Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g78 8/2 blz. 3-6
  • Rassen zijn opvallend verschillend

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Rassen zijn opvallend verschillend
  • Ontwaakt! 1978
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Basis voor apartheid?
  • Hoe groot zijn de verschillen?
  • De eens overheersende zienswijze
  • Wat valt er te zeggen over rassensuperioriteit?
    Ontwaakt! 1978
  • Zijn blanken intelligenter dan zwarten?
    Ontwaakt! 1978
  • Zij vonden de oplossing voor het rassenvraagstuk
    Ontwaakt! 1978
  • Eén mensenras
    Ontwaakt! 1978
Meer weergeven
Ontwaakt! 1978
g78 8/2 blz. 3-6

Rassen zijn opvallend verschillend

HET was in 1955 op een internationale bijeenkomst in Neurenberg, Duitsland, dat een groep Europeanen zich rond een groepje Amerikaanse negers had verzameld, zichtbaar gelukkig hen in hun midden te hebben. Zij wreven over hun huid en voelden aan hun haar. Kennelijk hadden ze nog nooit een zwart persoon gezien en ze waren geboeid door de opvallende verschillen. De negers verheugden zich in de warme ontvangst en over het feit dat ze volledig geaccepteerd werden. Weer thuis kwamen ze echter in een raciaal klimaat dat zich in de loop der eeuwen heel anders had ontwikkeld.

Neem de Spencers, een zwart gezin, dat naar een mooie wijk van de stad New York verhuisde. Het was oudejaarsavond 1974. Er vloog een bom hun huis binnen met een briefje eraan: NIKKER, JE BENT GEWAARSCHUWD. „Het was de bedoeling het hele gezin uit te roeien”, verklaarde een politie-inspecteur die een onderzoek instelde.

Een verslaggever, die naderhand met blanke omwonenden sprak, schreef: „Hij bleef aandringen met de vraag: waarom wilt u geen zwarten hier? ’Als u dat dan per se wilt weten’, antwoordde de knaap met de vlag, ’ze zijn door en door onbeschaafd. Waar ze komen, gaat het misdaadcijfer omhoog, de buurt wordt geruïneerd en de blanken kunnen vertrekken.’”

Aan de andere kant zijn er ook veel blanken die er een geheel andere zienswijze ten aanzien van de omgang met zwarten op na houden en vriendschappelijke betrekkingen met hen aanknopen. In het zuiden van de Verenigde Staten zijn voortreffelijke resultaten geboekt bij het verbeteren van de rassenbetrekkingen. Veel scholen en andere openbare instellingen kennen volledige rassengelijkheid. Toch zijn er nog altijd tal van mensen die menen dat de verschillen tussen de rassen zo groot zijn dat dit apartheid, het gescheiden houden van rassengroepen, rechtvaardigt.

Basis voor apartheid?

In 1954 sprak het Hooggerechtshof van de Verenigde Staten zich uit tegen rassenscheiding op de openbare scholen. Maar veel Amerikanen zijn het met die beslissing niet eens, en evenmin met het bevel van het Hof in 1969 om de opheffing van de rassenscheiding op de openbare scholen „ineens” door te voeren. Dit blijkt ook wel uit het feit dat tegen het eind van de jaren ’60 een groter percentage zwarte kinderen overwegend zwarte scholen bezocht dan in 1954!

Bovendien zijn er in de Verenigde Staten veel personen die het niet eens zijn met de uitspraak van het Hooggerechtshof in 1967 dat het ongrondwettelijk is „huwelijken tussen personen te verbieden enkel op grond van rassenonderscheid”. Dit decreet deed alle wetten in de Verenigde Staten tegen huwelijken tussen personen van verschillend ras teniet. Toch hoort men mensen nog heel vaak zeggen dat zij niet geloven dat zwarten en blanken met elkaar behoren te trouwen.

De situatie in de kerken vormt er een verder blijk van dat veel mensen menen dat rasverschillen apartheid rechtvaardigen. K. Haselden schreef in 1964 als redacteur van The Christian Century: „Iedereen weet dat zondagochtend 11 uur het meest uitgesproken uur van rassenscheiding is in het Amerikaanse leven.” En die scheiding is moeilijk uit te bannen. Dit jaar verklaarde de voorganger van de Baptistenkerk in Plains, in de Amerikaanse staat Georgia, dat „hij zijn ontslag had ingediend wegens de ’reactie’ op zijn inspanningen om de apartheid in zijn kerk ongedaan te maken”. — New York Post, 22 februari 1977.

En hoewel de verstandhouding tussen de rassen sterk is verbeterd, zien bepaalde personen de laatste tijd weer redenen om ontmoedigd te raken. Een zwarte persoon schreef in The Christian Century van 28 april 1976: „Ik ben bezorgd, werkelijk bezorgd, over de ernstige achteruitgang in verstandhouding tussen zwart en blank. Zwarte vrienden delen dit gevoel van frustratie en machteloosheid met mij.”

Vaak broeit er vijandigheid tussen de rassen en is er weinig onderlinge vermenging. Men zoekt de leden op van zijn eigen ras. Of, zoals de hierboven genoemde schrijver opmerkte: „Ik maakte een wandeling op de campus van de Yale-universiteit. Twee blanke studenten vergezelden me. Zij klaagden erover dat hun zwarte studiegenoten de rassenscheiding bevorderden door apart te leven en apart hun maaltijden te gebruiken, en weinig of geen sociale omgang met hun blanke studiegenoten te onderhouden.”

Hoe groot zijn de verschillen?

Hoe groot zijn echter de werkelijke rasverschillen? Zijn ze dermate groot dat mensen van verschillende rassen niet als gelijken naast elkaar kunnen leven en geen genoegen kunnen putten uit elkaars gezelschap? Bestaat er bijvoorbeeld, om maar iets te noemen, een grote kloof tussen de intelligentie van mensen van uiteenlopende rassen? Of hebben de rassen een eigen lichaamsgeur, waardoor het voor zwarten en blanken weerzinwekkend is om dicht in elkaars nabijheid te vertoeven?

Dat er tussen zwart en blank verschillen bestaan, is natuurlijk zonder meer duidelijk. Huidkleur en haarstructuur zijn wel de meest opmerkelijke. Er zijn bovendien verschillen in de vorm van neus, oogleden en lippen. Dikke lippen zijn gewoon voor negers, terwijl personen van andere rassen in de regel dunnere lippen hebben.

Sommige blanken wijzen echter graag op wat zij „belangrijker verschillen” noemen. Zoals reeds eerder werd opgemerkt, wordt er beweerd dat zwarten „door en door onbeschaafd” zijn. Er wordt beweerd dat zij er „een lossere moraal” op na houden; de hogere misdaadcijfers die zij als bevolkingsgroep vertonen, haalt men hiervoor als bewijs aan. En zo worden er nog meer stellige beweringen gedaan.

„Zwarten zorgen minder voor hun gezin.” Men zal zeggen: kijk maar naar hun hogere echtscheidingscijfer. „De misdaad neemt toe zodra ze ergens komen wonen; ze ruïneren de buurt.” En men zal dan wijzen op zwarte wijken die in het algemeen meer verlopen zijn, en op statistieken die aantonen dat zwarten, verhoudingsgewijs, meer misdaden begaan. „Zwarten zijn minder intelligent dan blanken.” En het is inderdaad een feit dat, gemiddeld genomen, zwarten bij IQ-tests lager scoren dan blanken met een vergelijkbare sociaal-economische achtergrond, en dat ze in het algemeen op school slechtere resultaten behalen.

Maar hoe komt het dat zwarten bij zulke vergelijkingen ongunstiger uit de bus komen? Een publikatie van de Amerikaanse Commissie voor Burgerrechten bracht het volgende onder de aandacht: de duidelijk mindere „status van niet-blanken kan het gevolg zijn van maar twee factoren: òf de niet-blanken zijn als mens inferieur, òf het blanke racisme heeft gedurende de 300 jaar dat de zwarten nu in Amerika zijn, verhinderd dat ze hun natuurlijke gelijkheid ook in gelijkwaardige prestaties tot uiting hebben kunnen brengen.” — Racism in America — How to Combat It.

Wat is volgens u het antwoord?

De eens overheersende zienswijze

Een tijdlang was de overheersende mening dat zwarten als mens inferieur zijn. In de negende uitgave van The Encyclopædia Britannica (1884) stond: „Geen enkele volbloed-neger heeft zich ooit onderscheiden als wetenschapsman, dichter, of kunstenaar, en de fundamentele gelijkheid die door onwetende filantropen voor hem wordt opgeëist, wordt door de gehele bekende geschiedenis van het ras weersproken.” Deze encyclopedie had het ook over „de aangeboren geestelijke inferioriteit van de zwarten, welke nog kenmerkender is dan hun lichamelijke anders zijn.”

Deze encyclopedie merkte op dat zwarten en blanken in de kinderleeftijd een gelijke intelligentie lijken te vertonen. „Bijna alle waarnemers geven toe”, aldus dit werk, „dat het negerkind over het geheel genomen even intelligent is als de kinderen van andere menselijke rassen.” Er werd echter wel bijgevoegd dat bij zwarten „voor de geboorte een verbening van de schedel optreedt, hetgeen een verdere ontwikkeling van de hersenen in de weg staat”. Daarom, zo beweerde de Britannica, „schijnt bij het bereiken van de puberteit alle verdere vooruitgang [van zwarten] te stagneren”. En Chambers’ Encyclopædia van 1882, die het weliswaar niet eens was met de Britannica, sprak de zienswijze uit dat „de neger een verbindende schakel vormt tussen de hogere orde van de apen en de rest van de mensheid”.

De opvatting dat zwarten als mens inferieur zijn, wordt nog steeds door velen aangehangen, en is nog lang niet verdwenen. Iemand schreef het volgende over de algemeen heersende zienswijze in zijn omgeving: „Ik ben opgegroeid in een plattelandsgemeenschap in het zuiden van de V.S. waar werd gezegd dat de zwarten zwart zijn omdat God hen onder een vloek heeft gesteld. . . . Er werd zelfs gezegd dat de zwarten in feite geen echte mensen zijn, maar een deel van het dierenrijk.”

Trouwens, zelfs in deze tijd zijn er nog wetenschapsmensen die de mening zijn toegedaan dat zwarten biologisch inferieur zijn aan blanken. In 1974 zag een lang en gezaghebbend uitziend werk, aanbevolen door vooraanstaande opvoedkundigen, het licht, dat zich ten gunste van deze opvatting uitsprak. Over de schrijver, J. R. Baker, schreef The Guardian van 6 april 1974: „Hij is zeer bekwaam in het ophopen van aanhalingen en verwijzingen, die, als ogenschijnlijke feiten, te zamen met de krachtige, stemming-makende stijl, bij elke lezer die weinig bekend is met ’Negriden’, de indruk moeten wekken dat ze beneden het niveau van menselijke wezens staan (bijvoorbeeld: ’Volgens Long onderscheiden de negers zich door hun „dierlijke stank”’).”

Wat valt er daarom te zeggen over rasverschillen? Hoe groot zijn ze nu werkelijk?

[Illustratie op blz. 5]

Veel mensen achten het verschil in rassen zo groot dat dit volgens hen rassenscheiding rechtvaardigt

[Verantwoording]

Met welwillende toestemming van het Schomburg Center for Research in Black Culture, The New York Public Library, Astor, Lenox and Tilden Foundations

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen