Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g97 22/8 blz. 22-27
  • Jehovah’s Getuigen in Rusland

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Jehovah’s Getuigen in Rusland
  • Ontwaakt! 1997
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • ◆◊◆
  • ◆◊◆
  • ◆◊◆
  • ◆◊◆
  • ◆◊◆
  • Russische Rechtskamer stelt Jehovah’s Getuigen in het gelijk
    Ontwaakt! 1998
  • Russen waarderen vrijheid van aanbidding
    Ontwaakt! 2000
  • Deel 5 — Getuigen tot de verst verwijderde streek der aarde
    Jehovah’s Getuigen — Verkondigers van Gods koninkrijk
  • Een vredelievend volk verdedigt hun goede naam
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2011
Meer weergeven
Ontwaakt! 1997
g97 22/8 blz. 22-27

Jehovah’s Getuigen in Rusland

Door de ogen van een theoloog

IN ROME merkten leiders van de joodse gemeenschap in de eerste eeuw over het christendom op: „Wat deze sekte aangaat, het is ons bekend dat ze overal tegenspraak ondervindt.” Wat deden die leiders? Zij waren zo verstandig naar de apostel Paulus te gaan, die toen onder huisarrest stond, en verklaarden: „Wij achten het juist van u te horen wat uw gedachten zijn” (Handelingen 28:22). Zij luisterden naar een welingelicht christen in plaats van naar mensen die zich tegen het christendom uitspraken.

Sergei Ivanenko, een gerespecteerd Russisch theoloog, deed iets dergelijks. Hoewel hij aan veel van de negatieve berichten die in Rusland over Jehovah’s Getuigen de ronde doen geloof hechtte, besloot hij voor informatie het bijkantoor van de Getuigen, dat iets buiten Sint-Petersburg ligt, op te bellen. Hij nam een uitnodiging aan om het bijkantoor te bezoeken, vragen te stellen en de Getuigen persoonlijk gade te slaan.

Toen de heer Ivanenko in oktober 1996 aankwam, naderden de gebouwen waarin de bijna 200 leden van het bijkantoorpersoneel van Jehovah’s Getuigen in Rusland ondergebracht zijn, hun voltooiing. De daaropvolgende drie dagen kreeg hij de gelegenheid om op het bouwterrein rond te kijken, mee te eten in de eetzaal en iedereen die hij wilde te interviewen.

Een artikel dat de heer Ivanenko over de Getuigen schreef, werd gepubliceerd in het populaire Russische weekblad „Moskou Nieuws” van 16–23 februari 1997. Het artikel, getiteld „Moeten wij bang zijn voor Jehovah’s Getuigen?”, verscheen ook in de Engelse uitgave, de Moscow News van 20–26 februari. Daar veel Ontwaakt!-lezers zeer geïnteresseerd zijn in de activiteiten van Jehovah’s Getuigen in Rusland, verschaffen wij hier, met toestemming, het grootste deel van de tekst. De heer Ivanenko begon met de volgende ervaring, die vetgedrukt stond:

„’Sektariërs, verdwijn uit Rusland!’, stond op het bord waarmee gezwaaid werd door leden van Zjirinovsky’s partij, de LDPR, die demonstreerden bij een bijeenkomst van Jehovah’s Getuigen. ’Wat bevalt u niet aan die organisatie?’, vroeg ik aan een van de demonstranten. Hij overhandigde me een exemplaar van de Megapolis-Express met de kop ’Religieuze uitbarsting van syfilis op Kamtsjatka’. De krant schreef dat Jehovah’s Getuigen om de kas van de organisatie te spekken, prostitutiesyndicaten organiseerden en exploiteerden en zo geslachtsziekten onder zeelui verbreidden. ’Bent u ook een van hun slachtoffers?’, vroeg ik meelevend. ’Gelooft u deze informatie?’ ’Dat doet er niet toe’, luidde het antwoord. ’Het voornaamste is dat deze Amerikaanse sekte het geestelijk leven en de cultuur van Rusland verwoest, en daar moet een eind aan komen.’”

Daarop volgde het artikel dat de heer Ivanenko had geschreven, met daarboven nog de regel: „Door Sergei Ivanenko, theoloog, kandidaat in de filosofie”.

„Een eerlijkheid zoals deze is beslist zeldzaam, hoewel het waar is dat veel Russen Jehovah’s Getuigen niet erg vriendelijk gezind zijn. Louter het noemen van deze organisatie lokt een hele reeks opmerkingen uit over haar akelige fanatisme, haar Amerikaanse oorsprong, over het blinde vertrouwen van gewone leden in de leiders van de organisatie en over het geloof dat het einde van de wereld nabij is. Bij velen roepen Jehovah’s Getuigen een mengeling van angst en nieuwsgierigheid op.

Wat is dit voor een godsdienst, en moeten wij er bang voor zijn?

Om mij daar zelf een mening over te vormen, bezocht ik het dorp Solnetsjnoje in het district Koeroertnoje, Sint-Petersburg, waar het bestuurscentrum van de Russische Jehovah’s Getuigen zich bevindt.

◆◊◆

[Het ligt] op het terrein van een voormalig zomerkamp. Tegen 1992 was het [oorspronkelijke] gebouw armzalig in verval geraakt en huisden er in plaats van kinderen landlopers en horden ratten. Het was klaarblijkelijk aan de verwaarloosde staat van het gebied te danken dat Jehovah’s Getuigen het zeven hectare grote stuk land voor onbepaalde tijd ter beschikking werd gesteld. Zij renoveerden de oude gebouwen en begonnen ook nieuwe te bouwen, waaronder een kantoorgebouw van vier etages, een [Koninkrijkszaal] met 500 zitplaatsen, en een eetzaal. Jehovah’s Getuigen gaan ook nieuw gras zaaien (speciaal besteld in Finland) en verscheidene soorten zeldzame bomen planten. Men verwacht het werk deze zomer klaar te hebben. De voornaamste taak van het bestuurscentrum is het organiseren van de predikingsactiviteit en de bezorging van lectuur bij lokale gemeenten van Jehovah’s Getuigen. Solnetsjnoje heeft geen eigen drukfaciliteiten, zodat de Russische lectuur in Duitsland wordt gedrukt, vervolgens wordt afgeleverd in Sint-Petersburg en vandaar naar de regio’s wordt gedistribueerd. Er werken ongeveer 190 mensen in dit centrum. Zij werken op vrijwillige basis en ontvangen geen salaris, maar er wordt in alle basisbehoeften voorzien, zoals woonruimte, voedsel en kleding.

Het werk in het centrum staat onder leiding van een comité van achttien ouderlingen. Vasily Kalin is sinds 1992 coördinator van het bestuurscentrum. Hij is geboren in Ivano-Frankovsk. In 1951 — hij was toen vier jaar — werd hij met zijn ouders verbannen naar Siberië (in 1949 en 1951 werden zo’n 5000 gezinnen door de autoriteiten vervolgd omdat zij Jehovah’s Getuigen waren). Hij werd in 1965 gedoopt en woonde in de buurt van Irkoetsk. Hij werkte als voorman bij een houtverwerkingsbedrijf.

Naast de vrijwilligers van het bestuurscentrum wonen er ook 200 vrijwilligers uit Rusland, Finland, Zweden en Noorwegen in Solnetsjnoje die meehelpen bij de bouw: De meesten van hen hebben hun gewone werk tijdelijk opgezegd. Er zijn ook heel wat Jehovah’s Getuigen uit Oekraïne, Moldova, Duitsland, de Verenigde Staten, Finland, Polen en andere landen. (Jehovah’s Getuigen kennen geen raciale vooroordelen. Ondanks het feit dat in het centrum Georgiërs, Abchaziërs, Azerbajdzjanen en Armeniërs naast elkaar wonen, heeft zich in vier jaar geen enkel conflict voorgedaan.)

Het grootste deel van het bouwmateriaal en de uitrusting is door Scandinavische landen geleverd en veel ervan werd ook geschonken door geloofsgenoten. Mij werd een bulldozer getoond die een Zweedse Getuige in 1993 naar Solnetsjnoje had gebracht. Hij had er zolang hij daar was op gewerkt en hem voordat hij naar huis ging aan zijn broeders in het geloof gegeven. De bouwers zijn gehuisvest in comfortabele pensions en bungalowtjes. Hun dag verloopt ongeveer als volgt: 7.00 uur — ontbijt en gebeden; zij werken van 8.00 uur tot 17.00 uur, met een uur voor de lunch. Op zaterdag werken zij tot lunchtijd en zondag is een rustdag.

Zij eten goed en er staat altijd fruit op het menu. Er worden bij deze godsdienst geen vasten gehouden of strenge voedselrestricties nageleefd. Na het werk gaan velen naar de sauna en nemen dan een biertje en zitten wat naar muziek te luisteren. Er zijn geen dronkaards onder Jehovah’s Getuigen, maar alcohol is ook niet verboden. De gelovigen mogen bescheiden hoeveelheden wijn, cognac, wodka, enzovoort, drinken. Jehovah’s Getuigen roken echter niet.

◆◊◆

Driemaal per week zijn er bijbelstudieklassen, die overwegend door jonge mensen worden bijgewoond. Het is echter niet ongewoon mensen aan te treffen die al dertig tot veertig jaar Jehovah’s Getuigen zijn. Bijna alle ouderen hebben enige tijd in gevangenissen, in werkkampen en in ballingschap doorgebracht. Toen de periode van onderdrukking voorbij was, hebben veel artsen, juristen, ingenieurs, leraren, zakenmensen en studenten zich bij Jehovah’s Getuigen aangesloten.

De gemeenten proberen een sfeer van gelijkheid onder hun leden te bewaren. Zelfs de coördinator van het bestuurscentrum bijvoorbeeld doet ’s avonds de afwas wanneer het zijn beurt is. Jehovah’s Getuigen spreken elkaar op een informele manier aan en zeggen ook wel ’broeder’ of ’zuster’ wanneer zij iemand bij zijn of haar naam noemen.

Wanneer een getuige van Jehovah de bijbelse leer overtreedt en weigert berouw te hebben, wordt hij aan de ernstigste vorm van straf onderworpen — hij wordt uitgestoten. De persoon in kwestie kan nog wel vergaderingen bijwonen, maar hij wordt niet langer door zijn medegelovigen gegroet. Een minder ernstige maatregel zou een terechtwijzing zijn.

◆◊◆

Ik heb Jehovah’s Getuigen lang gadegeslagen in een poging erachter te komen wat het is dat zo veel verschillende mensen naar deze godsdienstige organisatie heeft gevoerd. Bij al de verschillen in persoonlijkheid, niveau van onderwijs en persoonlijke sympathieën en antipathieën [verenigen Jehovah’s Getuigen zich niet in aanbidding met] religies die een compromis sluiten met de zondige wereld. Zij voelen zich niet op hun gemak op plaatsen waar [mensen] blindelings moeten geloven in gezag, waar ruimte is voor mystiek en waar de mensen verdeeld zijn in de hiërarchie enerzijds en de gehoorzame massa anderzijds.

Jehovah’s Getuigen onderscheiden zich door hun onwrikbare geloof in leven naar de bijbel. Zij proberen elke stap die zij doen te onderbouwen met dit of dat bijbelse beginsel of door een passage uit het Oude of Nieuwe Testament te citeren. Jehovah’s Getuigen geloven dat de bijbel en alleen de bijbel het antwoord op alle vragen bevat. Voor Jehovah’s Getuigen is de bijbel de grondwet, het burgerlijk wetboek en de hoogste uiting van waarheid.

Om die reden staan Jehovah’s Getuigen wereldwijd bekend als mensen die zich onberispelijk aan de wet houden en vooral om hun gewetensvolle instelling tegenover het betalen van belastingen. De belastinginspectie controleert hen geregeld en is iedere keer verbaasd geen enkele overtreding te vinden. Natuurlijk zouden Jehovah’s Getuigen, zoals menigeen, kunnen proberen een reden te vinden om geen belasting te betalen, maar de bijbel zegt dat belastingen eerlijk betaald moeten worden, en voor Jehovah’s Getuigen is dat doorslaggevend.

Maar hun onwrikbare houding ten aanzien van de bijbel is vaak de bron van ernstige botsingen tussen Jehovah’s Getuigen en de regering. Hun absoluut apolitieke standpunt is een voornaam geschilpunt en komt tot uiting in hun weigering in het leger te dienen.

Jehovah’s Getuigen geven een letterlijke interpretatie aan Jezus’ woorden dat zijn discipelen en zijn koninkrijk geen deel van deze wereld zijn en dat is de reden waarom zij weigeren deel te nemen aan de politiek en aan oorlog, ongeacht waar en om welke reden die wordt gevoerd. Omdat Jehovah’s Getuigen weigerden ’Heil Hitler’ te roepen en in Hitlers leger te dienen, werden vele duizenden gelovigen naar nazi-concentratiekampen gestuurd, en er zijn er duizenden gestorven. Iedere Duitse getuige van Jehovah die met zijn leven betaald heeft voor zijn weigering mee te doen aan de agressie tegen de Sovjet-Unie, wordt door Russen beschouwd als iemand die een zeer morele daad gesteld heeft. Tegelijkertijd zijn veel Russen echter niet geneigd compassie te voelen met die [Russische] getuigen van Jehovah die terechtgesteld werden omdat zij weigerden de wapens op te nemen en mee te vechten in de Tweede Wereldoorlog, of die werden veroordeeld wegens hun weigering in vredestijd in het leger te dienen. Maar in beide gevallen handelden Jehovah’s Getuigen naar hun godsdienstige opvattingen en niet naar een politieke overtuiging.

Niet lang geleden deed zich een soortgelijk probleem voor in Japan, waar enkele studenten die Jehovah’s Getuigen waren, weigerden vechtsporten te leren en het risico liepen van de universiteit gestuurd te worden. In 1996 besliste het opperste gerechtshof van Japan dat deze studenten in hun recht stonden en alternatieve lessen mochten volgen.

◆◊◆

Wat vinden moderne denkers zo verbazingwekkend aan Jehovah’s Getuigen? Bovenal hun hardnekkige prediking dat het einde van de wereld voor de deur staat (zij doen zendingswerk op straat en van deur tot deur). Onlangs hebben ouderlingen predikers de raad gegeven niet zo veel nadruk te leggen op het ’einde van de wereld’ en het betreurenswaardige lot dat zondaars ten deel zal vallen, maar in plaats daarvan aan mensen die luisteren uit te leggen dat Jehovah hun de gelegenheid biedt ’eeuwig leven in een aards paradijs’ te hebben.

Nog een teer punt is de negatieve houding van Jehovah’s Getuigen tegenover interreligieus contact en hun afwijzing van de oecumene. Zij geloven dat de christelijke wereld God en de bijbel verraden heeft en dat alle andere godsdiensten een rampzalige vergissing zijn. Jehovah’s Getuigen vergelijken deze godsdiensten met de ’hoer van Babylon’ en beweren dat hun hetzelfde lot zal treffen. In een recente uitgave van ’Ontwaakt!’ wordt gezegd dat het einde nabij is voor allerlei godsdiensten, en dat de enige godsdienst die over zal blijven, de door Jehovah’s Getuigen gepredikte is.

Jehovah’s Getuigen erkennen trouwens wel het recht van ieder mens op vrijheid van geweten.

◆◊◆

Een aantal landen heeft zich al bezorgd uitgelaten over de vraag of de leer van Jehovah’s Getuigen al dan niet een bedreiging voor de samenleving is. Het Hooggerechtshof van de staat Connecticut in de Verenigde Staten (1979) en dat van New South Wales in Australië (1972), de provinciale rechtbank van British Columbia in Canada (1986) en andere rechtscolleges hebben verklaard dat er geen aanwijzingen zijn dat Jehovah’s Getuigen een maatschappelijk gevaar vormen of dat zij een bedreiging zijn voor de gezondheid of emotionele gesteldheid van mensen. Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (1993) verdedigde het recht op vrijheid van godsdienst van Jehovah’s Getuigen, dat in Griekenland en Oostenrijk beknot werd. Op het moment hebben Jehovah’s Getuigen in 25 landen met vervolging te kampen . . .

Jehovah’s Getuigen kunnen als een voorbeeld voor hun medeburgers beschouwd worden wegens hun verknochtheid aan de bijbelse waarheid en hun bereidheid zo onzelfzuchtig voor hun overtuiging op te komen. Maar de vraag rijst: Is onze maatschappij bereid grondwettelijke garanties voor vrijheid van geweten te verlenen aan organisaties die zo radicaal en onwrikbaar vasthouden aan hun bijbelse benadering van alle aspecten van het leven?”

In deze laatste zin wierp de heer Ivanenko een belangrijke vraag op. In de eerste eeuw werd de apostel Paulus, die rechtstreeks door Christus uitgekozen was om als zijn vertegenwoordiger op te treden, ten onrechte in de boeien geslagen. Paulus schreef daarom aan medegelovigen over zijn inspanningen voor „het verdedigen en wettelijk bevestigen van het goede nieuws”. — Filippenzen 1:7; Handelingen 9:3-16.

Jehovah’s Getuigen nodigen thans iedereen uit hun activiteiten grondig te beschouwen, zoals de heer Ivanenko dat heeft gedaan. Wij zijn ervan overtuigd dat als mensen dat doen, zij zullen constateren dat de negatieve berichten over de Getuigen niet waar zijn, zoals ook zulke berichten over de vroege christenen onwaar waren. Op markante wijze gehoorzamen de Getuigen aan het ’nieuwe gebod’ dat Jezus zijn discipelen gaf: ’Hebt elkaar lief; net zoals ik u heb liefgehad.’ — Johannes 13:34, 35.

[Kader op blz. 23]

Uit het MN-archief

(Dit artikel door Sergei Ivanenko ging vergezeld van de volgende informatie uit de archieven van de „Moskou Nieuws”.)

„De Russische Jehovah’s Getuigen maken deel uit van een wereldomvattende christelijke organisatie die werkzaam is in 233 landen en 5,4 miljoen leden telt. Jehovah’s Getuigen volgen de geestelijke leiding van het Besturende Lichaam, dat in Brooklyn (New York) zetelt. De hedendaagse organisatie van Jehovah’s Getuigen heeft zich ontwikkeld uit een bijbelstudieklas die in 1870 door Charles Taze Russell werd opgericht in Pittsburgh (Pennsylvania). De organisatie kwam in 1887 naar Rusland. Een van de eerste Russische getuigen van Jehovah, Semjon Kozlitsky, werd in 1891 van Moskou naar Siberië verbannen. Ondanks de vervolging hield de organisatie stand; in 1956 waren er 17.000 Jehovah’s Getuigen in de Sovjet-Unie. Pas in maart 1991 werden Jehovah’s Getuigen in Rusland erkend nadat de wet betreffende vrijheid van godsdienst was aangenomen. Thans zijn er ruim 500 gemeenschappen met circa 70.000 leden actief in Rusland. De organisatie verspreidt exemplaren van de ’Wachttoren’ (uitgegeven in 125 talen, oplage 20 miljoen) en ’Ontwaakt!’ (in 81 talen, oplage 18 miljoen).”

[Illustratie op blz. 23]

Deel van het bijkantoorcomplex in Rusland

[Illustratie op blz. 24]

De Koninkrijkszaal waar de bijkantoorfamilie in Rusland voor bijbelstudie bijeenkomt

[Illustraties op blz. 25]

Getuige-gezinnen studeren samen en genieten met elkaar van ontspanning

[Illustraties op blz. 26]

Zij delen bijbelkennis met anderen

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen