Hoe hepatitis te vermijden?
DE LEVER is het grootste orgaan in het menselijk lichaam en verricht ook het grootste aantal verschillende werkzaamheden — meer dan vijfhonderd. Het is daarom niet verrassend dat de lever soms ontstoken raakt door het binnendringen van bepaalde vergiften, bacteriën of virussen. Leverontsteking staat bekend onder de naam hepatitis. In de Verenigde Staten worden er elk jaar 30.000-70.000 gevallen van hepatitis gemeld. Het werkelijke totaal ligt waarschijnlijk veel hoger.
Er zijn verschillende vormen van hepatitis. Infectieuze hepatitis wordt veroorzaakt door besmetting van het water of voedsel dat men gebruikt met de ontlasting of faecaliën van iemand die hepatitis bij zich draagt. Iemand kan de hepatitis-virus bij zich dragen zonder dat hij daar iets van merkt of er ziek door wordt. Deze vorm van hepatitis heeft een „incubatie”-tijd die ligt tussen de vijftien en veertig dagen. Dat wil zeggen, dit is de periode die verloopt tussen het tijdstip waarop het virus het lichaam binnendringt en het moment waarop de symptomen zich, evenwel zeer plotseling, openbaren. De ziekte kan verlopen zonder dat men zich ervan bewust is; wat ook een van de redenen is waarom het aantal werkelijke gevallen vele malen hoger ligt dan het aantal gerapporteerde gevallen. Slechts twee tiende percent, of één op de vijfhonderd gerapporteerde gevallen van infectieuze hepatitis, is dodelijk.
Sterk gelijkend op infectieuze hepatitis is de toxische hepatitis. Deze ziekte wordt in het algemeen veroorzaakt door bepaalde geneesmiddelen of chemicaliën, die op verschillende wijzen in het lichaam kunnen zijn gekomen: via de mond, door inademing, door absorptie door de huid of door middel van injecties. Een belangrijke functie van de lever is het onschadelijk maken van de vergiften die het lichaam binnenkomen. Bepaalde vergiften kunnen voor de lever echter te sterk zijn, waardoor ze òf de lever aantasten òf haar belemmeren andere vergiften uit de bloedbaan te verwijderen.
De ernstigste vorm van leverontsteking wordt serumhepatitis genoemd. De oorzaak van deze ontsteking is in het algemeen een bloedtransfusie met besmet bloed, hoewel ook verslaafden aan verdovende middelen deze ziekte op elkaar kunnen overbrengen door middel van injectienaalden. De incubatietijd ligt tussen de 60 tot 160 dagen, en is dus ongeveer vier maal zo lang als van infectieuze hepatitis. De lange tijd die er verloopt voordat de ziekte zich openbaart, is ongetwijfeld een van de redenen waarom het aantal gerapporteerde gevallen ver beneden het werkelijke aantal ligt.
Het ernstigste feit in verband met serumhepatitis is echter wel dat één op de tien personen die serumhepatitis oplopen, hieraan sterft, terwijl dit in geval van infectieuze hepatitis slechts met één op de vijfhonderd gebeurt. Dit betekent dat in de Verenigde Staten, waar jaarlijks 30.000 gevallen worden gerapporteerd, ongeveer 3000 mensen aan deze ziekte sterven. Tot voor kort was men van mening dat serumhepatitis slechts door middel van transfusiebloed of injectienaalden kon worden overgebracht; men schijnt nu echter te hebben aangetoond dat deze ziekte ook op andere manieren kan worden verbreid.
Een mysterieuze ziekte
Herhaaldelijk noemen schrijvers over dit onderwerp hepatitis een mysterieuze ziekte. Waarom? Een van de redenen is dat de mens nog niet in staat is geweest het virus dat de ziekte veroorzaakt, te isoleren. Zo verklaarde de wetenschappelijke schrijver L. Galton: „Van alle ziekten waaronder de mens gebukt gaat, zijn er maar weinige die op de zieke een verzwakkender en op de geleerde een frustrerender uitwerking hebben, terwijl ook maar weinige mysterieuzer en ongrijpbaarder zijn dan hepatitis.”
Nog een reden waarom hepatitis de term mysterieus verdient, is het feit dat de symptomen in geen geval scherpomlijnd zijn; dit kan, tussen twee haakjes, nog een reden zijn waarom er klaarblijkelijk zoveel meer gevallen van hepatitis voorkomen dan er worden gerapporteerd. Iemand heeft misschien hepatitis gehad, maar verkeerde in de veronderstelling dat het een zware kou was, een aanval van griep, een ernstige spijsverteringsstoornis of diarree, terwijl hij niet herkende wat de werkelijke oorzaak van zijn gezondheidsprobleem was. Het is gebeurd dat doktoren patiënten voor galstenen hebben geopereerd of operaties hebben verricht om een kankergezwel op te sporen, terwijl men naderhand tot de ontdekking kwam dat de patiënt aan hepatitis leed.
Wat zijn de symptomen?
De symptomen van zowel infectieuze hepatitis als serumhepatitis zijn praktisch gelijk; het enige verschil is dat ze bij serumhepatitis veel later optreden en waarschijnlijk ernstiger en van langere duur zullen zijn, namelijk ongeveer zes maanden of langer. Hepatitis gaat meestal met de volgende symptomen gepaard: pijn boven aan de rechterkant van de buikstreek, verlies van eetlust, hoofdpijn, misselijkheid, koorts, een maag die van streek is, buikloop en een onbehaaglijk gevoel. In de regel treedt vier dagen na het begin van deze symptomen geelzucht op. Het is mogelijk dat er in de urine gal wordt geconstateerd en dat de ontlasting een kleiachtige kleur krijgt.
Hepatitis wordt klaarblijkelijk veroorzaakt door een virus. In de herfst van 1969 werd een heel team van forse rugbyspelers door het virus geveld. Leden van een bepaald college-rugbyteam uit het oosten van de Verenigde Staten „vielen” zo werd bericht „als vliegen” doordat ze enkele weken daarvoor besmet water hadden gedronken. Meer dan 98 percent van allen die met het voetbalteam te maken hadden, werd door de ziekte aangetast.
Het verschil tussen een ernstig geval van hepatitis dat wordt opgemerkt en een mild geval dat ongemerkt voorbijgaat, kan echter heel goed liggen aan de voeding die iemand krijgt en zijn algehele gezondheidstoestand. Dit schijnt te worden bevestigd door het feit dat het sterftecijfer ten gevolge van hepatitis in bepaalde Aziatische landen, waar veel ondervoeding heerst, vijftien maal zo hoog is als in westerse landen, waar de mensen voldoende goed voedsel tot zich kunnen nemen.
Het voorkomen van hepatitis
Wat het voorkomen van infectieuze hepatitis betreft, dit is grotendeels een kwestie van zich ervan overtuigen dat het water dat men drinkt, niet besmet is. In grote steden is dit een veel geringer probleem dan in kleine steden en dorpen en in plattelandsgemeenschappen, waar het water makkelijk in contact kan komen met afval. Dit betekent dat men grote zorg moet betrachten wat de watervoorziening betreft en ook grondig zijn handen moet wassen nadat men van het toilet gebruik heeft gemaakt en voordat men het eten klaar gaat maken.
Ook schaaldieren, en speciaal mosselen, kunnen een gevaar opleveren doordat ze besmet kunnen zijn door rioolafval in het water. Klaarblijkelijk was het niet zonder hygiënische redenen dat het de Israëlieten uit de oudheid werd verboden enig soort van schaaldier te eten.
Er is wel verklaard dat de enige zekere manier om serumhepatitis te voorkomen, is elke bloedtransfusie te vermijden en uitsluitend injecties toe te dienen met injectienaalden die slechts eenmaal gebruikt worden.
Een van de pogingen waarmee men bij het verminderen van serumhepatitis enig succes heeft gehad, is het bevriezen van bloed (waarvoor onderzoekers nog de ideale methode trachten te vinden); ook heeft men wel de rode bloedcellen uit het bloed afgescheiden, waarna men deze, wanneer dat nodig was, gebruikte in plaats van het volledige bloed. Deze pogingen hebben het probleem echter nog niet volledig opgelost.
Nog niet zo lang geleden hebben medische geleerden door experimenten op kleine aapjes, de zogenaamde klauwaapjes, de „Australische factor” aan het licht gebracht. Men heeft nu deze factor aan de medische wetenschap aangeboden als een middel om het hepatitis-virus in het bloed te ontdekken. Niet alle medici zijn er echter enthousiast over. Zo verklaarde Dr. R. Kelsey, patholoog aan het Masonic-ziekenhuis te Illinois, die in deze richting veel onderzoek heeft verricht: „Voor zover ons betreft zijn de bestaande Au-antigeenproeven zeer slechte onderzoekmethoden gebleken; bij slechts 20 tot 25 percent van degenen die de klassieke virushepatitis hebben, wordt met deze methoden de ziekte ontdekt.” Daarbij komt nog dat een Au-antigeenproef „een vals gevoel van veiligheid geeft . . . Het idee om voor alle transfusiebloed een Au-antigeenproef te eisen, is op het ogenblik lachwekkend”.a
Andere werkers op dit terrein zijn naar voren gekomen met de Hepa-Gent- of HG-proef, waarvan zij grote verwachtingen hebben en waarop zij reeds verstrekkende aanspraken hebben gemaakt. Sommigen die echter reeds enigszins van deze methode gebruik hebben gemaakt, zijn tamelijk voorzichtig met het uitspreken van hun goedkeuring erover, en het is duidelijk dat zij er nog niet volledig achter staan.b
Ten einde hepatitis te voorkomen, probeert men nu ook grotere zorg te betrachten bij het verkrijgen van bloed. Zo ontdekte het departement van gezondheid van de Amerikaanse staat New Jersey dat de kans op serumhepatitis zeventig maal boven het gemiddelde lag als het bloed afkomstig was van mensen van wie men dacht of zeker wist dat zij verslaafd waren aan verdovende middelen. Dr. M.J. Goldfield, verbonden aan het departement van gezondheid van de staat New Jersey, verklaarde echter over het risico dat men liep met bloed dat afkomstig was van „goede” bloedbanken vergeleken met dat van „slechte” bloedbanken, waarbij hij nog een onderscheid maakte tussen bloedbanken die op vrijwillige en op commerciële basis bloed inzamelen, het volgende: „Ondanks al onze vooropgezette ideeën over goede en slechte bloedbanken en ons blinde geloof dat bloed van een goed georganiseerde bloedbank minder hepatitis met zich zal brengen . . . verschilde het risico om hepatitis op te lopen niet erg veel van de ene commerciële bloedbank tot de andere, of van de ene vrijwillige bloedbank tot de andere.” Hierbij kan nog worden opgemerkt dat een goed georganiseerde commerciële bloedbank drie maal zoveel gevaar oplevert wat hepatitis betreft als een slecht georganiseerde vrijwillige bloedbank!c
Het hoofd bieden aan hepatitis
Sommige doktoren laten hun patiënten, binnen redelijke grenzen, eten en doen wat zij willen, terwijl anderen volledige bedrust en voedzaam voedsel voorschrijven.
Er zijn sommigen die voor hepatitis-patiënten extra vitaminen sterk aanbevelen. Zo vertelt Dr. Fishbein over Britse onderzoekers die tot de conclusie zijn gekomen dat in water oplosbare vitaminen, als vitamine C, heel goed helpen. Anderen zeggen dat het goed is om zeer grote doses vitamine C te zamen met betrekkelijk grote hoeveelheden vitamine B12 in te nemen. Het gebruik van vitaminen alsook de kwestie in welke mate de patiënten vet mogen gebruiken, zijn zaken waar nogal wat verschil van mening over bestaat. Allen zijn het er echter wel over eens dat in geval van hepatitis alcoholische dranken volledig vermeden moeten worden.
In het kort schijnt de les hierop neer te komen: Werk om uw lichaam in goede conditie te houden. Houd uw voedsel en water vrij van verontreiniging, en vermijd bloedtransfusies.
[Voetnoten]
a The Journal of the American Medical Association, 23 november 1970, blz. 1401-1409.
b The Journal of the American Medical Association, 23 november 1970, blz. 1401-1409.
c The Journal of the American Medical Association, 23 november 1970, blz. 1401-1409.