Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w59 1/3 blz. 152-157
  • „Uw wil geschiede op aarde” — Deel 4

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • „Uw wil geschiede op aarde” — Deel 4
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1959
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • HOOFDSTUK 2
  • WAAROM GODS WIL OP AARDE MOET GESCHIEDEN
  • DE AARDE BLIJFT EEUWIG
  • „Uw wil geschiede op aarde” — Deel 5
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1959
  • Wanneer God over de gehele aarde als koning regeert
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1964
  • De waarheid vinden die mensen vrijmaakt
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1959
  • Wat is Gods koninkrijk?
    Wat leert de bijbel echt?
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1959
w59 1/3 blz. 152-157

„Uw wil geschiede op aarde” — Deel 4

Wij bevinden ons nog steeds in hoofdstuk 1, getiteld „Wiens wil?”, van het boek „Uw wil geschiede op aarde”. De apostel Johannes zag in het visioen dat hem werd gegeven vier levende schepselen voor de troon van God. Deze vier levende schepselen stelden tezamen zinnebeeldig de organisatie van zijn met verstand begaafde levende schepselen voor die hij met de vier goddelijke eigenschappen van gerechtigheid, macht, liefde en wijsheid heeft begiftigd. Evenals de symbolische vierentwintig „oudsten”, die het aan God toeschrijven dat alle dingen door zijn wil zijn ontstaan, aanbidden zij God. Jezus Christus heeft zijn volgelingen geleerd deze God in gebed als hun hemelse Vader aan te spreken en te bidden of zijn naam mag worden geëerbiedigd of geheiligd. Deze God is niet naamloos, maar heet Jehovah. Reeds door de naam „Jezus” wordt die naam geëerd, want deze betekent „Jehovah is redding”.

45. (a) Van wie heeft God die naam ontvangen, en hoe lang hebben de mensen deze naam gekend en gebruikt? (b) Wanneer zal zijn naam worden geëerbiedigd en geheiligd, en waarom?

45 Deze Jehovah moesten Jezus’ discipelen in gebed met „Onze Vader in de hemel” aanspreken. God had zich deze naam gegeven voordat er ooit een Abraham, een Israëliet, een jood of een christen bestond, en sindsdien heeft hij zich steeds aan die naam gehouden. De eerste man en vrouw op aarde kenden en noemden zijn naam (Gen. 4:1). Ruim vijfhonderd jaar voor de vloed van Noachs tijd gebruikte men in het algemeen Gods exclusieve naam, want met betrekking tot de mensen die in de dagen van de kleinzoon van de eerste mens leefden, lezen wij: „Toen begonnen mensen de naam van Jehovah aan te roepen” (Gen. 4:26, AS). In de nieuwe wereld, waarheen de mensheid zich snel beweegt, zal de naam van Jehovah door alle menselijke schepselen die het mogen beleven die toekomstige wereld te beërven, worden geëerbiedigd en geheiligd of als heilig worden beschouwd. Hierom leerde Jezus Christus zijn discipelen immers bidden, en gedurende de negentien eeuwen die er sindsdien zijn verlopen, hebben zijn getrouwe, gehoorzame discipelen er ook in gebed om gevraagd. Uiteindelijk zal het beslist zover komen, want de hemelse Vader zal het gebed dat zijn geliefde Zoon en de discipelen van zijn Zoon voortdurend in geloof hebben opgezonden, uit respect voor zijn naam verhoren.

46. Waardoor wordt volgens Jezus’ modelgebed met zekerheid bepaald wiens wil op aarde dient te geschieden?

46 Nu echter nog één belangrijke vraag voordat wij van dit onderwerp van het gebed afstappen, namelijk: Wie zal de planeet de aarde regeren en beslissen wat de aardbewoners moeten doen? Door het antwoord op die vraag zal worden bepaald wiens wil op aarde dient te geschieden. Er is een antwoord op deze vraag en het zal door een bekwame regering worden verschaft. Wiens regering? Die van God. Toen Jezus zich in het modelgebed tot zijn Vader en de Vader van zijn discipelen richtte, zei hij: „Uw koninkrijk kome! Uw wil geschiede zowel op aarde als in de hemel!”

47. Waarom zal de nieuwe wereld niet door een regering van het luchtruim uit worden bestuurd?

47 In de komende nieuwe wereld zal deze aarde niet door de een of andere aardse, menselijke regering worden bestuurd. Dit zal niet gebeuren door de een of andere schatrijke en machtige regering — met vele wetenschappelijke prestaties op haar naam — die ’s mensen „absolute positie” in de ruimte van het heelal verovert en de volken der aarde door deze voorsprong daarna met geweld haar wil oplegt omdat ze anders de gevolgen vanuit het luchtruim zullen moeten ondervinden. De aarde zal onder de heerschappij staan van een regering die nog hoger is dan ’s mensen „absolute positie” in de ruimte van het heelal. Ze zal door een waarlijk hemelse regering worden bestuurd, namelijk, door Gods koninkrijk, dat als antwoord zal komen op het gebed van allen die een rechtvaardige, volmaakte zondeloze regering, een theocratische regering, liefhebben.

48. Hoe kunnen wij, gezien de vele zogenaamde goden, weten wiens persoonlijke regering het Koninkrijk is, en waarom valt er niet aan te ontkomen dat zijn wil op aarde dient te geschieden?

48 Hoe zouden wij, aangezien er tegenwoordig zo velen goden worden genoemd, hebben kunnen weten wiens regering Gods koninkrijk werkelijk was indien wij de naam van deze God, deze Vader in de hemel tot wie Jezus het modelgebed richtte, niet zouden kennen? Wij kunnen echter met zekerheid zeggen om wiens koninkrijk er wordt gebeden. Het is het koninkrijk van de grote Levengever in de hemel, wiens naam geëerbiedigd en geheiligd dient te worden. Die hemelse Koning is Jehovah God de Almachtige, die het volgens de vierentwintig symbolische „oudsten” waardig is de heerlijkheid, eer en macht te ontvangen. Omdat de aarde en de daarop levende mens om Jehovah’s wil werden geschapen, is het juist en valt er niet aan te ontkomen dat zijn wil op aarde dient te geschieden. Zijn wil geschiedt boven in de hemel, waar hij als Soeverein van het universum regeert, maar op aarde leven vele mensen die de Schepper het vergunt te leven, niet overeenkomstig zijn wil. In de nieuwe wereld zal zijn wil stellig op aarde worden gedaan zoals dit thans reeds op veel grotere schaal in de hemel, zo oneindig veel groter dan onze nietige aarde, geschiedt.

49. Voor welk grootse doel met betrekking tot de aarde is God reeds lang werkzaam, en wat zal het voor de aarde betekenen wanneer dat doel wordt verwezenlijkt?

49 Hoe schitterend zal het in de nieuwe wereld op aarde zijn, wanneer de wil van Degene wordt gedaan die Johannes in zijn geïnspireerde visioen heeft gezien en die van zichzelf zo stralend en prachtig is, terwijl hij door een organisatie van schepselen wordt omgeven die overeenkomstig rechtvaardigheid, macht, liefde en wijsheid te werk gaat! Reeds duizenden jaren lang beweegt het onveranderlijke, onweerstaanbare voornemen van Jehovah God zich in de richting van dat grootse doel. Welke wending de gebeurtenissen op aarde ook hebben genomen, hij is in zijn almacht de situatie altijd meester geweest. Hij is de mens en de duivel altijd vóór geweest. Door niets heeft hij de volmaakte uitvoering van zijn voornemen, zijn wil, laten belemmeren.

50. Waarom heeft God duizenden jaren verder gekeken dan de mensen, en hoe zullen wij een nog grotere verzekering ontvangen dat zijn wil hier op aarde zal geschieden?

50 Daar hij het einde van zijn werken sedert het begin ervan kent, heeft hij duizenden jaren verder gekeken dan zijn schepselen (Jes. 46:10). Sedert het begin heeft hij gestadig en onwrikbaar in de richting van zijn doel gewerkt. Thans is het einde duidelijk zichtbaar. Door in snelle vogelvlucht de bekende gebeurtenissen der menselijke geschiedenis welke zich zo gedurende de duizenden jaren hebben afgespeeld, in het licht der profetieën, die in Gods naam werden uitgesproken, aan onze ogen voorbij te laten gaan, zullen wij een nog grotere waardering krijgen voor de getrouwheid waarmee hij zich aan zijn belofte en profetieën houdt, zijn volmaakte vooruitziende blik en het feit dat hij zijn rechtvaardige voornemen ten uitvoer kan brengen. Als nooit tevoren zullen wij de betekenis van wat thans op aarde gebeurt, begrijpen. Hierdoor zullen wij een nog grotere verzekering ontvangen dat de wil van Jehovah God zowel op aarde als in de hemel zal geschieden.

HOOFDSTUK 2

WAAROM GODS WIL OP AARDE MOET GESCHIEDEN

1. Waarom is er geen andere plaats waarheen de mens kan verhuizen, en hoe zal hij bemerken dat hij in de val is gelokt van een op de vernietiging uitlopende moeilijkheid?

HET wordt voor de mensheid steeds gevaarlijker om op deze aarde te leven, niet alleen in fysiek, maar ook in moreel en geestelijk opzicht. Eigenlijk moest dit niet het geval zijn, maar het is nu eenmaal zo. Toch is er geen enkele andere plaats waarheen de mensen kunnen verhuizen. Zij kunnen de moeilijkheden niet ontvluchten door naar de veel kleinere maan of naar andere planeten, zoals die welke de mensen Venus, Mercurius en Mars hebben genoemd, weg te trekken. De maan van de aarde en de planeten van ons zonnestelsel werden niet als een gerieflijke, vreedzame en eeuwige woonplaats voor de mens bereid. Hoewel de mensen er misschien prat op gaan dat zij een raket naar of om de maan kunnen schieten, of een bemande, door atoomkracht aangedreven ruimteschip daarheen en nog verder kunnen zenden, is geen enkele natie er op voorbereid haar mensen van deze aarde naar de maan of enige andere planeet van ons zonnestelsel te evacueren. Welk mens met een gezond verstand zou daar bovendien willen of kunnen leven? De mens is aan deze planeet gebonden. Hij zal hier moeten blijven ook al spitst het gevaar zich toe. Dan zal hij bemerken dat hij in de val is gelokt van een op de vernietiging uitlopende moeilijkheid die hij hoofdzakelijk aan zichzelf te danken heeft.

2. Waarom is deze nucleaire ruimtevaarteeuw niet zo’n prachtige tijd om in te leven, en waarin hebben de vorderingen op wetenschappelijk gebied geen verandering aangebracht?

2 Door de vorderingen op het gebied der wereldlijke wetenschap is de mensheid plotseling in de nucleaire ruimtevaarteeuw beland. Omdat dit tijdperk niet door liefde is ingeleid maar ons feitelijk door eerzucht, wedijver en vrees voor een heerszuchtige, hebzuchtige vijand is opgedrongen, is het voor de mensen dezer wereld nu niet bepaald zo’n prachtige tijd gebleken om in te leven. Hoewel men op steeds meer plaatsen modern comfort geniet, de levensstandaard der mensen op een hoger peil is gebracht, het aantal geleerden is toegenomen en de mens dieper tot de geheimen van de interplanetaire ruimte en van de structuur van onze aarde is doorgedrongen, is de van veel groter belang zijnde situatie toch onveranderd gebleven. De wereld is nog steeds verdeeld. Oost en West worden door meer dan slechts een kloof van elkaar gescheiden. In talloze opzichten zijn de mensen verdeeld aangaande de kwestie door wiens politieke, sociale en religieuze wil zij bestuurd wensen te worden. In grote gebieden worden de mensen door dictatoriale machten of regeringsstelsels overheerst, en zelfs populaire regeringen achten het noodzakelijk meer autoriteit te gaan uitoefenen ten einde aan de macht te blijven of zich te beschermen. De mensen worden er derhalve toe gedwongen zich voor de wil van radeloze, sterk bewapende en ruim gefinancierde regeerders te buigen.

3. Waarom is het isolement van enig continent thans iets wat tot het verleden behoort, en waarom zullen, indien er een volgende totale oorlog uitbreekt, niet alleen zij die de wapens afvuren, maar alle mensen het zwaar te verduren krijgen?

3 Ondanks protesten bleef men met proefnemingen met kernwapens doorgaan, waardoor de lucht, de zee, ja, zelfs regenval en sneeuw worden verontreinigd. De natiën zijn alleen maar bereid de produktie van nog meer van dergelijke voor massavernietiging van mensenlevens bestemde wapens stop te zetten en de kernproeven een halt toe te roepen omdat ze vinden dat ze nu meer dan genoeg van deze wapens hebben, of omdat zij menen het absolute wapen te bezitten, zodat verdere proefnemingen overbodig zijn. Over de gehele aarde verbreidt zich de vrees voor radioactieve neerslag ten gevolge van kernexplosies, en dit verwekt onrust onder de mensen, die zich er de machteloze slachtoffers van voelen. Men blijft ter wille van de veiligheid en om de onder verdenking staande vijand te overrompelen nog meer afschuwelijke vernietigingswapens uitvinden en vervaardigen. Nu men over het intercontinentale ballistische projectiel (ICBM) en de gemoderniseerde, door atoomenergie voortgedreven onderzeeër — die is uitgerust om van onder de oppervlakte van het water uit ballistische projectielen van middelbare reikwijdte (IRBM’s) af te schieten en zich onder de poolijskap kan verbergen — beschikt, is het „schitterende isolement” van enig continent tot het verleden gaan behoren. Alle continenten, waarbij dus tevens de gehele burgerbevolking is inbegrepen, liggen binnen het bereik van oorlogsprojectielen. Het strategische bombardement van bewoonde stadsgedeelten en industriecentra is voor het winnen van een hete oorlog even belangrijk als de tactische luchtaanvallen op vijandelijke troepen in het oorlogskamp of aan het front. In de onvermijdelijke totale oorlogvoering waarbij de gehele burgerij wordt ingeschakeld, zullen alle mensen die het militaire apparaat ondersteunen en onderhouden, het even zwaar te verduren krijgen als zij die de wetenschappelijke oorlogswapens afvuren.

4. Welke mogelijkheid opent beheersing der weersgesteldheid in vergelijking met kernwapens?

4 De angst wordt nog vergroot doordat het er op gaat lijken dat wanneer men de weersgesteldheid gaat beheersen, dit nog dodelijker zal zijn dan een oorlogvoering met kernwapens. De voorzitter van de Amerikaanse Adviescommissie inzake de Weerscontrole liet de waarschuwing horen dat, zo de vijand deze controle in handen zou hebben, de resultaten voor de Verenigde Staten van Amerika rampspoediger zouden zijn dan ontdekkingen op atoomgebied. Die waarschuwing werd omstreeks dezelfde tijd met de volgende woorden door de directeur van het laboratorium van aardwetenschappen van het Technologisch instituut te Massachusetts ondersteund: „De internationale controle op kunstmatige weersveranderingen zal voor de veiligheid der wereld van net zulk essentieel belang zijn als thans de controle der kernenergie.” Hij drong er bij Amerika op aan om Sowjet Rusland vóór te blijven of er tenminste gelijke tred mee te houden.a

5. Wat wil coëxistentie van tegen elkaar gekante natiën in werkelijkheid zeggen, en hoe moeilijk zou een „koude oorlog” het deze wereld ten slotte kunnen maken?

5 Als enige oplossing heeft men op een vreedzame coëxistentie tussen natiën met totaal verschillende politieke ideeën en stelsels aangedrongen. Zulk een coëxistentie betekent echter geen broederlijke liefde tussen de natiën. Het betekent het risico te nemen elkaar te dulden, terwijl de wedijver en de wedloop om een bepaald overwicht in de wereld en de wereldheerschappij gewoon blijven voortbestaan, alleen wat minder luidruchtig dan het lanceren van dodelijke, van atoomlading voorziene projectielen. Het enige verschil is de temperatuur van de oorlog — het is namelijk een koude oorlog. Op de in november 1957 te New Delhi, India, gehouden Wereldconferentie van religiën sprak Nehroe als India’s eerste minister de afgevaardigden toe met de woorden dat de wereld een „machtige wending” had gemaakt in de richting van het interplanetaire reisavontuur. Volgens hem kon niemand nog met zekerheid zeggen hoe de nieuwe krachten ten slotte gebruikt zouden worden. Eén ding was hem echter duidelijk geworden, namelijk, dat wanneer de „koude oorlog” bleef woeden, het voor deze wereld moeilijk zou zijn die strijd te overleven.b Anderen hebben gelijkluidende waarschuwingen doen horen.

6. Wiens supranationale wil zal voor ’s mensen behoud op aarde moeten geschieden, en hoe zal dit van invloed zijn op het doel waarmee de mens is geschapen?

6 Als mens en dier op een aarde, geschikt om er op te leven, bewaard dienen te blijven, dient er op aarde een hogere wil dan die van de zelfzuchtig verdeelde, achterdochtige natiën ten uitvoer te worden gebracht. Niet de wil van zo maar iemand in het geestenrijk die hoger en machtiger is dan de aardse natiën, maar iemand die daar verre superieur aan is. Waarom dan wel? Omdat wij er in de bijbel voor worden gewaarschuwd dat de natiën zich in de greep van de ergste vijand van de mens en zijn Schepper, namelijk, Satan de Duivel, bevinden. Hij is in feite de onzichtbare „heerser van deze wereld”, „de god van dit samenstel van dingen” (Joh. 12:31; 14:30; 2 Kor. 4:4). Wiens wil moet er dan geschieden? Indien er enig menselijk en dierlijk leven op aarde gespaard wil worden ten einde hier een eeuwige woonplaats te vinden, moet de supranationale wil op aarde geschieden, namelijk, die van God, de Schepper, die zegt: „Ik ben Jehovah. Dat is mijn naam; aan een ander zal ik mijn eer niet geven, noch mijn lof aan gesneden beelden” (Jes. 42:8). Indien mens en dier voor eeuwig van het leven op aarde willen genieten, moet Zijn wil op aarde worden gedaan. Op deze wijze zal er bewezen moeten worden dat zijn voornemen met betrekking tot het scheppen van mensen en dieren juist, rechtvaardig, goed en liefderijk is. Aldus zal zijn voornemen tot zijn onsterfelijke heerlijkheid gerechtvaardigd moeten worden. Zij die het door Jezus geleerde modelgebed opzenden, bidden of Gods voornemen gerechtvaardigd mag worden doordat zijn wil zowel op aarde als in de hemel geschiedt.

DE AARDE BLIJFT EEUWIG

7. Hoe kunnen wij ons ervan vergewissen dat het de wil van de Schepper is om de aarde voor eeuwig te laten bestaan?

7 Hoe kunnen wij ons er echter van vergewissen dat het de wil van de Schepper is om de aarde tot in der eeuwigheid te laten bestaan en altijd een bewoonde planeet te doen blijven? Hiervoor moeten wij ons niet tot de tegenstrijdige religiën der christenheid wenden. Om er positief zeker van te zijn, dienen wij het geschreven Woord van de Schepper, de bijbel, te raadplegen. Omdat hij de bijbel door middel van zijn geest of werkzame kracht heeft voortgebracht, is hij er de Schepper van, ook al heeft hij hiertoe getrouwe mannen Gods gebruikt. „Want dit eerst weet gij, dat geen profetie der Schrift voortkomt doordat de een of ander die uit zichzelf bekendmaakt. Want nimmer is profetie voortgebracht door de wil van een mens, maar mensen hebben van Godswege gesproken zoals zij door heilige geest werden meegevoerd” (2 Petr. 1:20, 21). Priesters onthouden de mensen de bijbel en geven er overeenkomstig hun geloofsbelijdenissen of menselijke dogma’s een verkeerde uitleg aan. God heeft de bijbel echter voortgebracht opdat alle mensen er in zouden lezen of zich er uit zouden laten voorlezen, zodat zij voor zichzelf zouden kunnen uitmaken wat God in zijn Boek te zeggen heeft.

8. (a) In overeenstemming met welke geschriften heeft Jezus zijn modelgebed samengesteld? (b) Waarom dient de aarde bij de komst van Gods koninkrijk niet vernietigd te worden?

8 Jezus Christus had de negenendertig boeken der Hebreeuwse Geschriften, van het boek Genesis tot en met het boek Maleachi, die voordat hij op aarde leefde onder inspiratie van Gods geest waren geschreven, tot zijn beschikking. Aan de hand van die boeken wist hij wat Gods wil met betrekking tot deze aarde was en met welk voornemen hij de aarde had geschapen en de mens er op had geplaatst. In overeenstemming met de uit deze Hebreeuwse Geschriften verkregen kennis stelde Jezus het modelgebed voor zijn volgelingen samen. Hij zei hun dat zij tot de Vader in de hemel moesten bidden: „Uw Koninkrijk kome; uw wil geschiede, gelijk in den hemel alzo ook op de aarde.” Laten wij ons dus afvragen: Leert Jezus de mensen in dit gebed vragen of de aarde door vuur of een ander middel vernietigd en van menselijke en dierlijke schepselen ontdaan mag worden? Waarom zou deze aarde, gezien het koninkrijk van de hemelse Vader in antwoord op Jezus’ gebed naar deze aarde zal komen, op dat ogenblik of op enig later tijdstip worden vernietigd? Gods koninkrijk komt om hier voor altijd te blijven. Hij hoeft de aarde niet wegens de daarop levende mensen te vernietigen, en zeker niet wanneer de dan op aarde levende mensen onder Gods koninkrijk zijn wil zullen doen zoals die ook boven in de hemel geschiedt. Waarom zou de aarde dus vernietigd moeten worden als de hemelen, waar heilige geestelijke schepselen Gods wil doen zoals deze hier op aarde onder zijn koninkrijk eveneens door menselijke schepselen gedaan zal worden, niet vernietigd worden?

(Wordt vervolgd)

[Voetnoten]

a De respectievelijk aangehaalde personen zijn H.T. Orville en dr. H.G. Houghton, volgens een bericht in de New York Times van 28 januari 1958.

b De New York Times van 18 november 1957, bladzijde 3.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen