Polen ontvangt Jehovah’s Getuigen
IN AUGUSTUS 1989 vond in Polen een opmerkelijke tentoonspreiding van internationale vrede en eenheid plaats. De aanleiding hiertoe waren de „Godvruchtige toewijding”-congressen van Jehovah’s Getuigen die van 4 tot 6 augustus in de Poolse steden Poznań en Katowice en van 11 tot 13 augustus in Warschau gehouden werden.
Wat maakte deze congressen zo bijzonder? In deze tijd hebben Jehovah’s Getuigen congressen gehouden die groter waren, langer duurden en waarop meer naties vertegenwoordigd waren. Maar meer dan 166.000 personen zullen u vertellen dat congressen zelden een groter enthousiasme hebben opgewekt, zo duidelijk christelijke eenheid hebben gemanifesteerd, of door zo veel spontane uitingen van christelijke liefde zijn gekenmerkt.
’Alleen de nieuwe wereld is beter’
Er waren delegaties uit minstens 37 naties aanwezig, met nog individuele bezoekers uit vele andere landen. Vijf leden van het Besturende Lichaam van Jehovah’s Getuigen hadden een aandeel aan het programma. Ruim 12.000 gasten kwamen uit West-Europa, de Verenigde Staten en Japan, waarmee dit de grootste groep internationale reizigers vormde waarvoor ooit voorzieningen waren getroffen in Polen.
Duizenden anderen kwamen uit de Sovjet-Unie en Tsjechoslowakije, alsook uit andere Oosteuropese landen. Voor de meeste van deze afgevaardigden was het het eerste congres dat zij bezochten, ondanks dat velen al 30 jaar of nog langer een Getuige zijn. De gevoelens van diegenen die voor de eerste keer in de gelegenheid waren om met hun christelijke broeders te vergaderen, kan het beste samengevat worden door een afgevaardigde uit Kazachstan (Sovjet-Unie) die zei:
„Jarenlang hebben wij naar deze dag uitgekeken, en nu zijn we hier op dit internationale congres. Wij hebben er moeite mee het allemaal te vatten en in ons op te nemen. Het is net een droom. Het is onmogelijk om alles wat wij gezien en gehoord hebben in woorden uit te drukken. Toen wij die gigantische kom van dat stadion stampvol mensen zagen en de muziek hoorden, sprongen de tranen ons in de ogen. En het gebed — terwijl wij allen doodstil verenigd waren — deed ons de koude rillingen over de rug lopen. Het was zo plechtig en eensgezind. Dit congres in Warschau is zo’n schitterende en grootse gebeurtenis, dat alleen de nieuwe wereld beter zal zijn. Wij zullen altijd aan deze geweldige dagen terugdenken.”
Veel van deze bezoekers waren, toen zij voor het eerst oog in oog stonden met tienduizenden mede-Getuigen, zichtbaar ontroerd. In Warschau lieten zij een golf van applaus losbarsten die ruim vijf minuten door het stadion klonk. Het is zoals een afgevaardigde uit West-Europa opmerkte: „Op dat moment dachten er maar weinigen aan het hete weer of aan de harde banken of aan de zachte stoelen thuis. Zij verlangden naar meer onderwijs en liefdevolle omgang.”
Iedere dag brachten buitenlandse afgevaardigden verslag uit over ervaringen uit hun eigen land. De laatste van de 24 verslagen in Warschau was voorbehouden aan een afgevaardigde uit de Sovjet-Unie. „Woorden schieten te kort om onze vreugde uit te drukken dat wij in jullie midden kunnen zijn”, zo begon hij. „Wij zijn buitengewoon dankbaar dat zo velen van ons de mogelijkheid hadden om hierheen te komen en dat wij zo gastvrij door jullie zijn ontvangen. Wij zijn ook blij dat wij persoonlijk kunnen omgaan met zo velen van jullie, broeders. Sommigen van ons komen van heel ver, zoals Vladivostok aan de kust van de Grote Oceaan, een treinreis van zes dagen. Sommigen hadden moeite om kaartjes te bemachtigen omdat er zo velen op dezelfde tijd wilden gaan, en er waren slechts een bepaald aantal plaatsen beschikbaar. Maar met Jehovah’s hulp is het gelukt.”
Het was dan ook passend dat een lid van het Besturende Lichaam in zijn slotopmerkingen op zondag de regeringen van Oost-Europa dankte dat ze aan zo veel Jehovah’s Getuigen uit hun landen toestemming hadden verleend om de congressen bij te wonen.
Een verenigde broederschap
Een Getuige zei, toen zij haar ervaringen van de Poolse congressen beschreef: „Het leek net het omgekeerde van Babel.” Terwijl het bij de toren van Babel uitliep op verwarring en onenigheid toen de mensen verschillende talen gingen spreken, was er hier, ondanks het taalprobleem, een wonderbaarlijke manifestatie van eenheid in denken, doen en handelen. — Genesis 11:1-9.
Deze eenheid onder medegelovigen van verschillende nationaliteiten ging niet onopgemerkt voorbij aan buitenstaanders. De publikatie Sztandar Młodych merkte op: „De enige luchtreizigers die op het vliegveld van Warschau aankwamen en niet in verwarring raakten noch verdwaalden in de massa, waren Jehovah’s Getuigen. Medegelovigen hadden gezorgd voor mededelingen in verschillende talen, informatiebalies, borden met opschriften en vervoer naar de stad.”
Het zingen op de congressen was iets bijzonders omdat tienduizenden in meer dan 20 verschillende talen in koor zongen, allen dezelfde gedachten uitend in een geest van liefde en eenheid. Ook werden er in Warschau gedeelten van het programma in 16 talen vertaald (in Poznań in 13 en in Katowice in 15 talen). Dit had zich nooit eerder voorgedaan in Polen.
De 16 vertalers stonden op het veld recht tegenover hun specifieke taalgroep. De spreker sprak vanaf het podium en elke vertaler vertaalde dat in de taal van de toehoorders die in dat vak van het stadion zaten. Luidsprekers die op dat specifieke vak gericht stonden, maakten het voor een ieder mogelijk de lezing in zijn eigen taal te horen, zonder al te zeer gehinderd te worden door de vertalingen die in andere talen tot de andere vakken gericht waren.
Duizenden bezoekers werden, ondanks de ernstige economische problemen in Polen, in de particuliere huizen van hun Poolse broeders ondergebracht. In Poznań werden door de broeders 16.000 bezoekers gehuisvest, in Warschau 21.000 en in Katowice 30.000. Eén familie bood aan 18 personen onderdak en voorzag er 21 van voedsel. En een gemeente van 146 Getuigen voorzag 1276 personen van onderdak!
Voortreffelijke berichtgeving in de nieuwsmedia
Televisie, radio en kranten waren in hun berichtgeving voor het overgrote deel feitelijk en onpartijdig. In een artikel met het opschrift „Jehovah’s Getuigen beoefenen hun religie in 212 landen”, prees de Poolse publikatie Sztandar Młodych hen door in het artikel onderkopjes te gebruiken als: „Consequent”, „Ordelijk”, „Bescheiden” en „IJverig”. Over het stadion in Warschau werd gezegd: „Geen enkel sigarettepeukje, of een door een ongehoorzaam kind weggegooid papiertje. Jehovah’s Getuigen roken niet en hun kinderen zijn niet ongehoorzaam.”
De krant Życie Warszawy merkte op dat de congresvoorbereidingen een heel jaar in beslag hadden genomen en zei: „Zo zijn onder andere de stadions waar de congressen plaatsvonden, helemaal gerenoveerd.”
De krant Express Wieczorny berichtte: „Waar alle waarnemers van onder de indruk waren, was de orde die in het stadion heerste. Het deponeren van afval op aangegeven plaatsen, de tijdelijke maar propere toiletten, een groot aantal informatiebalies — het was allemaal verbazingwekkend.” Om dit tot stand te brengen, hielpen ruim 3500 Getuigen mee aan voorbereidingen en schilderwerk in het stadion van Warschau.
De krant interviewde ook enkele congresgangers en vroeg hun: „Wat betekende het congres in Warschau voor u?” Een Poolse Getuige zei: „Ik ben ontroerd door het feit dat ik onze broeders uit Tsjechoslowakije en de Sovjet-Unie kon ontmoeten, landen waar Jehovah’s Getuigen niet wettelijk erkend worden als een religieuze organisatie.”
En de krant citeerde een Getuige uit de Sovjet-Unie die had gezegd: „Ik denk dat het de mooiste ervaring van mijn leven is. . . . Voor de eerste keer in mijn leven was ik in de gelegenheid zo veel van mijn broeders uit de hele wereld te ontmoeten. Bovendien was deze vergadering uitstekend georganiseerd; lezingen werden in 16 talen vertaald, onze Poolse broeders waren onze gastheren — werkelijk alles was geweldig.”
De Życie Warszawy merkte op: „Het internationale congres van Jehovah’s Getuigen in Warschau is nu beëindigd. . . . Het samenkomen voor zulke congressen was mogelijk gemaakt, zoals wij ons herinneren, doordat de Religieuze Organisatie van Jehovah’s Getuigen in Polen — nu meer dan 80.000 man sterka — enkele maanden geleden officieel werd erkend. Sinds 12 mei geniet deze voorheen illegale religieuze groepering een wettelijke status.”
Deze krant, die de congressen van Jehovah’s Getuigen „een manifestatie van eenheid” noemde, zei dat „de congresgangers ten aanzien van ordelijkheid, vreedzaamheid en properheid een navolgenswaardig voorbeeld verschaffen”.
De doop
Iedereen, of hij nu wel of niet Pools verstond, was overweldigd door het aangrijpende schouwspel van de doop. In Warschau waren er voor de doopkandidaten een groot aantal stoelen direct voor het podium op het speelveld geplaatst. Maar het was opwindend te zien dat dienstverleners tijdens het ochtendprogramma haastig extra stoelen het veld opdroegen omdat de groep kandidaten bleef toenemen. Toen werd, op het moment dat de dooplezing zou beginnen, het enorme aantal toehoorders muisstil. Zij gingen iets beleven wat zij nooit meer zouden vergeten. Toen de spreker de doopkandidaten welkom heette, brak er in het hele stadion een spontaan applaus los. En daarop — het leek alsof het van tevoren afgesproken was, maar in werkelijkheid kwam het voort uit overvloeiende harten bewogen door Gods geest — beantwoordden de kandidaten dat door enthousiast te zwaaien naar de grote groep toeschouwers rondom hen.
De openbare bekendmaking van geloof in antwoord op de twee vragen die gewoonlijk aan de kandidaten gesteld worden, klonk overtuigd en vastbesloten — en voor velen van hen waren er inderdaad vele moeilijkheden en beproevingen aan deze stap van de opdracht voorafgegaan. Na het gebed verdeelden de kandidaten zich in twee groepen en liepen het stadion uit, terwijl het publiek het lied zong „Wij hebben ons aan God opgedragen”. De broeders verlieten het veld via een tunnel die naar hun kleedkamers voerde, terwijl de zusters via een andere tunnel naar hun kleedkamers gingen. Dienstverleners en dopers, allen in het wit gekleed, namen hun plaatsen in, en onmiddellijk daarna begonnen de kandidaten, gehuld in bescheiden badkleding, al weer terug te stromen naar het veld, waar 12 doopbassins waren neergezet, 6 aan het ene eind van het veld voor de zusters en 6 aan het andere eind van het veld voor de broeders.
Gedurende de hele 45 minuten waarin in Warschau 1905 personen werden gedoopt, werd er constant enthousiast geklapt. (De week daarvoor waren er in Poznań 1525 en in Katowice 2663 gedoopt, een totaal van 6093, wat neerkomt op 3,7 procent van het hoogste aantal aanwezigen.) Er werden op zijn minst twee verlamde broeders liefdevol uit hun rolstoel getild voordat zij gedoopt werden, van wie een op een brancard naar het veld was gebracht om de dooplezing te beluisteren.
„Het absolute hoogtepunt”
’Dit klinkt allemaal erg emotioneel’, zult u misschien zeggen. Ja, dat was het ook! Maar het was niet het soort emotie dat u aantreft bij de religieuze opwekkingsbijeenkomsten van de christenheid. De emotie van de congresbezoekers in Polen was gebaseerd op nauwkeurige kennis van Gods Woord, en de aanwezigen zouden na het congres dus nog beter toegerust zijn om God te dienen. Het was een emotie die opgeroepen was door de wetenschap dat de Getuigen in Polen, na tientallen jaren van tegenstand, eindelijk in de gelegenheid waren openlijk met medegelovigen uit naburige landen te vergaderen. Het was een emotie die voortvloeide uit de vreugde te weten dat de afgevaardigde die nu naast u zat misschien nog nooit een congres bezocht had of zeer zeker nog geen een van deze grootte. Het was een emotie die veroorzaakt werd door een overweldigend, zichtbaar bewijs dat Jehovah’s Getuigen degenen zijn die in een verenigde, internationale broederschap de levende God van waarheid dienen.
Een afgevaardigde uit West-Europa vatte het samen door te zeggen: „Hoewel ik ieder congres sinds 1952 heb bezocht, was dit qua atmosfeer, enthousiasme, vreugde, liefde, waardering en dankbaarheid het absolute hoogtepunt.”
Ongetwijfeld bereikte de emotie in Warschau een climax tijdens het slotgebed op zondag. Ondanks dat duizenden de woorden ervan niet konden verstaan, proefde iedereen de geest, de liefde, de toewijding, de opgetogenheid, de diepgevoelde erkenning van de Soevereine Heer Jehovah en het vaste voornemen door te gaan in Jehovah’s werk, die in dat gebed tot uitdrukking werden gebracht. De ontzagwekkende stilte toen zo’n 60.000 hoofden zich in gebed voor hun God neerbogen, werd slechts verbroken door het onmiskenbare geluid van vreugdevolle snikken van waardering. Toen de broeder het gebed besloot, viel het niemand zwaar om uit de grond van zijn hart „Amen” te zeggen. Daarna barstte er spontaan een applaus los dat meer dan 11 minuten door die enorme vergaderde menigte echode.
Ruim 166.000 mensen zijn er ooggetuigen van geweest dat er theocratische geschiedenis in Polen werd gemaakt. Voordat Satans goddeloze samenstel in de uiteindelijke vernietiging ineen zal storten, zal er nog veel meer geschiedenis gemaakt worden — opwindende, adembenemende, aangrijpende geschiedenis die zal culmineren in de rechtvaardiging van Jehovah’s soevereiniteit. En als u het verkiest, kunt u in leven blijven als een deel van die geschiedenis. Wilt u dat?
[Voetnoten]
a Een schatting van deze krant.
[Kader op blz. 21]
HISTORISCHE MIJLPALEN
1928 De 300 Getuigen in Polen houden hun eerste kleine congressen.
1939 Als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt, zijn er 1100 Getuigen die prediken; vele worden gevangengenomen, en enkele sterven in Duitse concentratiekampen.
1945 Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog is het aantal Getuigen meer dan verdubbeld tot 2500.
1946 In juni bezoeken 1500 personen een vergadering dicht bij Lubliń; 298 worden gedoopt. In september zijn er op een vergadering in Katowice 5600 aanwezigen.
1947 Een congres in Kraków wordt door 7000 personen bezocht; 476 worden gedoopt. Twee afgestudeerden van Gilead arriveren om het predikingswerk te helpen organiseren.
1950 In maart wordt een hoogtepunt van 18.000 Getuigen bereikt. De Gedachtenisviering wordt door 24.000 personen bijgewoond. In juli wordt het werk verboden, waardoor het noodzakelijk wordt kleine vergaderingen te beleggen in particuliere huizen.
1968 Er worden eendaagse districtscongressen gehouden in de bossen, eerst met 100 of 200 aanwezigen; later met wel 1000.
1980 Bijna 2000 Getuigen uit Polen reizen voor het districtscongres naar Wenen (Oostenrijk).
1981 In Wenen wordt een congres gehouden voor de Poolse broeders dat zelfs nog groter is dan dat in 1980.
1982 De Poolse regering verleent de Getuigen toestemming om hallen en stadions te huren voor eendaagse congressen.
1985 Er worden driedaagse districtscongressen gehouden in Polen die door ruim 94.000 personen worden bezocht. Er zijn honderden gasten uit 16 landen, onder wie vier leden van het Besturende Lichaam.
1989 „Godvruchtige toewijding”-districtscongressen vullen drie stadions tot de laatste zitplaats; vijf leden van het Besturende Lichaam aanwezig; totale bezoekersaantal 166.518, met 6093 dopelingen. Twee traktaten vrijgegeven in het Pools, Wat geloven Jehovah’s Getuigen? en Waarom u in de bijbel kunt geloven, alsook de 32 bladzijden tellende brochure Moet u geloof stellen in de Drieëenheid?
[Illustraties op blz. 23]
Doopkandidaten in Warschau zittend voor het podium, en menigte die naar hun doop kijkt
[Illustraties op blz. 25]
Deel van het vak dat in Katowice gereserveerd was voor afgevaardigden uit de Sovjet-Unie, en enkele van de bussen waarmee Russische Getuigen naar Poznań kwamen