Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w83 15/3 blz. 27-29
  • De maagdelijke geboorte — Kunt u erin geloven?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • De maagdelijke geboorte — Kunt u erin geloven?
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1983
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Wetenschappelijk gezien mogelijk?
  • Religieuze opsmuk
  • Was Jezus een Godmens?
  • De maagd Maria: Wat zegt de Bijbel over haar?
    Vragen over de Bijbel
  • De maagdelijke geboorte — Feit of verdichtsel?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1983
  • Had Jezus broers en zusters?
    Ontwaakt! 1976
  • Maria (Jezus’ moeder)
    Redeneren aan de hand van de Schrift
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1983
w83 15/3 blz. 27-29

De maagdelijke geboorte — Kunt u erin geloven?

INDIEN Jezus, de Zoon van God, werkelijk uit een maagd geboren is, dan was dit — zo zult u moeten toegeven — een wonder van historische proporties. Maar kunt u geloven dat het is gebeurd? Is het hoe dan ook van invloed op uw leven?

Sommigen die niet in de maagdelijke geboorte geloven, zeggen dat ze in strijd is met de wetenschap en met de „natuurwetten”. Zijn geleerden die mening toegedaan? Hebben recente ontdekkingen op het gebied van de erfelijkheidsleer enig licht op de zaak geworpen?

Wetenschappelijk gezien mogelijk?

Voortplanting zonder mannelijke partner wordt parthenogenese genoemd [van het Griekse parthenos, dat „maagd” betekent, plus „genesis”]. Onlangs hebben geleerden met succes geëxperimenteerd met parthenogenese bij zoogdieren. The Economist van 1 augustus 1981 bericht: „Embryo-ontwikkeling in afwezigheid van sperma is bij veel lagere diersoorten de natuurlijke wijze van voortplanten. . . . Bij de studie van parthenogenese worden laboratoriummuizen gebruikt. Er bestaan verschillende manieren om een onbevruchte eicel van een muis kunstmatig te activeren.”

In dezelfde trant schrijft Dr. M. B. V. Roberts van Marlborough College (Engeland): „Er werd een onbevruchte eicel verwijderd uit een vrouwtjeskonijn, geactiveerd door prikken, en daarna teruggeplaatst in de baarmoeder. Het vrouwtje had voordien een hormonenbehandeling gekregen, zodat haar baarmoederslijmvlies klaar was voor de innesteling. Er volgde een normale ontwikkeling en ze bracht een nakomeling voort die geen enkele afwijking vertoonde.”

Moeten wij hieruit concluderen dat God Maria’s zwangerschap op een dergelijke manier met behulp van een onbevruchte eicel heeft teweeggebracht? Nee. De grafische voorstelling laat u zien waarom niet. Als Maria’s eerstgeborene beide chromosomen (X) van haar had ontvangen, zou de nakomeling onvermijdelijk van het vrouwelijk geslacht zijn geweest.

Daaruit volgt dat er iets meer betrokken moet zijn geweest bij de conceptie van Jezus. Wat dit precies was, verklaarde de engel aan Jozef: „Dat wat in haar verwekt is, is door heilige geest” (Matth. 1:20). Wij weten niet precies hoe dit is gebeurd. Toch moeten wij toegeven dat als de mens al op beperkte schaal in het laboratorium het bevruchtingsproces kan manipuleren, het beslist niet het vermogen van de Schepper en Levengever van het universum te boven gaat dit te doen en de levenskracht van zijn Zoon vanuit de hemel over te brengen naar de eicel van een maagdelijk meisje.

Religieuze opsmuk

Zoals wij echter hebben opgemerkt, is het bezwaar dat sommigen tegen de maagdelijke geboorte hebben, op een ander terrein gelegen. Het betreft de religieuze franje die in de loop der eeuwen aan het bijbelverslag is toegevoegd. Het schijnt dat de Rooms-Katholieke en Orthodoxe Kerk niet wilden erkennen dat Maria, nadat zij haar rol vervuld had door de Zoon van God te baren, geen speciale plaats in de christelijke gemeente innam. In de loop der eeuwen hebben ze positieve stappen gedaan om haar te verheffen tot bijna-gelijkheid met hun trinitarische opvatting van God.

In het jaar 553 G.T. riep het Tweede Concilie van Constantinopel Maria uit tot „eeuwig maagd”, wat zou betekenen dat haar huwelijk met Jozef celibatair was en dat zij samen nooit kinderen hebben gehad. Vervolgens kondigde paus Pius IX in 1854 de onbevlekte ontvangenis van Maria af. Die leerstelling houdt in dat zij gevrijwaard was gebleven van alle van Adam geërfde zonde, dat zij in feite niet kòn zondigen. In 1950 maakte paus Pius XII het tot een artikel des geloofs dat Maria, bij de beëindiging van haar leven als mens, lichamelijk in de hemel was opgenomen. En sedert 1950 denkt men er in het Vaticaan diep over na òf de maagd Maria de dood wel gesmaakt heeft.

Ondanks de officiële kerkelijke leer doen wij er goed aan ons af te vragen of Maria na de geboorte van Jezus wel „eeuwig maagd” is gebleven. Of kreeg zij na de geboorte van Jezus nog meer kinderen, bij Jozef? Is dat belangrijk? Als de waarheid belangrijk is, dan wel. Laten wij dus eens zien wat de Schrift zegt.

Matthéüs vermeldt dat Jozef „geen gemeenschap [had] met [Maria] totdat zij een zoon had gebaard”, Jezus (Matth. 1:25). In een voetnoot betreffende de betekenis van dit vers zegt de Petrus-Canisiusvertaling, een bijbelvertaling ondernomen met goedkeuring van de bisschoppen van Nederland: „Hiermee wordt volstrekt niet aangeduid, dat Maria na de geboorte van Jesus haar maagdelijkheid verloren heeft. De evangelist herhaalt slechts, dat Jesus op wondervolle wijze uit een maagd is geboren.”

De Schrift verschaft echter geen basis om aan te nemen dat Maria maagd is gebleven, dat Jozef en Maria nooit een normaal huwelijk hebben gehad. Geen profetie heeft daar zelfs maar op gezinspeeld, geen goddelijk vereiste vroeg erom. Hun intieme leven samen en eventueel daaruit voortvloeiend ouderschap stonden volkomen los van Jezus’ aardse bediening of van zijn daaropvolgende activiteiten in de hemel. De Evangeliën geven geen enkele ondersteuning voor het denkbeeld dat Maria altijd maagd is gebleven. Integendeel, ze vermelden dat Jezus Maria’s eerstgeborene was en dat hij halfbroers en halfzusters had. Markus schrijft dat Jezus in zijn woonplaats, Nazareth, in de synagoge tot mensen predikte die hem herkenden. De meesten stonden versteld van Jezus’ onderwijs en zeiden: „Is Hij niet de timmerman, de zoon van Maria, de broer van Jakobus en Josef, Judas en Simon; en leven zijn zusters niet hier onder ons?” — Mark. 6:2, 3, PC; Luk. 2:7.

Katholieke theologen beweren dat deze ’broers en zusters’ in werkelijkheid neven en nichten waren. Toch geeft de New Catholic Encyclopedia (Deel 9, blz. 337) toe dat „de Griekse woorden . . . die worden gebruikt om de verwantschap tussen Jezus en deze bloedverwanten aan te duiden, de betekenis hebben van volle broer en zus”. Het zijn de woorden adelfos en adelfè. Het woord voor neef is echter anepsios en voor bloedverwanten sungeneis (Kol. 4:10; Luk. 1:36). Er is geen gegronde reden om te denken dat de evangelieschrijvers deze woorden met elkaar hebben verward. (Vergelijk Markus 6:4; Lukas 14:12.) En er is al evenmin reden om te ontkennen dat Jozef en Maria na de geboorte van Jezus nog kinderen kregen.

Was Jezus een Godmens?

Een latere toevoeging aan het eenvoudige bijbelverslag over de maagdelijke geboorte is dat de baby die geboren werd, niet volkomen menselijk was, maar een incarnatie. Zo verklaart het tweede van de „Artikelen des geloofs” van de Kerk van Engeland: „. . . de Godheid en Mensheid, werden verenigd in één Persoon, om nooit te worden gescheiden, zodat er één Christus is, volkomen God, en volkomen Mens.”

Religies die de Drieëenheid leren, geloven dat Jezus op aarde beide naturen in zich verenigd had. Maar de bijbel ondersteunt een dergelijke gedachte niet. De apostel Paulus zegt over Jezus: „Omdat de kinderen deel hebben aan vlees en bloed, daarom was ook Hij daaraan deelachtig, . . . Hij [moest] in alles gelijk worden aan zijn broeders” (Hebr. 2:14, 17, PC). Hoe kon hij ’in alles gelijk aan zijn broeders’ zijn als hij een Godmens was? Paulus schreef aan de Filippenzen over „Christus Jezus . . ., die, alhoewel hij in Gods gedaante bestond, . . . zichzelf ontledigd en de gedaante van een slaaf aangenomen [heeft] en . . . aan de mensen gelijk [is] geworden” (Fil. 2:5-7). Deze hemelse Zoon van God heeft dus volledig afstand gedaan van „Gods gedaante” om de menselijke natuur aan te nemen, om een mens te worden. Waarom hij nu juist volledig mens moest zijn, geen Godmens, en hoe de maagdelijke geboorte daarmee in verband staat, zullen wij nu gaan bespreken.

[Kader/Diagram op blz. 28]

(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)

Meisje of jongen?

Een eicel van de vrouw bevat een X-chromosoom. Het mannelijk sperma heeft òf een X òf een Y. Elke ouder verschaft één chromosoom. Gaan twee X’en samen, dan ontstaat een meisje. Zijn het een X en een Y, dan wordt het een jongetje.

Bij de in een laboratorium teweeggebrachte parthenogenese gaat de eicel van een vrouwtjesdier zich verdelen en groeien en moet het resultaat (XX) dus vrouwelijk zijn.

Een dergelijke parthenogenese kan bij Maria niet hebben plaatsgevonden, want haar eerstgeborene (Jezus) was een jongen. Daar zij maagd was, moet door een wonder in het Y-chromosoom zijn voorzien, wat de bijbel ook te kennen geeft.

[Diagram]

MOEDER XX XX-Meisje VADER XY

XY-Jongen

Geslachtchromosomen X Y

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen