OLIEHOUDENDE BOOM
[Hebreeuws: ‛ets sjeʹmen].
Er bestaat onzekerheid om welke boom het hier gaat. De Hebreeuwse naam duidt op een boom die uit „harsig hout” bestaat en rijk aan olie of een soortgelijke substantie is. Bij het Loofhuttenfeest in Jeruzalem werden samen met de takken van de olijfboom, de mirt en de palmboom ook takken van de oliehoudende boom gebruikt (Neh. 8:15). De oliehoudende boom behoort tot de bomen waarover in Jesaja’s herstellingsprofetie werd voorzegd dat ze de wildernis zouden sieren. — Jes. 41:19.