Kampioenspringers van het dierenrijk
SPRINGEN mag dan voor veel atleten in de dierenwereld een plezierige bezigheid zijn, voor de meeste is springen een kwestie van wel of niet bestaan, aangezien een fikse sprong het verschil kan betekenen tussen eten en honger lijden of tussen gevangen worden en ontsnappen. Desondanks blijft het voor mensen interessant om te weten welke dieren zoal uitblinken in hoog- en verspringen.
Wat dan als eerste opvalt is dat een dierenatleet niet speciaal groot hoeft te zijn om kampioenssprongen te maken. De huppelmuis bijvoorbeeld is slechts negen centimeter lang, maar kan met zijn vijftien centimeter lange staart als balanceerapparaat reusachtige sprongen maken: 2 1/2 tot 3 meter ver, op de snikheetste dagen, zonder een druppel zweet te laten. Als recordsprong heeft men van een huppelmuis eens een afstand van 3,60 meter gemeten. Geen wonder dan ook dat de natuurkenner Audubon de huppelmuis rekende tot de behendigste schepselen uit de natuur.
Hop, hop, sprong; hop, hop, sprong! Opzij, daar komt de haas. Of liever, daar gaat de haas! Maak een haas aan het schrikken, en weg is hij al, met snelle ’hoppen’ en sprongen. De sprong is extra hoog, soms wel anderhalve meter of meer — dit niet alleen vanwege een teveel aan energie; de haas houdt er ook van om zijn omgeving vanuit een wat hoger gezichtspunt gade te slaan. Vijanden heeft men zo veel sneller in de gaten! En als dan een van die vijanden hem achterna zit, een vos of een coyote, dan ziet de witgestaarte haas er geen bezwaar in om zich met sprongen van drie tot vier en een halve meter uit de voeten te maken. En als het moet verlengt hij zijn sprongen zelfs tot zes meter of meer! Stellig geen slungel als het op springen aankomt, deze langbenige renner.
Voor een kangoeroe echter is zes meter niet iets waar hij erg van onder de indruk komt. Een al wat ouder kangoeroemannetje draait zijn poot niet om voor een sprong van zeven en een halve meter. Een van de langste kangoeroesprongen werd in 1951 geregistreerd toen een opgejaagde rode vrouwtjeskangoeroe een serie sprongen maakte met één erbij van 12,65 meter! In een ander rapport is sprake van een grijze reuzenkangoeroe die in West-Australië over een uitgestrekte vlakte raasde. Zijn recordsprong werd met het meetlint bepaald op 13 meter en 64 centimeter.
Ook wat hoogspringen betreft staan kangoeroes hun mannetje. Opgericht vaak meer dan manshoog en met een gewicht van 90 kilo, bezit een volgroeide kangoeroe over reusachtige achterpoten met de springkracht van stalen veren, poten die hem in staat stellen met gemak over een anderhalf tot één meter tachtig hoge omheining te zweven. Een record-hoogtesprong werd gemaakt door een kangoeroe in Queensland. Achternagezeten door honden, sprong hij over een bijna 3,20 meter hoge houtstapel!
Herten en antiloop-atleten
In de wereld van de antilopen treffen we enkele van de talentvolste springers op aarde aan. De Elandantilope, de grootste antiloop van Afrika, loopt zo snel als een paard en maakt hoge sprongen in de lucht. Waarnemer L. S. B. Leakey schreef over hem: Toen ik nog een jongen was, had het experimenteer-station van de regering te Kabete [Kenya] een kudde van deze dieren in bezit. En daar was ik voor het eerst getuige van het wonderbare springvermogen van deze schepselen. Rond de weide waar ze vertoefden, liep een ruim twee meter hoge omheining, maar op een morgen raakten twee mannetjes door de een of andere oorzaak in paniek, sprongen met gemak over de omheining en ontsnapten. Sindsdien ben ik meermalen van overeenkomstige verrichtingen getuige geweest, en altijd weer heb ik me erover verbaasd.”
Ook de Zuidafrikaanse springbok houdt ervan om te springen. Z’n naam geeft dat al aan. Hij springt altijd met de kop naar beneden gericht en de rug gebogen, in welke houding hij vaak hoogten van rond de drie en een halve meter bereikt!
Een andere verbazingwekkende dierenatleet is de Afrikaanse klipspringer, een kleine, watervlugge antiloop, negentig centimeter lang en negen kilo zwaar, die volkomen leeft overeenkomstig zijn naam. In het boek Natural History of South Africa wordt een ooggetuige aan het woord gelaten die een klipspringer van een rotsrand zag springen naar een zich negen meter lager bevindende, uitstekende richel!
Het meest verwonderlijke is echter hoe ze naar boven springen. Als levende rubberballen „stuiteren” deze snelle antiloopjes naar de meest vooruitstekende rotspunten. Ja, wist u dat de klipspringer wel eens heel goed houder zou kunnen zijn van het hoogspringrecord in de dierenwereld? Men zag eens twee klipspringers op een rotsplateau staan met schuin naar boven uitlopende wanden. De enige manier waarop ze op de top hebben kunnen komen, moet met een sprong van de grond zijn geweest — 7 1/2 meter hoog!
De Afrikaanse „impala”, ook een antiloop, staat bekend om de gracieusheid waarmee hij over struikgewas en rotsen scheert. Bij zijn sprongen lijkt dit dier in een soepele golfbeweging door de lucht te zweven, geheel in tegenstelling tot de rukachtige springbeweging van de meeste andere antilopen. De impala springt niet alleen over struikgewas en rotsen, maar vaak ook over zijn eigen soortgenoten heen. In zo’n geval zal een roofdier dat zich op één exemplaar heeft geconcentreerd, zijn kans om dit dier te bespringen, vaak in de algemene springverwarring voorbij laten gaan. Kampioen-hoogspringers als ze zijn, kunnen impala’s gemakkelijk over een 2,40 meter hoge barrière zweven!
Wat lengte-sprongen betreft, het schijnt dat de langste sprong die een impala kan maken in de buurt van de twaalf meter ligt. Doch niet alleen de impala is zo’n opmerkelijke verspringer. Van het witstaarthert wordt bericht dat het in volle galop eveneens wel een afstand van twaalf meter kan overbruggen!
Talentvolle springers in de kattenfamilie
Ook de kattenfamilie heeft natuurlijk talentvolle vertegenwoordigers als het op springen aankomt. Het luipaard en de leeuw zijn goed voor hoogtesprongen van 2 1/2 tot drie meter. En wat verspringen betreft, op volle snelheid maakt een leeuw wel sprongen van ongeveer zes meter.
Over de talenten van de tijger hoeft wat dit aangaat, trouwens helemaal geen twijfel te bestaan. In het boek Marvels & Mysteries Of Our Animal World, worden de woorden van Jack Denton Scott aangehaald, volgens wie tijgers „wel 5 1/2 meter recht omhoog kunnen springen of zonder merkbare inspanning over een 12 meter brede kloof zweven”.
De poema of bergleeuw zou eveneens rechten kunnen doen gelden op een kampioenstitel. Een waarnemer in Arizona bericht: „Ik heb een poema wel van de grond zien opspringen en in een 3,5 à 4,5 meter hoge boomtak zien belanden.” Vertesprongen? Ook daar heeft de poema blijkbaar geen moeite mee. In de sneeuw werd eens een vertesprong van bijna 12 meter gemeten!
Insektenspringers
In verhouding tot hun grootte en gewicht blijken insekten echter de sterkste springers van het dierenrijk. Krekels, sprinkhanen en vlooien verlaten zich volledig op hun springvermogen om aan vijanden te ontsnappen. Een zwarte veldkrekel kan sprongen maken van zestig centimeter.
Sprinkhanen doen het nog beter. Zij kunnen waarschijnlijk het verste springen van alle insekten — ruim 75 centimeter! Zo lezen we in het Lifeboek The Insects: „De sprong van een gewone sprinkhaan is een opmerkelijke verrichting. Het insekt kan in horizontale richting ongeveer twintigmaal zijn eigen lichaamslengte springen, wat zou overeenkomen met een mens die de lengte van een voetbalveld in slechts drie grote sprongen zou overbruggen. De baan van z’n sprong kan echter ook recht omhoog gericht zijn, waarbij hij een sprong maakt, die in menselijke verhoudingen overeen zou komen met een ’huppel’ over een gebouw van vijf verdiepingen. . . . Elke achterpoot is in staat . . . een afzetkracht te leveren van achtmaal het totale lichaamsgewicht. Om deze stoot te geven, moeten de kleine spiertjes een geweldige stuwkracht ontwikkelen van ongeveer 20.000-maal hun eigen gewicht.” Voor het maken van zulke formidabele sprongen moeten, naar men thans beweert, in elke achterpoot 3500 spiervezels geactiveerd worden — en dat alles in nauwelijks een dertigste van een seconde!
Een 30 centimetersprong van een vlo mag dan naar menselijke maatstaven gemeten een bescheiden prestatie lijken, in wezen springt dit diertje daarmee toch 200-maal de lengte van zijn eigen lichaam! Guinness Book of World Records bericht: „Bij een Amerikaans experiment, uitgevoerd in 1910, verrichtte een exemplaar, die men eigener beweging liet springen, een vertesprong van 33 centimeter en een hoogtesprong van 19,7 centimeter”, een hoogtesprong van ongeveer 130-maal zijn eigen hoogte.
Het opmerkelijke bij een vlo is dat zijn gespring hem nooit lijkt uit te putten. Een vlo springt zonder enig bezwaar drie dagen aan één stuk door, 600-maal per uur. Het „opstijgen” gaat bij een vlooiensprong zo snel dat er een versnelling van 140 G wordt bereikt — 30-maal zoveel als de versnelling waaraan astronauten blootstaan bij de opstijging van een Saturnus 5-maanraket.
Natuurlijk zijn er nog heel veel andere schepselen te noemen als het om recordspringprestaties gaat. Springspinnen, bepaalde honden en natuurlijk het paard — goed voor een vertesprong van 8,10 meter — behoren daar onder andere toe. Maar toen ’s mensen Schepper een les in natuurlijke historie gaf aan de man Job in het land Uz, waarmee vergeleek hij toen het springvermogen van het paard? De Almachtige God zei: „Kunt gij het [paard] laten springen als een sprinkhaan?” (Job 39:20) God vergeleek dus het springvermogen van dit grote zoogdier met dat van de meesterspringer in het insektenrijk, de gewone sprinkhaan. En wie gaf het paard dat vermogen om te springen als een sprinkhaan? Ja, wie heeft al deze bovengenoemde schepselen begiftigd met hun springvermogen? Job niet, evenmin enig ander mens, maar wel de Grootse Schepper. Hem komt de eer toe voor de verbazingwekkende prestaties van de kampioenspringers op aarde.
[Tabel op blz. 23]
ENKELE VERSPRING-KAMPIOENEN
(met vermoedelijke maximum-sprong)
Naam Meters
Kangoeroe 13,50
Impala 12
Witstaarthert 12
Poema 12
Tijger 12
[Mens] 8,90
Paard 8,10
Haas 7
Leeuw 6
Huppelmuis 3,60
Sprinkhaan 0,75
Zwarte veldkrekel 0,60
Vlo 0,30
[Tabel op blz. 23]
ENKELE HOOGSPRING-KAMPIOENEN
(met vermoedelijke maximum-sprong)
Naam Meters
Klipspringer 7,50
Tijger 5,50
Poema 3,50–4,50
Springbok 3,50
Kangoeroe 3
Luipaard 3
Leeuw 3
Paard 2,50
Impala 2,40
Witstaarthert 2,40
[Mens] 2,30
Haas 2,10
Huppelmuis 0,90