Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w57 15/7 blz. 333
  • Is dit christendom?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Is dit christendom?
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1957
  • Vergelijkbare artikelen
  • Wat komt eerst — uw kerk of God?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1970
  • Waarom zij wegblijven uit de kerk
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1963
  • De vooruitzichten voor het protestantisme — en voor u!
    Ontwaakt! 1987
  • Wat zij over hun kerken zeggen
    Ontwaakt! 1970
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1957
w57 15/7 blz. 333

Is dit christendom?

HET volgende gedachten-stimulerende artikel van de hand van J.F. Saunders is onder de kop „Geen tijd om te bidden,” in de Cleveland Plain Dealer van 13 augustus 1956 verschenen:

● „Een zeer geachte vriend uit het krantenbedrijf placht ons zo op gezette tijden mee te delen dat hij de kerk welke hij bezocht, boven alle andere verkoos, omdat de geestelijke nauwelijks het onderwerp religie ter sprake bracht. Zijn opmerking resulteerde altijd in een lachsalvo, maar wanneer u leest dat Dr. John Heuss van New Yorks Trinity Episcopal Church eigenlijk hetzelfde heeft gezegd, dan weet u dat het niet bedoeld is om uw lachen op te wekken, maar u tot bezorgdheid zo niet tot ongerustheid te manen.

● ’Het instellen van geld-bijeenbrengings-acties, bazaars, lunchpartijtjes, diners en het verkopen van eigengebakken produkten, de persoonlijke raad welke aan kampen en clubs wordt gegeven en de talloze conferenties, is prachtig,’ zei Dr. Heuss, ’maar het heeft niets met religie uit te staan.’ ’De New Yorkse geestelijke waarschuwde dat ’de hedendaagse maalstroom van kerkelijke activiteiten met zijn dagelijkse onbenulligheden de ergste vijand der kerk is.’

● Een studie welke de Russell Sage Foundation onlangs heeft ingesteld naar de plichten van geestelijken, deed aan het licht komen dat de hedendaagse bedienaren van het evangelie niet alleen herders, maar eveneens bestuurders, raadgevers, financiers, opvoeders, organisatoren en in het mondaine leven opgaande personen moeten zijn. Er is zo’n grote vraag naar de tijd van de man die geheel toegewijd moet zijn aan het redden van zielen, dat heel veel geestelijken vrezen dat de voornaamste functie van de kerk op de achtergrond is geraakt en in het niet verzinkt door haar bijkomende functies. Men is geneigd een recordaantal lidmaten hoger aan te slaan dan een degelijke geestelijke gezondheid en men maakt de fout zich bezig te houden met maatschappelijke werkjes in plaats van over te lopen van religieuze ijver. . . .

● Het publiek was jaren geleden in het algemeen geamuseerd toen drogisten, ter aanvulling van hun handel in medicijnen, reclame maakten voor rozestruiken en uit drie lagen bestaande sandwiches, om meer klanten naar hun toonbanken te lokken, maar het vindt het heel gewoon wanneer de kerken partijtjes, picnics en smörgåsbords moeten organiseren in de hoop, er enkelen toe te kunnen verleiden tot God te bidden. Dr. Ralph Sockman, een bekende geestelijke uit New York, vergelijkt de kerk met een juwelierswinkel, waarvan de meeste geregelde klanten zich tevreden stellen met het kopen van goedkope namaakartikelen in plaats van echte religieuze produkten. . . . Kermit Eby, een socioloog aan de universiteit van Chicago, merkt op dat de moeilijkheid is, dat ’de kerk een achtenswaardige instelling is geworden, een die de grote massa wil behagen, in plaats dat het een ongeketende voorstandster van beginselen is. . . . Deze neiging om tot een achtenswaardige instelling te worden en naar gelijkvormigheid te streven, heeft de kerk als instrument van God ondermijnd.’

● Dominee Dr. Harry Emerson Fosdick, emeritus-predikant van de Riverside-kerk in New York, schildert als volgt de ’bekendere soorten’ kerkgangers: ’Zij die zich voor het uiterlijk aan de keurige, gebruikelijke zondagochtendgewoonten houden; zij die alle kerkdiensten van hun favoriete prediker bijwonen, als was hij een filmster; mensen die denken dat de kerken in het algemeen een goede instelling zijn, dat het kerk-gaan een nuttige gewoonte van het gezin is, welke niet slecht is voor de reputatie; sektarische geesten, wier kwezelarijen na de kerkgang verscherpt en bevestigd zijn; zij die slechts vrede des geestes zoeken, die door de muziek en het gebed in een gezapige rust wegzakken; en zelfs huichelaars, die hun onwaardige leven willen bedekken onder de uiterlijke schijn van religieuze achtenswaardigheid.’”

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen