Wat schuilt er achter al die bijgelovigheden?
DOOR ONTWAAKT!-CORRESPONDENT IN BRAZILIË
ER DREIGT onweer. Bij de eerste bliksemflits staat snel een vrouw op en hangt doeken over alle spiegels in het huis. Een elegant geklede vrouw uit de hogere kringen draagt om haar hals een gouden kettinkje met een kleine houten figa of amulet. Een student aan de universiteit laat heimelijk een konijnepootje in zijn zak glijden wanneer hij examen moet afleggen. En terwijl een hotelgast in de Verenigde Staten misschien zal weigeren zich op de 13de verdieping te laten onderbrengen, beschouwen velen in Brazilië 13 als „geluksgetal”. Waarom?
Al deze mensen hebben één ding gemeen — bijgeloof. Maar wat is bijgeloof in werkelijkheid? Men heeft het gedefinieerd als een „onredelijke religieuze geloofsovertuiging of gewoonte”. Eén schrijver veroordeelde bijgeloof als iets dat gebaseerd is op „dwaasheid, onbenulligheden” en stelde dat het „bijna altijd belachelijk” is (The Natural History of Nonsense door Bergen Evans). Vele uitingen van bijgeloof zijn wijdverbreid, zoals het verband dat men legt tussen een hoefijzer en geluk. Andere vindt men alleen maar in bepaalde landen of streken.
Beeldjes, „heilig” water en de „figa”
De volgende willekeurig gekozen voorbeelden geven enig idee van het soort bijgelovige opvattingen dat men er tegenwoordig op nahoudt:
● Een beeldje van een olifant met opgeheven slurf, met de staart naar de deur geplaatst, zal geld in huis brengen.
● Spiegels veroorzaken verlamming van het gezicht als men erin kijkt na gegeten te hebben. Als een spiegel breekt, betekent dat een sterfgeval in de familie.
● Een glas „heilig” water dat achter de deur is gezet, weert de boze geesten af die die kamer zouden willen binnengaan.
● Men mag zich niet in zijn slaap door maanlicht laten beschijnen, aangezien dat het gezichtsvermogen verzwakt en waanzinnigheid veroorzaakt.
Het misschien wel meest verbreide bijgeloof in Brazilië heeft te maken met de figa, een amulet in de vorm van een vuist met de duim tussen de wijsvinger en de middelvinger. Volgens de publikatie Vocabulario de Crendices Amazonicas door Osvaldo Orico stelt deze amulet seksuele gemeenschap voor. Niettemin wordt ze gebruikt als bescherming tegen het „boze oog”, onvruchtbaarheid en andere vormen van „ongeluk”. De figa is te vinden aan halskettingen en armbanden, op bumpers van auto’s, of achter de deur. Men heeft de vorm ervan verwerkt in asbakken en lampestandaarden. Ze wordt als decoratie aangetroffen in de huizen van de rijken net zo goed als in die van eenvoudige mensen.
Kent u nog andere praktijken of ideeën van dit soort? Die kans is heel groot, want in alle delen van de wereld bestaan talrijke uitingsvormen van bijgeloof. In één studiecentrum is men nu al tot meer dan 400.000 voorbeelden gekomen en men verwacht er nog minstens een even groot aantal bij te vinden.
Geboorte en menstruatie
Sommige gewoonten en ’verboden’ zijn in het licht van de moderne wetenschap dwalingen gebleken. Bijvoorbeeld:
● Een vrouw die pas moeder is geworden, mag na de bevalling 30 dagen of nog langer haar haar niet wassen; zij mag 40 dagen geen bad nemen als de baby een meisje is, en 41 in het geval van een jongen.
● Pas moeder geworden, mag zij geen eieren, peper, zure vruchten, of zelfs rijst eten.
● Zij moet het vermijden ’s avonds naar buiten te gaan, aangezien de avonddauw waanzinnigheid kan veroorzaken.
En welmenende vrienden en verwanten zullen erop aandringen dat een nieuwe moeder op heel wat van dergelijke taboes let.
In sommige delen van Brazilië wordt een geboorte omgeven door bijgelovige riten en praktijken die bekend staan als de simpatias. Sommige voorbeelden hiervan zijn:
● Als haar weeën beginnen, zegt men een vrouw dat zij een aftreksel moet maken. Zij kookt hiervoor in water twee spoorwegsignaalvlaggen, een rode vlag en een groene, en dit water drinkt zij dan. Men gelooft dat de rode vlag helpt om het bloeden te stoppen, en de groene zou de weeën verkorten.
● Wanneer ervoor wordt gezorgd dat er drie stukjes wortel van de wijnruit onder het kussentje van de pasgeboren baby liggen, zal dat zowel kwaad van het boze oog alsook ziekte afwenden.
● Rode wol op het voorhoofdje van de baby leggen, kan hem van de hik bevrijden.
● Onderweg naar de plek waar de bevalling zal plaatsvinden, moeten er geen linten vastgebonden zitten aan de kleertjes die de baby zal dragen, want dit zal de geboorte vertragen.
De menstruatiecyclus is een andere zaak die heel wat bijgelovigheden heeft doen ontstaan. Sommigen geloven dat een vrouw tijdens de menstruatie niet haar haar moet wassen; en bepaalde vrouwen durven in deze periode geen bad te nemen. Maar deze normale hygiënische handelingen hebben geen schadelijke uitwerking op de menstruatiecyclus. Over de angst om tijdens de menstruatie het haar te wassen, merkte een dokter in Rio de Janeiro op: „Onder ingelichte vrouwen maakt deze angst plaats voor de realiteit dat menstruatie een normaal fysiologisch gebeuren is, en geen ziekte.” En Claudia, een veelgelezen Braziliaans damesblad, schreef in de uitgave van januari 1976: „Een [menstruerende] vrouw mag en moet zelfs alles eten, zure vruchten, gekookte eieren, vis, ham, groenten, kaas. Dit maakt allemaal deel uit van een gezonde voeding en heeft niets te maken met het stoppen van de vloeiing tijdens de menstruatieperiode.”
Sommigen menen dat het verloop van de menstruatiecyclus afhankelijk is van de maan, omdat de gemiddelde cyclus 28 dagen duurt. Maar wijlen Bergen Evans, de schrijver van het boek The Natural History of Nonsense, stelt dat dit een niet gerechtvaardigde gevolgtrekking is en citeert artsen die hebben vastgesteld dat menstruatie in elke tijd van de maand plaatsvindt, onafhankelijk van de maancyclus, en dat er geen rechtvaardiging voor bestaat de datum van menstrueren met de fasen van de maan in verband te brengen.
Volgens het bijgeloof doet de nadering van een menstruerende vrouw planten verdorren, spiegels beslaan en messen bot worden, en gaan bijen dood en vallen cakes in. Dit is natuurlijk belachelijk. Toch zijn vrouwen, zoals Evans aantoont, tijdens de menstruatie van nature nerveus, prikkelbaar en gedeprimeerd. Daarom overkomt het hun heel licht dat zij een bord breken, uitvallen tegen de kinderen of een huilbui krijgen bij een of andere kleinigheid.
De rol van religie in bijgeloof
Door hun religieuze leiders zijn mensen ertoe gebracht te geloven dat God en de Duivel godheden zijn die zich laten bepraten, vleien en omkopen. Men probeert dus achter de plannen van dergelijke godheden te komen en gaat dan moeite doen om hen te beïnvloeden.
Winkeltjes die in Brazilië veel worden aangetroffen, zijn de Casas de Umbanda. Hier koopt men magische kruiden, wierook, kralen, amuletten, halskettingen van varkenstanden, gelukshangertjes, boeken over zwarte kunst en delen van poppen, die gebruikt worden bij het uitspreken van bezweringen en als middel om de toekomst te bepalen. In deze winkels staan de „Maagd Maria”, Jezus en de gehoornde „Duivel” zij aan zij met andere beelden.
Op vrijdagavonden tegen 11 uur plaatsen mensen op kruispunten zwarte kippen, flessen bier en goedkope brandy, sigaren, suikergoed en fruit om de „geesten” gunstig te stemmen.
Eén verhaal over het hoefijzer komt uit Engeland. Volgens de legende kwam de Duivel bij „Sint” Dunstan toen die aan het smeden was, en vroeg hem één van zijn hoefijzers vast te zetten. Dunstan, zo gaat het verhaal, bond hem aan een muur en behandelde de hoef met zoveel heftigheid dat Satan om genade smeekte. Dunstan liet de Duivel gaan, maar liet hem eerst beloven nooit meer een huis binnen te gaan waar een hoefijzer hing. Natuurlijk is dit een absurd verhaal. Dus waarom zou iemand vertrouwen stellen in een hoefijzer?
Waarom is iemand bijgelovig?
Bij deze vraag halen mensen gewoonlijk hun schouders op en zeggen: „Ik weet het niet.” Of zij herhalen een uitspraak van hun ouders of grootouders, wier woorden zij onvoorwaardelijk geloven. In Brazilië heeft de vermenging van Indiaanse, Afrikaanse en Europese culturen een enorm aantal mythen en legenden doen ontstaan.
Er zijn echter twee factoren die haast altijd wel aan een of ander bijgeloof ten grondslag liggen — vrees en onwetendheid. Vrees voor Gods toorn, voor de Duivel, voor ziekte, voor de dood en nog veel meer geeft geregeld aanleiding tot bijgelovige gedachten en handelingen. Mensen grijpen zich nu eenmaal aan iedere strohalm vast om rampspoed af te weren. Brewton Berry schrijft in You and Your Superstitions: „Bijgeloof is gewoon een van de vele hoofdstukken in de jarenlange geschiedenis van de speurtocht naar zekerheid. En aangezien opleiding, verbodsbepalingen, preken, bespotting en wetenschap alle jammerlijk hebben gefaald in hun strijd tegen bijgeloof, zal alleen ZEKERHEID erin slagen bijgeloof te vernietigen.” Nauw verwant met vrees als oorzaak van bijgeloof is onwetendheid — onwetendheid ten aanzien van de ware oorzaak van vele rampen en vooral onwetendheid ten aanzien van de bijbelse zienswijze met betrekking tot de vele weeën die de mensheid overkomen.
Een geneesmiddel tegen bijgeloof
Brewton Berry toont aan dat de meeste religieuze geloofsovertuigingen niet zijn te onderscheiden van bijgeloof met taboes, maar hij schrijft ook: „Er bestaat echter een ander soort van religie die [het geloof] ondersteunt dat de Kosmische Macht constant is en niet onderhevig aan grillen, niet toegeeft aan vleierij, zich niet laat bedriegen door kwakzalvers en bij wie men geen wit voetje kan halen. Deze Macht laat het regenen en laat de zon schijnen over zowel goeden als slechten. Hij begunstigt niet degenen die geloofsbelijdenissen opzeggen en kaarsen aansteken. Het is niet de plicht van de mens deze Macht aan te porren om los te krijgen wat hij hebben wil, maar in plaats daarvan [behoort de mens] te vorsen naar de waarheid over het universum en naar de wegen die hij behoort te gaan en zich dan daarop voor te bereiden. Dat geloof is nooit populair geweest. De volgelingen ervan zijn beledigd en vergeten en ten minste één van hen is gekruisigd.”
De schrijver duidt hier op het impopulaire ware christendom. Net als de getrouwe Israëlieten uit de oudheid hebben ook Jezus en degenen die hun leven naar zijn voorbeeld vormen, nooit hun vertrouwen gesteld in „Vrouwe Fortuna”, voortekens of bijgelovige gebruiken. In plaats daarvan hebben zij de richtlijnen voor hun leven gezocht in het geschreven Woord van ’s mensen Schepper, Jehovah God. — Deut. 18:10-12; 2 Kon. 21:6; Jes. 8:19; 65:11; Hand. 16:16-24.
Hoe staat u tegenover bijgeloof? U kunt u ervan losmaken. De beste methode hiervoor is een nauwkeurige studie maken van de Heilige Schrift en uw leven vormen naar bijbelse beginselen.