij niet weten hoe zij zo iets moeten doen. Als er daarom zo iets zou gebeuren, zou dat het bewijs verschaffen voor de tussenkomst van een macht hoger dan zijzelf.
De Encyclopædia Britannica formuleert het als volgt: „Hoewel de mogelijkheid van wonderen vaak met de meeste stelligheid wordt ontkend, rust een dergelijke ontkenning op een onbewezen onderstelling; wij kennen immers de samenhang van de natuur niet grondig genoeg om te kunnen zeggen dat deze of gene gebeurtenis er noodzakelijkerwijs een onderbreking van vormt.”
Geleerden hebben ontdekt dat onder uitzonderlijke omstandigheden dingen zich vaak heel anders gedragen dan wij zouden verwachten. Als lood bijvoorbeeld wordt ondergedompeld in vloeibaar helium dat tot -271 °C is afgekoeld en dan in de buurt van een staafmagneet wordt geplaatst, wordt het een uitstekende geleider en gedraagt het zich als een krachtige elektromagneet. Onder normale omstandigheden zal elk voorwerp dat zwaarder is dan lucht, als het wordt losgelaten, op de grond vallen. Maar neem nu de astronaut die door zijn ruimteschip heen zweeft. Deze dingen zijn moeilijk te geloven tenzij u toevallig weet welke natuurwetten deze verschijnselen mogelijk maken.
Tegenwoordig kunnen wij dingen doen waarvan nog maar een paar honderd jaar geleden ontwikkelde mensen versteld zouden hebben gestaan. Toch zijn wij niet intelligenter dan de mensen destijds. Ons enige voordeel is enkele honderden jaren menselijke ervaring. Jehovah God die de natuurwetten heeft ontworpen, is veel en veel intelligenter en meer ervaren dan wij. Hij is stellig in staat om uitzonderlijke of ongewone omstandigheden in het leven te roepen waaronder, in volledige overeenstemming met de natuurwetten zoals hij ze beheerst, een man op het water kan lopen of het woeden van een storm kan doen bedaren.
Dr. Hans Hoppeler, de Zwitserse schrijver van het boek Bibelwunder und Wissenschaft (Bijbelse wonderen en de wetenschap), zei: „Voor iemand die in een Almachtige God gelooft, een God die de natuurwetten heeft vastgesteld en ze beheerst, is het voor de hand liggend dat deze God van tijd tot tijd in zijn universum tussenbeide kan komen op een manier die wij niet begrijpen en volgens wetten die wij niet kennen, en dat met het doel zijn macht en wijsheid bekend te maken.”
’Akkoord, wonderen. Maar waarom?’
Maar wat doet het er voor ons toe dat er bijna 2000 jaar geleden in het Midden-Oosten werkelijk wonderen zijn gebeurd? Heel veel! Dat Jezus werkelijk wonderen heeft verricht, toont aan dat hij kon putten uit een bron van kracht die onbekend was voor de meesten van zijn tijdgenoten en die ook de meeste hedendaagse mensen niet kennen: Gods heilige geest (Matthéüs 12:28; Lukas 4:14; 5:17). Dit feit toont aan dat Jehovah God zijn goedkeuring hechtte aan Jezus’ woorden en daden. De wonderen vormen een in het oog springend bewijs dat Jezus de waarheid sprak.
Toen Jezus er dan ook aanspraak op maakte de Zoon van God te zijn, en de Messías die de joden zo lang hadden verwacht, sprak hij de waarheid (Matthéüs 11:2-6; 16:15-17). De wonderen verschaffen ons redenen om erop te vertrouwen dat degenen die geloof oefenen in Jezus, dit niet tevergeefs doen. — Johannes 3:16.
Bovendien predikte Jezus Gods koninkrijk. Hij is de Koning van dat Koninkrijk en door middel daarvan zal Gods wil op aarde geschieden. De wonderen verlenen gezag aan die boodschap (Matthéüs 6:10; 9:35; Johannes 18:36). Zij deden echter nog meer. Jezus’ wonderen toonden aan wat Gods koninkrijksregering ten behoeve van haar onderdanen zal doen. — Daniël 2:44.
Gods koninkrijk vormt de enige hoop voor de toekomst van de mensheid en de tijd dat het Koninkrijk daadwerkelijk zal ingrijpen in de aangelegenheden van de mensheid, is nabij. In onze tijd zijn mensen niet in staat door middel van de heilige geest wonderen te verrichten. Spoedig echter zullen loyale onderdanen van Gods koninkrijk wonderbaarlijke veranderingen in de toestand van de aarde en haar bewoners te zien krijgen. Zoals het overzicht op bladzijde 18 laat zien, zal het Koninkrijk dan op grote schaal doen wat Jezus op kleine schaal deed toen hij als mens op aarde was. Het is hierbij niet zo dat de wens de vader van de gedachte is. Het zal gebeuren. En een van de redenen waarom wij daar zo zeker van kunnen zijn is het feit dat de wonderen van Jezus zoals die in de bijbel staan opgetekend, werkelijk gebeurd zijn.
[Tabel op blz. 18]
DE WONDEREN VAN JEZUS
Toen hij in de eerste Als hij in zijn Koninkrijk
eeuw op aarde was over de aarde regeert
Autoriteit over:
ONBEZIELDE DINGEN
● Voedde een grote menigte ● Zal ervoor zorgen dat er
met vijf broden en twee vissen voedsel in overvloed groeit
(Lukas 9:10-17) zodat het probleem van
● Veranderde water in wijn voedselschaarste voor alle
(Johannes 2:1-11) mensen opgelost zal zijn
● Kalmeerde een storm (Psalm 72:16; Jesaja 25:6)
GEESTENKRACHTEN
● Verdreef boze geesten uit ● Zal de demonen, en vooral
door demonen bezetenen hun leider Satan, verhinderen
(Markus 1:23-28; de mensheid te beïnvloeden
ZIEKTE
● Liet de lammen lopen, ● Zal de mensheid volledig
opende de oren van genezen van zowel
doven, genas blinden, lichamelijke als
melaatsen en nog geestelijke kwalen
vele anderen (Openbaring 22:1, 2)
DOOD
● Wekte de zoon van een ● Zal de mensheid door middel
weduwe op (Lukas 7:11-17) van een opstanding uit het
● Wekte het dochtertje van gemeenschappelijke graf
Jaïrus op (Matthéüs 9:18-26; terugbrengen en gehoorzame
Lukas 8:41-56) mensen eeuwig leven in een
● Wekte Lazarus op paradijs schenken