Hogere wiskunde vereist een groot wiskundige
■ Niemand gelooft dat ingewikkelde wiskundeformules zonder de intelligentie van een wiskundige zijn ontstaan. Ze zouden nooit worden toegeschreven aan een toevallige rangschikking van krijtmoleculen op een schoolbord. Wat valt er dan te zeggen over de fantastische wiskundige precisie die men in het universum aantreft? Een hoogleraar in de wiskunde aan de Cambridge-universiteit, P. Dirac, zei in het tijdschrift Scientific American:
„Het schijnt een van de fundamentele verschijnselen van de natuur te zijn dat fundamentele natuurkundewetten worden beschreven met behulp van een wiskundige theorie van grote kracht en schoonheid, waarbij een behoorlijk hoog peil van wiskundige kennis vereist wordt om ze te begrijpen. . . . Men zou de situatie misschien kunnen beschrijven door te zeggen dat God een wiskundige is van zeer hoge rang en dat Hij bij de bouw van het universum hogere wiskunde heeft gebruikt.”