Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g77 22/3 blz. 16-20
  • Lijdt u aan een loslatend netvlies?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Lijdt u aan een loslatend netvlies?
  • Ontwaakt! 1977
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • De prachtige bouw van uw oog
  • De unieke „huid” van de oogbol
  • Bedreiging van een goed gezichtsvermogen
  • Hoe het netvlies losraakt
  • Tracht uw gezichtsvermogen te behouden
  • Bijzonder succesvolle behandelingsmethoden
  • Vlekjes voor uw ogen?
    Ontwaakt! 2000
  • Het oog — „Waar computergeleerden met afgunst naar kijken”
    Ontwaakt! 1988
  • Het omgekeerde netvlies
    Ontwaakt! 2011
  • Wat kan er aan staar worden gedaan?
    Ontwaakt! 1977
Meer weergeven
Ontwaakt! 1977
g77 22/3 blz. 16-20

Lijdt u aan een loslatend netvlies?

HET probleem zal zich misschien manifesteren als plotseling optredende lichtflitsen of als een wazig, golvend gordijn dat over uw gezichtsveld drijft. Voorwerpen schijnen hun omtrek te verliezen, en misschien dat u regens van vonken ziet.

En hoewel niet al deze symptomen reden tot bezorgdheid hoeven te geven, is het toch wel verstandig bij aanhouding van een bepaald verschijnsel een bezoek aan uw oogarts te brengen. Wellicht dat het gaat om een loslatend netvlies. Wat houdt dat in?

De prachtige bouw van uw oog

Een blik op de prachtige bouw van uw oog zal veel duidelijk maken. Het eerste wat ons bij het oog opvalt is de „oogbal”, het ronde omhulsel van het oog, dat aan de voorkant een „uitstulping” bezit, die de „optiek”, het lenzensysteem van het oog, bevat. De huid van de oogbal is ondoordringbaar voor licht, met uitzondering van boven genoemde uitstulping, die aan de buitenkant is afgesloten door een helder rond venster, het hoornvlies genaamd.

Achter het hoornvlies ligt de gekleurde iris of het regenboogvlies met in het midden de pupil, de opening waardoor het licht het oog kan binnentreden, en die afhankelijk van de hoeveelheid licht die op het oog valt, door de iris wordt vergroot of verkleind.

Vlak achter de iris ligt de lens, die in samenwerking met het hoornvlies zorgt voor een bundeling van het licht op de achterkant van het oog, waar het in elektrische impulsen wordt omgezet en als zodanig naar de hersenen wordt doorgegeven. Het zijn dan ook de hersenen en niet de ogen die „zien”.

Achter de lens ligt de holle oogruimte die is gevuld met vocht, het zogenaamde glasvocht, een doorzichtige, geelachtige stof, die hoofdzakelijk uit water bestaat, met een klein percentage vaste stoffen daarin opgelost.

De unieke „huid” van de oogbol

De „huid” van de oogbol bestaat uit drie lagen, met als buitenste de harde oogrok, een taai, vezelachtig vlies dat voor het grootste deel ondoorzichtig is en ervoor zorgt dat alleen via de pupil licht het oog binnendringt (aan de voorkant gaat deze harde oogrok over in het reeds genoemde doorzichtige hoornvlies).

De middelste laag van deze huid, het zogenaamde vaatvlies, is bijzonder ingewikkeld van samenstelling en vertakt zich aan de voorkant van het oog in diverse weefsels, waaronder ook het regenboogvlies of de iris.

En dan komen we aan de binnenste en derde laag van ons oog, waarvoor we in dit artikel de meeste belangstelling hebben: het netvlies. Volgens het tijdschrift MD van juli 1970 is het netvlies een „papierdun membraan dat de vorm, kleur en samenhang van de lichtbeelden die het oog binnentreden, aan de hersenen doorgeeft”. Ja, „papierdun”, maar toch bestaat dit netvlies niet uit één maar uit meer lagen. Volgens de World Book Encyclopedia „is het uit drie belangrijke cellagen opgebouwd: (1) de zenuwcellen, gelegen aan de binnenkant van de centrale holte, (2) de lichtgevoelige cellen in het midden, en (3) de pigment-cellen, die aan de buitenkant, tegen het vaatvlies aan liggen”.

De lichtgevoelige cellen in het netvlies tellen vele miljoenen exemplaren. In het MD-artikel stond hierover: „Elk oog bevat zo’n 130 miljoen staafjes die op gedempt licht reageren en grijs-nuances waarnemen; de 7 miljoen kegeltjes, die hoofdzakelijk in het midden van het netvlies, in de fovea centralis, zijn gelegen, reageren op helder licht en zijn verantwoordelijk voor onze kleurwaarneming.” Tussen haakjes zij nog opgemerkt dat de fovea centralis een gebied beslaat van slechts één vierkante millimeter, dus van ongeveer dit formaat: °.

Vanuit alle kegeltjes en staafjes lopen ragfijne zenuwdraden naar de achterkant van het oog, waar ze zich samenvoegen tot de oogzenuw, die het oog met de hersenen verbindt. Over het netvlies schreef de oogspecialist en Nobelprijswinnaar Santiago Ramón y Cajal:

„Het netvlies heeft mij altijd gefascineerd omdat ik niet had gedacht dat het leven er ooit in zou kunnen slagen zo’n verfijnd en volmaakt aan zijn doel aangepast apparaat te vervaardigen. . . . Mijn studie van dit vlies verzwakte voor de eerste maal mijn geloof in Darwins hypothese van de natuurlijke selectie, want ik stond verbaasd over de buitengewoon constructieve genialiteit die zich niet alleen in het netvlies en het optische systeem van het oog der gewervelde dieren openbaarde, maar ook in dat der geringste insekten . . .” — Recollections of my Life.

Bedreiging van een goed gezichtsvermogen

Een goed gezichtsvermogen vereist een gezond netvlies. Maar vaak wordt de gezondheid ervan door iets bedreigd. Door wat? Door het gevaar dat het loslaat van het erachter gelegen vaatvlies dat de voeding van het netvlies verzorgt. Het netvlies gaat dan degenereren en er zal waarschijnlijk zelfs blindheid ontstaan.

Tienduizenden lijden aan deze kwaal. Volgens de Medical Tribune van 25 april 1973 wordt het aantal netvliesloslatingen „op ongeveer 15.000 tot 20.000 per jaar geschat, waarvan slechts 15 tot 16 percent aan ongelukken of verwondingen is te wijten; de rest geschiedt spontaan”.

Netvliesloslating komt bij mensen van boven de 50 vaker voor dan bij anderen, terwijl één op elke vier lijders het probleem aan beide ogen heeft. Suikerpatiënten lopen twintig maal zoveel kans door netvliesziekte blind te worden dan niet-suikerzieken.

Hoe het netvlies losraakt

Hoe is het echter mogelijk dat het netvlies losraakt? Wel, dat wordt duidelijk wanneer men weet dat het netvlies weliswaar door het vaatvlies wordt gevoed, maar er verder volkomen los van ligt. Er bestaat zelfs weinig kleefkracht tussen de twee lagen. In het boek Living with Your Eye Operation staat de uitleg: „In feite ligt het netvlies tegen het vaatvlies aangedrukt als zijdeachtig behang dat door de wind tegen een muur wordt gedrukt zonder daar met plaksel op bevestigd te zijn.” In gezonde ogen drukt het glasvocht het netvlies precies pas tegen het vaatvlies. Maar wanneer bloed of een andere substantie achter het netvlies — dus tussen het netvlies en het vaatvlies in raakt, komt het netvlies los van het voedende vaatvlies te liggen.

Gewoonlijk begint het probleem met een scheur, breuk, gat of enige andere schade aan het netvlies, waardoor er vloeistof achter het netvlies kan komen, zodat het van het vaatvlies losweekt. Zo’n scheur of gat kan door een ongeluk ontstaan, wanneer men bijvoorbeeld heftig zijn hoofd stoot, maar kennelijk moet er dan al sprake zijn van een bepaalde zwakheid wil het netvlies bij een dergelijk ongeluk beschadigd raken.

Hoe komt het dat netvliesloslating meer bij oudere dan jongere personen voorkomt? „Na het veertigste levensjaar”, aldus de Medical Tribune, „gaat het glasachtige lichaam, een collagene oplossing, inkrimpen en zich terugtrekken van het binnenoppervlak van het netvlies; de constante trek van het vocht op het netvlies kan er bij sommige mensen de oorzaak van zijn dat het uiteindelijk gaat scheuren en er vocht achter het netvlies lekt, waardoor het van het vaatvlies losweekt.”

En waarom zijn suikerzieken zo gevoelig voor deze kwaal? Omdat suikerziekte vaak aanleiding geeft tot vaatvliesbloeding. En zoals hierboven reeds werd opgemerkt, kan bloed of enige andere vloeistof die achter het netvlies lekt, er de oorzaak van zijn dat het losraakt.

Tracht uw gezichtsvermogen te behouden

Geniet u op dit moment van een goed gezichtsvermogen? Dan is het verstandig alles in het werk te stellen om het te behouden. Een van de gedragsregels hiervoor is uw ogen niet te lang aan fel licht bloot te stellen, zoals vaak gebeurt bij een vakantie aan het strand. Experimenten met dieren hebben aangetoond dat aanhoudende blootstelling aan fel licht, tot permanente oogbeschadiging leidt, en voor het netvlies zelfs even schadelijk kan zijn als met ongewapend oog naar een zonsverduistering kijken.

In het blad Optical Developments (van februari-maart 1957) wordt een belangrijke factor voor het handhaven van een goed gezichtsvermogen genoemd: „Juiste voeding is voor het gezichtsvermogen van groot belang. Het staat zonder meer vast dat in alle levensperiodes het volledige scala van vitaminen, mineralen en aminozuren belangrijk is om gezichtsstoornissen te voorkomen, alsook om diverse functiestoornissen die nog niet onherstelbaar zijn geworden, te corrigeren.”

Geleerden hebben bijvoorbeeld geconstateerd dat het netvlies grote hoeveelheden vitamine A bevat. Het zogenaamde „gezichtspurper”, een pigment dat in de lichtgevoelige staafjes wordt aangetroffen en het oog helpt zich aan schemerig of zwak licht aan te passen, bestaat uit eiwit en een stof die chemisch aan vitamine A verwant is. De B-vitamines, alsook de vitamines C en D zijn eveneens van groot belang voor het behoud van gezonde ogen. En gewoonlijk voorziet een goede, evenwichtige voeding in al deze noodzakelijke elementen.

Wanneer u over de veertig bent, is er wellicht nog iets anders dat van nut kan zijn. Namelijk een bezoek aan de oogarts, liefst om de twee jaar, ten einde oogproblemen die na deze leeftijd meer kunnen gaan voorkomen, snel te ontdekken. De kennis en vaardigheid van uw oogarts, kan zelfs netvliesloslating voorkomen. Hoe?

Wel, met behulp van een oogspiegel en andere instrumenten is het voor hem mogelijk de binnenkant van uw oog te onderzoeken. Hij „verlicht” daarbij letterlijk de holte van uw oog en bekijkt dan door de pupil en lens de achterzijde. Met behulp van deze instrumenten kan hij loslating van het netvlies vaststellen, alsook breuken of scheurtjes waarop loslating kan volgen. Prompte behandeling zal waarschijnlijk ernstige complicaties voorkomen. Maar indien het netvlies reeds is losgeraakt? Wat kan een dokter dan nog doen om dit probleem te behandelen? Hoe hoopvol zijn dan uw vooruitzichten op het herwinnen van een goed functionerend gezichtsvermogen?

Bijzonder succesvolle behandelingsmethoden

Wanneer het netvlies van het vaatvlies is losgeraakt, is het de bedoeling dat het weer vastkomt. Maar hoe? B. Seeman verklaart het volgende in Your Sight — Folklore, Fact and Common Sense: „In 1919 opperde een Zwitserse arts de mogelijkheid om loslating van het netvlies te corrigeren door de scheur in het netvlies dicht te branden, zodat er een klevend litteken zou worden gevormd dat opnieuw het netvlies aan het vaatvlies zou „vastplakken”. . . . Deze therapie van Gonin wordt nog altijd toegepast, hoewel de techniek aanzienlijk is verbeterd.”

Thans brengt men het klevende litteken vaak teweeg met chirurgische diathermie. Met een naald waarop een hoogfrequente wisselstroom staat, wordt de oogbol van buiten aangeraakt, zodat er irritatieplekjes ontstaan, die aan de binnenzijde van het oog, in het vaatvlies, een soort van ontstekingsreactie geven, waardoor littekenweefsel ontstaat. Dit littekenweefsel hecht zich van achteren aan het netvlies en trekt het weer stevig tegen het vaatvlies.

Van recentere datum is de methode waarbij ditzelfde effect met behulp van licht tot stand wordt gebracht. In de jaren ’50 begon men hiermee. Een bundel intens licht wordt daarbij vanuit een xenonlamp op het netvlies gericht ten einde dit aan het vaatvlies te „puntlassen”. In de jaren ’60 kwam voor ditzelfde doel de laserstraal in gebruik.

Bij een geheel andere methode voor de aanhechting van een loslatend netvlies, de cryochirurgie, maakt men gebruik van koude. Een kleine stift is daarbij gekoppeld aan een vrieseenheid. Het principe is hetzelfde als bij de andere methoden, alleen is het nu vrieskou en niet hitte of licht waardoor het hechtende littekenweefsel wordt gevormd. „Cryochirurgie, een van de laatste ontwikkelingen in de behandeling van netvliesloslatingen”, aldus Bernard Seeman, „heeft diverse voordelen boven andere vormen van medische behandelingsmethoden, vooral omdat er minder snel schade aan het glasvocht wordt aangericht dan bij elektrische diathermie of het ultra-intense licht dat als de laserstraal bekendstaat.”

Soms kan het bij grote scheuren in het netvlies gebeuren dat een flap van het netvlies in opgevouwen toestand aan de achterkant verkleefd raakt. Wat kan daaraan worden gedaan? Er zijn operatietafels in gebruik die de patiënt kunnen omwentelen zodat door de zwaartekracht het losse stuk weer vrij komt te vallen. Bij hardnekkige gevallen wordt een klein ballonnetje op een dunne naald in het oog gestoken, in de vouw gemanoeuvreerd en vervolgens opgeblazen, zodat de verkleving die zich wellicht heeft gevormd, voorzichtig wordt verbroken. Waarna de arts via de gewone methoden het netvlies weer vasthecht.

De afgelopen jaren heeft bovendien nog een andere, nieuwe vorm van netvliesbehandeling een grote vlucht genomen. Ze staat bekend als oogrokverbuiging; hierbij wordt een dun kanaal in de harde oogrok „geboord”, daar waar het netvlies is losgeraakt. Vervolgens brengt de arts in dat kanaal een heel klein buisje van siliconrubber aan, dat de oogrok alsook het vaatvlies naar binnen buigt zodat ze weer tegen het uitgeweken netvlies aan komen te liggen. Over deze behandelingsmethode stond in de Medical Tribune:

„Oogrokverbuiging vermindert de trek van het glasvocht op het netvlies, aangezien door de verbuiging of indrukking van de oogrok het volume van de met glasvocht gevulde holte vermindert. Daarna wordt met gebruikmaking van diathermie, cryochirurgie of fotocoagulatie littekenweefsel gevormd dat de netvliesbreuken dicht en aldus weer de aanhechting van het netvlies mogelijk maakt.”

Over de doeltreffendheid van de bovenbeschreven methoden sprak Dr. Ch. L. Schepens, voorzitter van de Netvliesstichting van Boston: „De op herstel gerichte chirurgische behandeling die na losraking van het netvlies wordt toegepast, is in ongeveer 85 percent van de gevallen succesvol, maar tussen de 10 en 20 percent van de patiënten moet meer dan één operatie ondergaan.” Daarna voegde hij er nog de volgende, nuchter stemmende woorden aan toe: „Wanneer het netvlies reeds twee jaar of langer los is, zijn de kansen op een succesvol herstel nihil.”

Is uw gezichtsprobleem te wijten aan een losgeraakt netvlies? Het is verstandig dat te laten onderzoeken, en . . . hoe eerder hoe beter.

[Diagram op blz. 17]

(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)

Oog met normaal netvlies

IRIS

HOORNVLIES

LENS

GLASVOCHT

HARDE OOGROK

VAATVLIES

NETVLIES

OOGZENUW

[Diagram op blz. 18]

(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)

EEN LOSGELATEN NETVLIES

IRIS

HOORNVLIES

LENS

HARDE OOGROK

VAATVLIES

NETVLIES (van het vaatvlies losgetrokken)

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen