Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w70 15/9 blz. 549-551
  • Dienen wij te blijven wat wij zijn?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Dienen wij te blijven wat wij zijn?
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1970
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • WAAROM EEN VERANDERING IN RELIGIE?
  • THANS SOORTGELIJKE SITUATIE
  • VERANDERING IN PERSOONLIJKHEID MOGELIJK
  • „Het woord van God is levend”
    De bijbel — Gods woord of dat van mensen?
  • „Het woord van God is levend en oefent kracht uit”
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1990
  • Is een verandering van religie te moeilijk?
    Ontwaakt! 1971
  • Is het een zonde van religie te veranderen?
    Ontwaakt! 1974
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1970
w70 15/9 blz. 549-551

Dienen wij te blijven wat wij zijn?

ZIJN ER DEUGDELIJKE REDENEN VOOR HET AANBRENGEN VAN EEN VERANDERING?

VEEL mensen schijnen te denken dat zij moeten blijven wat zij zijn, op zijn minst als het om religie gaat. Zij zullen u zeggen dat hun ouders en grootouders tot een bepaalde religie behoorden en zij zien geen reden om een verandering aan te brengen. Ook op het gebied van de persoonlijkheid komt het voor dat mensen in feite zeggen: „Je moet me maar nemen zoals ik ben.” Zij schijnen van de veronderstelling uit te gaan dat God hen heeft gemaakt zoals zij zijn en dat het daarom niet nodig is een verandering aan te brengen.

Maar wat denkt u van deze zaak? Is dat een verstandig standpunt? Bent u het er niet mee eens dat wij allemaal wel veranderingen ten goede kunnen aanbrengen?

In veel van de gewone dingen van het leven brengen wij veranderingen aan. Nu u, om een voorbeeld te noemen, volwassen bent, aanvaardt u elk denkbeeld dat oudere mensen te berde brengen niet meer met hetzelfde geloof als toen u een kind was. Wanneer zij nu een uitspraak doen, weegt u in uw geest waarschijnlijk de nauwkeurigheid van hun uitspraak af en bepaalt u of u het er al dan niet mee eens kunt zijn. U wint voortdurend aan kennis en ervaring, en zo bent u beter in staat tot conclusies te komen die op feiten zijn gebaseerd. Op school hebt u ongetwijfeld dingen geleerd die nog onbekend waren toen uw grootouders op school zaten. Als de gegevens nauwkeurig zijn, dan zult u die niet willen negeren om denkbeelden trouw te blijven die een vorige generatie heeft geleerd.

WAAROM EEN VERANDERING IN RELIGIE?

Zelfs op het gebied van religie zijn er redenen om op zijn minst een verandering van standpunt in ogenschouw te nemen. Veel mensen zijn het produkt van een religieuze organisatie die hen in hun vroege kinderjaren onder haar hoede heeft genomen, hen zorgvuldig heeft beschermd tegen elke andere leerstelling dan de hare en precies heeft voorgeschreven wat zij moesten geloven. Hun werd, net als hun ouders en grootouders, een stel eeuwenoude tradities ingeprent.

Nu echter stelt een ontwikkelde, ontwaakte bevolking onderzoekende vragen over kerkelijke tradities, geloofsbelijdenissen, dogma’s en riten, en de antwoorden zijn niet altijd bevredigend. In kerkelijke organisaties gist het, zo groot is de verwarring van denkbeelden. Kerklidmaten beschouwden het als vanzelfsprekend dat denkbeelden als onthouding van vlees op vrijdag, het bidden tot bepaalde heiligen, en het verbod voor geestelijken om te trouwen in de Heilige Schrift geworteld waren. Nu leren zij echter dat zij wel vlees mogen eten op vrijdag, dat de verering van sommigen van de heiligen op bedrog blijkt te zijn gebaseerd, en zij horen een voortdurend gediscussieer van de zijde van priesters die er voorstanders van zijn dat geestelijken trouwen. — 1 Tim. 4:1-3; Hebr. 13:9.

Natuurlijk beginnen intelligente personen zich omtrent vele andere religieuze leerstellingen van hun kerk af te vragen of deze werkelijk wel een grondig onderzoek aan de hand van de bijbel kunnen doorstaan. Zou het redelijk zijn elk onderzoek van dien aard te schuwen, uit vrees dat er andere onaangename vragen rijzen en dat men misschien nog meer redenen zou ontdekken om een verandering in zijn religieuze standpunt aan te brengen? Dat zou beslist niet van wijsheid getuigen. De christelijke apostel Paulus moedigde medeaanbidders aan: „Vergewist u van alles, houdt vast aan dat wat voortreffelijk is.” — 1 Thess. 5:21.

Toen Jezus negentienhonderd jaar geleden zijn bediening onder de joden verrichtte, vertrouwden de meesten van hen erop dat hun religie haar oorsprong had gevonden bij God. Zij namen niet de moeite de traditionele leerstellingen van hun rabbi’s te toetsen en ze met de geschriften van Mozes en de profeten te vergelijken. Zij zagen niet in waarom zij eventuele veranderingen zouden moeten aanbrengen. Met welk gevolg? De meesten van hen kwamen om of geraakten in slavernij toen de heidense Romeinen hun natie onder de voet liepen en verdelgden.

Daar staat tegenover dat een klein overblijfsel van de joden wel acht sloeg op de boodschap van Jezus en zijn discipelen. Zij vergeleken zijn woorden ijverig met hun eigen heilige geschriften en stelden de waarheid ervan vast. Toen er dan ook verwoesting over hun land kwam, over Jeruzalem en zijn tempel, waren zij al veilig de grenzen van Judéa overgetrokken, want zij hadden Jezus’ waarschuwing opgevolgd om op de bestemde tijd te vluchten (Luk. 21:20-24). Zij waren niet zo dwaas onverzettelijk te blijven wat zij waren — aanhangers van een door God gegeven stelsel van religie dat dusdanig was ontaard dat het door God werd verworpen. — Matth. 23:37, 38.

THANS SOORTGELIJKE SITUATIE

Net als de joden destijds, nemen thans de aanhangers van de religies der christenheid aan dat zij Gods eigen volk zijn. Zij achten zichzelf aanzienlijk begunstigd boven de volken van het zogenaamde heidendom. Zij schijnen te denken dat vanwege het veelvuldig gebruik van de woorden „God” en „Christus” in hun aanbiddingsriten alles wel goed komt. In hùn oren laten hedendaagse volgelingen van Jezus de waarschuwende boodschap uit Gods geschreven Woord, de bijbel, dan ook ijverig weerklinken. Aan de hand van de bijbel worden zij gewaarschuwd voor de dreigende vernietiging die God over alle vals-religieuze stelsels en hun aanhangers brengt — een boodschap die wijd en zijd door Jehovah’s getuigen wordt verkondigd — en toch ziet de meerderheid de noodzaak van een verandering niet in. Zij geven er de voorkeur aan te blijven zoals zij zijn.

Het is waar dat velen van mening zijn dat hun geestelijken, die hoger onderwijs hebben genoten, wel meer van de Schrift af zullen weten dan Jehovah’s getuigen. Maar is het niet eveneens waar dat toen Jezus op aarde was, grote menigten mensen liever op geleerde religieuze leiders vertrouwden dan dat zij aandacht schonken aan de woorden van Jezus en zijn metgezellen, vissers? Voor u, die uit de geschiedenis lering kunt trekken, is het niet nodig in dezelfde fout te vervallen. U kunt er op zijn minst aandacht aan besteden en een onderzoek instellen.

Om Gods goedkeuring en zegen te genieten, moet iemand ’blijven beproeven of hij in het geloof is’ (2 Kor. 13:5). En dat wil niet zeggen dat hij zijn gedrag moet toetsen aan wat er van hem wordt verlangd door een religieuze organisatie. Het wil zeggen dat hij zijn gedrag moet vergelijken met wat de bijbel duidelijk uiteenzet als de wil van God. Het is de bijbel die alle dingen recht kan zetten en u zekerheid kan geven ten aanzien van uw reputatie bij God. — 2 Tim. 3:16, 17.

VERANDERING IN PERSOONLIJKHEID MOGELIJK

Niet alleen in iemands religieuze denken, maar ook in iemands gehele persoonlijkheid kan een verandering ten goede worden aangebracht. En er zijn vaak goede redenen voor een dergelijke verandering. Iemand kan humeurig of opvliegend zijn, of een losbandig leven leiden, of geneigd zijn oneerlijk te zijn, of trots, niet bereid raad te accepteren. Als kind kan iemand opgevoed zijn onder de slechte invloed van mensen met één of meer van die verkeerde eigenschappen. Wanneer het kind echter opgroeit, zich in de maatschappij begeeft en door ervaring leert, behoeft hij hetzelfde oude standpunt niet langer te huldigen.

Daar is de ervaring van een jonge vrouw die door een van Jehovah’s getuigen werd uitgenodigd voor een bijbelstudie bij haar thuis. Zij antwoordde: „Ik zou dat heel graag willen, maar ik deug echt niet. Ik ben slecht. Ik geloof niet dat er voor mij hoop is.” Zij werd aangemoedigd het toch met de bijbelstudie te proberen. De uitwerking was goed, want al gauw bracht zij haar leven, dat tot die tijd immoreel was geweest, in het reine. Zij bleef niet zoals zij was. Zij werd een ijverige bijbelstudente, sloot zich aan bij Jehovah’s getuigen en kreeg vreugde en voldoening in het leven. Zij leefde niet meer alleen om haar begeerte naar sensuele genoegens te bevredigen.

Zulke veranderingen in persoonlijkheid zijn niet ongewoon of uitzonderlijk. Reeds in de tijd dat de apostel Paulus overal in het gebied rond de Middellandse Zee predikte, vonden er dergelijke veranderingen plaats. Hij schreef bij een bepaalde gelegenheid, nadat hij over wetteloze mensen, dronkaards, beschimpers, hoereerders, overspelers en afpersers had gesproken: „Toch zijn sommigen van u [christenen] dat geweest” (1 Kor. 6:9-11). Maar zij hadden, met de hulp van Gods Woord en geest en van godvruchtige vrienden, een dusdanige verandering in hun persoonlijkheid aangebracht dat zij nu aanvaardbaar waren als volgelingen van Jezus.

Het is natuurlijk niet gemakkelijk een dergelijke verandering aan te brengen. Er is volharding in studie en in het toepassen van de beginselen die uit de bijbel worden geleerd voor nodig. En sommige religies moedigen niet tot zo’n studie aan. Ja, de mensen wordt zelfs te verstaan gegeven dat door religieuze priesters opgezonden gebeden hen in een goede verhouding met God brengen. Sommige kerklidmaten redeneren daarom: Waarom zou ik de moeite nemen een verandering aan te brengen als mijn zonden verzoend kunnen worden door regelmatig voor gebeden te betalen? Dat is echter louter een door mensen bedachte overlevering. De bijbel leert dat er slechts ”één middelaar tussen God en de mensen [is], . . . Christus Jezus”, en schakelt zo het middelaarschap van priesters als volkomen zinloos uit. — 1 Tim. 2:5.

In plaats van zich te verlaten op de lange geschiedenis van veronderstelde heiligheid die een religieuze organisatie aankleeft, of op de zogenaamde macht van haar geestelijken om mensen met God te verzoenen, is het dus veel beter de geïnspireerde raad van de apostel Paulus te aanvaarden: „Gij [dient] de oude persoonlijkheid, die met uw vroegere levenswandel overeenkomt . . . weg te doen” en „nieuw gemaakt . . . te worden in de kracht die uw denken aandrijft, en de nieuwe persoonlijkheid . . . aan te doen” (Ef. 4:22-24). Ja, de gedachten en tradities van mensen vervangen door Gods gedachten zoals die op de bladzijden van de bijbel worden aangetroffen, dat is de manier om „nieuw gemaakt” te worden in de kracht die uw denken aandrijft.

Indien er in de religieuze gemeenschap waarmee u thans verbonden bent, niet wordt aangemoedigd tot een geregelde, progressieve studie van de bijbel, waarom zou u dan blijven zoals u bent? Waarom geen verandering aangebracht? U wenst toch eeuwig te leven, in vrede en geluk? Welnu, de manier om zo’n waardevol doel te bereiken, werd door Christus Jezus onder woorden gebracht in duidelijke en eenvoudige taal: „Dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God, en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus” (Joh. 17:3). De enige betrouwbare bron van dergelijke kennis is de bijbel.

U zult bemerken dat een studie van de Schrift te zamen met Jehovah’s getuigen alleszins de moeite waard is. U zult geholpen worden werkelijk vooruit te gaan. U zult erachter komen wat God werkelijk van u verlangt. En als u uw leven in overeenstemming brengt met de leerstellingen van de bijbel, zullen uw standpunt inzake religie en uw gehele persoonlijkheid beslist een verandering ondergaan, een verandering ten goede.

Neen, het is niet verstandig stil te staan, geen vorderingen te maken en slechts te blijven wat u bent. Waar wijzigingen u zullen helpen uw leven in harmonie te brengen met Gods wil, moeten ze worden aangebracht.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen