De jacht naar dat ongrijpbare geluk
WAAR u ook kijkt, overal ziet u mensen die plezier willen hebben, die graag gelukkig zouden willen zijn. Is hier iets verkeerds aan? Uiteraard niet. Het is alleen maar natuurlijk dat iemand van het leven wil genieten. Toch schijnt de wereld nog steeds vol ongelukkige mensen. Hoe komt dit?
Dit komt doordat velen in hun jagen naar genoegens het geluk mislopen. Deze twee dingen zijn volstrekt niet hetzelfde. Genoegens kunnen tot geluk bijdragen maar kunnen het ook te gronde richten.
Wanneer genoegens geluk met zich meebrengen
Plezier, genoegen, wordt gedefinieerd als „bevrediging der zinnen” of „frivool vermaak of amusement”. Geluk is „een toestand van welbehagen en tevredenheid”. Het is een gemoedstoestand.
Genoegens zijn dan ook tijdelijk. Ze kunnen echter wel bijdragen tot zaken van blijvender aard. Het tijdelijke genoegen van een goede maaltijd, waarbij men van eten en drinken geniet, kan helpen iets in stand te houden dat blijvender is, een goede gezondheid. Het tijdelijke genoegen van het samenzijn met vrienden, kan helpen vriendschappen te versterken. Een gelukkig huwelijk, hechte vriendschappen en — tot op zekere hoogte — een goede gezondheid kunnen bijdragen tot die gemoedstoestand die wij kennen als geluk.
Aan de andere kant kunnen genoegens het geluk ook verminderen. Als onze genoegens enkel en alleen tot doel hebben onszelf te vermaken, dan zullen ze ons snel gaan vervelen en zinloos en leeg lijken. Voor werkelijk geluk is het nodig dat wij niet alleen plezier hebben, maar ook plezier schenken. Hierop wordt de aandacht gevestigd in de bijbel. „Geluk is meer gelegen in geven dan in ontvangen.” — Hand. 20:35, New English Bible.
Bovendien moeten genoegens binnen juiste grenzen blijven. Gebeurt dit niet, dan kunnen ze, zoals gezegd, ons geluk te gronde richten.
1. ETEN EN DRINKEN
Een rijkelijk maal met overvloedig eten en drinken kan misschien tijdelijk genoegen verschaffen, maar heeft weinig geluk gebracht aan . . .
● . . . de 40 procent van hen die in de bloei van hun leven sterven, bij wie hun voortijdige dood door zulke dingen als overeten en overmatig drinken aan henzelf te wijten is, aldus de „British Medical Journal”;
● . . . alcoholisten en hun gezinnen;
● . . . de tienduizenden die jaarlijks gedood worden en de honderdduizenden die ieder jaar gewond raken bij verkeersongelukken die het gevolg zijn van alcoholmisbruik. Alleen al in Duitsland was deze tol in één recent jaar 2930 doden en 66.165 gewonden.
Wat zijn de „juiste grenzen” waarbinnen men van eten en drinken kan genieten? Beschouw eens wat de bijbel zegt: „Kom niet terecht onder hen die zich bedrinken aan wijn, onder hen die vraatzuchtige vleeseters zijn” (Spr. 23:20). Ieder verstandig mens kan beslist de redelijkheid inzien van deze raad om matig te zijn.
2. ONTSPANNING
Ook ontspanning kan plezierig zijn. Het kan een tijdje aangenaam zijn. Maar het heeft weinig geluk gebracht voor . . .
● . . . de ongeveer tienduizend Amerikanen die naar verluidt elk jaar sterven omdat zij „zich bij iets wat voor ontspanning moet doorgaan, aan een zekere mate van gevaar blootstellen”;
● . . . de duizenden — en hun gezinnen — die meer tijd en geld aan ontspanning en hobby’s besteden dan verstandig of praktisch is.
Als ontspanning een doel op zich wordt, overschrijdt ze haar „juiste grenzen” en gaat ze ten koste van ons geluk. Een bijbelschrijver zei wijselijk: „Alle dingen zijn mij toegestaan, maar dat wil niet zeggen dat alles ook goed voor mij is. Alle dingen zijn mij toegestaan, maar ik moet van niets een slaaf zijn.” — 1 Kor. 6:12, Phillips.
3. SEKS
Velen experimenteren met „vrije seks” in hun speurtocht naar geluk. Al mag immorele seks dan misschien tijdelijk genot verschaffen, seks heeft weinig geluk gebracht aan . . .
● . . . de grote aantallen ongetrouwde, zwangere tieners, van wie velen hun toevlucht nemen tot abortus om zich van een ongewenste baby te ontdoen;
● . . . de miljoenen onschuldige huwelijkspartners en kinderen wie een door overspel uiteengevallen huisgezin ten deel viel;
● . . . het grote aantal personen dat lijdt aan de inmiddels tot een epidemie geworden geslachtsziekten.
De „juiste grenzen” voor seks staan duidelijk in de bijbel beschreven: „Het huwelijk zij eerbaar onder allen en het huwelijksbed zonder verontreiniging, want God zal hoereerders en overspelers oordelen.” — Hebr. 13:4.
Opnieuw moet gezegd worden dat deze grenzen redelijk zijn en tot waar geluk bijdragen.
Wat wij heden ten dage zien
Wij zien thans dat er een enorme hoeveelheid tijd en geld wordt besteed aan het najagen van genoegens. „Wees goed voor jezelf; het komt je toe!” is het motto van velen. Zij worden aangedreven door de bevrediging van hun eigen verlangens. Verantwoordelijkheid en onzelfzuchtigheid zijn naar de achtergrond geschoven, terwijl voor de meeste mensen het dienen van God helemaal niet in het beeld verschijnt.
De resultaten van een onderzoek onder een groep jonge mensen illustreren dit. Er werd hun gevraagd een beschrijving te geven van een doorsnee-zondag bij hen thuis. De enquête-resultaten leidden tot de conclusie: „Het was zeer verontrustend te zien hoe de overgrote meerderheid, alsof het de gewoonste zaak van de wereld is, . . . totaal geen gewag maakte van iets dat zelfs maar in de verste verte beschouwd kon worden als een verwijzing naar gemeenschap met anderen, laat staan gemeenschap met God.” Dit is vooral zo verontrustend omdat juist God ons de beste gids gegeven heeft om onze genoegens binnen redelijke grenzen te houden en hij het beste weet wat er nodig is om ons werkelijk gelukkig te maken.
Het herinnert ons aan de bijbelse profetie: „In de laatste dagen zullen er kritieke tijden aanbreken, die moeilijk zijn door te komen. Want de mensen zullen zichzelf liefhebben, het geld liefhebben . . . [en] meer liefde voor genoegens [hebben] dan liefde voor God.” — 2 Tim. 3:1-4.
Mensen met „meer liefde voor genoegens dan liefde voor God” zijn niet werkelijk gelukkig — zij kunnen dit niet zijn. En het feit dat we tegenwoordig zoveel van deze personen zien, vormt een van de bewijzen dat wij in de laatste dagen van deze genotzieke maatschappij leven. Spoedig zal ze vervangen worden door een maatschappij waarin onder Gods leiding iedereen werkelijk gelukkig zal kunnen worden (Openb. 21:3, 4). Dit is de ware betekenis van wat u thans om u heen ziet.