Wij stellen u voor aan Gileads achtenveertigste klas!
„GEWELDIG! Fantastisch!” „Machtig!” „Onbeschrijflijk en heerlijk!” „Het is de beste opleiding die een jonge volle-tijdprediker van Jehovah’s goede nieuws kan krijgen!”
Dit zijn enkele van de enthousiaste uitspraken die de gelukkige studenten van Gileads achtenveertigste klas van de lippen vloeiden. Het zijn uitspraken die openbaren hoe de vierenvijftig studenten over de vijf maanden opleiding voor de zendingsdienst dachten die zij aan de Wachttoren Bijbelschool Gilead in Brooklyn, New York, ontvingen.
Wat een vreugde was het zich onder deze jonge, geestelijk gezinde groep volle-tijddienstknechten van Jehovah God te begeven! Men werd al gauw door hun vurig enthousiasme meegesleept, dat zonder twijfel werd aangewakkerd door hun verlangen naar hun zendingstoewijzing te vertrekken. Ja, zij bruisten van opwinding in de vurige verwachting, in vierentwintig landen te mogen dienen waar de mensen geestelijke zorg nodig hebben. Het was niet moeilijk te ontdekken wat een diep verantwoordelijkheidsgevoel deze studenten vervulde voor de buitenlandse toewijzing die zij hadden ontvangen. Zij waren ervan overtuigd dat hun werk in deze landen velen zou helpen de weg te vinden die tot eeuwig leven leidt. — Matth. 7:13, 14.
Evenals andere klassen van Gilead was de achtenveertigste klas internationaal. De studenten kwamen uit Korea, Japan, Kenya, Zambia, Oostenrijk, Denemarken, Haïti, Colombia, Argentinië en andere landen; eenentwintig om precies te zijn. Hun gemiddelde leeftijd was ongeveer 27 jaar en zij hadden gemiddeld gedurende meer dan tien jaar als getuigen van Jehovah gediend. Door drie groepen studenten werd respectievelijk Frans, Spaans en Koreaans gestudeerd. Een vierde groep studeerde wereldgeschiedenis. Degenen in die groep moeten de taal van het land waaraan zij zijn toegewezen, leren als zij daar zijn.
Hoewel vroegere Gileadklassen uit gemiddeld honderd studenten bestonden, had deze klas er slechts vierenvijftig. Kwam dit door gebrek aan gegadigden? Neen, tal van jongelui van over de hele wereld willen heel graag naar Gilead toe, maar enkele van de Gileadlokalen werden tijdelijk benut om werkers te huisvesten die nodig waren om aan de toenemende vraag naar bijbelse lectuur te voldoen. Het aantal mensen over de hele wereld dat Gods in de bijbel vervatte waarheid wil leren kennen, neemt dagelijks toe. Om deze reden hebben de zendelingen die zich reeds in het predikingswerk bevinden en honderdduizenden andere Getuigen bijbelverklarende lectuur nodig om voor deze geestelijk hongerigen te zorgen.
Streven naar een zendingsopleiding op Gilead
Velen in deze klas hadden zich reeds geruime tijd Gilead ten doel gesteld. Ten einde dit te bereiken, namen zij het volle-tijdpredikingswerk ter hand, hetgeen vaak pionieren wordt genoemd. Neemt u eens het hartverwarmende verslag van de wijze waarop een jonge studente uit Oostenrijk naar een zendingsopleiding aan de Gileadschool streefde:
„Reeds toen ik een klein meisje was, spraken mijn ouders voortdurend met mij over de pioniersdienst, zodat ik een vurig verlangen hiernaar ontwikkelde. Ik herinner mij dat ik toen ik tien jaar was een artikel over de pioniersdienst las. Ik huilde toch zo omdat ik naar school moest terwijl ik liever wilde pionieren. Ik herinner mij ook dat ik twaalf jaar was toen ik een aanvraagformulier voor de pioniersdienst kreeg, en elke avond voordat ik ging slapen, las ik het, zó was ik erdoor gefascineerd.
Eindelijk deed ik eindexamen van de school en kon ik datgene doen wat ik zo graag wilde — pionieren. Mijn moeder zei echter altijd tegen mij: ’Een goede dienstknecht van Jehovah heeft altijd een doel.’ Niet lang nadat ik begon te pionieren, stelde ik mij dus Gilead ten doel. Ik wilde er dolgraag heen, maar ik moest wachten totdat ik oud genoeg was. Nu heeft Jehovah mij geholpen dit lang begeerde doel te verwezenlijken en nu zie ik ernaar uit naar Kenya te gaan en met de mensen daar al die prachtige dingen te delen die ik op de Gileadschool heb geleerd.”
Een studente uit Guyana vertelde dat toen zij elf jaar was twee zendelingen haar moeder hielpen de bijbel te leren kennen. Zij wilde hetzelfde christelijke werk doen als zij. Acht jaar later begon zij te pionieren en thans verheugt zij zich in de zendingsdienst in Sierra Leone.
Enkele studenten hebben zaken- en studiekansen laten lopen om naar de volle-tijddienst en een Gileadopleiding te streven. Een van hen had een winstgevend hotel-restaurantbedrijf in Argentinië opgegeven. Een andere student had een beurs gekregen om in Europa kunst te studeren. Toen hij vernam dat hij het geld op elke gewenste manier kon gebruiken, wendde hij het aan om met behulp hiervan in de pioniersdienst te gaan. Weer een andere student, afkomstig uit Ierland, liet zich door het aanbod van zijn vader, een academische studie te volgen, niet van het doel van de volle-tijddienst en een zendingsopleiding op de Gileadschool afbrengen. Hij en zijn vrouw zijn nu op weg naar Kongo (Kinsjasa) in Afrika.
Bewijzen van hun voortreffelijke geestelijke gezindheid
Als men met deze ijverige studenten omgaat, bemerkt men al gauw hun voortreffelijke geestelijke gezindheid. Eén student uit Haïti had bijvoorbeeld een goed betaalde betrekking opgegeven om al zijn tijd te gaan prediken in een plaats waar geen getuigen van Jehovah waren en waar moeilijk werk was te krijgen. Hij was echter vastbesloten in deze plaats te blijven. Voordat hij erheen ging, kocht hij kappersbenodigdheden en hiermee kon hij voor zichzelf zorgen. Zijn geloof en vastberadenheid werden gezegend, want hij hielp elf mensen, waaronder een protestantse predikant, Gods waarheidsboodschap te leren kennen.
Een student uit Chili ging, hoewel hij geen geld had, in een havenstad prediken. Na een maand zou hem wat geld gestuurd worden, maar hoe werd intussen in zijn levensbehoeften voorzien? Hij verklaart: „De eerste morgen kreeg ik geen ontbijt, want ik had geen geld. Ik bracht mijzelf de schriftplaats in herinnering over de werker die zijn loon waard is (Luk. 10:7). Ik pakte mijn verkondigerstas dus in en ging van deur tot deur met Gods waarheidsboodschap. Tegen de middag had ik voldoende bijdragen voor de bijbelse lectuur die ik bij belangstellenden had achtergelaten, ontvangen om een maaltijd te kunnen kopen.
Gedurende die hele maand vertrouwde ik er volledig op dat Jehovah voor mij zou zorgen en hij heeft mij nooit in de steek gelaten. Hoewel vrienden mij ervan hadden trachten te weerhouden zonder een cent op zak naar deze havenplaats te gaan, zei ik hun vol vertrouwen dat Jehovah voor alles zou zorgen en dat heeft hij ook gedaan. Toen zij later hoorden hoe er voor mij was gezorgd, riepen zij uit: ’Werkelijk, Jehovah zorgt inderdaad voor zijn dienstknechten!’” Een dergelijk geloof weerspiegelt een bewonderenswaardige geestelijke rijpheid en zienswijze!
De geestelijke gezindheid van een studente uit Kenya kan men afleiden uit de wijze waarop zij onder hevige tegenstand van haar ouders volhardde. Dezen wilden niet dat zij een christin werd. Haar vader dreigde haar te doden als zij niet ophield met „die witte apen”, zoals hij de Getuigen placht te noemen. Toen hij zag dat dit niet hielp, huurde hij bandieten om haar kwaad te doen. Zij merkte op:
„Door Jehovah’s bescherming ben ik nooit in hun handen gevallen. Door al deze pijnlijke tegenstand begreep ik dat de volle-tijddienst en de Gileadschool de enige dingen waren die belangrijk en de moeite waard waren in mijn leven.
Ik werkte daarom twee jaar heel hard en spaarde daardoor genoeg geld om in de pioniersdienst te kunnen gaan. Ten slotte heb ik dit zeer gelukkige doel bereikt, en ik vond het gewoon geweldig. En toen er een brief kwam met een uitnodiging voor Gilead, was ik helemaal opgewonden en in de wolken. Ik vertelde iedereen dat ik naar de zendingsschool ging. Woorden schieten te kort om uiting te geven aan mijn vreugde wegens het feit dat ik Gilead heb doorlopen en wegens het opwindende vooruitzicht een zendelinge voor Jehovah de ware God te zijn.”
Werkelijk, de ijver van deze achtenveertigste klas, alsmede hun voortreffelijke geestelijke gezindheid, zal hen tot een kostbare aanwinst maken in de landen waar zij als onderwijzers van Gods Woord zullen dienen. Hun christelijke werk in zulke landen zal velen die zuchten over de verwarrende problemen waarmee de mensheid thans te kampen heeft, geestelijke zegeningen schenken.
De vreugdevolle dag van de diploma-uitreiking
En wat een dag! De 8ste maart, waarnaar men vol verlangen had uitgezien, brak aan met weer dat een belofte inhield van de naderende lente. Dat dit een speciale dag was, bleek duidelijk zodra men in de vergaderzaal kwam. Daar zag men opgewonden studenten en gelukkige familieleden. Het was een en al geroezemoes van geanimeerde gesprekken, onderbroken door uitingen van opgetogenheid bij het zien van oude vrienden. Wat een vreugde vervulde deze 2064 personen!
Om 10 uur ’s morgens nam het graduatieprogramma een aanvang toen de stemmen zich in een lied verhieven en men daarna in gebed het hoofd boog. N.H. Knorr, de president van het Wachttorengenootschap, heette allen hartelijk welkom. Daarna nodigde hij de leraren van de Gileadschool uit een paar slotwoorden ter aanmoediging tot de studenten te zeggen. Toen van over de hele wereld telegrammen werden voorgelezen, besefte men dat velen overal ter wereld aan het afstuderen van deze achtenveertigste klas van Gilead dachten.
F.W. Franz, vice-president van het Wachttorengenootschap, nam het woord. Hij maakte duidelijk dat ware christenen na de vernietiging van Babylon de Grote, het wereldrijk van valse religie, geen grote toevloed van mensen in hun gelederen moesten verwachten. Christenen zijn verplicht nú, voordat het te laat is, mensen te waarschuwen en te helpen uit Babylon de Grote te gaan. Als de vernietiging ervan eenmaal begint, is er voor hen die zich erin bevinden geen hoop meer. — Openb. 18:4.
N.H. Knorrs toespraak, „De Weg”, viel op door warme liefdevolle, uit het hart gegrepen raad. Hij gaf allen de raad alles te vermijden wat hun oren zou afsluiten voor Gods stem die hun de juiste weg wijst (Jes. 30:21). Hij wees erop dat het tijdschrift De Wachttoren, dat elke veertien dagen in huis komt, als een stem werkt die iemand de weg indachtig maakt welke God behaagt. Een andere beveiliging in deze aangelegenheid is dat men dicht bij Jehovah’s dienstknechten blijft. Hun voortreffelijke, opbouwende omgang dient eveneens als een waarschuwing om op de weg te blijven die tot leven leidt.
De aanwezigen waren verrukt over het middagprogramma bestaande uit liederen die in verschillende talen door studenten in de klederdracht van hun land werden gezongen. Werkelijk aangrijpend was het programmaonderdeel getiteld „Liefde is een volmaakte band van eenheid”, een bijbels drama gebaseerd op het bijbelboek Esther. Een hartroerend gebed besloot het programma, dat nimmer door Gileads gelukkige achtenveertigste klas zal worden vergeten.
[Illustratie op blz. 24]
Afgestudeerden van de achtenveertigste klas van de Wachttoren Bijbelschool Gilead
48th Class March 1970
In onderstaande lijst zijn de rijen genummerd van voren naar achteren, en de namen in elke rij verwijzen naar de studenten in volgorde van links naar rechts.
(1) Arai, C.; Raphael, S.; Rivera, I.; Morgan, E.; Tagg, J.; Rollason, E.; Reid, P.; Haeusler, M. (2) Andrew, B.; Sawada, T.; Fry, P.; Nishigori, A.; McAlman, F.; Laustsen, H. M.; Laustsen, A. V.; Caicedo, R. (3) Dölling, J.; Peters, L.; Lull, K.; Berrios, M.; Delgado, L.; Stevens, J.; Lyons, M.; Seda, M.; Rieder, H. (4) Acevedo, W.; Pallett, J.; Nigl, C.; Vercueil, D.; Yuh, H.; Alleyne, N.; Kopezny, R.; Barnes, A.; Baker, F.; Acevedo, A. (5) Matos, A.; Andrew, T.; Haeusler, N.; Ardiles, H.; Sartison, D.; Schullo, A.; Sanui, H.; Kardos, T.; Lucas, D. (6) Gillette, W.; Sartison, G.; Whittingslow, M.; Baker, J.; Barnes, P.; Breitfuss, J.; Nigl, U.; Long, A.; Traverso, R.; Thibou, A.