Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g70 22/7 blz. 16-20
  • Herinneringen aan Eden

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Herinneringen aan Eden
  • Ontwaakt! 1970
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Waarom ze van het Genesisverslag verschillen
  • Oude herinneringen aan Eden
  • Hoe herinneringen aan Eden in Babylonië en Assyrië werden weergegeven
  • Edense herinneringen in Sumerië en Egypte
  • Andere volken met herinneringen aan Eden
  • ’s Mensen herinneringen of Gods voornemen — Waar geeft u de voorkeur aan?
  • Is er echt een Hof van Eden geweest?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2011
  • Vragen van lezers
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1965
  • Eden
    Hulp tot begrip van de bijbel
  • Boom van de kennis van goed en kwaad
    Verklarende woordenlijst
Meer weergeven
Ontwaakt! 1970
g70 22/7 blz. 16-20

Herinneringen aan Eden

ONGETWIJFELD bent u bekend met het bijbelse verslag van ’s mensen schepping en zondeval. Adam en Eva in een paradijstuin in Eden, de boom des levens, de slang en de boom der kennis van goed en kwaad — het klinkt allemaal bekend in de oren (Gen. hst. 2, 3). Dit komt omdat het geassocieerd wordt met gebeurtenissen die een verwoestende uitwerking op de menselijke familie hebben gehad en een onuitwisbare indruk hebben achtergelaten. De mensheid kan niet helemaal vergeten dat er in Eden iets tragisch gebeurde.

De voornaamste factor die ertoe heeft bijdragen dat de herinnering aan Eden levend is gebleven, is het verslag in de bijbel. Wist u echter dat de religieuze denkbeelden van veel niet-christelijke volken vaak weergeven wat er volgens de bijbel in Eden heeft plaatsgevonden?

De religieuze denkbeelden van deze volken komen natuurlijk niet precies overeen met het verslag in de bijbel. Niettemin bevatten ze overeenkomsten met bepaalde aspecten van het bijbelse verslag, en dit maakt het zeer interessant en boeiend om ze eens aan een onderzoek te onderwerpen.

In de eerste plaats laten ze zien welke redenaties leeghoofdige mensen erop na kunnen houden als zij Gods waarheid niet kennen of zich er van afkeren. Ook doen de vele polytheïstische denkbeelden de schoonheid en majesteit van het eenvoudige, zuivere en waarheidsgetrouwe verslag in Genesis sterker uitkomen. Dit vergroot onze waardering voor de bijbel als het geïnspireerde Woord van God. Tevens verschaft louter het bestaan van zovele verschillende religieuze meningen, die elk enkele verwrongen aspecten van het ware verslag bevatten, aanvullende bewijzen dat er een paradijstuin heeft bestaan die voor de mensheid verloren ging. — Rom. 1:21-23.

Waarom ze van het Genesisverslag verschillen

Alvorens enkele van de religieuze denkbeelden van verschillende volken te beschouwen, dienen wij te weten waarom ze van het bijbelse verslag verschillen. Ja, hoe zijn deze verschillen ontstaan? De nauwkeurige bijbelse geschiedenis toont aan dat er een tijd is geweest dat iedereen dezelfde taal sprak en op de hoogte was van de gebeurtenissen die zich in Eden hadden voorgedaan. Adam heeft er zeer waarschijnlijk met zijn nakomelingen over gesproken en dus moeten deze gebeurtenissen algemeen bekend zijn geweest.

Ook de acht overlevenden van de vloed in Noachs dagen gaven de inlichtingen over Eden aan hun kinderen door. Na enige tijd echter begon de meerderheid der mensen onder een tiran, Nimrod genaamd, tegen God in opstand te komen. Het is redelijk te geloven dat deze opstandelingen op aansporing van hem en als blijk van hun opstand tegen God de waarheid omtrent ’s mensen oorsprong begonnen te verdraaien. Ten slotte verbrak Jehovah God hun eenheid in taal door hen plotseling verschillende talen te laten spreken. Door dit te doen dwong hij hen ertoe zich over verschillende delen der aarde te verspreiden. — Gen. 10:8-12; 11:1-9.

Hoewel deze opstandige volken nu verschillende talen spraken, vergaten zij hun vroegere religieuze opvattingen niet. Waar zij dus ook maar heentrokken, namen zij deze opvattingen met zich mee en brachten zij ze in hun nieuwe taal onder woorden. Natuurlijk droegen hun nieuwe omgeving en cultuur die zij in verschillende streken ontwikkelden, ertoe bij dat dergelijke opvattingen andere vormen gingen aannemen. Aldus had elke volksgroep na verloop van tijd haar eigen versie van de gebeurtenissen in verband met ’s mensen begin in het paradijs en de wijze waarop dit door zondige ongehoorzaamheid voor de mens verloren was gegaan.

Wat ook niet over het hoofd mag worden gezien, is de arglistige invloed van Jehovah Gods vijand, Satan de Duivel. Aangezien hij het bewijs van Eden niet kon teniet doen, zou hij erop toezien dat de feiten daaromtrent grondig verdraaid werden. — Joh. 8:44.

Wij kunnen deze hele ontwikkeling vergelijken met een muziekstuk waarvan het thema in vele verschillende variaties voorkomt. Eerst wordt het eenvoudige, zuivere thema gebracht, en daarna wordt het in een serie variaties verfraaid en zelfs vervormd door verandering van tempo, harmonie en begeleiding. Ondanks al deze variaties kan men nog steeds het oorspronkelijke thema of gedeelten ervan herkennen. Zo is het ook met de zuivere, historische feiten omtrent de gebeurtenissen in Eden. Factoren als tijd, heidense cultuur, geografische ligging en demonische invloed hebben klaarblijkelijk alle een rol gespeeld bij de vorming van variaties op hetgeen zich oorspronkelijk heeft afgespeeld.

Oude herinneringen aan Eden

Oude volken hadden herinneringen aan Eden. Bij het opgraven van de overblijfselen van hun beschavingen hebben archeologen veel bewijzen hiervan gevonden. Er zijn kleitabletten, cilinderzegels, papyrusvellen, monumenten, enzovoort, ontdekt die de religieuze opvattingen van de Babyloniërs, Assyriërs, Egyptenaren en andere volken bevatten.

Hoewel zij in verschillende gebieden woonden en uiteenlopende religieuze opvattingen hadden, hadden deze oude volken klaarblijkelijk enkele herinneringen aan Eden. Hun geschreven verslagen wijzen hierop. De auteur van Halley’s Bible Handbook schrijft: „Deze oude verslagen, die in de dageraad der geschiedenis in het oorspronkelijke woongebied van de mens in steen en klei werden gegrift, . . . zijn er een bewijs van dat de belangrijkste aspecten van het bijbelse verhaal van Adam diep in de geest van de primitieve mens werden vastgelegd.”

In verband hiermee zijn de opmerkingen van de archeoloog Sir Charles Marston in zijn boek The Bible Comes Alive heel toepasselijk:

„Wanneer wij de oude spijkerschriftinscripties — sommige van vóór Abrahams tijd — en de gegraveerde zegels en het beeldhouwwerk uit Babylonië, Assyrië en andere vroege beschavingen nog eens de revue laten passeren, wordt ons een opmerkelijke stroom van bewijzen onthuld. Zelfs de betrekkelijk kleine omvang van deze overblijfselen uit een ver verleden die onze aandacht opeisen, geeft ons de indruk dat de verhalen over de Schepping, de Verleiding en de Val van de Mens . . . zoals in Genesis staat beschreven, toentertijd algemeen bekend waren. Wellicht werden ze ook onder een polytheïstisch stelsel op de scholen van Ur der Chaldeeën onderwezen.”

Hoe herinneringen aan Eden in Babylonië en Assyrië werden weergegeven

Wat waren precies de dingen die wellicht onder een polytheïstisch stelsel werden onderwezen? Merk bijvoorbeeld eens de opvatting op die in bepaalde Babylonische inscripties onder woorden wordt gebracht. Halley vermeldt dat deze oude religieuze geschriften beweren dat er „in de nabijheid van Eridoe een tuin was waarin een mysterieuze Heilige Boom, een Boom des Levens, stond, die door de goden was geplant en waarvan de wortels diep zaten, terwijl zijn takken tot de hemel reikten en beschermengelen hem bewaakten; en niemand komt er binnen”. Hieruit blijkt dat sommige gedenkwaardige aspecten van de gebeurtenissen in Eden klaarblijkelijk nog in de geest van Babyloniërs waren blijven hangen.

Het voorgaande schijnt erop te wijzen dat de boom des levens iets was wat de ouden in verband met Eden niet helemaal konden vergeten. J. Elder merkt in zijn boek Prophets, Idols and Diggers op: „In oude Babylonische literatuur wordt herhaaldelijk naar een Boom des Levens verwezen, zoals waarvan in Genesis 2:9 melding wordt gemaakt. Afbeeldingen van de boom komen veelvuldig in albasten reliëfs en op zegels voor. Men veronderstelde dat zijn vruchten aan de eters ervan eeuwig leven schonken. De afdruk van een van de gevonden cilinderzegels schijnt een afbeelding te zijn van de verleiding en de Boom des Levens.”

Het cilinderzegel waarnaar Elder verwijst is klaarblijkelijk die welke zich in het Brits Museum in Londen bevindt. Het wordt soms het „Verleidingszegel” genoemd. De afdruk of het beeld dat ontstaat als het over zachte klei wordt gerold, geeft gebeurtenissen in Eden weer. In het midden is een boom te zien, terwijl aan de rechterkant een man is gezeten en aan de linkerkant een vrouw. Achter de vrouw is een slang te zien die rechtop staat en met haar schijnt te spreken. Hoewel men niet de volledige betekenis die achter de symbolismen van dit Babylonische zegel schuilgaat begrijpt, is dit zegel wegens de erop voorkomende overeenkomsten het vermelden waard.

De Assyrische herinneringen aan Eden verschilden niet veel van die van Babylon. Dit komt omdat de Assyrische religieuze denkbeelden bijna dezelfde waren als die welke er door de Babyloniërs op na werden gehouden. In het algemeen gesproken zijn de Assyrische goden en godinnen zelfs identiek met de Babylonische godheden, met uitzondering van één god die Assur werd genoemd.

Onder de Assyrische herinneringen aan Eden treedt hun heilige boom of „boom des levens” wel op de voorgrond. Het motief van een heilige boom die door twee gevleugelde schepselen wordt bewaakt, komt dikwijls in het beeldhouwwerk voor dat in hun paleizen is aangetroffen. In sommige gevallen zijn de gevleugelde schepselen half dier, half mens. Deze verdraaide mythische voorstellingen zijn wellicht herinneringen aan het plaatsen van de cherubs „om de weg naar de boom des levens te bewaken”. — Gen. 3:24.

In 1932 werd negentien kilometer ten noorden van Ninevé een stenen zegel gevonden. Dit zegel, dat zich nu in het University Museum te Philadelphia, in de Amerikaanse staat Pennsylvania, bevindt, geeft blijkbaar nog een oude herinnering aan Eden weer. Het laat een man en een vrouw zien die naakt en voorovergebogen lopen alsof zij door smart overmand en terneergeslagen zijn. Ook is een slang te zien die hen volgt. Dr. E. A. Speiser, de vinder van het zegel, zei dat het „sterk aan het verhaal van Adam en Eva deed denken”.

Edense herinneringen in Sumerië en Egypte

Nog een volk dat herinneringen aan Eden had, waren de Sumeriërs. Hun literatuur van kleitabletten toont aan dat zij in een paradijs geloofden dat in het land Dilmun, waarschijnlijk in het zuidwesten van Perzië, lag. De zonnegod Utu kreeg de opdracht, zo gaat het verhaal, Dilmun met vers water te bevochtigen dat uit de aarde te voorschijn moest worden gebracht; dit water veranderde het land in een weelderige tuin. Dit doet ons denken aan Genesis 2:6, waar wordt beschreven dat de grond door een nevel die uit de aarde opsteeg, werd bevochtigd. Volgens de Sumerische literatuur at Enki, de watergod, van de kostbare planten in deze tuin, waarna de vloek des doods op hem kwam. Dit heeft veel weg van het verslag over de verboden vrucht die door Adam en Eva werd gegeten. — Gen. 3:6.

Ook de oude Egyptenaren hadden Edense herinneringen, zoals uit hun religieuze denkwijze blijkt. Zo geloofden zij dat er een boom des levens was waarvan hun Farao, nadat hij gestorven was, moest eten ten einde zich in het rijk van zijn hemelse vader Re te kunnen handhaven. Dit was voor de Egyptenaren een zeer ongewoon denkbeeld. Waarom dan wel? Omdat het Egyptische landschap zo goed als geen bomen te zien geeft, zodat bomen daar dus geen op de voorgrond tredend aspect vormen. Toch bleef ondanks dat de herinnering aan die boom des levens in Eden, waarvan de mens nooit heeft gegeten, blijkbaar voortbestaan. — Gen. 2:9.

Nog iets waardoor in Egyptische religieuze denkbeelden een herinnering aan de geschiedenis in Eden wordt weergegeven, heeft te maken met de slang, hoewel wij moeten bedenken dat de zienswijze van de Egyptenaren ten aanzien van dit dier door demonische invloed was besmet. Zij beschouwden de slang als een symbool van wijsheid, en zij aanbaden haar. Op de hoofdtooi van de Farao’s, versierde monumenten, tempels, graven en beelden van goden stonden slangen afgebeeld. Hoe zulke aanbidding in verband staat met Eden wordt ons duidelijk als wij bedenken dat Satan de Duivel door middel van een slang Eva zijn leugens voorlegde. Door zo te handelen deed hij het voorkomen alsof hij een bron van hogere wijsheid was van wie zij meer kennis kon verkrijgen. — Gen. 3:1-5.

Andere volken met herinneringen aan Eden

Er zijn nog vele andere rassen waarvan het geloof en de mythologie met opmerkelijke aspecten van Eden zijn vermengd. Het boek The Migration of Symbols door G. d’Alviella bevat een hoofdstuk van meer dan vijftig bladzijden die gewijd zijn aan de symboliek en mythologie in verband met heilige bomen. De tekst en talrijke illustraties verschaffen aanwijzingen voor het feit dat in de religieuze opvattingen van de Feniciërs, Syriërs, Perzen, Grieken, Sicilianen, Maya’s, Mexicanen (Azteken), Javanen, Japanners, Chinezen en de inboorlingen van India de boom des levens en de boom der kennis van goed en kwaad verweven waren.

In dit hoofdstuk lezen wij bijvoorbeeld „dat de Perzen de overlevering hadden van een Boom des Levens, de haoma, waarvan het sap onsterfelijkheid schonk”. Ook lezen wij „dat bij de Chinezen het geloof in een Boom des Levens bestond. Overleveringen maken melding van zeven prachtige bomen . . . Een ervan, die van jade was, schonk onsterfelijkheid door zijn vruchten”.

Vervolgens deelt dit hoofdstuk ons mee dat ook de Scandinavische mythologie een verwrongen herinnering aan dit aspect van Eden bevat. Er is sprake van een heilige boom, Yggdrasill genaamd, waarvan werd gezegd dat onder een van zijn wortels een bron ontsprong waarin alle kennis en wijsheid verblijf hield. Een andere legende spreekt van een godin die in een doos de Appels der Onsterfelijkheid bewaarde, waarvan geregeld door de goden werd gegeten ten einde hun jeugd te hernieuwen.

Als wij ons tot A. S. Murray’s Manual of Mythology wenden, lezen wij op bladzijde 173 dat „men geloofde in het bestaan van de Tuinen van de Hesperides met de gouden appels op een of ander eiland in de oceaan . . . In de oudheid waren ze heel beroemd, want dat was de plaats waar bronnen van nectar langs de rustbank van Zeus stroomden en waar de aarde de zeldzaamste zegeningen van de goden ten toon spreidde: het was een ander Eden”. De boom die de gouden appels voortbracht, werd aan de zorg van de Hesperides, de dochters van Atlas, toevertrouwd. Zij konden echter niet de verleiding weerstaan zijn vruchten te plukken en te eten. Daarom werd de slang Ladon ervoor geplaatst om er toezicht op te houden. En wie waren het die dit denkbeeld erop na hielden? De oude Grieken.

Veel inboorlingen van Nieuw-Guinea geloven in een onzichtbare boom waarin en waaromheen allen die voor hun dood een goed leven hebben geleid, eeuwig in geluk en zonder zorgen leven. H. Bailey vertelt in zijn boek The Lost Language of Symbolism wat een bezoeker daar over dit geloof opmerkte. Hij vertelde dat „het niet moeilijk te begrijpen is dat [de Papoea] nog steeds vage herinneringen heeft aan religieuze denkbeelden die hij van verdwenen volken met een hogere ontwikkeling heeft geleerd, toen de wereld jonger was en wellicht dichter bij haar Schepper stond dan tegenwoordig”.

Over hetgeen in de beide Amerika’s herinneringen aan Eden blijken te zijn, schrijft H. Bailey:

„In het Brits Museum bevindt zich een Mexicaans manuscript waarin twee figuren staan afgebeeld die van de zogenoemde ’Boom van ons leven’ vruchten plukken. De Maya’s en andere volken van MIDDEN-AMERIKA beeldden hun heilige bomen altijd af met twee takken die aan de top van de stam in horizontale richting uitschoten, waardoor ze de vorm van een kruis hadden . . . en de eerste Spaanse zendelingen in MEXICO zagen tot hun grote verbazing dat het kruis daar ’als symbool van een Boom des Levens’ reeds in gebruik was.”

Wat de slang betreft, ze wordt door veel Noordamerikaanse Indiaanse stammen vereerd, zoals dat ook bij de oude Egyptenaren het geval was. In feite heeft slangenaanbidding tot in elke uithoek van de aardbol volken geïnfecteerd, en elk van deze aanbidt de slang die daar inheems is.

Ook worden er door verscheidene volken verwrongen denkbeelden op na gehouden betreffende een paradijstuin die zij eens na hun dood hopen binnen te gaan.

’s Mensen herinneringen of Gods voornemen — Waar geeft u de voorkeur aan?

Alleen al deze korte beschouwing van herinneringen die de mens aan Eden heeft, laat ons zien dat de grote meerderheid der mensheid „heen en weer geslingerd [is] als door golven en her- en derwaarts gevoerd [is] door elke wind van leer door middel van de bedriegerij van mensen, door middel van listigheid in het beramen van dwaling” (Ef. 4:14). Ook hebben zij „aandacht [geschonken] aan misleidende geïnspireerde uitspraken en leringen van demonen” (1 Tim. 4:1). Al de variaties en verwrongen denkbeelden hebben de facetten die kenmerkend zijn voor de ware gebeurtenissen die in Eden plaatsvonden, beslist niet verborgen. Als wij echter op deze grillen van de menselijke verbeelding moesten afgaan om de waarheid omtrent onze eerste ouders te weten te komen, dan zouden wij hier nooit in slagen.

Hoe dankbaar dienen wij te zijn dat wij Jehovah Gods kostbare Woord der waarheid, de bijbel, hebben! Alleen daarin treffen wij de feitelijke geschiedenis van Eden aan. En wat kunnen wij blij zijn daarin te vernemen dat Jehovah God de hof van Eden en de belofte die hij daar heeft gedaan, niet heeft vergeten (Gen. 3:15). Dit is de belofte, Satan de Duivel te zullen vernietigen en het paradijs voor de mens te zullen herstellen, niet slechts op een gedeelte van de aarde, maar overal, in elke landstreek. In dit herstelde paradijs nu zal Jezus volgens zijn belofte de boosdoener, die samen met hem werd terechtgesteld, uit de dood opwekken. — Luk. 23:43; 2 Petr. 3:13.

De gelegenheid om dit paradijs dat God zal herstellen binnen te gaan, staat nu voor u open. Door de bijbel te bestuderen kunt u vernemen hoe dat mogelijk is. Jehovah’s getuigen willen u hierbij graag helpen. Waarom zou u niet van hun aanbod gebruik maken en er uw voordeel mee doen? — Openb. 22:17.

[Illustratie op blz. 17]

Oudassyrische gebeeldhouwde platte steen waarop cherubachtige figuren staan afgebeeld die voor een heilige boom staan. Hebben de Assyriërs van de boom des levens in Eden geweten?

[Illustratie op blz. 18]

Een oudbabylonisch cilinderzegel dat de bijna 6000 jaar oude gebeurtenissen in Eden schijnt weer te geven. Kunt u de overeenkomsten zien?

[Illustratie op blz. 19]

De slangekoppen die de tempel van Quetzalcoatl sieren bewijzen dat de Azteken in Mexico slangenaanbidding beoefenden

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen