Wegwijs aan de sterrenhemel
WIE heeft nooit op een kristalheldere nacht naar de sterren gekeken en zich verbaasd over de wonderen van het heelal? Bent u echter in staat bepaalde sterren of sterrengroepen te herkennen? Of lijkt de nachthemel u een verwarrende mengeling van lichtvlekjes toe, die u elke moed ontnemen om er enige orde in te ontdekken?
Het is moeilijker om uw weg aan de hemel dan op de grond te vinden, omdat de sterren constant van plaats veranderen. Dat berust echter op een ordelijke beweging, die zich gelijkmatig in de tijd voltrekt, even gelijkmatig als de maandelijkse verandering in de aanblik van de hemel. Deze twee schijnbare bewegingen van het hemelgewelf berusten op de bewegingen van de aarde — de dagelijkse rotatie om zijn eigen as en zijn jaarlijkse baan om de zon.
Zou u graag wat beter de weg willen vinden tussen de sterren en enkele sterren willen herkennen? Mensen op het noordelijk halfrond kunnen als uitgangspunt voor hun ontdekkingsreis de „Grote Beer” nemen. Dat is een groep van zeven heldere sterren, waarvan er vier de „romp” vormen en de andere drie de gebogen steel. Deze sterrengroep draagt (in het Engels) de toepasselijke naam „Big Dipper” of „Grote Pollepel”, terwijl men hem in die taal ook wel „De Ploeg” of „De Wagen” noemt, welke benamingen eveneens voor zichzelf zullen spreken.
De sterren aan de hemel zijn gegroepeerd in bepaalde sterrenbeelden, waarvan vele al sinds onheuglijke tijden beschreven en bekend zijn, en waarin men figuren van mensen, dieren of voorwerpen zag. Sterrenkundigen verdelen de hemel in een totaal van achtentachtig sterrenbeelden, maar minder dan de helft hiervan omvat sterren die helder genoeg zijn om de aandacht van de leek te trekken. Zo rekent men tot de Grote Beer nog meer sterren dan de reeds genoemde heldere zeven.
Het lijkt op het eerste gezicht misschien moeilijk, maar met een eenvoudige kaart als gids zijn veel sterren en sterrenbeelden tamelijk gemakkelijk te vinden. Het zal u in twee of drie nachten per jaar slechts een paar minuten kosten om ze te leren kennen. Wilt u het eens proberen?
De sterren van de zomerhemel
Laten we dan eerst met behulp van de Grote Beer de Poolster zoeken. Op een heldere nacht in het voorjaar, de zomer of de herfst kunt u de Grote Beer in de richting van het noorden vinden. Om de zaak te vereenvoudigen zullen we de sterren van de Grote Beer nummeren van 1 tot en met 7, zoals te zien is op bijgaande hemelkaart.
Trek nu een denkbeeldige lijn door 2 en 1, en verleng die over een afstand gelijk aan de lengte van het sterrenbeeld. Dan hebt u de Poolster in het sterrenbeeld de Kleine Beer. Vanaf de Poolster kunt u de contouren van de Kleine Beer volgen via een denkbeeldige boog vanaf de Poolster in de richting van de Grote Beer. Trekt u de lijn door de sterren 1 en 2 naar de Poolster, de zogenaamde „poolwijzer”, nog verder door, over een ongeveer gelijke afstand, dan belandt u in het sterrenbeeld Cassiopeia, herkenbaar als vijf heldere sterren in de vorm van een „W” (op de andere kaart aangegeven).
Het is interessant deze drie sterrenbeelden op een avond eens een paar uur lang gade te slaan. De Kleine Beer zal men dan rond het uiteinde van zijn steel zien wentelen, terwijl men ook de Grote Beer en Cassiopeia tegen de klok in rond de Poolster zal zien draaien. De oorzaak hiervan is gelegen in de draaiing van de aarde om zijn as.
Op een zomeravond zal de Grote Beer ten westen van de Poolster staan, met zijn steel naar boven wijzend. Dat is onze richtingwijzer naar andere sterren. Volg de bocht van de steel naar boven en op ongeveer een „Grote Beer”-afstand komt u bij een heldere oranje ster, uit de buurt van enige andere heldere ster. Dat is Arcturus in het sterrenbeeld de Ossenhoeder. Blijf dezelfde bocht volgen, over nog eens een zelfde afstand, en u komt bij een andere eenzame ster, Spica, in het sterrenbeeld de Maagd.
Nu gaan we terug naar de Grote Beer en trekken, beginnend van ster 1 een lange rechte lijn door 4, via Arcturus, en nog verder langs de hemel, tot we ten slotte bij het opvallende sterrenbeeld de Schorpioen komen, met de heldere „rode reus” Antares in het hart. Dit sterrenbeeld heeft een lange staart die ver naar beneden slingert in de richting van het zuiden en aan het eind opkrult: een vlieger met een staart wapperend in de wind. Op onze breedte is die staart echter niet te zien (daarvoor moet men naar Zuid-Europa); wel zichtbaar voor ons is Antares, een van de grootste sterren die men kent. Hij is zo groot dat wanneer zijn kern zich op de plek van onze zon zou bevinden, hij het binnendeel van ons zonnestelsel tot aan de baan van Mars zou opvullen. Onze aarde zou zich dan diep in het inwendige van Antares bevinden.
Laten we nu opnieuw terugkeren naar de geduldige Grote Beer en een geheel nieuwe weg volgen. Begin bij 3 en volg de lijn door 4 langs de oostelijke hemel, dan komt u bij Deneb, in het sterrenbeeld de Zwaan. Deneb bevindt zich aan de top van het „Noorderkruis”, zoals dit sterrenbeeld, dat in deze tijd van het jaar op zijn zij ligt, ook wel wordt genoemd. Zes sterren bepalen het kruis, hoewel de middelste in de opstaande lange tak, erg zwak is.
Onderweg naar Deneb passeerden we een nog helderder ster, namelijk Wega, in de Lier. Wega en Deneb vormen met een andere heldere ster, Altaïr, in het sterrenbeeld Aquila (de Adelaar) een grote driehoek. Altaïr wordt geflankeerd door twee minder heldere sterren die er in rechte lijn mee staan.
Dat was het! In een paar minuten hebt u de belangrijkste sterren en sterrenbeelden van zomeravond geleerd.
Wanneer u deze sterrenbeelden eenmaal hebt leren kennen, zult u ongetwijfeld de kennismaking met ze van tijd tot tijd willen hernieuwen. Naarmate de herfst inzet, zullen ze zich langs de hemel naar het westen verplaatsen en ten slotte één voor één onder de horizon verdwijnen. Maar tijdens de winter zullen nieuwe sterrengroepen boven de oostelijke horizon verschijnen. De tweede kaart bij dit artikel zal u helpen deze nieuwe sterren te identificeren.
De winterhemel
Laat in de winter zal de Grote Beer zich aan de oostzijde van de Poolster bevinden, met zijn steel naar beneden gericht. Een rechte lijn door de sterren 4 en 3 wijst naar Regulus in het sterrenbeeld de Leeuw. Merk de „sikkel” op met Regulus aan het eind van het handvat. Een lijn van 4 door 1 leidt naar Capella (het geitje) met haar drie „jongen” vlak bij zich. Gebruik 3 en 2 om u naar Aldebaran in Taurus (het sterrenbeeld de Stier) te leiden, aan een van de bovenpunten van een V-vormige sterrenhoop die de Hyaden wordt genoemd. Aan de andere kant van de V staat een hoop van zwakke sterren die men de Plejaden of ook wel „het zevengesternte” noemt. Volgens sommigen lijkt deze sterrenhoop op een verkleinde weergave van de Grote Beer. Wanneer u de Hyaden of Plejaden nog nooit door een verrekijker hebt gezien, wacht u een aangename verrassing.
Een diagonale lijn van 4 door 2 voert u naar de Gemini (de Tweelingen), bestaande uit Castor en zijn helderder broer Pollux. Een lange lijn door 5 en 4 leidt u langs Castor en Pollux naar Orion, de grote jager, een van de spectaculairste sterrenbeelden aan de winterhemel. Vier sterren ervan vormen een onregelmatige vierhoek. Betelgeuse, in een van de hoekpunten van deze vierhoek, is net als Antares een rode reus. En Rigel, in het diagonale hoekpunt, is een heldere, blauwwitte ster. Drie sterren in één rechte lijn vormen de gordel van Orion, ook wel de „Jakobsstaf” genoemd. Ze wijzen naar Sirius, de ster in de Grote Hond, de helderste ster aan de hemel. Tussen Sirius en de Tweelingen ligt Procyon in de Kleine Hond.
Wilt u nu geloven dat we een derde deel van de belangrijkste sterrenbeelden en meer dan de helft van de sterren van de eerste en tweede grootte aan de noordelijke hemel hebben beschouwd? Wees echter op uw hoede. Bij het volgen van de aangegeven lijnen langs de hemel kan het zijn dat u op een heldere ster stuit die er niet „thuishoort”. Wellicht is dat dan een van de planeten. Jupiter en Venus, en soms ook Mars, zijn helderder dan de vaste sterren; ook Saturnus is bijzonder helder. Jupiter zal zich bijvoorbeeld in de winter van 1977-78 ongeveer midden tussen Aldebaran en de Tweelingen bevinden, en Saturnus zal dicht bij Regulus staan.
Hebt u ooit alleen of met uw gezin een planetarium bezocht? Wanneer u de sterren eenmaal een beetje leert kennen, zal dat een lonende ervaring blijken. Vele grote steden hebben planetariums die een verscheidenheid van programma’s bevatten, gewoonlijk beginnend met een blik op de hemel boven u, maar versneld weergegeven om de bewegingen ervan duidelijk te maken. Deze voorstellingen zijn interessant voor personen van alle leeftijden. Ook zult u zich misschien een goedkope sterrengids willen aanschaffen die u zal helpen nog andere sterren en sterrenbeelden te identificeren. En indien u de gelegenheid hebt om naar andere landen op het zuidelijk halfrond te reizen, vergeet dan niet om daar aan de zuidelijke hemel nieuwe „vrienden” te maken.
[Diagram op blz. 15]
(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)
ZUID
WEST
OOST
NOORD
SCHORPIOEN
Antares
MAAGD
Spica
OSSENHOEDER
Arcturus
ADELAAR
Altaïr
Grote beer
7
6
5
4
3
2
1
LIER
Wega
ZWAAN
Deneb
Kleine beer
Poolster
Noord-, oost-, zuid- en westrichting zoals gezien wanneer men recht naar boven kijkt
zomerhemel
10 juli, 10 uur ’s avonds (zomertijd)
Kaart toont slechts een deel van de zichtbare noordelijke hemel
[Diagram op blz. 16]
(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)
winterhemel
1 maart, 8 uur ’s avonds
ZUID
WEST
OOST
NOORD
Rigel
ORION
Sirius
GROTE HOND
KLEINE HOND
Procyon
Betelgeuse
STIER
Aldebaran
TWEELINGEN
Pollux
Castor
Regulus
VOERMAN
Capella
Grote beer
LEEUW
2
1
3
4
5
6
7
Poolster
CASSIOPEIA
Kaart toont slechts een deel van de zichtbare noordelijke hemel
Noord-, oost-, zuid- en westrichting zoals gezien wanneer men recht naar boven kijkt