Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g82 22/2 blz. 20-22
  • Een zeer kostbare „grafsteen” — de Taj Mahal

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Een zeer kostbare „grafsteen” — de Taj Mahal
  • Ontwaakt! 1982
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • De mensen achter de Taj Mahal
  • Moemtaz Mahal
  • Ontwerp van de Taj Mahal
  • De bouw van de Taj Mahal
  • Een rondleiding door de Taj
  • De Tâdj-Mahal — Monument voor de liefde
    Ontwaakt! 1989
  • Mijn kind wordt vermist!
    Ontwaakt! 1984
  • Een blik op de wereld
    Ontwaakt! 1984
  • Spreekt de Bijbel zichzelf tegen?
    Vragen over de Bijbel
Meer weergeven
Ontwaakt! 1982
g82 22/2 blz. 20-22

Een zeer kostbare „grafsteen” — de Taj Mahal

Door Ontwaakt!-correspondent in India

„IK HEB het begin meegemaakt en ook de voltooiing gezien van dit grote werk, waarover zij 22 jaar hebben gedaan en waaraan 20.000 mensen constant hebben gewerkt: dit is voldoende om iemand te doen beseffen dat de kosten ervan enorm zijn geweest.” Dit schreef Jean Baptiste Tavernier, een Franse handelaar in juwelen, over de Taj Mahal in de Indiase stad Agra.

Omstreeks 1632 verrees in Agra plotseling een nieuw stadsdeel. Uit Delhi, Multan en Bagdad verhuisden meester-steenhouwers naar deze plaats. Vakkundige koepelbouwers kwamen uit Turkije en Samarkand gereisd. Uit Sjiraz in Perzië kwamen kalligrafen die hun schoonschrift in steen konden uitvoeren. Een heel leger van steenhouwers en arbeiders werd plaatselijk aangeworven. Zo ontstond Taj Ganj, een nieuwe internationale stad.

Wat vormde de aanleiding voor deze onderneming? Wie waren de mensen achter het project?

De mensen achter de Taj Mahal

Toen men met het bouwproject startte, was Sjah Djehan de grootmogol. Hij behoorde tot een dynastie van heersers in Delhi die in 1526 door Baboer was gesticht. Via Timoer Lenk, de Tartaar van Samarkand, was Baboer een verre nakomeling van Dzjinghiz Khan van Mongolië. Baboer drong met zijn Tartaarse horden India binnen, bezette Agra en Delhi en riep zichzelf in 1526 uit tot Padisjah of heerser van Delhi. Hij werd door de mogolkeizers Hoemayoen, Akbar en Djehangir opgevolgd. De Mohammedaanse mogolvorsten regeerden met grote materiële pracht, en hun rijkdom, juwelen, beschermheerschap van letterkunde en schone kunsten, evenals hun harems met gesluierde dansmeisjes, waren spreekwoordelijk geworden.

In 1611 huwde keizer Djehangir zijn verboden jeugdliefde, nadat hij haar echtgenoot had vermoord. De nieuwe keizerin begon onmiddellijk haar macht te versterken. Al heel snel wist zij een huwelijk te bewerkstelligen tussen prins Khoerram, Djehangirs derde zoon bij een andere vrouw, en haar zeer mooie nicht, Arjoemand Banoe Begum, wier vader, Asaf Khan, de rijkste en machtigste aristocraat in het rijk was.

Gedurende de volgende vijf jaar was prins Khoerram in oorlog verwikkeld. Al die tijd was zijn aantrekkelijke vrouw zijn metgezellin. Het feit dat hun leven voortdurend in gevaar verkeerde, leek een wederzijdse liefdesband tussen hen te smeden.

Moemtaz Mahal

Toen Khoerram met de hulp van zijn machtige schoonvader alle koninklijke mededingers uit de weg had laten ruimen en in 1628 de troon besteeg, werd Arjoemand Banoe zijn keizerin. Hij nam de titel Sjah Djehan, „koning der wereld”, aan en gaf zijn koningin de naam Moemtaz Mahal, wat „uitverkorene van het paleis” betekent. Moemtaz Mahal bleef haar echtgenoot in zijn veldtochten in de Dekkan vergezellen. Ja, toen Sjah Djehan zijn legerplaats opsloeg bij Boerhanpoer, waar hij een opstand moest onderdrukken, bevond Moemtaz Mahal, in verwachting van haar 14de kind, zich bij hem in het kamp!

Een legerkamp in de verzengende noordelijke zomer lijkt voor een vrouw die zal bevallen, niet de aangewezen plaats. De koningin, wier lichaamskrachten kennelijk uitgeput waren doordat zij in snelle opeenvolging reeds 13 kinderen had gebaard, stierf in juni 1631, enkele uren nadat zij het leven had geschonken aan de toekomstige prinses Raushana Ara Begum.

Sjah Djehan was overstelpt door smart! Twee jaar lang onthield hij zich van kostelijke spijzen, het dragen van koninklijke kleding, muziek en vermaak.

Ontwerp van de Taj Mahal

De keizer nam zich voor een buitengewoon groots gedenkteken voor zijn gemalin op te richten en hij stelde daarom een internationale commissie van vakkundige architecten en bouwmeesters aan. Deze commissie bestudeerde de schetsen van ’s werelds beroemdste bouwwerken. Vervolgens werd er een houten maquette vervaardigd waaraan men naar verluidt werkte totdat was vastgesteld hoe het gebouw er zou gaan uitzien.

Men brak met de mogoltraditie door een ontwerp te maken voor een vierhoekige tuin of charbagh als schilderachtige voorgrond, in plaats van het bouwwerk in het midden te plaatsen. Door de „Taj” bovendien aan de oevers van de brede rivier de Jumna te situeren, zou het witte gebouw tegen de blauwe hemel afsteken. In 1632 werd de eerste spade voor de Taj Mahal in de grond gestoken.

De bouw van de Taj Mahal

De hulpbronnen van een keizerrijk werden aangesproken om de graftombe voor Moemtaz te bouwen. Er werd een leger van 20.000 arbeiders in beweging gezet. Wit marmer uit Makrana in Rajasthan en rood zandsteen uit het nabijgelegen Fatehpur Sikri werden geleverd door onderworpen staten. De keizer deed een beroep op zijn schatkist voor bijna 500 kilo zuiver goud die in die tijd een waarde van 600.000 ropijen vertegenwoordigde. Voor inlegwerk kwam jaspis uit de Punjab en diamant uit de Pannaheuvels in Madhya Pradesh; China leverde jade en kristal, en turkoois werd uit Tibet aangevoerd; saffier werd verschaft door Ceylon, en Arabië leverde koraal en kornalijnsteen; onyx en amethist kwamen uit Perzië. De Taj Mahal werd vorstelijk aangekleed: schitterende Perzische tapijten, een wandtapijt van parels en een hekwerk en olielampen van zuiver goud.

Bouwmeester Mohammed Hanif uit Agra kreeg met zijn maandloon van 1000 ropijen het meeste uitbetaald. Zwoegende arbeiders ontvingen na menige lange, hete en vermoeiende dag een schamele stuiver. Maar zelfs ondanks deze lage lonen werden de totale kosten van het 22 jaar durende project op 40 miljoen ropijen geschat. Om deze buitengewone koninklijke „grafsteen” te realiseren werden kosten noch moeite gespaard. Ten slotte werd de „kroon van het paleis”, de Taj Mahal, in 1648 voltooid. De voltooiing van de bijbehorende gebouwen nam nog een aantal jaren in beslag.

Een rondleiding door de Taj

Wij beginnen bij het enorme zuidelijke poortgebouw, een kunstwerk op zichzelf! Het steekt hoog uit boven een oude karavansera die begrensd wordt door gewelfde gangen. Wanneer wij de koele, grote gewelfde ruimte betreden, vallen ons de panelen van zwart marmer op, waarmee het gebouw van binnen bekleed is. Op het dak hebben wij een prachtig uitzicht op het zonverlichte complex.

De reusachtige „grafsteen” staat op een met wit en zwart marmer beklede verhoging van 94 meter in het vierkant. De grafkoepel wordt geflankeerd door vier slanke, witmarmeren minaretten. Om het geheel met elkaar in evenwicht te brengen, staat als contrast met het witte gedenkteken aan de westzijde ervan een rood zandstenen moskee en aan de oostzijde de jawab ervan, de identieke tegenhanger.

Elk van de vier façades en schuine kanten heeft een reeks dubbele bogen die een grootse middenboog van 33 meter hoog omlijsten. Misschien heeft dit de 17de-eeuwse Franse bezoeker Bernier bewogen om uit te roepen: „Het bestaat bijna geheel uit bogen op bogen en galerijen op galerijen, die op wel honderd manieren gerangschikt en aangelegd zijn.”

Wanneer wij vlak bij het gebouw komen, kunnen wij zien waar het werk van de architect ophoudt en dat van de juwelier begint. Hier hebben de makers van inlegwerk vrij uiting kunnen geven aan hun uitgelezen bekwaamheid. Elke muur en elk paneel is een bonte kleurenpracht van bloemenkransen en -figuren, die met veelkleurige halfedelstenen zijn ingelegd.

In het hoofdvertrek onder de verheven koepel onthullen de cenotaven van Moemtaz Mahal en Sjah Djehan de hoogste kunstprestatie op het gebied van marmerinlegwerk met de oleanderfiguren als hoofdmotief. In een blad op de cenotaaf van de koningin zijn 35 verschillende soorten kornalijn gezet. De echte graven bevinden zich niet in het mausoleum maar in een crypt op grondniveau.

Deze buitengewone „grafsteen”, de Taj Mahal, is een meesterwerk in marmer — een monument ook voor menselijk vakmanschap en werk. Als de mens dit onder zondige, onderdrukkende heerschappij voor zijn doden tot stand kan brengen, stel u dan voor tot welke creatieve werken mensen zullen komen voor hun levende naasten in Gods snel naderbijkomende aardse paradijs!

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen