Point Lobos — Spectaculair treffen van land en water
NIET alleen spectaculair, want soms heeft dit treffen van land en water bij Point Lobos bepaald een gewelddadig karakter! Als het hoog tij is en er een krachtige oceaanwind staat, vormen zich reusachtige golven die zich met donderend geweld tegen de rotsklippen storten. Met een daverende dreun schieten ze 12 tot 15 meter de lucht in. Als dit gebeurt, haasten bezoekers zich naar Sea Lion Point om het spektakel te zien. Zij stellen zich zo dichtbij op als zij durven en kijken vol ontzag toe hoe golf na golf zich tegen de klip gooit. Geboeid door dit machtsvertoon waarbij tonnen water hemelwaarts worden geslingerd, letten zij niet op de vlagen fijne nevel die over hen heen slaan. Zolang de golven tekeergaan, voelt het publiek er niets voor om te vertrekken.
Maar eens moeten zij toch weg, want er is veel meer te zien bij Point Lobos. De attracties zijn legio en dat is een van de redenen waarom de staat Californië het in 1933 heeft gekocht en het tot staatsreservaat heeft verklaard. De andere reden, de voornaamste, was het behoud van de prachtige Monterey-cipres. Die groeit in het wild slechts op Point Lobos en het nabijgelegen schiereiland Monterey. Langs de rand van deze hoge steile oevers, die uitzicht bieden op de Grote Oceaan, heeft de Monterey-cipres nu zijn laatste verdedigingsstelling ingenomen.
Toen Point Lobos staatsreservaat werd, had het een kleurrijke geschiedenis achter de rug. Eeuwenlang hadden Indianen schaaldieren verzameld en hun kamp opgeslagen op de landtongen. Tegen het einde van de 18de en in het begin van de 19de eeuw werd het weidegrond voor vee. De Portugezen hadden er van 1861 tot 1884 een walvisstation. Daarna gingen Japanse vissers zich er bezighouden met het inblikken van abalone, waarvan er honderdduizenden naar de Oriënt werden verscheept. Het land wisselde veelvuldig van eigenaar — eenmaal, zo zegt men, tijdens een spelletje kaart.
De paden
De ingang van het Point Lobos Staatsreservaat is te bereiken via de Pacific Coast Highway 1 en ligt 16 km ten zuiden van Monterey en 5 km onder Carmel. Er lopen weinig wegen door het reservaat. Ze leiden naar drie grote parkeerterreinen, vanwaar paden uitwaaieren die zich door dennen- en cipressenbossen slingeren. Een 10 km lang pad volgt de kustlijn van het reservaat; nu eens gaat het rakelings langs de rand van hoge steile oevers en biedt het spectaculaire uitzichten op een kolkende zee ver beneden, dan weer daalt het af naar de waterkant en voert het u naar getijdepoeltjes waarin het wemelt van leven — zeeanemonen, zeeëgels, krabben, zeesterren, schaaldieren, groene en rode algen, en nog veel meer. Buk eens even om een blik te werpen in die fascinerende, kleine wereldjes op de rotsen. Maar wees op uw hoede! Snaakse golven bezorgen u graag een nat pak!
Kijk als u langs het pad op weg bent naar Bird Island, eens neer op de jadegroene wateren van China Cove, dat daar beneden als een edelsteen ingebed ligt tussen steile klippen. Golven kabbelen lui naar het smalle zandstrand aan één kant, waar pootjebaders en zwemmers genieten van het koude water en zich later koesteren in de warme zon van het beschutte strand. Er zijn er meer die deze luxe op prijs weten te stellen — zeehonden vleien zich neer op de rotsrichels om wat zonnewarmte op te doen.
Het pad loopt verder tot u ter hoogte van Bird Island komt, waar zeevogels zich bij honderden verzamelen. Als de tijd is aangebroken om een nest te bouwen, vliegen de aalscholvers constant aan met slierten zeewier bungelend uit hun snavel; ze bouwen de nesten zo dicht bij elkaar dat ze doen denken aan projectontwikkelaars die zoveel mogelijk huizen op een stukje grond zetten. Het is een komen en gaan van pelikanen, die op hun visstrooptochten de zee induiken als zij hun middagmaal beneden zien zwemmen. Zeemeeuwen zweven en zwenken zo heerlijk vrij in de wind dat menselijke ’voetgangers’ er jaloers op kunnen worden.
De Cypress Grove Trail, het pad dat zich door een van de twee nog op aarde resterende, in het wild groeiende Monterey-cipressenbosjes slingert, geniet bij veel bezoekers de voorkeur. Vanaf de steile oevers heeft men spectaculaire zeegezichten. Rode algen bedekken rotsen en boomstammen die blootgesteld zijn aan de vochtige zeelucht. Het ragfijne baardmos hangt in strengen van de takken van dennen en cipressen. In de bossen zijn soms zwartstaartherten te zien — vaak moeders met jongen die zich te goed doen aan het struikgewas. Vanaf de punt van dit schiereiland ziet men wel grijze walvissen van zo’n 40 ton, die spuitend en soms uit het water springend langs Point Lobos komen op hun 16.000 km lange trektocht van en naar Baja California. In december en januari gaan ze erheen om te paren en hun jongen ter wereld te brengen en in maart en april keren ze terug naar de Beringzee om er te foerageren.
De zeeotters
De populairste dieren zijn echter niet die zeewaardige kolossen die onder de kust voorbijtrekken. De vraag die de opzichters het meest te horen krijgen, is: „Waar zijn de zeeotters?” Ze zijn meestal te vinden tussen de slierten drijvend zeewier in de beschutte inhammen. Bezoekers met verrekijkers speuren die gebieden af om ze te ontdekken en kijken dan hoe ze hun maal opduiken. Op het menu staan delicatessen als oesters, krabben, mosselen, pijlinktvissen en octopussen, abalonen en zeeëgels. Hun tafel is een steen die ze op hun borst leggen en waar ze de schelpen van hun hoofdgerecht tegen stukslaan om het vlees dat erin zit te bemachtigen. Als ze niet eten, slapen ze vaak, in zeewier gewikkeld om niet af te drijven. Soms is er een moeder met een jong op haar borst dat zij verzorgt of voedt. Het jong wordt in het water geboren, leeft in het water en moet toch leren zwemmen. Maar verdrinken kan het niet — baby-zeeotters blijven van nature drijven.
De chocoladebruine vacht van de zeeotter — bij volwassen zeeotters vaak grijs of wit rond de kop — is fijn en dik. In het informatiecentrum bij Sea Lion Point ligt een zeeottervacht. Laat uw vingers er eens doorheen gaan. Voel hoe zijdeachtig zacht ze is. Deze buitengewoon fijne vacht heeft de otter op de rand van de uitroeiing gebracht. Zijn vacht is tweemaal zo dicht als die van de pelsrob; ze telt namelijk 100.000 haartjes per vierkante centimeter, zo’n 800 miljoen in totaal. Het is echter niet alleen de vacht op zich die de otter warm houdt. Hij besteedt lange uren aan de verzorging van zijn vacht om er lucht in gevangen te houden, en die lucht beschut de huid van de otter tegen het koude water. Enig in zijn soort, goedaardig en niet agressief — geen wonder dat de zeeotter favoriet is bij bezoekers!
Het onderwaterreservaat
Deze paden brengen de 224 hectaren van Point Lobos binnen uw bereik. Maar dat is niet het hele Point Lobos Staatsreservaat. Het is niet eens de helft. Driehonderd hectare ervan ligt onder water. Als u de afslag naar het Whalers Cove-parkeerterrein neemt, zult u hoogstwaarschijnlijk duikers in duikerpak en met verdere uitrusting het eerste onderwaterreservaat in de Verenigde Staten zien binnengaan. Het is in 1960 gesticht, is een van de rijkste onderwatergebieden in Californië en is bij de plaatselijke wet beschermd. Helaas zijn de wonderen van deze onderwaterwereld niet voor u — tenzij u een duikbrevet hebt om met wetsuit en aqualong de waterdiepten te verkennen.
Een folder die u bij de ingang van het reservaat krijgt, geeft u een idee van wat u mist: „In het gedempte licht van de 30 meter hoge wierbossen scheppen dieren zonder wervelkolom en planten zonder wortels een wereld vol kleur. Groenlingen, donderpadden en schorpioenvissen zwemmen af en aan. Het onverwachte verschijnen van een zeehond, een otter of een walvis doet het hart sneller kloppen.” Eén bewoner van deze diepten die uw hart een slag zou kunnen laten overslaan, is de grootste zeester ter wereld, met een doorsnede van wel 1,2 meter! Net zoals een gidsje toelichting geeft over de paden van Point Lobos, hebben duikers een waterbestendig boek met 38 kleurenfoto’s waarmee zij het leven in zee kunnen identificeren.
Point Lobos is een plaats voor rustige overpeinzingen. Met zijn meer dan 300 plantesoorten en 250 diersoorten is er genoeg waar te nemen: lange slierten bruinwier, die als sierlijke slingers op het zeeoppervlak in Bluefish Cove deinen. Seringen, die de zilte zeelucht verrijken met hun geur. Salieblaadjes, die als u ze tussen uw vingers fijnwrijft hun doordringende aroma afgeven. Doe dat echter niet met de glanzende bladeren van de ’poison oak’ die langs de paden staat. Waarom laat men die giftige heester hier staan? Het is de ideale habitat voor kleine vogels en andere dieren. Lobos is hun woongebied, niet het onze.
De klaagzang van de witbrauwgors, die hij zittend op het bovenste takje van een alsemplant steeds zachtjes herhaalt. De hoge roep van de zwarte scholekster als hij over de stenen langs de kustlijn rent met zijn felrode snavel flitsend in de zon. Op de rotseilanden voor de kust maken de zeeleeuwen met hun geblaf een niet te negeren herrie. En altijd is er de gereedschap hanterende zeeotter die u schelpen hoort stukslaan tegen de steen op zijn borst. En geniet nog eens van het doffe geluid van een kalme branding of van het gebulder van de branding tussen de rotsen als ze woest gestemd is.
Het is een plaats voor bezinning. Adem de zeewind diep in. Loop langzaam over de paden. Neem de tijd om de sfeer in u op te nemen. Sla herinneringen op. Laat de geest ervan op u inwerken.
Misschien gaat de manier waarop de landschapschilder Francis McComas Point Lobos beschrijft, namelijk als „het grootste treffen van land en water ter wereld”, u veel te ver. Maar als u een paar dagen over de paden hebt gelopen, diep de zilte zeelucht hebt ingeademd, naar de geluiden hebt geluisterd, de zeegezichten hebt gezien en de algehele sereniteit van de ongerepte schoonheid in u hebt opgenomen, zult u zijn lof wellicht niet zo erg overdreven meer vinden.
Point Lobos is onmiskenbaar een tonicum voor gespannen zenuwen, een verzachtende balsem voor de geest en een eerbetoon aan de kunstzinnigheid van de Maker ervan, Jehovah God.
[Illustraties op blz. 16, 17]
Links boven: De Pinnacle
Rechts boven: Zuidelijke zeeotter
Midden links: Het jadegroene water van China Cove
Midden rechts: Halvemaanvis in het wierbos
Rechts onder: Wind en water hebben hun etsen in zandsteen achtergelaten