Smerige winsten
„Onnodige sterfgevallen”
„SIGARETTENFABRIKANTEN concentreren zich op de Derde Wereld waar zij maar zelden op de pakjes de waarschuwingen voor de gezondheid hoeven af te drukken waardoor elders hun verkoop aan banden gelegd is. Zij dumpen dodelijke tabak van onaanvaardbare kwaliteit op een nietsvermoedende markt terwijl de plaatselijke media, begerig naar tabaksadvertenties, de mensen niet bewust maken van het gevaar. In de Derde Wereld verkochte sigaretten bevatten gewoonlijk tweemaal zo veel kankerverwekkend teer als identieke merken elders.” — World Press Review, april 1980.
Toen de verkoop in Noord-Amerika en Europa daalde, liet de tabaksindustrie het oog vallen op de „Derde Wereld”-landen als een enorm, nog niet ontsloten afzetgebied. Er volgde een agressieve advertentiecampagne ten einde in die landen een vraag naar tabakswaren te creëren en te kunnen exploiteren. Hierin is men tragisch goed geslaagd. Het sigarettenverbruik per persoon steeg in de Verenigde Staten tussen 1970 en 1980 met minder dan 4 procent, maar in Afrika vloog het omhoog met 33 procent en in Latijns-Amerika met 24 procent. Tussen 1971 en 1974 werd door de VS ieder jaar gemiddeld ter waarde van $650 miljoen aan tabak geëxporteerd. Tegen 1979 was dit cijfer omhooggeschoten tot $2,15 miljard.
Belastinggelden dragen bij tot onnodige sterfgevallen
Het geld van de Amerikaanse belastingbetalers heeft bijgedragen tot de groei van het tabaksverbruik en de tabaksexport. Alleen al in 1979 werd meer dan $337 miljoen van de belastinggelden besteed aan het bevorderen van de tabaksproduktie in eigen land. Niet alleen gebruikt de Amerikaanse regering belastinggelden om het kweken van tabak te subsidiëren; ze gebruikt dat geld ook om een deel van de overschotten op te kopen. Miljoenen tonnen zijn naar ontwikkelingslanden verscheept als een deel van het „Voedsel voor Vrede”-programma. Voedsel voor vrede? Is tabak voedsel dat de nood kan lenigen van de miljoenen die dreigen te verhongeren? Onzin!
Nog in 1977 werd meer dan 13 miljoen ton tabak met een waarde van naar schatting $55 miljoen door de Verenigde Staten naar het buitenland gezonden. Amerikaanse belastinggelden ondersteunen de Wereldbank en het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties, en die instellingen financieren projecten om de verbouw van tabak in het buitenland uit te breiden.
In de VS eist de regering dat op pakjes sigaretten de waarschuwing staat dat roken gevaarlijk is voor de gezondheid, maar tegelijkertijd moedigt ze het verbruik van sigaretten in landen van de Derde Wereld aan en steekt ze er geld in. De New York Times van 13 april 1980 zei over het resultaat: „Alles wordt in gereedheid gebracht voor een nieuwe epidemie van met roken in verband staande ziekten in de minder ontwikkelde landen.”
En het artikel in World Press Review dat in de eerste paragraaf werd aangehaald, zei: „Joseph Califano, de voormalige Amerikaanse minister van gezondheid, onderwijs en sociale zaken, zei tot een vergadering van de WHO [Wereldgezondheidsorganisatie] in Stockholm dat voor jonge mensen ’de uitnodiging „Geniet van het aroma van een goed leven” een uitnodiging is voor een bed op de afdeling kankerpatiënten’. Deskundigen van een WHO-commissie waren nog rechtstreekser: ’Het onverantwoordelijke gedrag van de internationale tabaksindustrie is de [rechtstreekse] oorzaak van een aanzienlijk aantal onnodige sterfgevallen.”’
„De vallei des doods”
IN EEN stad in Brazilië zaait de vervuiling dood en verderf, zelfs onder ongeborenen. Dientengevolge draagt die plaats de naam „de vallei des doods”. Door Cubatão stromen vier rivieren, maar het zijn alle vier dode rivieren geworden. Boven de stad zelf hangt een giftige mist. Dagelijks worden in de lucht boven het bijna 130 vierkante kilometer grote gebied 426 ton koolmonoxide, 164 ton zwaveldioxide, 133 ton fijne rookdeeltjes, 37 ton stikstofoxide en 28 ton koolwaterstoffen uitgebraakt. In één achterbuurt, die ingesloten ligt tussen drie van de 24 industrieën van de stad, heeft in 1977 een vervuilingsregistratieapparaat het begeven ten gevolge van de buitensporig hoge graad van verontreiniging.
Een van Cubatão’s levenloze rivieren is bedekt met een opbollend schuim van wasmiddelen. Een andere kookt ten gevolge van de uitwerking van de erin geloosde chemicaliën. Een derde rivier is zo heet dat zijn loop te herkennen is aan de stoom die ervan opstijgt. Waar iets verder de rivier in de oceaan uitmondt, blijken vissen blind en misvormd te zijn als gevolg van loodvergiftiging. Er zijn geen vogels, geen vlinders en geen insekten van welke soort dan ook. Als het regent, is het een zure regen die brandt op de huid.
Op elke 1000 baby’s die geboren worden, zijn er veertig reeds bij de geboorte dood en nog eens veertig sterven binnen een week. De meesten van deze slachtoffertjes zijn misvormd. Het aantal doodgeboren kinderen en misvormde foetussen is schrikbarend gestegen. Het gemiddelde gewicht van de normaal geboren kinderen is aanmerkelijk gedaald. Van de 40.000 noodoproepen voor doktershulp waren er 10.000 voor tuberculose, longontsteking, bronchitis, emfyseem, astma en andere neus- en keelaandoeningen.
Degenen die kunnen, reizen op en neer
De burgemeester van deze 80.000 inwoners tellende stad weigert er te wonen. Een groep staatsfunctionarissen vertrok toen hun de gasmaskers werden geweigerd waarom zij gevraagd hadden. In de stad werken 55.000 mensen, maar slechts een derde van hen woont er — zij kunnen het zich niet veroorloven om te verhuizen. Hoewel de industrieën de stad het hoogste gemiddelde inkomen hebben gegeven van alle steden in Brazilië, zijn de inkomsten niet gelijkelijk verdeeld. Vijfendertig procent van de arbeiders woont in krotwijken zonder sociale voorzieningen. Typische arbeidersbuurten bestaan uit veel kleine vervallen hutjes met een veldbed erin: Overdag slaapt een arbeider van de nachtploeg erin, ’s nachts een van de dagploeg.
De directeur van een van Cubatão’s staalbedrijven merkte op dat de schandelijke vervuiling door de industrieën niet langer geaccepteerd wordt door de in vakbonden georganiseerde arbeiders van de zogenoemde ontwikkelde landen. „Gezien deze overwegingen”, zei hij, „is een ijzergieterij meer iets voor ’Derde Wereld’-landen.”
Klaarblijkelijk is de gedragslijn: vervuil elke plaats waar dit winstgevend en toegestaan is. En breng sigaretten op de markt waar dit mogelijk is, ongeacht voor hoeveel onnodige sterfgevallen ze verantwoordelijk zijn.
[Kader op blz. 28]
„Uw goud en zilver is weggeroest, en hun roest zal tot een getuigenis tegen u zijn.” — Jakobus 5:3.
[Kader op blz. 29]
„De liefde voor geld is een wortel van allerlei schadelijke dingen.” — 1 Timótheüs 6:10.