Gezinsleven in Afrika — De industrialisatie eist haar tol
Door Ontwaakt!-correspondent in Zuid-Afrika
ROND het open erf ligt een groepje hutten. Kippen en varkens scharrelen vrij rond in het maïsveldje langs de rand van het dorp. Alles is vredig.
Generaties lang was dit de omlijsting waarbinnen de Afrikaanse gezinnen gedijden. Het leven op het land bracht hechte families voort. Als de kinderen groot werden, zochten zij niet elders een zelfstandig bestaan, maar voegden eenvoudig hun eigen hut aan de kraal (het dorp) toe. Daar leefden zij onder het onbetwiste gezag van hun vader of grootvader. Dit idyllische beeld is echter ruw verstoord door de drastische veranderingen die de moderne industriële ontwikkeling teweeg heeft gebracht.
Zeker, de industrialisatie heeft de Afrikaanse gezinnen ook materiële voordelen gebracht. Het leven op het land werd dikwijls geteisterd door droogte en onvoorspelbare schommelingen in de afzetmogelijkheden voor hun produkten. Dikwijls moesten hele families zich met een absoluut minimum in leven trachten te houden. De industriële ontwikkeling heeft echter een betere behuizing en beter meubilair binnen het bereik van de Afrikaanse gezinnen gebracht. Ze heeft betere onderwijskansen en meer werkgelegenheid geboden. Maar hiervoor hebben de Afrikanen hun rustige dorpjes moeten verlaten en naar de steden moeten trekken. Daar hebben zij niet alleen klinkende munt maar ook ernstige problemen gevonden.
Overbevolkte steden
Het allereerste probleem is altijd de behuizing geweest. Zoals de Zuidafrikaanse krant The Star het uitdrukte: „De industriële achterbuurten in Groot-Brittannië gedurende het Victoriaanse tijdperk en de illegale krottenwijken in het hedendaagse Zuid-Afrika hebben dezelfde oorsprong — mensen kwamen werk zoeken in grote steden waar geen huizen waren om hun onderdak te verschaffen.”
De Afrikaanse woonsteden raakten weldra overbevolkt, en er ontstonden achterbuurten. Eens vredige woonsteden werden broeihaarden van misdaad en geweld. Er kon eenvoudig niet snel genoeg gebouwd worden om de gestadige toevloed van mensen op te vangen. De woonoorden die werden gebouwd om de mannen te huisvesten die in de mijnen of in de industrie werkten, waren niet groot genoeg om hun vrouwen en kinderen onder te brengen. De regeringen moesten dan ook wel wetten uitvaardigen om de toevloed in te dammen. Maar de wetten riepen wrok op en velen verkozen ze te tarten — zelfs als dat betekende in voortdurende vrees voor arrestatie te moeten leven.
De nieuwe stedelingen bemerkten al spoedig de uitwerking van het stadsleven op hun gezin. De mannen waren dikwijls genoodzaakt over te werken. Ook de vrouwen gingen werken en lieten de kinderen aan hun lot over. Een recordoogst aan jeugdmisdadigers groeide op doordat kinderen urenlang zonder toezicht op straat rondzwierven.
Verscheurde families
Natuurlijk zijn niet allen meegetrokken in de uittocht naar de steden. Ongeveer twee derde van de zwarte bevolking van Zuid-Afrika bijvoorbeeld woont nog in hun plattelandsgebied. Maar ook zij hebben te lijden onder de verwoestingen die door de industrialisatie worden aangericht. Vele mannen hebben hun gezin achtergelaten om als trekarbeiders op jaarcontractbasis te gaan werken. De uitwerking hiervan is rampzalig. Niet alleen blijven de kinderen vaderloos achter, maar zijzelf en ook hun vrouwen worden blootgesteld aan de verleiding van immoraliteit. In vele van de grote woonkampen waar de arbeiders bij duizenden gehuisvest zijn, viert inderdaad de immoraliteit — met inbegrip van homoseksualiteit — hoogtij.
Voorts worden veel mannen ertoe verleid over te werken om hun inkomen te vergroten. Maar komt dit inkomen hun thuis achtergebleven gezinnen ten goede? Niet altijd. Velen doen geen moeite om te verbergen dat zij zich weinig aan hun gezin gelegen laten liggen en verkwisten hun geld aan zichzelf. Hun rol van gezinshoofd is gereduceerd tot die van verre kostwinner.
De gezinnen worden nog verder uiteengerukt wanneer ouders, in het besef dat de vooruitzichten voor hun kinderen in plattelandsgebieden slecht zijn, hen naar de steden sturen om te gaan werken of om beter onderwijs te krijgen.
Een van de grootste euvelen echter waaronder het gezin te lijden heeft gekregen, is misschien wel het verwaarlozen van bejaarde ouders. Het is altijd traditie geweest dat de bejaarden erop konden rekenen door de familie verzorgd te worden, en op hun beurt droegen zij veel bij tot het geestelijke en morele welzijn van de familie. De westerse gewoonte om de ouden van dagen in tehuizen op te nemen was in Afrika iets volstrekt onbekends! Het grote-stadsleven heeft dit traditionele respect voor de ouderdom echter ondermijnd. Maar al te dikwijls worden zij achtergelaten als de jonge mensen naar de steden trekken. The Star bericht: „Tijdens een onlangs in Lagos [Nigeria] gehouden vergadering, verklaarden functionarissen in de gezondheidszorg dat enkele van de problemen bij bejaarden veroorzaakt werden door het feit dat zij zich overbodig voelden en geen rol in de samenleving vervulden.”
Hoe christelijke gezinnen zich weten te redden
Het is duidelijk dat de industrialisatie een christen voor ernstige uitdagingen plaatst. Hoe zijn christenen erin geslaagd zich niet te laten verstrikken in de koortsachtige jacht naar materieel gewin? Velen hebben hun denken laten vormen door Jezus’ woorden in Matthéüs 6:33: „Blijft dan eerst het koninkrijk en Zijn rechtvaardigheid zoeken, en al deze andere [materiële] dingen zullen u worden toegevoegd.”
Het is niet gemakkelijk geweest dit beginsel toe te passen. Maar zelfs buitenstaanders hebben de praktische voordelen ervan opgemerkt. Norman Long zegt in het boek Christianity in Tropical Africa: „Jehovah’s Getuigen zien echter hun wereldlijke levenswijze niet als iets wat los staat van hun religieuze leven. . . . Lid zijn . . . betekent geestelijke vooruitgang en de belofte van een nieuw leven, maar impliceert ook een zekere praktische instelling ten aanzien van het leven in deze wereld.” — Wij cursiveren.
Ter illustratie: Een Getuige in Lesotho werd door economische omstandigheden genoodzaakt werk te zoeken in de mijnen van een naburig land. Later trouwde hij met een meisje in zijn geboorteland Lesotho maar liet haar achter om zelf naar de mijnen terug te keren. Weldra beseften hij en zijn vrouw echter dat die regeling niet in overeenstemming was met de christelijke maatstaven.
Daarom kocht hij twee tweedehands naaimachines en stuurde ze naar zijn vrouw. Intussen leerde een collega hem kleren te naaien. Toen zijn contract bij de mijn afgelopen was, keerde hij naar huis terug om samen te werken met zijn vrouw, die al begonnen was met de vervaardiging van een populair soort rok. Dit bedrijfje floreerde en na verloop van tijd konden nog vijf christelijke mannen en vrouwen met hen gaan samenwerken. Dit maakte het hun mogelijk bij hun gezin te blijven en de kleine plaatselijke gemeente van Jehovah’s Getuigen te helpen uit te groeien tot twee bloeiende gemeenten.
Maar wat valt er te zeggen over christelijke gezinnen die in stadsgebieden wonen? Hoe kunnen zij de eenheid in het gezin bewaren? Sommigen hebben bemerkt dat het in stadsgebieden veel gemakkelijker is om part-timewerk te krijgen of voor zichzelf te beginnen. Door van deze mogelijkheden gebruik te maken, ontdekken Getuigen dikwijls dat zij hun tijd veel beter kunnen indelen en de nodige aandacht aan hun gezin kunnen schenken. Maar hoe staat het met gezinshoofden die hele dagen moeten werken? Dikwijls ontdekken zij dat zij door geen overwerk te verrichten en niet te eisen dat hun vrouwen ook gaan werken, in staat zijn naar behoren in de geestelijke behoeften van hun gezin te voorzien.
De toekomst?
’Er zullen nog miljoenen mensen naar de steden stromen’, luidde de voorspelling van deskundigen op het gebied van verstedelijking. Zij voegden eraan toe dat de ontwikkelingslanden te maken zouden krijgen met een „nog grotere toevloed van migranten, een lage levensstandaard, werkloosheid en woningtekorten”. Voor het gezinsleven in Afrika ziet de toekomst er dus somber uit.
Hoewel het toepassen van bijbelse beginselen iemand kan helpen het hoofd te bieden aan de druk van de industrialisatie, zal er pas een blijvende oplossing komen wanneer Gods hemelse regering het beheer over de aangelegenheden van de aarde overneemt. — Matthéüs 6:10.
[Illustraties op blz. 16, 17]
Landelijk Afrika ruimt het veld voor een geïndustrialiseerd Afrika