De nuttige aardworm
Aardwormen banen zich gewoonlijk een weg door de aardbodem door gangen te graven. Als de grond hard is, boren ze zich erdoorheen door behalve hun normale dieet van vergane plantenresten ook de aarde zelf op te vreten. Grond en afval passeren het spijsverteringskanaal en worden als wormhoopjes achtergelaten. De holten die daardoor in de bodem ontstaan, laten lucht en water door en de wormhoopjes maken de grond vruchtbaar. In een halve hectare kunnen aardwormen naar verluidt in één jaar wel een ton aarde naar boven werken.