Is dit een tijd om kinderen te hebben?
EEN vrouw transpireert in hevige barensnood. Ze krimpt ineen. Een klein hoofdje, gevolgd door twee armpjes, een lijfje en twee beentjes komt naar buiten. Een klap op de billetjes, een schreeuw, en een nieuw mensenkind heeft zijn intrede in de wereld gedaan.
Al miljarden malen heeft deze gebeurtenis zich in de menselijke geschiedenis voltrokken. Thans herhaalt ze zich meer dan 300.000-maal per dag. En ondanks de pijn en het lijden die er onverbrekelijk mee gepaard gaan, heeft het baren van kinderen moeders altijd grote vreugde en voldoening geschonken. Een oude vrouw die sprak over de mooiste herinneringen uit haar jeugd, zei: „Dat was het moment dat ik me als jonge vrouw, na al mijn energiebronnen te hebben aangesproken, kon ontspannen en mijn mooie, eerste, pasgeboren baby kon bewonderen.”
De houding ten aanzien van het baren van kinderen is altijd positief geweest. Gezinnen met veel kinderen zijn geloofd en geëerd. Echtparen zonder kinderen zijn daarentegen vaak als ongelukkig beschouwd. Ja, onvruchtbaarheid was een schande voor een vrouw.
Deze houding is echter aan het veranderen. Menig goed geïnformeerd echtpaar aarzelt thans wanneer het op het krijgen van kinderen aankomt — zichzelf afvragend: Is dit werkelijk wel een tijd om kinderen te hebben?
Het aantal Amerikaanse echtparen dat besloten heeft kinderloos te blijven, is naar verluidt de afgelopen zes jaar verdrievoudigd. In andere landen is een zelfde tendens waarneembaar.
Waarom een andere instelling?
Waarom deze andere instelling? Hier zijn diverse factoren bij betrokken. Een drieëndertig-jarige musicus verklaarde in een vraaggesprek: „Mijn vrouw en ik hebben de zaak herhaalde malen doorgesproken. Wat ons doet aarzelen is de onzekere toekomst die naar wij denken onze kinderen tegemoet zouden gaan.” Een andere gehuwde man, ook kinderloos, gaf als commentaar: „Velen zijn thans van oordeel dat het een grote schande is om kinderen op een wereld te brengen waarin zoveel wezen zijn om voor te zorgen. Ik geloof dat het beter is om sterk te zijn en er van af te zien nieuwe voort te brengen.” — Expressen, Zweden, 22 juli 1973.
De bevolkings-„explosie” is een factor die in het achterhoofd van velen speelt als een belangrijke reden om geen kinderen te hebben. Zij vragen zich af of er op aarde werkelijk ruimte en hulpbronnen voldoende zijn om een onbeperkt aantal geboorten te rechtvaardigen. De Amerikaanse ecoloog professor W. E. Howard van de universiteit van Californië, verklaarde:
„Het is zonder meer niet het recht van afzonderlijke personen om maar net zoveel kinderen te hebben als zij willen of kunnen verzorgen, aangezien men bij zulk een opvatting voorbijgaat aan de onvermijdelijke gevolgen voor toekomstige generaties. Geboortenregeling is geen moord, zoals sommigen beweren. Maar gebrek eraan in de hedendaagse overbevolkte wereld zou dat stellig wèl zijn.”
Als er juist voor de aarde zou worden gezorgd — dat wil zeggen, als mensen de natuurlijke hulpbronnen ervan niet zouden verkwisten, niet bij elkaar zouden kruipen in overvolle steden en de omgeving zouden vervuilen — dan zou de aarde een aangename woonplaats voor zelfs nog vele miljarden meer kunnen zijn. Maar zoals het nu is, wordt het voortbestaan van de mens alleen maar in gevaar gebracht door onhandige, dwaze pogingen van de mens om milieuproblemen op te lossen. Het gevolg? De houding van miljoenen verandert ten aanzien van het hebben van kinderen, of zoals een voorstander van bevolkingsregeling opmerkte:
„Onze kleinkinderen moeten misschien kaartjes kopen om de laatste mammoetbomen te kunnen zien of in de rij staan om hun portie zuurstof te ontvangen. Er zijn mannen die klagen over de uren die zij soms in een verkeersopstopping verliezen, voordat ze bij hun vijf kinderen kunnen zijn, maar die geen verband zien tùssen die kinderen en de verkeersopstopping. In een wereld die ernstig wordt bedreigd door overbevolking willen we ons inspannen om het leven zonder kinderen aangenaam en aanvaardbaar te maken.”
Een andere factor die is betrokken bij de veranderende houding ten aanzien van het hebben van kinderen, houdt verband met de omhoogschietende prijzen. Alles wordt steeds duurder en een gezin is derhalve steeds moeilijker te onderhouden. Een jonge moeder merkte op: „Al houd ik van onze jongste ook evenveel als van de anderen, toch doet mijn hart pijn als ik aan mijn echtgenoot denk. Om ons allemaal te onderhouden verricht hij dagwerk, avondwerk en zelfs nog overwerk zaterdags. Wanneer hij thuis is, slaapt-ie. . . . Praat me niet van de kwaliteit van het gezinsleven — wij hebben niet eens een gezinsleven.”
Naarmate het moeilijker wordt een gezin te verzorgen en te onderhouden, komen steeds meer echtparen tot het besluit dat het bezit van kinderen voor hen momenteel niet gewenst is. ’Waarom gedwongen zijn dag en nacht te werken om de eindjes aan elkaar te knopen zonder er zeker van te zijn dat ons dat ook inderdaad zal gelukken?’ zo vragen zij. Ter wille van hun eigen tevredenheid en geluk hebben sommige echtparen besloten op zijn minst voorlopig geen kinderen te nemen.
Een andere factor die deze beslissing vaak nog versterkt is het voortdurend slechter wordende morele klimaat. Misdaad, drugmisbruik en immoraliteit komen algemeen voor. Het afnemende respect voor autoriteit woekert als een kwaadaardige ziekte voort. De kwade invloed die hiervan uitgaat op de jeugd is reusachtig groot, en heeft tragische gevolgen.
Zo wilde een Zweedse moeder haar dochter van dertien jaar tegen deze kwade invloed beschermen door haar bijbelse beginselen te leren. Zij vroeg haar man om daarbij te helpen door hun dochter mede aan te moedigen naar de christelijke vergaderingen van Jehovah’s getuigen te gaan. Hij weigerde dit en zei: „Ze is oud genoeg om voor zichzelf te beslissen. Ze heeft een goed karakter en zal een keurig meisje worden.” Dat was zijn gedachte, tot de nacht kwam dat hij haar kamer inging om haar te berispen vanwege het feit dat ze zo laat was thuisgekomen. Plotseling trok ze een mes en schreeuwde: „Ga weg of ik steek je in je buik!”
En bijna dagelijks leest of hoort men thans over meer van zulke ervaringen. Ze vinden zelfs plaats in zogenaamde „goede” gezinnen, en in families waarin krachtig wordt gepoogd kinderen een goede opvoeding te geven. Jonge echtparen die het achteruitgaande morele klimaat opmerken, hoort men dan ook niet zelden zeggen: „Ik ben blij dat wij in dit goddeloze samenstel geen kinderen hebben.” Zij zijn vastbesloten om met het hebben van kinderen op betere tijden te wachten.
Sombere voorspellingen
Wat bovendien nog veel echtparen gesterkt heeft in hun beslissing, zijn de sombere voorspellingen voor de onmiddellijke toekomst. In de Ithaca Journal van 22 maart 1974 stond de opmerking: „Deskundigen op het gebied van de energie, de landbouw, de bevolking en de wereldeconomie normaal zeer gematigd in hun uitlatingen — beginnen voorspellingen te doen met betrekking tot een bankroet, een sociale ineenstorting en een hongersnood voor minstens een miljard mensen tegen het eind van dit jaar [1974] of vroeg in 1975.”
Reeds miljoenen lijden honger. En in de maanden van vorig jaar zijn alleen in Noord-Afrika al tienduizenden van honger gestorven. De wereldgraansreserves zijn nagenoeg uitgeput, en zelfs voor de rijke landen zal de voedselvoorraad misschien binnen korte tijd volkomen ontoereikend zijn. Met zulke problemen in het vooruitzicht wekt het weinig verwondering dat veel echtparen dit niet als de tijd beschouwen om kinderen te hebben.
Interessant in dit verband is een sombere voorzegging die Christus zelf in de eerste eeuw van onze jaartelling deed, over een ramp die de joodse provincie Judéa zou treffen. Hij verschafte een teken waaraan te zien zou zijn dat die ramp ophanden was, met de woorden: „Wanneer gij voorts Jeruzalem door legerkampen ingesloten ziet, weet dan dat zijn verwoesting nabijgekomen is.” Wanneer de mensen de vervulling van dit teken zouden zien, moesten ze vluchten, zo zei Jezus. „Laten dan zij die in Judéa zijn, naar de bergen vluchten.” — Luk. 21:20, 21; Matth. 24:15, 16.
Het was in 66 G.T. dat de legers van de Romeinse generaal Cestius Gallus zich rond Jeruzalem legerden, maar toen onverklaarbaarderwijs terugtrokken. Dit verschafte personen die in Jezus’ voorzegging geloofden, de gelegenheid om te vluchten. Zij die dit deden waren wijs, want kort daarna keerden de Romeinse legers terug en de slachting die toen onder de overgeblevenen werd aangericht, is te verschrikkelijk om met een pen te beschrijven.
De omstandigheid die Jezus had voorzegd, bleek waar te zijn: „Wee de zwangere vrouwen en hen die een klein kind zogen, in die dagen! Want er zal grote nood over het land zijn” (Luk. 21:23). Men kan er zeker van zijn dat voor ouders met kleine kinderen de vlucht toen een stuk moeilijker is geweest. Als u vlak vóór die vernietiging had geleefd en wist dat ze nabij was, had u dat dan als een geschikte tijd beschouwd om in de provincie Judéa kinderen te hebben?
Thans is er een grote groep mensen die ervan overtuigd is dat een vernietiging van nog grotere omvang voor de deur staat. Alles duidt erop dat Jezus’ profetie in korte tijd een grotere vervulling zal hebben in verband met de gehele aarde. Dit is voor veel echtparen een belangrijke factor geweest om in deze tijd geen kinderen te hebben. Zij hebben verkozen kinderloos te blijven om met minder belemmeringen het bevel van Jezus te kunnen opvolgen om het goede nieuws van Gods koninkrijk over de gehele aarde te prediken, voordat het einde van dit samenstel van dingen komt. — Matth. 24:14.
Een persoonlijke beslissing
Er zij echter opgemerkt dat Jezus niet het hebben van kinderen verbood. Geen enkele keer heeft hij gewaarschuwd tegen het voortbrengen van kinderen. Hij voorzei eenvoudig de omstandigheden die vóór en tijdens de „grote verdrukking” zouden bestaan en dat het voor moeders met kleine kinderen moeilijk zou zijn. Echtparen zullen zelf dienen te beslissen wat zij met het oog op de omstandigheden zullen doen: wel of geen kinderen nemen. — Matth. 24:3-22.
Door de hele bijbel heen wordt in eerbare zin over het ouderschap gesproken. Dat is een niet te loochenen feit. Zo staat er geschreven: „Zonen zijn een erfdeel van Jehovah; de vrucht van de buik is een beloning” (Ps. 127:3-5). Het ouderschap is een door God geschonken voorrecht. En het opvoeden van kinderen kan voor ouders een wonderbare vreugde zijn. Ongeacht dus de ernst van de huidige omstandigheden en van die welke nog stellig voor ons liggen, zullen er toch echtparen zijn die graag kinderen willen hebben. De bijbel zegt niets om hen te verbieden nu reeds van dit voorrecht te genieten en deze verantwoordelijkheid op zich te nemen. Het zou derhalve ongepast zijn indien iemand hen zou bekritiseren.
Daarentegen zijn er heel veel goede redenen om te besluiten geen kinderen te nemen. Ja, in Jezus’ profetie over de tijd van het einde vindt men al gegronde redenen om kinderloos te blijven. Het zou derhalve volledig ongepast zijn als iemand kritiek zou hebben op degenen die tot het besluit zijn gekomen dat het er thans voor hen persoonlijk niet de tijd voor is om kinderen te hebben.
[Illustratie op blz. 13]
BEVOLKINGSEXPLOSIE
MILJOENEN LIJDEN HONGER
OMHOOGSCHIETENDE PRIJZEN
WERELDOMVATTENDE VERNIETIGING NABIJ
VERSLECHTEREND MOREEL KLIMAAT