Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g82 8/8 blz. 18-20
  • Mannen die „goden” werden genoemd

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Mannen die „goden” werden genoemd
  • Ontwaakt! 1982
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Toegenomen onderzoek
  • Kodjiki (Kroniek van oude zaken)
  • Twijfels tot uitdrukking gebracht
  • Verandering van instelling
  • Slechts een mens
  • Op zoek naar waarheid
  • Toegewijd aan een man-god — Waarom?
    Ontwaakt! 1989
  • Begrafenis voor een voormalige god
    Ontwaakt! 1989
  • Van keizeraanbidding tot de ware aanbidding
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1998
  • ’Ik was vastbesloten voor de keizer te sterven’
    Ontwaakt! 1992
Meer weergeven
Ontwaakt! 1982
g82 8/8 blz. 18-20

Mannen die „goden” werden genoemd

Door Ontwaakt!-correspondent in Japan

DE REGEERDERS van de meeste landen wonen in zekere zin in glazen huizen en over hun persoon is veel bekend. Maar met de keizer van Japan is het beslist anders gesteld. Er worden weinig inlichtingen van persoonlijke aard over hem verbreid, en zelfs zijn persoonlijke naam wordt maar zelden gebruikt. Voor de gewone burger is hij „Tenno” of „Ten no Heika”, hetgeen „Zijne majesteit” of „Keizer” betekent. De meeste Japanners zullen even moeten nadenken als er naar zijn naam gevraagd wordt.

Maar de keizer wordt zeer gerespecteerd, ja, vereerd zelfs. Dit blijkt wel gedurende de feestdagen aan het begin van het nieuwe jaar, wanneer op een vaste dag de terreinen van het paleis voor het publiek worden opengesteld en vele duizenden een glimp willen opvangen van de keizer en zijn familie als zij achter kogelvrij glas op een balkon verschijnen.

Toch is er in de 20ste eeuw heel veel veranderd in de manier waarop de bevolking de keizer beziet. Veel Japanners zetten zelfs een vraagteken bij de keizerlijke afstammingslijn en de officiële datum van de stichting van de natie, 11 februari 660 v.G.T. Waarom is dit, en wat zijn de feiten?

Toegenomen onderzoek

Werkelijke feiten zijn moeilijk te verkrijgen. Dr. Mitjiko Y. Aoki verklaart dit als volgt: „Gedurende een periode van tien jaar voorafgaande aan 1945 konden er geen zinnige studies over het begin van de Japanse beschaving verschijnen. Serieuze onderzoekers werden op allerlei manieren vervolgd. Na het einde van de Tweede Wereldoorlog werd het verbod op dit soort onderzoek echter opgeheven en nadien is niemand meer onderworpen geweest aan bekrompen vooroordeel. Niettemin zijn na al die tijd de nationalistische gevoelens onder de Japanners toch nog wel zo sterk dat de objectieve bestudering van de geboorte van de Japanse beschaving erdoor wordt gehinderd.” Dit werd geschreven in 1974.

Momenteel is er heel wat onderzoek gaande en proberen Japanse geschiedkundigen een nauwkeurige geschiedenis van Japan samen te stellen. Archeologen zijn druk aan het graven in de ruïnes van oude dorpen en kastelen. Ook staat men een discreet onderzoek in graftomben toe. Maar hoe staat het met geschreven bronnen?

Kodjiki (Kroniek van oude zaken)

De kwestie is dat er geen echt oude geschreven documenten zijn. Het eerste geschreven bericht van historisch belang wordt de Kodjiki genoemd. Men gelooft dat dit geschrift in de achtste eeuw (712 G.T.) voltooid is. Dat betekent dat er dan nog meer dan 1300 jaar overbrugd moet worden tot aan de beweerde datum van de stichting van de Japanse keizerlijke dynastie. Hoe is het geschiedkundige bericht al die eeuwen bewaard gebleven voordat het werd opgetekend? Men zegt dat de kataribe, de officiële vertellers, werden gebruikt om het geschiedverhaal uit het hoofd te leren en zo intact te houden.

Over de Kodjiki vermeldt een naslagwerk dat deze kroniek werd „samengesteld uit de herinneringen van een bejaarde vrouwelijke kamerling aan het hof, en hoofdzakelijk bestaat uit een korte mythologie en geslachtsregisters”. Een ander geschrift is de Nihon sjoki of Nihongi. Dit werk is iets gedetailleerder dan de Kodjiki en werd ongeveer acht jaar later voltooid. De Nihon sjoki werd niet in het Japans maar in het Chinees geschreven.

Een nauwgezet onderzoek van deze beide geschiedwerken toont aan dat ze werden opgesteld met het vooropgezette doel te bewijzen dat de keizers van de zonnegodin Amaterasoe-Omikami afstamden. Voor 1939 was de Nihon sjoki het boek waaruit men in Japan geschiedenis leerde.

Hoe duidelijk waren deze geschreven berichten? Een voorbeeld geeft misschien enig idee. De eerste keizer van Japan kreeg de postume naam Keizer Djimmoe. Het is echter in het geheel niet zeker hoe hij heette. U kunt kiezen uit de volgende namen: Hatsoekoenisjirasoe Soemeramikoto, Kami-yamato Ihare Biko Hohodemi, Kanyamato Iware Hiko no Mikoto, of prins Ihare!

Twijfels tot uitdrukking gebracht

Geloven Japanse geleerden dat het geschreven getuigenis betrouwbaar genoeg is om de precieze datum van het begin van de keizerlijke afstammingslijn te geven? Dat is niet het geval. Merk op hoe het boek Fifty Years of Light and Dark — The Hirohito Era (Vijftig jaren van licht en donker — de periode van Hirohito) de huidige keizer, die in 1926 na de dood van zijn vader, keizer Taisjo, begon te regeren, introduceert: „Hirohito was nu ’God-Keizer’ van de bijna 2600 jaar oude natie, de 124ste in afstamming van de uit de hemel neergedaalde voorvader die Djimmoe wordt genoemd. Hoewel geleerden het eerste deel van de keizerlijke afstammingslijn alsook de exacte datum van de stichting van de natie uitermate dubieus vonden, werd van geen der ’geliefde onderdanen’ verwacht dat zij ook maar een moment zouden twijfelen aan de ’bewezen’ goddelijkheid van de nieuwe Heerser van Japan.”

In 1966 riep de regering 11 februari, de traditionele stichtingsdag van de natie, tot een nationale feestdag uit. Dit werd met heel verschillende reacties ontvangen. Nog in een recent redactioneel hoofdartikel werd geprotesteerd: „Er was niet vastgesteld dat de dag een historisch aanvaardbare stichtingsdag was.”

Het redactionele commentaar vervolgde met de vraag: „Is onze zorg ongegrond dat de regeringssteun voor de Nationale Stichtingsdag het herstel betekent van de Kigensetsoe of verjaardag van keizer Djimmoes troonsbestijging, een legende die eens volledig dienstbaar is gemaakt aan militaire leiders die er in de dagen voor en tijdens de oorlog hun doeleinden door konden verwezenlijken?”

Zoals uit dit commentaar blijkt, bestaat er duidelijk verschil van mening over dat de Stichtingsdag tot nationale feestdag is uitgeroepen. Voor- en tegenstanders hebben zich op verschillende plaatsen verzameld en via draagbare luidsprekers hun standpunt kenbaar gemaakt. De meeste mensen laat het echter koud wat die dag betekent. Zij zijn gewoon blij met een vrije dag.

Verandering van instelling

Er is stellig heel wat veranderd in de afgelopen veertig jaar! De uitgave van 1941 van de Japan Photo Almanac was een speciaal nummer ter gelegenheid van het 2600ste jaar van het rijk. Het voorwoord begon aldus: „De honderd miljoen onderdanen van Zijne Majesteit de Keizer hebben zich verenigd in de viering van het 2600ste jaar van de stichting van het Rijk; zij hebben hun gelukwensen aangeboden met de ononderbroken regering van de Keizerlijke Familie, die uniek is in de wereldgeschiedenis, en zij hebben opnieuw hun intense loyaliteit aan de Soeverein betuigd.”

In die dagen twijfelde niemand aan de Nationale Stichtingsdag, of aan iets anders dat met de keizer te maken had. De keizer werd als een god beschouwd, en men schonk hem onwankelbare trouw. „Te sterven ten behoeve van Tenno Heika (Zijne Majesteit, de Keizer)” werd door de hele natie als een eervolle zaak beschouwd. Hoe was een dergelijke vurige trouw aangekweekt?

Het was een natuurlijk gevolg van de grondwet die in 1889 met de goedkeuring van keizer Meidji was afgekondigd. Keizer Meidji, de grootvader van de huidige keizer, wordt beschouwd als degene die Japan zijn moderne vorm heeft gegeven. Met de hulp van vertrouwde adviseurs liet hij een grondwet opstellen naar het voorbeeld van de Pruisische regeringsvorm. Onder andere maakte deze grondwet duidelijk dat de keizer vereerd moest worden. Zijn positie werd ’heilig en onschendbaar’ genoemd. Zijn woord was beslissend en alle onderdanen moesten hem onvoorwaardelijk gehoorzamen.

Dit werd nog versterkt doordat de sjinto-religie, gezuiverd van alle boeddhistische elementen, tot staatsgodsdienst werd gemaakt. Het was dan ook via deze religie dat de mensen zo zorgvuldig geïnstrueerd werden om de keizer hun onverdeelde trouw te schenken.

Slechts een mens

Toen echter de Tweede Wereldoorlog in een nederlaag voor Japan was geëindigd, wijzigde het hele beeld zich. Dit was de eerste geboekstaafde nederlaag van Japan in heel zijn lange geschiedenis. Het Japanse volk was verbijsterd, niet bij machte te begrijpen waarom hun keizer zo iets had laten gebeuren.

De overwinnende landen besloten dat het beter was de keizer een verklaring te laten afleggen dat hij geen god was en dat een dergelijke leer onjuist was, dan hem als oorlogsmisdadiger voor een tribunaal te brengen.

Aan het einde van de oorlog genomen foto’s tonen mensen die zich voor het keizerlijke paleis op de grond hebben geworpen, sommigen van hen wenend, terwijl zij hun wroeging uiten over het feit dat zij hebben gefaald, dat zij niet hebben geholpen de oorlog te winnen. Maar al even veelzeggend zijn de foto’s waarop men de gezichten ziet wanneer de keizer op 1 januari 1946 aan zijn onderdanen bekendmaakt dat het geloof dat hij een afstammeling van de goden is, een vergissing is geweest. Hij is menselijk en sterfelijk net als zij.

Dit was een schok voor de natie. Velen werden verbitterd. Sommigen pleegden zelfmoord. Anderen weigeren tot op deze dag de afgelegde verklaring te geloven en blijven hem als een god bezien. Maar de jongeren, de dertigers en daaronder, zullen antwoorden dat zij de keizer nooit als meer dan louter een mens hebben bezien.

Op zoek naar waarheid

Ja, gedurende een periode die 2600 jaar zou hebben geduurd, werden de keizers van Japan goden genoemd. Maar in onze 20ste eeuw gaf een man die eens in de ogen van velen een god was, op realistische wijze toe dat hij dat niet was.

Ondanks de schok die velen toentertijd te verwerken kregen, heeft dit in Japan heilzame gevolgen gehad. Nu kunnen Japanse geleerden, bevrijd van een officiële mythe, hun geschiedenis onderzoeken en proberen te ontdekken wat er werkelijk is gebeurd in de lange eeuwen van Japans bestaan als een natie.

Wellicht nog belangrijker is dat het inzicht dat God niet slechts een gewoon mens is, voor vele Japanners de weg heeft geopend om de ware God te zoeken. In ten minste 93.000 Japanse huizen studeren afzonderlijke personen en gezinnen met elkaar de bijbel ten einde Hem te leren kennen. Het stemt gelukkig dat in vele gevallen hun onderzoek vruchtbaar blijkt te zijn. Meer dan 66.000 Japanners hebben kennis verworven omtrent Jehovah, de Schepper en Soeverein, niet alleen van Japan maar van het hele universum. Hem te dienen brengt hun veel meer zegeningen dan het dienen van een menselijke „god” ooit zou kunnen opleveren.

[Illustratie op blz. 19]

Bronzen beeld van keizer Djimmoe

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen