Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g94 22/3 blz. 6-11
  • Is de werker zijn loon waard?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Is de werker zijn loon waard?
  • Ontwaakt! 1994
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • De onderwijzers van onze kinderen
  • En dan is er de sport
  • De huidige problemen met de sport
    Ontwaakt! 1991
  • Steroïden — Wat u eraan hebt en de schade die ze u berokkenen
    Ontwaakt! 1989
  • Iets beters dan profvoetbal
    Ontwaakt! 1976
  • Teamsporten — Zijn ze iets voor mij?
    Ontwaakt! 1996
Meer weergeven
Ontwaakt! 1994
g94 22/3 blz. 6-11

Is de werker zijn loon waard?

KIJK eens naar hen! Zij schijnen nauwelijks het hoofd boven water te kunnen houden; vaak zijn zij erbarmelijk behuisd en menigmaal beschikken zij slechts over het aller-allernoodzakelijkste, ook al is het een welvarend land waarin velen van hen wonen en hun gezin grootbrengen. Het zijn de rondtrekkende seizoenarbeiders, wel vijf miljoen in de Verenigde Staten alleen al, die het fruit en de groenten oogsten voor enkele van de grootste ondernemingen van het land.

Zie hun geschramde en zere lijf zwoegen in de brandende hitte. Kijk hoe zij hun rug proberen te strekken na lange uren in gebogen houding groenten geoogst te hebben die de planken en bakken van verre levensmiddelenbedrijven en supermarkten zullen sieren. Van zonsopgang tot zonsondergang, zes en zeven dagen per week, zijn zij er. Kijk naar de kinderen, die naast hun ouders en vaak naast hun bejaarde grootouders werken. Veel van die kinderen worden al jong van school gehaald omdat hun ouders de gewassen volgen die geoogst moeten worden, seizoen na seizoen. En dat alles om een karig kostje bijeen te scharrelen.

Hebt u last van het voortdurende lawaai van het laag overkomende vliegtuigje als u naar het gezwoeg van deze arbeiders op de velden kijkt? Gaan uw ogen branden en begint uw huid te prikken en te jeuken door de giftige pesticiden uit de sproeiers van het vliegtuig? Bent u bang voor de gevaren die u op korte en lange termijn loopt? De arbeiders wel. De spray zit op hun kleren, in hun neusgaten, in hun longen, altijd. Zij hebben de tol gezien die deze funeste chemicaliën van hun kinderen en bejaarde ouders eisen. Zij hebben meegemaakt dat familieleden en andere arbeiders op jeugdige leeftijd invalide werden door pesticidevergiftiging.

Eén kind, nu een jonge tiener, had bij haar geboorte een heupdislocatie, geen borstspier rechts en een halfzijdige gezichtsverlamming. Haar vader denkt dat haar misvorming veroorzaakt is door pesticiden waarmee de aardbeienvelden besproeid werden toen haar moeder in verwachting was. Volgens berichten ondervinden jaarlijks 300.000 arbeiders schadelijke gevolgen van de blootstelling aan pesticiden en is het percentage invaliden onder de rondtrekkende seizoenarbeiders vijfmaal zo hoog als onder de arbeiders in enige andere industrie.

Krijgt u het nog niet te kwaad bij de aanblik van hun gezwoeg op de velden of van hun schamele woonomstandigheden, luister dan naar hun woorden. „Van dit werk word je dood- en doodmoe”, zucht een moeder van zeven kinderen na een lange, zware dag op het veld. „Ik denk dat ik me alleen nog was en dan naar bed ga. Ik heb vanochtend tot over vieren geslapen en had geen tijd om het middageten klaar te maken, dus ik heb niet gegeten. Nu ben ik te uitgeput om te eten.” Haar handen zitten vol blaren. Een vork of lepel zou eten tot een pijnlijke zaak maken.

„[Onze kinderen] helpen ons soms in het weekend”, zei een andere moeder, „en weten wat het is om op de velden te werken. Zij willen hun kost niet op die manier verdienen. . . . Van het sinaasappels plukken van vorige winter heb ik nu nog splinters in mijn handen.” Haar man vertelde: „Wij werken zes dagen per week van zonsopgang tot zonsondergang. . . . Maar wij zullen dit waarschijnlijk ons hele leven moeten doen. Wat zouden we anders moeten?” Samen verdient dit echtpaar een schrale $10.000 per jaar — onder de armoedegrens naar Amerikaanse maatstaven.

De arbeiders schrikken ervoor terug hun beklag te doen omdat zij bang zijn hun baan te verliezen. „Je klaagt”, zei er een, „en ze nemen je niet meer aan.” Veel van de rondtrekkende arbeiders zijn echtgenoten en vaders die hun gezin achter hebben moeten laten om de gewassen te volgen, daar de huisvesting, vaak barakken van slakkenbeton die wel 300 arbeiders herbergen, te smerig en te vol is voor andere leden van hun gezin. „Het zou prettig zijn het hele jaar bij [mijn gezin] te wonen,” zei een vader, „maar het is nu eenmaal niet anders.” „We zitten al helemaal onder aan de ladder”, zei een ander. „We kunnen alleen maar hogerop.” Wat de zaak nog erger maakt, is dat velen van hen ook onder aan de loonschaal zitten. Sommigen lijkt $10.000 per jaar voor een arbeidersgezin reusachtig toe, een onbereikbaar hoog salaris. „De kwekers kunnen derde-wereldlonen betalen en arbeiders die niet precies doen wat ze gezegd wordt, wegsturen”, schreef het blad People Weekly. „De werker is zijn loon waard”, zei Jezus (Lukas 10:7). De rondtrekkende seizoenarbeiders moeten zich wel afvragen wanneer dit beginsel in hun leven op zal gaan.

De onderwijzers van onze kinderen

Beschouw nu eens degenen die er uit hoofde van hun beroep verantwoordelijk voor zijn, kinderen en volwassenen lezen, schrijven, spellen, rekenen, wat biologie en geografie, en gedragsnormen voor op het werk bij te brengen — de componenten van een basisopleiding. Op instellingen voor hoger onderwijs worden recht, medicijnen, scheikunde, techniek en geavanceerde technologieën gedoceerd, terreinen waarop zich de meer lucratieve banen in dit computer- en ruimtevaarttijdperk bevinden. Zouden deze docenten, gezien het enorm grote belang van hun onderwijs, niet in aanmerking komen voor een salaris dat past bij de onschatbare diensten die zij de samenleving bewijzen? Vergelijkt men hen met mensen die een salaris beuren dat in geen enkele verhouding staat tot het werk dat zij doen, dan heeft het er veel van weg dat de maatschappij het leraarsambt niet hoog aanslaat.

Tegen het eind van deze twintigste eeuw is onderwijs geven hier en daar een riskant beroep geworden, niet alleen op middelbare scholen maar ook op basisscholen. In sommige plaatsen krijgen onderwijzers de raad in de klaslokalen en op de speelplaats een stok bij zich te hebben om zich te verdedigen tegen onhandelbare kinderen. Schoolkinderen van alle leeftijden hebben pistolen en messen bij zich, op hun lichaam en in lunchtrommeltjes.

Leerlingen hebben hun leraren, mannen zowel als vrouwen, lichamelijk letsel berokkend. De afgelopen jaren zijn op middelbare scholen in de Verenigde Staten meer dan 47.000 leraren en 2,5 miljoen leerlingen het slachtoffer van criminaliteit geworden. „Het probleem heerst overal,” stond in het blad voor onderwijzers NEA Today te lezen, „maar het is het ergst in stedelijke gebieden, waar een leraar jaarlijks een kans van één op vijftig loopt op school aangevallen te worden.” Het wijdverbreide gebruik van drugs en alcohol op scholen heeft de frustratie van de leraren nog vergroot.

Iets wat hun last nog verzwaart, is dat in sommige streken van leraren wordt verwacht dat zij zolang zij werken, blijven studeren en hun vakantietijd gebruiken om cursussen voor gevorderden te volgen of congressen of seminars voor leraren in hun vak bij te wonen. Zou het u niettemin verwonderen als u hoorde dat in sommige grote steden van de Verenigde Staten het salarisniveau voor schoolconciërges — degenen die ervoor verantwoordelijk zijn dat de scholen schoon en in een goede staat van onderhoud blijven — $20.000 hoger kan liggen dan dat van leraren?

De salarissen van leraren variëren van land tot land, van deelstaat tot deelstaat en van district tot district. In sommige landen is de salarisschaal voor leraren de laagste in het land. Uit verslagen blijkt dat zelfs in welvarender landen hun loon in geen verhouding staat tot de verantwoordelijkheid die op hun schouders rust.

Volgens The New York Times zei iemand die kritiek had op de salarisschaal voor leraren en onderwijzers: „In de Verenigde Staten zijn de vakken waartoe mensen zich geroepen voelen, zoals onderwijs geven . . ., altijd heel slecht betaald of beloond geweest. Het publiek heeft altijd gedacht: ’Och, dat is hun [hobby], dat doen ze graag.’ Ik vind dat niet erg fair en ik denk niet dat het erg schrander is.” Neem bijvoorbeeld dit verslag eens dat in The New York Times stond: „De salarissen van hogeschool- en universiteitsmedewerkers zijn in het academisch jaar 1991/92 met het kleinste percentage in twintig jaar gestegen”, gemiddeld 3,5 procent. „Neem je bij die 3,5 procent opslag de inflatie in aanmerking,” zo merkte een onderzoekster op, „dan zijn de salarissen met een minuscule 0,4 procent gestegen.” De bezorgdheid groeit dat veel verantwoordelijke docenten zich met het oog op de lage salarissen gedwongen zouden kunnen zien, het onderwijs vaarwel te zeggen voor een beter betaalde baan.

En dan is er de sport

Een daarbij scherp afstekend voorbeeld van uit de hand gelopen salarissen vormt de sportwereld. Hoe bezien de rondtrekkende seizoenarbeiders die aan de armoedegrens zitten en de onbillijk betaalde docenten de buitensporige nettobedragen die sportfiguren toucheren?

Glimlacht de gemiddelde politieagent die zijn rondje loopt en de brandweerman die wacht heeft — mensen die elke dag hun leven riskeren in hun werk — goedkeurend om de bizarre salarissen die beroepssporters uitbetaald krijgen omdat zij als vedettes toegejuicht worden? In de Verenigde Staten zijn het afgelopen decennium meer dan 700 politieagenten tijdens het uitoefenen van hun taak vermoord. Het aantal dodelijke ongevallen onder brandweerlieden ligt ook hoog. Toch wordt algemeen erkend dat deze goed getrainde professionals grof onderbetaald worden. Zouden zij geen vraagteken zetten bij de waarde die de samenleving aan hun baan en leven hecht?

Neem bijvoorbeeld het honkbal eens — een grote trekpleister voor sportliefhebbers in de Verenigde Staten, Canada en Japan. Ruim 200 spelers in de eredivisie in de Verenigde Staten verdienen meer dan een miljoen dollar per jaar. Aan het eind van het honkbalseizoen 1992 tekenden 100 spelers contracten die hun in totaal $516 miljoen garandeerden. Van hen tekenden er 23 een contract voor meer dan $3 miljoen per jaar. Deze verbijsterende salarissen van minder bekende spelers verzinken in het niet bij de bedragen die neergeteld worden voor de meer in de schijnwerpers staande spelers, die contracten tekenden voor meer dan $43 miljoen voor zes jaar spelen en $36 miljoen voor vijf jaar spelen. Elk jaar opnieuw schieten de salarissen verder omhoog en worden er nieuwe records gevestigd voor de hoogst betaalden in de honkbalgeschiedenis. Ook het football heeft de salarissen van spelers omhoog zien schieten tot een gemiddelde van $500.000.

Deze salarissen roepen de vraag op: Kan de gemiddelde lezer zich indenken hoe het is, een wekelijkse cheque ter waarde van $62.500 te incasseren? „Toch is dat precies wat al die miljoenen dollars verdienende quarterbacks van de National Football League elke week doen in het zestien weken durende seizoen”, berichtte The New York Times. „Of wat vindt u van een honkballer die $2 miljoen toucheert, die om de twee weken een cheque ter waarde van $75.000 krijgt? Als de belasting eraf is, heeft hij nog $50.000 om er tot de 15de van de maand van rond te komen.” Daarbij is niet het geld inbegrepen dat het sportfenomeen krijgt voor de commerciële reclame die hij maakt, voor gesigneerde honkballen en voor handtekeningen voor fans, en voor zijn aanwezigheid bij allerlei gelegenheden, dat in totaal miljoenen kan belopen. Nogmaals, wat moet de onderbetaalde leraar denken wanneer hij of zij in een jaar minder verdient dan een sportman in één wedstrijd kan beuren?

Door de macht van de televisie gaat het ook golf-, tennis-, basketbal- en ijshockeyprofessionals voor de wind. Sterren in hun tak van sport hebben een inkomen dat in de miljoenen loopt. Een prominente ijshockeyer tekent een $42-miljoencontract voor zes jaar. Een andere ijshockeyer krijgt voor vijf jaar $22 miljoen, een gemiddelde van $4,4 miljoen per seizoen, ook als hij wegens blessures of ziekte nooit een paar schaatsen voor zijn team onderbindt.

Bij een tenniswedstrijd tussen twee topprofessionals, een man en een vrouw — het „Gevecht tussen de seksen” genoemd — voerden de twee een felle strijd op de baan voor een ’winner-take-all’-prijzengeld van $500.000. Hoewel de man de prijs won, kregen zij naar verluidt beiden „aanzienlijke aanwezigheidspremies, die niet werden bekendgemaakt maar geschat werden op ergens tussen de $200.000 en $500.000 elk”.

In landen als Groot-Brittannië, Italië, Japan en Spanje, om er slechts enkele te noemen, zijn de salarissen voor beroepssporters de pan uitgerezen — ongehoorde bedragen van miljoenen dollars. Dit alles was er voor een toptennisprof aanleiding toe de salarissen van de jaren ’90 „walgelijk” te noemen.

Dit wil echter niet zeggen dat de schuld van deze hoge salarissen ook maar enigszins bij de beroepssporters ligt. Het zijn de teameigenaars die hoge salarissen bieden voor talent. De spelers accepteren slechts wat er geboden wordt. Hun komt de eer toe de fans aan te trekken als supporters van de teams. In het seizoen 1992 bijvoorbeeld kwamen er in veel stadions recordaantallen toeschouwers voor het honkbal en football. Dit en de televisierechten hebben de eigenaars meer inkomsten opgeleverd. Vandaar dat sommigen redeneren dat de spelers slechts krijgen wat hun toekomt.

Een vergelijking van de buitensporige salarissen die verdiend worden met een bal over een net te meppen, in een klein gat te tikken of buiten een honkbalveld te slaan enerzijds met anderzijds het armoedige loon dat rondtrekkende arbeiders krijgen die lange uren onder een hete zon zwoegen om ons voedsel te oogsten, illustreert hoe treurig het met het waardenbesef van een welvarende samenleving gesteld is.

Sta eens stil bij nog een contrasterend voorbeeld, het profiel van een andere bekende professional. Met een budget van nog geen $2 miljoen voor research naar een vaccin ter voorkoming van polio, zwoegden de Amerikaanse geleerde Jonas Salk en zijn medeonderzoekers lange dagen in een laboratorium aan de totstandkoming van het ene vaccin na het andere, testend en nog eens testend. In 1953 maakte Salk de ontwikkeling van een proefvaccin bekend. Tot de eersten die het testvaccin kregen toegediend, behoorden Salk, zijn vrouw en hun drie zonen. Het vaccin bleek veilig en effectief te zijn. Nu is polio zo goed als uitgeroeid.

Salk ontving talrijke onderscheidingen voor zijn bijzondere bijdrage tot het voorkomen van deze dodelijke en verminkende ziekte. Hij weigerde echter elke financiële beloning en keerde naar zijn laboratorium terug om het vaccin te verbeteren. Het is duidelijk dat zijn ware beloning niet bestond in geld maar in de voldoening kinderen en ouders bevrijd te zien van de angst voor dit ernstige gevaar.

Beschouw tot slot eens hoe het is om in kennis te worden gesteld van het vooruitzicht eeuwig op een paradijsaarde te leven, waar ziekte, kwalen en verdriet voor altijd uitgebannen zijn. Denkt u zich eens in wat een fraaie salarissen de onderwijzers van zulk goed nieuws redelijkerwijs zouden kunnen beuren. Zulke onderwijzers zijn er, maar hun onderwijs is gratis! Voor hen geen geldelijke beloning! Toen Jezus zei dat ’de werkers hun loon waard zijn’, had hij het niet over salarissen voor deze onderwijzers van dit goede nieuws (Lukas 10:7). Hij verzekerde hun dat zij zouden ontvangen wat zij nodig hadden en zei eveneens: „Gij hebt om niet ontvangen, geeft om niet” (Mattheüs 10:8). Wat zal hun beloning zijn? Ah, precies wat Jezus, de grootste mens die ooit heeft geleefd, beloofde — eeuwig leven op een gereinigde paradijsaarde. Daar kunnen salarissen van talloze miljoenen niet tegenop!

[Kader op blz. 9]

Geld, roem of drugs?

De verlokking van de roem en de miljoenen guldens die er in de beroepssport te verdienen zijn, heeft jongeren ertoe verleid hun toevlucht te nemen tot het gebruik van anabole steroïden om in abnormaal korte tijd een indrukwekkend lichaam en spierbundels te ontwikkelen. Dr. William N. Taylor, lid van de Amerikaanse Olympische Drugscontrolecommissie, waarschuwde dat het gebruik van deze drugs „epidemische proporties” heeft aangenomen. Naar schatting gebruiken alleen al in de Verenigde Staten zo’n 250.000 adolescenten steroïden.

„De druk om op de universiteit steroïden te gebruiken, is ongelofelijk groot”, zei een professional bij het Amerikaans football. „Atleten denken geen twintig jaar vooruit, staan niet stil bij de problemen die zich kunnen voordoen als zij steroïden gebruiken. Zij denken nog geen twintig dagen vooruit, de student zeker niet. De instelling van de atleet, vooral op jeugdige leeftijd, is: Ik doe alles wat nodig is om het te maken.”

„Als ik in de ploeg opgenomen wil worden,” zei iemand die ernaar streefde footballprof te worden, „moet ik ze gebruiken. . . . Er is zo veel competitie in het gewichtheflokaal. Je wilt elk jaar zwaarder en sterker worden, en je ziet andere knapen groeien, en jij wilt ook groeien. Dat wordt een obsessie voor je.” Ondanks dat gevoel bereikte deze atleet, zonder de hulp van steroïden, het doel waarnaar hij streefde — hij werd footballprofessional. Hij gelooft dat steroïden „gevaarlijker zijn voor de sport dan illegale drugs”.

Er zijn boekdelen over geschreven, niet alleen door artsen maar ook door mensen die de ontzettend schadelijke effecten van steroïden en andere lichaamsontwikkelende drugs hebben ondervonden. De ernstigste reacties zijn dodelijk geweest.

[Illustratie op blz. 7]

Seizoenarbeiders in de knoflookoogst bij Gilroy in Californië

[Verantwoording]

Camerique/H. Armstrong Roberts

[Illustratie op blz. 8]

Zijn leraren hun loon niet alleszins waard?

[Illustratie op blz. 10]

In de Verenigde Staten verdienen ruim 200 spelers in de honkbal-eredivisie meer dan een miljoen dollar per jaar

[Verantwoording]

Focus On Sports

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen