Toen Athene door een ramp werd getroffen
Door Ontwaakt!-correspondent in Griekenland
„Griekenland verwoest door verschrikkelijke aardbeving!” „Athene wankelde op zijn grondvesten!” „De hartverscheurendste nacht in de geschiedenis van de hoofdstad!”
„50 atoombommen als die van Hirosjima!”
Met deze koppen brachten de dagbladen in Griekenland verslag uit over de aardbeving die Athene in februari trof.
De stad werd beschouwd als veilig voor aardbevingen, aldus het hoofd van het Atheense Seismologisch Instituut. Maar wat er in februari is gebeurd, wijst erop dat niemand, onverschillig waar hij woont, er al te zeer op mag vertrouwen dat zijn huis niet door een aardbeving getroffen kan worden.
Hebt u ooit persoonlijk ondervonden wat een krachtige aardbeving betekent? Thuis lezen over aardbevingen of kijken naar tv-reportages over zulke rampen in een of ander verafgelegen land is iets heel anders dan u persoonlijk met uw gezin in het aardbevingsgebied bevinden en het idee hebben dat alles om u heen in stukken breekt!
De eerste schok in de nacht van 24 februari 1981 had een magnitude van 6,6 op de schaal van Richter, en werd gevolgd door honderden nabevingen. Meer dan 16.000 gebouwen in het gebied van Athene werden dusdanig beschadigd dat het te gevaarlijk werd om erin te wonen. Maar dat was nog lang niet alles.
In paniek vluchtten de Atheners hun huizen uit. De sfeer die ontstond, deed aan oorlogstijd denken. Meer dan 200.000 auto’s veroorzaakten opstoppingen in de straten omdat de mensen probeerden de stad uit te komen. Bovendien brachten 50.000 personen een slapeloze nacht door in het „Marsveld”, een groot stadspark.
Toen een televisie-omroeper de mensen waarschuwde voor instortende gebouwen en zei: „Ga de straat op!” werd dat, naar verluidt, een alarmsignaal voor de Atheners. Het uitvallen van de elektrische stroom voor verlichting en van de telefoondienst droeg bij tot een paniekstemming. In hun haast vluchtten vele mensen de straat op in pyjama of in wat zij op dat moment maar aan kledingstukken hadden kunnen vinden. Sommigen raakten vast in de lift en konden pas na veel moeite door de politie worden bevrijd. Anderen sprongen van balkons, waardoor zij hun botten braken of zelfs om het leven kwamen. Heel wat mensen werden ten gevolge van hevige angst door een hartaanval getroffen en stierven.
In sommige kraamklinieken bevalen de artsen de moeders het gebouw te verlaten en hun baby uit veiligheidsoverwegingen mee te nemen. In de panieksituatie namen sommige moeders de verkeerde baby mee. Gelukkig had iedere baby ter onderscheiding een bandje met de naam van de moeder om zijn arm. Toen de moeders de volgende dag hun vergissing bemerkten, gingen zij dus terug naar de kraamkliniek om de zuigeling terug te brengen en hun eigen baby mee te nemen.
Ook de theaters beëindigden hun voorstelling abrupt. Niet alleen de toeschouwers renden de straat op, maar ook de acteurs, velen nog in toneelkostuum. In één theater waren de acteurs als gevangenisboeven in gestreepte pakken gekleed, en in die uitmonstering sloegen zij op de vlucht.
Centrum van de verwoesting
De meeste schade werd aangericht in het gebied van Korinthe, waar het epicentrum van de aardbeving lag. In het dorp Perachora werden bijna alle huizen verwoest. Ook de dorpskerk stortte in.
Een jongeman in dat dorp vertelde: „Wij zaten op dat moment in het koffiehuis. Ik stond op het punt naar huis te gaan. Plotseling hoorden wij een angstaanjagend donderend geluid en pal daarop, voordat wij ons zelfs maar konden afvragen wat er aan de hand was, begon de grond te steigeren als een paard. De dakpannen van de huizen sprongen met een verschrikkelijk kabaal alle kanten op.”
In Lutraki, een beroemd vakantieoord dat jaarlijks duizenden toeristen trekt, werden vrijwel alle gebouwen beschadigd. Twee grote hotels daar werden volledig verwoest. Het acht verdiepingen tellende luxe hotel „Apollo”, dat jaarlijks duizenden Europese toeristen had geherbergd, stortte als een kartonnen toren in elkaar. Gelukkig waren er vanwege het seizoen geen gasten. De huismeester, die met zijn kindje in het gebouw was, kon slechts enkele seconden voordat het enorme bouwwerk instortte, eruit komen door een glazen deur in te slaan.
Iemand bracht zijn persoonlijke reactie tegenover een verslaggever aldus onder woorden: „Ik was dertien jaar oud ten tijde van de aardbeving van 1928, die toen de stad Korinthe verwoestte. De gebeurtenis van dit jaar is onbeschrijfelijk. Ik dacht dat het einde van de wereld gekomen was.”
Maar het bleek voor die persoon niet het einde te zijn. Dat was het evenmin voor een 70-jarige getuige van Jehovah, die doordat hij bedlegerig was, het huis niet uit kon komen. Het huis zelf stortte volledig in; toch hebben zijn familieleden hem later gevonden, nog steeds in zijn bed, maar midden tussen de bakstenen, gruis en stukken hout. Hij was ongedeerd! Het nieuwsblad Ta Nea publiceerde een foto van hem met het onderschrift: „De man die het meest geluk heeft gehad!” Maar hij dankte Jehovah God omdat hij gespaard gebleven was.
Was er vooraf geen enkele aanwijzing dat er een ramp ophanden kon zijn? Het nieuwsblad Acropolis brengt het volgende interessante bericht: „Een visser in de stad Korinthe zei dat hij de laatste vijf jaar zijn netten altijd dicht bij de Alkyonides Eilanden in de Golf van Korinthe uitwierp. Toen hij in Korinthe terugkwam zei hij tegen de andere visser dat zijn netten naar zwavel roken. Ondanks het feit dat hij ongeletterd was, veronderstelde deze visser dat er onder die eilanden een vulkaan, of op z’n minst een vulkanische plek moest zijn.”
Of dat werkelijk een rol gespeeld heeft bij de gebeurtenissen van 24 februari, is misschien niet bekend. Wel is echter bekend dat Jezus Christus, toen hij de tijdsperiode beschreef die het besluit van dit samenstel van dingen zou kenmerken, voorzei dat er onder andere „grote aardbevingen [zouden] zijn” (Luk. 21:10, 11, 31, 32). Athene is nu een van de plaatsen geworden waar men aan den lijve de vervulling heeft ondervonden van wat Jezus heeft voorzegd.
Hulpverlening
Hoewel noch de deskundigen, noch de regeringsautoriteiten de ramp van 24 februari hadden voorzien, trof de regering onmiddellijk na het gebeurde maatregelen om de slachtoffers van de aardbeving te hulp te komen. Ook waren er treffende voorbeelden van persoonlijke zorg voor de medemens.
Veel getuigen van Jehovah wonen in het aardbevingsgebied en het stemt hen dankbaar dat, hoewel zij materieel verlies geleden hebben, niemand van hen persoonlijk letsel heeft opgelopen. Wanneer rampen toeslaan, informeren Jehovah’s Getuigen in omliggende gebieden, zelfs in andere landen, snel naar hun christelijke broeders om te bepalen wat zij kunnen doen om te helpen. Als er bericht komt dat niemand van hun geloofsgenoten persoonlijk letsel heeft opgelopen, zijn zij zeer verheugd, want zij dragen elkaar een warm hart toe, precies als leden van een hecht verenigd gezin. Zij zijn niet van mening dat hun geloof een garantie vormt voor goddelijke bescherming door al dergelijke rampen heen. Maar zij danken God wanneer zij gespaard zijn gebleven en proberen de toegevoegde levensdagen die zij hierdoor ontvangen, nuttig te besteden. Wanneer zij echter geliefde personen in de dood hebben verloren, dan hebben zij vertrouwen in Gods belofte dat er op de door hem vastgestelde tijd een herstel tot leven zal zijn door middel van een opstanding (Joh. 5:28, 29; Hand. 24:15) Wat de schok betreft die het gevolg is wanneer men zijn bezittingen verliest, deze wordt verzacht door de liefdevolle hulp die spontaan wordt geboden door christelijke broeders en zusters die van deze situatie horen.