De wereld sinds 1914
Deel 6: 1946-1959 Schijnvoorspoed te midden van onechte vrede
„DE WERELD van vandaag is, of wij het nu prettig vinden of niet, een produkt van Hitler”, aldus de journalist en winnaar van een literatuurprijs Sebastian Haffner. Hij legt uit: „Zonder Hitler geen verdeling van Duitsland en Europa; zonder Hitler geen Amerikanen en Russen in Berlijn; zonder Hitler geen Israël; zonder Hitler geen dekolonisatie, tenminste, niet in zo’n snel tempo, geen ontvoogding van Azië, de Arabische wereld en zwart Afrika en geen Europees verval.”
Natuurlijk deden andere wereldleiders van die dagen ook dingen die verstrekkende gevolgen hadden. Het Canadese tijdschrift Maclean’s bijvoorbeeld verklaart dat „de meeste historici van thans de huidige Oost-Westverdeling van Europa herleiden tot beslissingen die de Grote Drie namen in Teheran [tijdens de conferentie aldaar eind 1943]”. Maar vervolgens wijst het tijdschrift erop dat „[de in februari 1945 gehouden conferentie van] Jalta onder veel historici de meeste bekendheid verkreeg . . . als de ontmoeting waarop Stalin zijn westerse tegenhangers te slim af was en een rijk wist binnen te halen. . . . Binnen enkele weken hadden Stalins troepen hun greep op Oost-Europa geconsolideerd en uitgebreid. . . . De gewapende strijd liep ten einde, maar de Koude Oorlog was net begonnen.”
Koude Oorlog? Ja. Dit is de term die Bernard Baruch, de Amerikaanse presidentiële adviseur, in 1947 gebruikte om de rivaliteit te beschrijven tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie. Het was een oorlog zonder wapengeweld, die werd uitgevochten op politieke, economische en propagandistische fronten.
Aan het einde van de oorlog verdeelden de Geallieerden Duitsland in vier bezettingszones. De Fransen, Britten en Amerikanen kregen het bestuur over het zuidelijke en westelijke deel van het land, de Sovjets over het oostelijke deel. Zo kwamen twee nationale blokken tot bestaan, het ene democratisch, het andere communistisch. Sindsdien zijn er over en weer ijzige blikken uitgewisseld over een onzichtbaar ijzeren gordijn.
Berlijn werd ook in vier sectoren verdeeld. Daar de voormalige hoofdstad geheel ingesloten was in een Russische bezettingszone, moesten voorraden die bestemd waren voor de Britse, Franse en Amerikaanse sectoren, de Russische zone passeren. Dit veroorzaakte problemen, en in het midden van 1948 blokkeerden de Sovjets alle toegangswegen over land die van Berlijn naar het Westen liepen. De westerse machten reageerden hierop door al hun benodigde voedsel- en brandstofvoorraden per vliegtuig aan te voeren. Totdat de Berlijnse blokkade en de luchtbrug zo’n 11 maanden later werden opgeheven, zorgden ze ervoor dat de spanningen van de Koude Oorlog hoog bleven.
„Haast van de ene dag op de andere”, schrijft professor Alfred Grosser van de Universiteit van Parijs, „veranderde het image van Berlijn als een symbool van Pruisisch militarisme en Hitler-dictatuur in een symbool van vrijheid.” Thans is Berlijn nog steeds een populair symbool, en politici van zowel Oost als West gebruiken het van tijd tot tijd als een voorwendsel om het vuur van de Koude Oorlog op te rakelen.
Vijf dagen voor het einde van de Tweede Wereldoorlog verklaarde de Sovjet-Unie Japan de oorlog en viel het door de Japanners bezette Korea vanuit het noorden binnen. Toen Japan capituleerde, kwamen de Geallieerden overeen dat de Japanse troepen ten noorden van de 38ste breedtegraad zich aan de Russen moesten overgeven en degenen die zich ten zuiden van die lijn bevonden, aan de Amerikanen. In 1950 leidde deze onnatuurlijke verdeling van het land tot oorlog. Voordat de oorlog voorbij was, waren bijna 20 landen er militair bij betrokken geraakt en hadden meer dan 40 landen militaire uitrusting of voorraden geleverd. Op 27 juli 1953 werd ten slotte een wapenstilstand van kracht nadat er honderdduizenden mensen waren omgekomen. Waarvoor? Vandaag, meer dan 30 jaar later, is er nog geen definitieve oplossing voor het Koreaanse probleem gevonden. Men noemt deze verdeling het bamboegordijn.
De profeet Daniël voorzag dat er zo’n confrontatie zou plaatsvinden tussen twee symbolische koningen. De Koude Oorlog heeft de twee supermacht-koningen van onze tijd gelegenheden in overvloed geboden om te confereren en hun levenslange politiek van ’aan één tafel louter leugen spreken’ voort te zetten. Zij hebben aldus hun nationale belangen nagestreefd terwijl zij terzelfder tijd telkens ’met elkaar in botsing komen’ om zich persoonlijk voordeel te verschaffen. — Daniël 11:27-45.
Onhandelbare „baby’s vlot ter wereld gekomen”
Na de eerste succesvolle proefexplosie van de atoombom werd aan de Amerikaanse president Truman een geheim bericht gezonden dat luidde: „Baby’s vlot ter wereld gekomen.” Maar hoe onhandelbaar en veeleisend zijn deze baby’s gebleken! Ze hebben naties, groot en klein, voortgedreven in een weergaloze wereldomvattende uitbreiding van legers en bewapening, hen dwingend geld uit te geven dat ze beter hadden kunnen besteden aan voedsel en onderwijs voor hun behoeftigen. De „baby’s” hebben geleid tot de gevaarlijke politiek om door middel van een angstevenwicht de vrede te bewaren. Ze hebben de organisatie der Verenigde Naties gegronde reden gegeven om in elke nationale of internationale schermutseling, hoe klein ook, een potentiële nucleaire wereldbrand te vrezen. Ze hebben de oprichting noodzakelijk gemaakt van nieuwe organisaties voor het bewaren van de vrede, zoals de NAVO (Noordatlantische Verdragsorganisatie) in 1949 en het Warschaupact in 1955.
Naarmate het aantal atoom-„baby’s” en hun oudernaties toeneemt, groeit ook het gevaar van een opzettelijk of per ongeluk veroorzaakte wereldomvattende kernoorlog. Ze hebben de wereld doen beven van „vrees en verwachting omtrent de dingen die over de bewoonde aarde komen”. — Lukas 21:26.
Als dus het schot waarmee de Amerikaanse Vrijheidsoorlog in 1775 begon, de aanduiding verdiende van „het schot dat over de hele aarde werd gehoord”, zoals de dichter Ralph Waldo Emerson zei, dan was de atoombomexplosie in 1945 die een einde maakte aan de Tweede Wereldoorlog, zeer zeker ’de explosie die over de hele wereld werd gehoord’.
The World Book Encyclopedia vertelt ons over enkele andere onhandelbare „baby’s” die gedurende de naoorlogse periode „vlot ter wereld gekomen” zijn. Verwijzend naar „De opkomst van nieuwe naties”, verklaart de encyclopedie: „Eén voor één stortten de enorme Europese rijken na de Tweede Wereldoorlog ineen. Groot-Brittannië, Frankrijk, België, Nederland en de andere grote koloniale machten waren verzwakt door hun verliezen tijdens de oorlog. Ze konden hun kolonies niet langer met geweld behouden.” Enkele van de eerste kolonies die onafhankelijkheid verwierven, waren Indonesië, de Filippijnen, Pakistan, India, Ceylon (nu Sri Lanka), Israël, Libië, Tunesië en Ghana.
De tendens om politiek onafhankelijk te zijn, zet zich tot op de huidige dag voort en heeft geresulteerd in de geboorte van op zijn minst honderd nieuwe naties sinds 1945.
Kolonialisme had zijn nadelen, maar hetgeen ervoor in de plaats is gekomen, is niet noodzakelijkerwijs beter. Columniste Georgie Anne Geyer merkt op: „Toen de koloniale rijken uiteenvielen, begonnen veel van de nieuwe naties aan wat één lange periode van vertraagde ineenstorting zou zijn, vaak gekenmerkt door interne oorlogen.” Zo hebben de bewijzen zich opgestapeld dat de mens zichzelf niet met succes kan besturen. — Prediker 8:9; Jeremia 10:23.
Voorspoed — maar kostbaar en bedrieglijk
In 1945 hadden de bewoners van het door oorlog verwoeste Europa en Azië het moeilijk. Om humanitaire redenen, maar ook gedreven door eigenbelang, ontwikkelden de Geallieerden het Europees Herstelprogramma. Het had ten doel financiële hulp te verlenen voor de wederopbouw van Europa’s weggebombardeerde industrieën. Dit zelfhulpprogramma, dat algemeen bekend kwam te staan als het Marshall-plan — genoemd naar de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken wiens idee het was — bleek doeltreffend, hoewel kostbaar.
Het economische en industriële herstel was opmerkelijk. Moderne fabrieken vol eigentijdse machinerieën stelden de verslagen naties in staat hun buurlanden, de overwinnaars, te evenaren en soms zelfs voorbij te streven, omdat deze vaak nog opgezadeld zaten met verouderde fabrieken en machines. In de jaren ’50 was het zogenoemde Duitse Wirtschaftswunder in volle gang, en tegen het einde van dit decennium was Japan begonnen aan een opbouwprogramma dat het in staat zou stellen een groot deel van de wereld in commercieel opzicht te veroveren.
De overwinnaars trachtten intussen ook hun nationale en economische politiek weer in normale banen te leiden. De woningbouw en produktie van consumptiegoederen was tijdens de oorlog drastisch beperkt toen alles dienstbaar was gemaakt aan de oorlogsproduktie. Er bestond nu een enorme afzetmarkt voor goederen die mensen lange tijd hadden ontbeerd. Dit betekende werk voor allen; tenminste voor het ogenblik vormde werkloosheid geen probleem. De wereld ging een periode van voorspoed tegemoet die sinds de dagen van voor de crisis ongekend was.
Maar de welvaart had zijn prijs. Steeds meer moeders gingen werken en verwaarloosden hierdoor soms hun kinderen. De stijgende levensstandaard bood meer ruimte voor recreatie, maar dat had niet altijd een heilzame uitwerking. Televisie kijken begon de plaats in te nemen van de conversatie binnen het gezin. De ineenstorting van het gezinsleven leidde tot een toenemend aantal echtscheidingen. Deze tendens werd later gedeeltelijk teruggedrongen doordat men steeds meer ongehuwd ging samenwonen. Beide tendensen gaven blijk van een groeiende neiging om de nadruk te leggen op persoonlijk voordeel ten koste van anderen. Geestelijke en morele waarden die reeds pijnlijk ontwricht waren door de oorlog, werden nu nog verder ondermijnd.
Werkelijke vrede en voorspoed
Als geheel hadden de religieuze organisaties van de wereld er niets kwaads in gezien hun lidmaten tijdens de Tweede Wereldoorlog hun medemensen te laten afslachten. Zo zagen ze er ook nu geen kwaad in om morele en daadwerkelijke steun te verlenen aan de Koude Oorlog en aan politieke opstanden en zogenoemde bevrijdingsoorlogen. Maar er was één opmerkelijke uitzondering op de regel.
Jehovah’s Getuigen behielden tijdens en na de Tweede Wereldoorlog hun neutraliteit. Zich herstellend van Hitlers pogingen om hen uit te roeien, steeg het aantal actieve Getuigen in Duitsland van minder dan 9000 in 1946 in vijf jaar tijd tot meer dan 52.000. Tussen 1945 en 1959 groeiden wereldwijd hun gelederen van 141.606 Getuigen in 68 landen aan tot 871.737 in 175 landen. Terwijl leden van veel andere religies elkaar steeds vaker in de haren zaten over politieke en maatschappelijke kwesties, en ook werden geschokt door een forse daling in kerkleden, genoten Jehovah’s Getuigen in geestelijk opzicht werkelijke vrede en voorspoed.
Dit trad duidelijk aan het licht op hun internationale „Goddelijke wil”-congres in 1958 in de stad New York, waar tijdens één zitting een hoogtepunt werd bereikt van meer dan 250.000 bezoekers. Een van de sprekers zei: „Dat Jehovah’s getuigen . . . zo van geluk overlopen, vindt zijn oorzaak in de bloeiende toestand van het geestelijke paradijs . . . Dit geestelijke paradijs weerspiegelt de heerlijkheid van God en getuigt ervan dat zijn koninkrijk is opgericht.”
De vrede die op de Tweede Wereldoorlog volgde, die in feite een onechte vrede was en even bedrieglijk als de puur materialistische voorspoed die eruit voortsproot, wees op dit onbetwistbare feit: Ware vrede en voorspoed kunnen slechts komen via Gods opgerichte koninkrijk. Tijdens „De jaren ’60 — een periode van roerig protest”, zou dit zelfs nog duidelijker worden. Lees hierover in onze volgende uitgave.
[Kader op blz. 14]
Andere gebeurtenissen die het nieuws haalden
1946 — Ho Tsji Minh begint in Vietnam een bevrijdingsoorlog
1947 — Dode-Zeerollen, waaronder de oudste nog bestaande
bijbelmanuscripten, ontdekt
1948 — Mohandas Gandhi vermoord
1949 — Volksbevrijdingsleger voltooit verovering van het
Chinese vasteland; de niet-communistische regering
wijkt uit naar het eiland Taiwan
1950 — Rellen tegen apartheid in Zuid-Afrika
1952 — Verenigde Staten brengen eerste waterstofbom tot
ontploffing
1954 — Amerikaanse Opperste Gerechtshof verklaart
rassensegregatie op scholen strijdig met de grondwet
1957 — Russen brengen hun eerste satelliet, Spoetnik 1, in
een baan om de aarde
1958 — De Europese Economische Gemeenschap (nu Europese
Gemeenschap) treedt in werking
1959 — Russische raket zendt maanfoto’s terug naar de aarde
[Illustratie op blz. 15]
Naoorlogse voorspoed bracht veel gezinnen een mooi huis en een nieuwe auto
[Verantwoording]
H. Armstrong Roberts