Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g77 22/11 blz. 21-24
  • Waar rivier en bos ’s mensen vrienden zijn

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Waar rivier en bos ’s mensen vrienden zijn
  • Ontwaakt! 1977
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Ruw bergterrein en rivierstelsels
  • Volksstammen van het hoogland en kustbewoners
  • Voorraden timmerhout in overvloed
  • Enorme watervoorraden
  • Wat de toekomst wellicht met zich zal brengen
  • 1975 — Het jaar waarin Papoea-Nieuw-Guinea onafhankelijk werd
    Ontwaakt! 1976
  • Is het regenwoud te redden?
    Ontwaakt! 2003
  • Het nut van het regenwoud
    Ontwaakt! 1998
  • Kunnen onze bossen gered worden?
    Ontwaakt! 1984
Meer weergeven
Ontwaakt! 1977
g77 22/11 blz. 21-24

Waar rivier en bos ’s mensen vrienden zijn

Door Ontwaakt!-correspondent in Papoea-Nieuw-Guinea

DE BEHOEFTE van de mens aan energie uit direct beschikbare natuurlijke hulpbronnen, neemt steeds meer toe. Gedreven door deze behoefte is een grote menigte geleerden, ingenieurs, technici en arbeiders naar een tamelijk onbekend deel van de aarde getrokken — het stroomgebied van de rivier de Purari in Papoea-Nieuw-Guinea, met zijn uitgestrekte tropische bossen en overvloedige, nog niet door stuwdammen beteugelde watermassa’s van vele bergrivieren, een rijkdom aan hulpbronnen die door de mens nog nauwelijks is aangeboord.

Men spreekt de hoop uit dat deze hulpbronnen gebruikt kunnen worden om elektriciteit op te wekken met zo min mogelijk verontreiniging voor de omgeving. En men vermoedt dat dit een zegen zal zijn voor de bevolking en in het algemeen de economische groei en vooruitgang zal bevorderen van dit zich snel ontwikkelende land.

Maar het kan zijn dat de naam Papoea-Nieuw-Guinea u niet veel zegt, of dat u alleen weet dat het het vroegere Australische deel van Nieuw-Guinea is. Hoe ziet het eruit? Waar loopt die rivier de Purari? En welke veranderingen zou een gigantisch stelsel van hydro-elektrische centrales teweegbrengen in dit boeiende land? Wij nodigen u uit ons op onze tocht te vergezellen en dit zelf te ontdekken.

Ruw bergterrein en rivierstelsels

Papoea-Nieuw-Guinea omvat het oostelijke gedeelte van het hoofdeiland Nieuw-Guinea, na Groenland het grootste eiland ter wereld, en ligt even ten noorden van Australië. Samen met talrijke eilandjes en eilandengroepen vertegenwoordigt dit uitgestrekte gebied van 600 eilanden het oostelijke uiteinde van de grote boog van plooiingsgebergten die zich over de Himalaja en Maleisië tot in de Grote Oceaan uitstrekt. Het bevat enkele van de ruwste en gevaarlijkste bergstreken ter wereld. Vaak zijn de bergketens hier behoorlijk hoog, met toppen die meer dan 4000 meter hoog reiken. Steile ravijnen, schilderachtige valleien en donderende watervallen ontrollen zich voor ons oog. Dit is inderdaad een heel apart en interessant land.

De bovenloop van de Purari met zijn verschillende zijstromen begint hier in het hoogland bij de hoogste berg van Papoea-Nieuw-Guinea, Mount Wilhelm. Naarmate de bergstromen de hogere niveaus verlaten, vormen ze de hoofdstroom, de rivier de Purari, die zich door de laaggelegen tropische wouden en moerassen kronkelt, langs de Golf van Papoea, en uiteindelijk zijn langzaam stromende, modderige water in de Koraalzee loost.

De mensen in dit gevarieerde tropische land zijn al even interessant als het landschap.

Volksstammen van het hoogland en kustbewoners

De vroege bewoners van Papoea-Nieuw-Guinea leefden van wat het land rondom hen opbracht. Zij waren jagers en voedselverzamelaars. Na verloop van tijd begonnen zij verstand te krijgen van tuinbouw en de verbouw van gewassen. En tegenwoordig is er in het land een economie opgebouwd waarmee men bijna geheel in eigen behoeften kan voorzien. De in de tropische gebieden inheemse gewassen — taro, yamswortels, bananen, suikerriet, broodbomen, sagopalmen en kokospalmen — leveren het grootste gedeelte van het voedsel dat men eet. Bovendien lopen overal grote aantallen varkens, honden en kippen rond.

De mensen leven in smalle kuststroken en soms op dicht beboste eilanden of met wouden bedekte bergketens en in het moeilijk toegankelijke hoogland. Aangezien zij vaak afgezonderd van elkaar leven, hebben zij duidelijk onderscheiden gewoonten en tradities bewaard, alsook meer dan 700 talen en dialecten. De bevolking is lange tijd verbrokkeld geweest in groepen en stammen, die vaak in kleine gehuchten langs de oevers van rivieren of in afgelegen dorpen tegen van regen doordrenkte bergruggen woonden. Maar hoezeer al die mensen ook verschillen wat stam, gewoonten en taal betreft, ze hebben twee onschatbare vrienden gemeen — het water in de rivier en de bossen op het land. Het planteleven varieert van moeras- en laaglandbossen langs de kust tot mos en bergvegetatie hoog in de bergen. Het rivierwater is van leven onderhoudende noodzaak. Voor de jager leveren de wouden vogels en andere dieren die hem tot voedsel dienen, alsook pelzen en schitterende veren voor persoonlijke opsmuk.

Op de open plekken bij hun gehuchten en dorpjes leggen de mensen hun tuinen aan. Uit het bos halen zij hout voor hun snijwerk, tuingereedschap, speren, bogen en pijlen, knuppels en vele andere wapens voor oorlogvoering en jacht. Daarbij levert het bos hun ook brandstof, schors en vezels voor kleding. Het verschaft balken en ander materiaal voor hun huizen, en bamboe en rotan voor hun bruggen waarmee zij rivieren en ravijnen overspannen. En voor de kustbewoners levert het bos materiaal om kano’s, visnetten en vallen van te maken, alsmede de vezels die zij nodig hebben om van meerdere boomstammen hun zeewaardige vaartuigen te maken. In het uitgestrekte moerasland rondom de Purari is de boomstamkano vrijwel het enige vervoermiddel voor deze mensen, die noch het wiel noch enig lastdier gebruiken. Ja, het woud is werkelijk hun vriend.

Voorraden timmerhout in overvloed

Van de Koraalzee komend naderen wij nu de schilderachtige kustlijn. Het eerste wat wij zien, zijn bosjes kokospalmen aan weerskanten van de monding van de Purari. Langzaam tegen de stroom opvarend, bereiken wij de vloedbossen met mangroven. Dan komen moerassen waar gras en palmen groeien en men nog oog in oog met een krokodil kan komen te staan.

De moerassen achter ons latend, bereiken we ten slotte de weelderige regenwouden van het laagland. In het algemeen zijn hierin lagen of „etages” te onderscheiden, waarbij vele grote bomen een schaduwrijk kronendak vormen dat zich als een soort grote paraplu boven de eronder groeiende palmen, klimplanten en rotan uitstrekt. Men hoopt uit deze nagenoeg maagdelijke wouden het benodigde timmerhout voor de bouw van dammen, krachtcentrales, arbeidersonderkomens en dergelijke te kunnen halen.

Wanneer wij onze reis stroomopwaarts vervolgen, naderen we de bergachtige streken van het achterland. Hier wordt de Purari een onstuimige bergrivier met enkele verraderlijke stroomversnellingen en watervallen. Boven de 1000 meter maakt het regenwoud plaats voor het lagere gebergtebos waar de bomen in het algemeen niet de hoge paraplu-achtige kronen hebben die wij eerder zagen. Dit bos wordt beheerst door bomen die tot de eikenfamilie behoren, met als opvallende verschijning in bepaalde streken de daar voorkomende Klinki-dennen, een voor Papoea-Nieuw-Guinea inheemse boomsoort, waarvan sommige exemplaren wel een hoogte van 85 meter en een doorsnee van 2 meter bereiken.

Boven de 2100 meter en dan verder tot een hoogte van 3350 meter, wordt het gebergtebos vaak overheerst door de beukensoort Nothofagus. Ook treffen wij hier een coniferen-variëteit aan, een boom die kegels draagt. Op grotere hoogten is de begroeiing laag en met mos bedekt. Ook kunnen wij lange pandanus- of schroefpalmen zien staan. Dicht bij de bovenloop van veel bergstromen is de bergflora in het algemeen beperkt tot borstelig gras, boomvarens en heesters. Wij zijn aan het eind gekomen van onze reis stroomopwaarts. Want vóór ons ligt de rotsige top van Mount Wilhelm.

Behalve de bossen in het gebied van de Purari treffen we op dit eiland ook uitgestrekte savannen of grasvlakten aan, zowel in de dalen van de hoogvlakte als in de streken van het laagland. Deze savannen, die voornamelijk zijn begroeid met een grassoort die men Kunai noemt, zijn ontstaan door het veelvuldige gebruik van vuur om stukken bos kaal te branden voor tuinbouw of om bij de jacht dieren uit hun beschutting te verdrijven.

Enorme watervoorraden

Omdat de hoogte in het stroomgebied van zeeniveau oploopt tot bijna 4700 meter, verschilt het klimaat in grote mate. Het loopt uiteen van heet en vochtig in de delta en de lagere gebieden tot koud, met zo nu en dan vorst en zeldzame gevallen van sneeuwval, op de hoogste bergtoppen. Papoea-Nieuw-Guinea heeft geen herkenbare zomer of winter, alleen „droge” en „natte” periodes. Deze hangen af van de twee overheersende seizoenen, de noordwest-moesson die valt van december tot mei en de zuidoost-passaat van mei tot december.

Over het gehele stroomgebied genomen bedraagt de gemiddelde jaarlijkse neerslag 370 centimeter. Dank zij deze zware regenval en het overheersend bergachtige karakter van dit gebied, biedt het interessante mogelijkheden voor de opwekking van hydro-elektrische energie. De bergstromen die zich uiteindelijk verenigen in de hoofdrivier, komen van de hoogvlakte omlaag door steile en smalle ravijnen, waardoor overal plaatsen te vinden zijn die zich lenen voor de bouw van een dam. De mogelijkheden om de kracht van het water in dit rivierbekken aan te wenden, zijn inderdaad geweldig groot. Hoewel de behoeften aan dergelijke enorme hoeveelheden elektrische energie zich waarschijnlijk pas ver in de toekomst zullen aandienen, is de aanwezigheid van dergelijke geweldige mogelijkheden in een zich snel ontwikkelend gebied een aanmoediging voor de plannenmakers.

Wat de toekomst wellicht met zich zal brengen

Naarmate de geleerden, technici en arbeiders steeds verder bij de voltooiing zullen komen van dit bouwproject met zijn dammen, tunnels, krachtcentrales en hoogspanningsleidingen, zullen zij verreikende en blijvende veranderingen teweegbrengen, niet alleen in het landschap, maar ook in het leven van de meeste mensen die in het stroomgebied van de Purari wonen. Die zullen zich dan plotseling geplaatst zien in de twintigste eeuw van de moderne mens, waarbij de eerste confrontatie voor hen zal bestaan in het onder water lopen van hun huizen en hun land. Veel bewoners zullen elders moeten gaan wonen. En een uniek natuurgebied, van belang voor zowel de mensen die er wonen als voor de grotere samenhang van het ecologische systeem in de tropen, zal in de overstroomde gebieden verloren gaan. Geleerden, economen en natuurbeschermers zullen daarom grondig moeten onderzoeken hoe de geleidelijke ontwikkeling van dit gebied gewaarborgd kan worden.

Regeringsautoriteiten zien reeds uit naar de veelbelovende economische voordelen van dit project. Door benutting van de toegangswegen tot de plaatsen waar dammen zijn gebouwd, zouden in dit gebied grote houtindustrieën kunnen worden gevestigd, waar men van het direct beschikbare hardhout triplex, fineer, timmerhout en hout voor papierfabricage zou kunnen vervaardigen. De houtindustrie van Papoea-Nieuw-Guinea heeft opwindende mogelijkheden in het verschiet en staat op de drempel van een snelle groei en uitbreiding in verscheidene richtingen. De afstammelingen van de bosbewoners van het verleden ontwikkelen zich nu snel tot bekwame, geschoolde arbeiders. Ook zijn grote gebieden geschikt voor bevloeiing. Dus mag men ontwikkeling van landbouw, zuivel- en vleesindustrie verwachten. Ja, met de elektrificatie van het platteland en de ontwikkeling van hydro-elektrische energie ziet het ernaar uit dat de mogelijkheden voor industriële ontwikkeling groot zijn.

Ook de altijd aantrekkelijke toeristenindustrie mag niet vergeten worden. Met toerisme is in dit land al een goed begin gemaakt. Behalve een prachtig landschap is er de gevarieerde en interessante mogelijkheid om kennis te maken met de inheemse bevolking en het dierenleven. Een goed ontwikkelde kunstnijverheid draagt ook bij tot de unieke tropische sfeer van dit land.

In het verleden heeft de rivier de Purari zich de vriend van de bewoners van Papoea-Nieuw-Guinea betoond. En ook de weelderige bossen op hun eiland-tehuis hebben hen trouw gediend. Alleen de tijd zal nu echter leren tot in welke mate de moderne mens de rivieren en bossen van dit land tot zijn „vrienden” zal weten te maken.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen