Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • yb83 blz. 3-32
  • Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1983

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1983
  • Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1983
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • ANDEREN ERTOE AANGESPOORD JEZUS’ VOORBEELD TE VOLGEN
  • DE WERELD IS HET VELD
  • VELDDIENSTERVARINGEN
  • GETROUW EN LOYAAL ONDANKS TEGENSTAND
  • ONDERGRONDSE ACTIVITEITEN
  • SPECIALE HULPACTIES
  • BLOEDKWESTIE
  • DISTRICTSCONGRESSEN
  • UITBREIDING VAN BIJKANTOORFACILITEITEN
  • TIJDSCHRIFTEN GEWAARDEERD
  • NIEUWE PERSEN EN BOEKBINDERIJ-UITRUSTING
  • COMPUTER-ONTWIKKELINGEN
  • CASSETTEBANDJES
  • PIONIERS
  • Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1985
    Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1985
  • Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1986
    Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1986
  • Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1987
    Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1987
  • Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1984
    Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1984
Meer weergeven
Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1983
yb83 blz. 3-32

Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1983

DE GROOTSTE MAN die ooit op deze aarde heeft rondgewandeld, de meest in het oog springende figuur in de gehele menselijke geschiedenis, was ongetwijfeld Jezus Christus. Hij verwierf deze reputatie niet wegens zijn fysieke gestalte, zijn enorme spier- en lichaamskracht, zijn begaafdheid als militair leider of zijn sluwe scherpzinnigheid op politiek of financieel gebied. In plaats daarvan waren het zijn grote prestaties als prediker en onderwijzer die hem van alle andere mensen onderscheidden.

En wat maakte deze man Jezus tot zo’n groot onderwijzer? Dit was aan verscheidene dingen toe te schrijven. Hij sprak altijd de waarheid. Hij hield het Woord van zijn hemelse Vader als waarheid hoog en drong er bij anderen op aan dit eveneens te doen (Joh. 17:17; 18:37). Tot degenen die zijn discipelen werden, zei Jezus: „Gij zult de waarheid kennen en de waarheid zal u vrijmaken”, ja, vrij van onwetendheid, bijgeloof en vrees. — Joh. 8:32.

Nog een reden waarom Jezus met hoofd en schouders uitstak boven alle andere onderwijzers, was de vriendelijke en zachtaardige wijze waarop hij het geringe en vertrapte volk bejegende, onder wie hij zich vrijelijk bewoog. Zelfs tegenstanders gaven toe: „Nooit heeft iemand anders op deze wijze gesproken” (Joh. 7:46). Hij was weliswaar krachtig en rechtstreeks, maar toch nooit grof, arrogant of onattent. „De scharen [stonden versteld] over zijn manier van onderwijzen; want hij onderwees hen als iemand die autoriteit heeft, en niet zoals hun schriftgeleerden.” — Matth. 7:28, 29.

Hoe verwierf deze man Jezus zulke bewonderenswaardige hoedanigheden die hem als de Grote Onderwijzer kenmerkten? Zeker, hij was de eniggeboren Zoon van God, die zijn hemelse woonplaats had verlaten en vlees was geworden, ofte wel een volmaakt mens. Maar dit op zich rustte hem niet automatisch toe met de wonderbaarlijke onderwijshoedanigheden die hij aan de dag legde. Jezus verwierf deze hoedanigheden veeleer doordat hij altijd trachtte te weten te komen wat zijn hemelse Vader wilde dat hij zei en deed.

Deze houding trad reeds vanaf het begin van zijn bediening aan het licht. Volgens de apostel Paulus heeft Jezus gezegd: „Zie! Ik ben gekomen (in de rol des boeks staat over mij geschreven) om uw wil te doen, o God.” „Zie! Ik ben gekomen om uw wil te doen.” — Hebr. 10:7-9; vergelijk Psalm 40:8.

Voor Jezus was de kwestie niet afgedaan toen hij zich in de rivier de Jordaan aan zijn hemelse Vader aanbood en liet dopen. Zes maanden na zijn doop zei Jezus: „Mijn voedsel is, dat ik de wil doe van hem die mij heeft gezonden en zijn werk voleindig.” Een jaar later zei hij: „De Zoon kan geen enkel ding uit zichzelf doen, . . . want ik zoek niet mijn eigen wil, maar de wil van hem die mij heeft gezonden.” En een jaar daarna zei hij: „Ik ben niet uit de hemel neergedaald om mijn wil te doen, maar de wil van hem die mij heeft gezonden” (Joh. 4:34; 5:19, 30; 6:38). Neen, „[de] Christus heeft zichzelf niet behaagd”, maar trachtte altijd de wil van zijn Vader te doen. — Rom. 15:3.

Het hoofdthema van Jezus’ prediking en onderwijs betrof „het koninkrijk der hemelen”, „het koninkrijk Gods” (Matth. 4:17; Mark. 1:15). Veel van zijn illustraties hadden betrekking op dit Koninkrijksthema (Matth. 13:10-53; Mark. 4:10-34; Luk. 13:18-30). Toen hij zijn discipelen leerde bidden, verbond hij de heiliging van Jehovah’s naam met het komende Koninkrijk en het doen van Gods wil. — Matth. 6:9, 10.

Men raakt diep onder de indruk van de wijze waarop Jezus steeds te weten trachtte te komen wat de wil en het welbehagen van zijn Vader was, zelfs tot de laatste uren in Gethsémane. Daar zien wij hoe hij in een vurig gebed tot zijn Vader herhaaldelijk zei: „Niet zoals ik wil, maar zoals gij wilt . . . uw wil geschiede.” „Niet zoals ik wil, maar zoals gij wilt.” — Matth. 26:39, 42; Mark. 14:36.

ANDEREN ERTOE AANGESPOORD JEZUS’ VOORBEELD TE VOLGEN

In alle aspecten van zijn bediening liet Jezus zijn discipelen het volmaakte model na opdat zij „nauwkeurig in zijn voetstappen [zouden] treden” (1 Petr. 2:21). De apostel Paulus schreef: „Gij [hebt] van ons het onderricht . . . ontvangen omtrent de wijze waarop gij behoort te wandelen en God moet behagen, zoals gij in feite reeds wandelt, [opdat gij] het in vollediger mate blijft doen.” — 1 Thess. 4:1.

Naarmate die eerste-eeuwse christenen hun Koninkrijksprediking voortzetten, bouwden zij een spectaculair bericht op. In een tijdsbestek van slechts enkele jaren werd het goede nieuws naar verluidt „in heel de schepping die onder de hemel is, . . . gepredikt” (Kol. 1:23). Wat zij onder grote tegenspoed en openlijke oppositie tot stand brachten, was alleen mogelijk omdat zij zich op Jehovah’s heilige geest verlieten als de leidende kracht in hun bediening.

Maar wat valt er te zeggen over de hedendaagse tijd? Zijn er thans mensen te vinden die werkelijk in de voetstappen van Christus Jezus treden? Ja, inderdaad! Het is geen geheim dat Jehovah’s Getuigen getrouw in de voetstappen treden van hun Koning en Voorbeeld, Christus Jezus, waarheen hij hen ook leidt. Zij hebben zich opgedragen om Jehovah’s wil en niet hun eigen wil te doen. Zij zijn geen deel van deze door Satan geregeerde wereld en hebben niets uit te staan met haar politiek, noch met haar territoriale oorlogen. Zij zijn moreel rein en zijn het waardig de reine en heilige God Jehovah als ambassadeurs en gezanten van zijn rechtvaardige Koninkrijk te vertegenwoordigen. Het wereldbericht van Jehovah’s Getuigen over het afgelopen dienstjaar verschaft overvloedige bewijzen dat dit inderdaad zo is.

DE WERELD IS HET VELD

Over deze oogsttijd zei Jezus: „Het veld is de wereld” (Matth. 13:38). Het is daarom zeer voldoeningschenkend het wereldomvattende velddienstbericht over het afgelopen jaar te beschouwen, want daaruit blijkt dat er een enorme oogst is binnengehaald. — Zie de bladzijden 24-31.

Een snelle blik over de cijfers geeft te kennen dat in de overgrote meerderheid van de landen in vele facetten van het werk toename te zien was. Voor de 205 genoemde landen is er vergeleken met het voorgaande jaar een toename in het gemiddelde aantal verkondigers bereikt van 4,2 procent. Ook het gemiddelde aantal pioniers is toegenomen, en wel met 14,3 procent. Verder was er nog een toename van 7,3 procent in het aantal uren en 7,5 procent in het aantal bijbelstudies. Het aantal dopelingen is omhooggesprongen met 15,6 procent! Het aantal aanwezigen op de Gedachtenisviering is met 4,4 procent toegenomen, ondanks het feit dat de Gedachtenisviering in 1981 op een zondag viel.

Uit het ene land na het andere komen berichten binnen over grote toenamen in het aantal broeders en zusters dat gedurende het afgelopen jaar aan de hulppioniersdienst heeft deelgenomen. Zweden bijvoorbeeld zei dat in april een op de zes verkondigers aan de een of andere tak van de pioniersdienst had deelgenomen. Thailand zegt dat dit met 21 procent van de verkondigers in dat land het geval is geweest. Portugal bericht een toename van 48 procent in het aantal hulppioniers boven hun voorgaande hoogtepunt. In Korea nam het aantal hulppioniers toe met 30 procent. „Met meer ’strijders in de voorste gelederen’”, aldus het verslag, „hopen wij in het nieuwe dienstjaar een grotere toename te bereiken.” Zuid-Afrika schrijft: „In vier maanden tijd hielp een reizende opziener uit de Bantoebevolking 71 verkondigers om zich als hulppionier te laten inschrijven en nog eens 22 om de gewone pioniersdienst in te gaan. In elk van de paar kringen die hij achtereenvolgens heeft bediend, heeft deze broeder meer dan 50 personen geholpen in de gewone pioniersdienst te gaan.”

Mexico bericht een nog nooit eerder behaald hoogtepunt van 113.823 verkondigers in augustus. Ook hun huisbijbelstudies hebben het aantal van 111.000 overschreden. „Op gewone vergaderingen”, aldus het verslag, „is het aantal aanwezigen het dubbele van het aantal verkondigers. In één gemeente van 32 verkondigers worden de vergaderingen door 255 personen bezocht.” Japan is dit afgelopen dienstjaar de mijlpaal van 70.000 verkondigers gepasseerd (72.015 in augustus, een toename van 19 procent). Ook hun bijbelstudies zijn vergeleken met het voorgaande jaar enorm toegenomen. Japan voegt eraan toe: „Wij kunnen beslist niet nalaten iets over de pioniersgeest te zeggen. In juni hadden wij 25.140 pioniers en dat was ongeveer 36 procent van al onze verkondigers! . . . Wij denken werkelijk dat er voor de grote verdrukking nog een grote bijeenvergadering van met schapen te vergelijken personen zal zijn, aangezien Jehovah zijn werk beslist versnelt.” In de Verenigde Staten was het aantal van 613.007 verkondigers dat in augustus bericht inleverde, een nog nooit eerder behaald hoogtepunt. Vooral opwindend was het feit dat in de Verenigde Staten in de maand april 75.538 verkondigers zich voor de hulppioniersdienst lieten inschrijven. Dit was 24.530 meer dan het voorgaande hoogtepunt, in april 1979.

Niet alleen in de grote landen werden hoge percentages gerapporteerd, maar ook op kleine, verafgelegen plaatsen zoals de Färöer Eilanden. Daar werd in de eerste tien maanden van het dienstjaar een toename van 23 procent in het aantal bijbelstudies bereikt, terwijl de tijdschriftenverspreiding met 24 procent toenam.

Maar nog interessanter dan louter cijfers zijn de bijkantoorverslagen waarin enkele van de vreugdevolle ervaringen worden verteld die de Koninkrijksverkondigers in hun diverse predikingsactiviteiten hebben opgedaan. Voor zover de ruimte het toelaat, willen wij graag enkele van deze ervaringen vertellen.

VELDDIENSTERVARINGEN

Onder de dopelingen in Thailand dit afgelopen jaar bevond zich een waarzegster. Zij is een nakomelinge van een voormalig stadsbestuurder en had kostbare amuletten en veel boeken over spiritisme en magie geërfd. Mensen kwamen van heinde en ver om haar te raadplegen. Een speciale pionier verspreidde een brochure bij haar en begon bij zijn volgende bezoek een bijbelstudie aan de hand van hoofdstuk 3 uit het Waarheid-boek. De vrouw bracht het geleerde in praktijk en vernietigde al gauw voor ongeveer $500 aan spiritistische voorwerpen en amuletten die zij had geërfd. Het duurde niet lang of zij werd gedoopt.

Uit Ivoorkust komt het bericht over twee broeders die van huis tot huis werkten. Zij troffen een man die met een bevende stem uitlegde: „Ik verwachtte u al! Ik hoop dat u mij wilt verontschuldigen dat ik de afgelopen drie maanden de huur niet heb betaald. Mijn vrouw en mijn moeder zijn allebei ziek.” De broeders beseften dat de man hen voor de vertegenwoordigers van de exploitatiemaatschappij van de huizen had aangezien en gaven hem de raad naar de directeur te gaan en zijn problemen uiteen te zetten. Toen voegden zij eraan toe: „Wij kwamen echter inderdaad om over behuizing te spreken, maar dan over een huis dat u zelf kunt bouwen en bewonen zonder bang te hoeven zijn dat iemand u lastig komt vallen om de huur op te halen.” Zij redeneerden met hem op grond van de profetie in Jesaja 65:21, 22. De brochure Een zekere toekomst werd verspreid en er werd een bijbelstudie opgericht.

Een speciale pionier in Tsjaad zong op weg naar huis Koninkrijksliederen, ondanks de griezelige stilte die overal in de stad heerste. De mensen fluisterden dat zij elk moment midden in het oorlogsgeweld konden zitten. Zijn zingen werd toevallig gehoord door een oudere, zeer fanatieke katholieke man die de pionier bij een vroegere gelegenheid van zijn deur had gejaagd met de woorden: „Ik ben als katholiek kaal geworden” (waarmee hij wilde zeggen dat hij nu niet meer kon veranderen). Maar verbaasd dat de pionier nota bene op deze dag kon zingen, vroeg hij: „Wat maakt je zo blij, terwijl het hele land verstijfd is van angst?” De Getuige legde de man aan de hand van zijn eigen katholieke bijbel uit waarom de wereld zich in zo’n beangstigende en hopeloze situatie bevindt en wees op de schitterende hoop van een aards Paradijs. Ter plaatse werd een studie opgericht, en binnen een week bezocht deze voormalige vurige katholiek vergaderingen in de Koninkrijkszaal. Binnen drie weken maakte hij echtscheidingsprocedures gaande, daar hij ook polygamist was. Na verscheidene maanden werd de man gedoopt, en kaal en al blijft hij Jehovah ijverig dienen.

Uit Ecuador komt de volgende ervaring. Een tienjarige jongen bezocht samen met zijn grootmoeder die uit Duitsland over was, een vrouw die de tijdschriften had genomen. Zij vroeg hun om een uitleg van de Drieëenheid en was diep onder de indruk toen zij zag dat deze jonge knaap haar een redelijke uitleg kon geven van wat de bijbel leert. Een plaatselijke zuster begon toen een bijbelstudie met de vrouw. Toen haar werd aangetoond dat geen van de fundamentele leerstellingen van de katholieke Kerk op de bijbel was gebaseerd, maakte zij een afspraak met een van de bekwaamste priesters die er was om haar thuis te bezoeken. Toen de priester werd gevraagd de leer van de Kerk in verband met de Drieëenheid, het kruis, enzovoort, te verdedigen, raakte hij in grote verwarring. Hij had geen kennis van de bijbel. De vrouw was er toen van overtuigd dat zij de waarheid had gevonden, maar haar man bleef sceptisch, aangezien hij noch in God noch in de bijbel geloofde. Toen hem echter het boek Is de bijbel werkelijk het Woord van God? werd gegeven, maakte hij snel vorderingen en werd samen met zijn vrouw gedoopt. Hun drie kinderen zijn nu ook gedoopte Getuigen. Deze ervaring illustreert de drie stappen die noodzakelijk zijn voor groei — de jongen en zijn grootmoeder hadden geplant, een andere zuster had begoten, terwijl Jehovah’s geest de groei tot rijpheid had geschonken.

Het bijkantoor in Porto Rico vertelt over een geïnteresseerde vrouw die studie kreeg van een speciale pionier maar wier echtgenoot niet aan de studie wilde deelnemen. Op een dag zei zijn vijfjarige dochtertje: „Pappie, ik wil graag groot worden, dan kan ik gedoopt worden.” Later zei ze: „Pappie, bestudeer toch alstublieft de bijbel met Jehovah’s Getuigen, zodat u niet vernietigd zult worden en dan kunt u met ons in het Paradijs zijn.” Deze woorden van het kleine kind en de grote verandering in het gedrag van zijn vrouw zetten hem aan het denken. Hij vroeg om een bijbelstudie en maakt goede vorderingen.

Zo vertelt ook het bijkantoor in Korea hoe een moeder haar zoontje van kindsbeen af had opgeleid en hoe dit verbazingwekkende resultaten afwierp. De vader was een ambtenaar op de afdeling militaire zaken van zijn districtskantoor en had een diepgeworteld vooroordeel tegen de Getuigen. Op een dag toen de moeder er niet was, dwong de vader de jongen om naar de winkel te gaan en sigaretten voor hem te kopen, met de woorden: „Je moeder is niet thuis en zal je niet zien.” De jongen gehoorzaamde tegen zijn zin maar kwam terug met twee flessen cola en vroeg zijn vader om die ervoor in de plaats met kleine teugjes op te drinken. Hij zei tegen zijn vader dat zijn moeder hem weliswaar niet kon zien, maar God wel. Als gevolg van het standvastige gedrag van de jongen en zijn moeder en broer raakte uiteindelijk ook de vader geïnteresseerd en begon te studeren, terwijl hij nu reeds zover gevorderd is dat hij voor de doop staat.

GETROUW EN LOYAAL ONDANKS TEGENSTAND

Op Haïti begon een gehuwde vrouw de bijbel te bestuderen, maakte goede vorderingen en bezocht vergaderingen in de Koninkrijkszaal. Toen haar man tegenstand begon te bieden, zette zij haar studie elders voort. Intussen werd zij zwanger, en haar man wilde dat zij een abortus liet verrichten. Toen zij hem trachtte uit te leggen waarom zij het niet met haar geweten overeen kon brengen de abortus te laten verrichten, sloeg haar man haar bijna elke dag ten einde een abortus te veroorzaken. Vervolgens joeg hij haar en de kinderen het huis uit. Ten slotte liet hij zich van haar scheiden. Niettemin bleef zij goede vorderingen maken, werd uiteindelijk gedoopt en is nu een actieve verkondigster.

Finland bericht hoe een zuster heel wat tegenstand van haar man te verduren had, maar toch pal bleef staan voor de waarheid en hiervoor werd beloond. „Heel vaak sloeg hij me bont en blauw. Op een keer sloeg hij me zo hard dat ik het bewustzijn verloor. Bij een andere gelegenheid hield hij een pistool tegen mijn slaap en dreigde dat hij me zou doodschieten. Maar enige tijd later onderging mijn man een verandering van hart. Niet alleen ging hij in 1982 met me mee naar het districtscongres, waar ik werd gedoopt, maar later, toen wij enkelen van zijn familieleden in Zweden bezochten, liet hij hun exemplaren van De Wachttoren en Ontwaakt! zien en zei: ’Dit zijn goede tijdschriften. Wij hopen dat jullie ze ook graag willen lezen.’ Nu hoop ik dat mijn man de laatste stap ten gunste van de waarheid zal doen.”

ONDERGRONDSE ACTIVITEITEN

In overeenstemming met de jaartekst voor 1982 hebben Jehovah’s Getuigen in meer dan 200 landen ’volop te doen gehad in het werk van de Heer’ (1 Kor. 15:58). In 28 van deze landen is het werk aan verbodsbepalingen onderhevig, en toch is ook daar toename. Uit die landen druppelen vele opwindende berichten binnen waaruit blijkt dat het ondergronds verrichte werk, ondanks de belemmeringen, door engelen wordt geleid. Soms worden er ongewone, incidentele omstandigheden aangegrepen om mensen voor de Koninkrijksboodschap te interesseren.

Om een voorbeeld te noemen: Een 55-jarige vrouw probeerde de straat over te steken. Net toen zij bijna door een auto werd gegrepen, pakte een zuster haar bij de arm en trok haar achteruit, terwijl ze zei: „Voorzichtig! We leven in een gevaarlijke tijd!” Vervolgens legde zij uit waarom deze tijd zo gevaarlijk is. De vrouw zei: „Bent u een getuige van Jehovah?” Toen bleek dat zij tussen de bezittingen van haar pas overleden zuster, die geen Getuige was, een Paradijs-boek had gevonden. Na het boek samen met haar bijbel gelezen te hebben, had de vrouw graag een getuige van Jehovah willen spreken, en dit gevaarlijke incident had ervoor gezorgd dat dit mogelijk werd. Ongetwijfeld hebben engelen hier de hand in gehad.

Uit een ander land waar het werk onder verbodsbepalingen staat, komt de volgende ervaring: „Toen ik in een park langs een paar banken liep, voelde ik me gedrongen op een jonge man toe te stappen, die een gesprek begon over de schoonheid van de natuur en de nare wereldtoestanden. Al gauw begonnen wij over de bijbel te praten, en dit leidde weer tot een bespreking van 2 Timótheüs 3:1-5 en Matthéüs 24:3-42. Zijn belangstelling werd gewekt en dit leidde tot een bijbelstudie met hem en zijn vrouw.”

Een ander schrijft: „Wij liepen langs een huis en zagen dat er waterkers in de tuin groeide. Wij vroegen de huisbewoners of zij wisten dat de blaadjes eetbaar waren. Zij antwoordden: „Nee.” Wij vertelden hun over de antibiotische eigenschappen van deze plant en spraken over de vele verschrikkelijke ziekten in de wereld. De vraag werd opgeworpen of alle ziekten ooit uitgebannen zouden worden. Al gauw werden wij binnengenodigd, en er volgde een bijbelse bespreking.”

Hier is nog een voorbeeld van informeel getuigenisgeven: „In een winkel waar tweedehands boeken worden verkocht, zei een man: ’Ik ben geïnteresseerd in oude geschiedenis.’ Ik vroeg hem of hij wist wat het oudste en betrouwbaarste geschiedenisboek was. Dat wist hij niet. Ik nam dus een bijbel van de plank, sloeg Genesis hoofdstuk 10 op en liet hem zien dat daar een volkerentafel in stond. Toen ik over de Vloed en over Noach en zijn zonen sprak, zei ik dat zij in woordenboeken en encyclopedieën als historische personen vermeld stonden. De man was diep onder de indruk, gaf me zijn adres en nu wordt hij bezocht.”

Daar waar de prediking in het openbaar verboden is, bieden begrafenissen en trouwerijen vaak goede gelegenheden om getuigenis te geven, aangezien er dan veel kennissen aanwezig zijn. Een broeder berichtte: „Toen we de begraafplaats verlieten, liepen er heel wat personen met ons mee en bedankten ons voor ’de prachtige woorden van hoop’. Er werden twee bijbelstudies opgericht en bij andere familieleden werden nabezoeken gebracht.”

In Zuidoost-Azië werden 39 van onze broeders en zusters tijdens een van hun vergaderingen door de civiele inlichtingendienst opgepakt. Het verslag zegt: „Wonderlijk genoeg was het artikel dat de week na de politionele actie behandeld moest worden: ’Gelukkig zijt gij wanneer men u vervolgt.’ Alle broeders en zusters blijven hun rechtschapenheid bewaren, wat voor vervolging de Duivel ook over hen brengt.”

Op een eiland waar het werk verboden is, ging een broeder, nadat hij acht maanden gevangenisstraf had uitgezeten, op pad om de broeders en zusters aan te moedigen druk bezig te blijven met het getuigeniswerk. Als gevolg van wat hij in de rechtszaal en in de gevangenis heeft meegemaakt, voelt hij zich geestelijk veel sterker en vertrouwt hij meer op Jehovah.

Een Afrikaans land bericht dat er in sommige gebieden af en toe vervolging is, soms erg gewelddadig, maar dat de broeders in andere districten betrekkelijk vrij zijn om te prediken. In één geval zijn een voormalig parlementslid en een regionale regeringsfunctionaris met studie begonnen, en in een ander gebied zijn vier partijleden eveneens met studie begonnen. Er wordt ook bericht dat de pioniersgeest in dit land toeneemt.

In veel landen woeden verschillende vormen van burgeroorlog — onder andere in Ierland, El Salvador en Libanon. Maar slechts in heel weinig gevallen hebben onze broeders lichamelijk letsel opgelopen. Hun neutraliteit is hun bescherming gebleken. Berichten uit deze gebieden tonen ook aan dat Jehovah de Koninkrijksprediking, ondanks ontberingen en de moeilijkheden, heeft gezegend.

In Nicaragua bijvoorbeeld werden alle zendelingen het land uit gezet en zijn de Koninkrijkszalen door de linkse regering in beslag genomen. Maar dit heeft het werk beslist geen halt toegeroepen.

Argentinië bericht: „Alhoewel wij nog steeds niet als een wettige, religieuze organisatie worden erkend, gaan wij door met onze activiteit.” Zij hadden een toename van acht procent in het aantal verkondigers. De berichten uit Paraguay zijn ook heel aanmoedigend, ondanks het feit dat het werk verboden is.

SPECIALE HULPACTIES

Zware regenval, overstromingen en hevige stormen hebben een aantal gebieden over de gehele aarde geteisterd. Wanneer er Getuigen worden getroffen, komen onze broeders en zusters altijd met speciale hulpacties in het geweer.

Een voorbeeld hiervan was te zien na de uitbarsting van de Chichonal, een vulkaan in Zuid-Mexico. Het bijkantoor bericht: „Onmiddellijk werden er hulpacties ondernomen ten behoeve van de ruim 200 gezinnen van Getuigen die door de uitbarsting waren getroffen. Een groep soldaten in Ostuacán bracht onder woorden wat vele anderen duidelijk konden waarnemen: ’Geen enkele andere organisatie heeft zoveel belangstelling voor haar leden getoond als jullie. Niemand anders is zo dicht bij de vulkaan gekomen om hulp te bieden.’”

BLOEDKWESTIE

Vele broeders en zusters over de gehele aarde zijn met de kwestie van bloedtransfusie geconfronteerd. Dikwijls is er door tegenstand van de zijde van de artsen, verpleegkundigen en rechters, alsook door ongunstige publiciteit in de openbare pers, veel druk op onze broeders en zusters uitgeoefend, maar dit heeft uiteindelijk tot een geweldig getuigenis geleid.

De zaak waaraan dit jaar de meeste ruchtbaarheid werd gegeven, was de kwestie in Italië waarbij broeder en zuster Oneda betrokken waren. Zij werden tot veertien jaar gevangenisstraf veroordeeld, zitten al meer dan twee jaar in de gevangenis en wachten nog steeds op de uitslag van het hoger beroep dat zij hebben aangetekend. (Zie voor details de Ontwaakt! van 22 februari 1983.) Zij hebben inmiddels duizenden brieven ter aanmoediging ontvangen van hun broeders en zusters over de gehele wereld. Deze vloedgolf van brieven heeft tot een machtig getuigenis ten behoeve van Jehovah en zijn getrouwe Getuigen geleid.

DISTRICTSCONGRESSEN

Een van de hoogtepunten van onze activiteiten gedurende het afgelopen dienstjaar was de serie districtscongressen. Op het zuidelijk halfrond werden de „Koninkrijksloyaliteit”-congressen 1981 gehouden,terwijl de broeders en zusters op het noordelijk halfrond genoten van de „Koninkrijkswaarheid”-congressen 1982.

Wat de laatste serie betreft, er zijn vele uitingen van waardering ontvangen, zowel voor het programma als voor de nieuwe publikaties. Hier volgen een paar voorbeelden: „Waar in de christenheid kun je zo’n liefde vinden als je hier aantreft?” „Dit congres drong tot de kern door. Het draaide er niet om heen.” „Het is een van de meest opbouwende, aanmoedigende, positieve en geestelijk waardevolle congressen die ik ooit heb meegemaakt.” „Het heeft ons weer op het hoofdspoor teruggezet; het heeft ons geholpen ons kompas bij te stellen.”

Een zuster zei na het aanhoren van de lezing „Hoed je voor verderfelijke muziek”: „Deze lezing toonde aan hoe belangrijk het is niet alleen aandacht te schenken aan de muziek die wij horen, maar ook aan de woorden. Als beroepszangeres weet ik dat muziek de geest kan verkrachten.” Canada schrijft: „Dank jullie wel voor het innemen van een duidelijk standpunt in zaken als toegeeflijkheid en verderfelijke muziek — beslist te rechter tijd!” De lezingen op vrijdag, over de pioniersdienst, vormden voor vele aanwezigen eveneens een stimulans. Een zuster vertelde: „Wat ik in dat onderdeel zo waardeerde, is dat beklemtoond werd dat vertrouwen op Jehovah de sleutel tot succes is, of je nu in de hulp- of in de gewone pioniersdienst bent.”

Ook was men heel blij met de nieuwe publikaties. Een dankbare moeder schrijft: „Geniet voor eeuwig van het leven op aarde! is fantastisch voor kinderen. Mijn driejarige dochtertje vertelt me al over de plaatjes en wil heel graag meer leren.” Zweden schrijft: „Na het nieuwe boek U kunt voor eeuwig in een paradijs op aarde leven doorgekeken te hebben, bracht een broeder spontaan de gevoelens van velen onder woorden toen hij zei: ’Ik popel van verlangen om met dit boek in de velddienst te gaan. Het heeft een nieuw vuur in mijn beenderen ontstoken.’”

De districtscongressen hebben soms ook op andere manieren een verreikende uitwerking. Porto Rico schrijft: „De sportcommissaris voor het zuidwesten van het eiland was zo onder de indruk van de orde, de vrede, de reinheid en de fijne sfeer op het congres dat hij ons een aanbod deed. Wij konden gratis gebruik maken van alle sportfaciliteiten van de regering, zodat wij voor de Getuigen verschillende sportevenementen konden organiseren. Deze zouden dan aangekondigd worden zodat anderen konden komen kijken om te leren hoe zij zo iets moesten organiseren en hoe zij zich in het openbaar moesten gedragen. Op deze manier, aldus deze commissaris, zouden de anderen het voortreffelijke gedrag van de Getuigen overnemen. Wij bedankten hem heel vriendelijk, maar legden tevens uit dat wij het nodig vonden de mensen eerst door middel van bijbelstudie en het toepassen van bijbelse beginselen te veranderen. Dan worden ze goede metgezellen.”

UITBREIDING VAN BIJKANTOORFACILITEITEN

Nog een bewijs van Jehovah’s rijke zegen op de Koninkrijksprediking en het maken van discipelen is te zien in de uitbreiding van Bethelhuizen en drukkerijen in vele landen van de aarde. In het afgelopen jaar werd een vrij groot aantal van deze nieuwe faciliteiten voltooid en ingewijd, onder andere in Canada, Ivoorkust, Japan en Korea. In Brooklyn, New York, werd het kantoorgebouw aan Columbia Heights no. 25 eveneens voltooid en aan de dienst van Jehovah God opgedragen.

Bij de voltooiing van het prachtige nieuwe bijkantoorgebouw in Zweden waren vele zakenlieden en politie zeer onder de indruk van wat er tot stand was gebracht. Het bijkantoor schrijft: „Wij proberen de aandacht van de bezoeker altijd te vestigen op Degene die achter deze prestatie staat. Op deze manier is er een schitterend getuigenis tot eer van Jehovah gegeven.”

Het afgelopen jaar zijn er ook enkele grote congreshallen en vele Koninkrijkszalen gebouwd — allemaal bewijzen van Jehovah’s zegen op zijn organisatie, die zich steeds uitbreidt.

Op het moment worden er nieuwe bijkantoorfaciliteiten gebouwd in Australië, Denemarken, Duitsland, Engeland, India, Martinique, Mexico, Nederland, Noorwegen, Spanje, Tahiti en Zuid-Afrika, alsook op de Wachttorenboerderij in de Verenigde Staten. Andere bijkantoren die naar een nieuw pand zoeken of die plannen maken om nieuwe faciliteiten te bouwen, zijn onder meer: Argentinië, België, Chili, Cyprus, Ecuador, Frankrijk, Ghana, Haïti, Libanon, Liberia, Nieuw-Zeeland, Oostenrijk, Peru, Taiwan, Uruguay, Venezuela en Zaïre.

TIJDSCHRIFTEN GEWAARDEERD

Het afgelopen jaar is de produktie en verspreiding van tijdschriften met meer dan acht procent gestegen. Over de gehele wereld werden in totaal meer dan 455.000.000 exemplaren gedrukt! Dit vormt op zich al een bewijs hoezeer deze publikaties door de lezers worden gewaardeerd.

In het verslag uit Chili lezen wij: „Een speciale pionierster die een nabezoek bij een vrouw bracht, vroeg haar welk boek ons de wil van God onderwijst. ’De Wachttoren natuurlijk’, zei ze. Onze zuster legde toen uit dat het veeleer de bijbel was. ’Ja, maar wat zou ik met mijn pasgekochte bijbel moeten doen als ik De Wachttoren niet gebruikte om hem te begrijpen?’ — Hand. 8:31.”

Het tijdschrift Ontwaakt! verschijnt nu in zo’n zeventien verschillende talen als kwartaaluitgave en is in vele landen met groot enthousiasme ontvangen. Libanon schrijft over de ontvangst van een van deze nieuwe driemaandelijkse uitgaven: „Het tijdschrift Ontwaakt! kwam voor het eerst in het Arabisch uit en het wordt door de Arabisch-sprekende broeders beslist heel erg gewaardeerd . . . een werkelijke bron van aanmoediging.” Dit brengt heel goed de gevoelens onder woorden van vele andere taalgroepen die nu de kwartaaluitgaven van Ontwaakt! ontvangen.

NIEUWE PERSEN EN BOEKBINDERIJ-UITRUSTING

In het veld bestaat een enorme vraag naar meer lectuur, en dit heeft op zijn beurt de produktiefaciliteiten zwaar belast. Alleen al hier in de Verenigde Staten hebben wij 212.427.410 tijdschriften, 20.798.332 boeken, 11.980.532 brochures en 54.879.418 traktaten gedrukt. Daar de ouderwetse loden hoogdruk-platen bijna niet meer worden gebruikt, zijn deze publikaties voor het grootste deel op offsetpersen gedrukt. In Brooklyn hebben wij vijf rotatie-offsetpersen, en er zijn er nog drie besteld. Op de Wachttorenboerderij zijn nu drie van zulke persen in bedrijf en er worden er nog twee geïnstalleerd. Ook Canada, Duitsland, Engeland, Japan en Zuid-Afrika zijn in het bezit van snelle rotatie-offsetpersen.

Met gebruikmaking van bepaalde delen en onderdelen van twee van onze M.A.N.-persen was een firma in staat een offsetpers voor ons te bouwen die in Zwitserland is geïnstalleerd en al in bedrijf is. Deze onderneming is zo geslaagd dat wij nu nog zeventien van deze omgebouwde persen in bestelling hebben, die over de gehele wereld op onze bijkantoren waaraan een drukkerij verbonden is, gebruikt zullen worden.

Behalve de boekbinderij-uitrusting in de Verenigde Staten, Duitsland en Japan, hebben wij zo’n zelfde uitrusting in Brazilië, Finland en Italië, waardoor deze bijkantoren behalve de tijdschriften ook hun eigen boeken kunnen drukken en binden. Ook Korea zal spoedig een boekbinderij krijgen. In Japan wordt de volledige Nieuwe-Wereldvertaling in het Japans gedrukt en gebonden, en het bijkantoor heeft al bestellingen voor in totaal meer dan 1.000.000 exemplaren.

COMPUTER-ONTWIKKELINGEN

Doordat het drukken met gebruikmaking van loden regels verouderd raakte, moest het Genootschap snel overschakelen op computergestuurd fotozetten. Dit is geen geringe onderneming geweest, maar met Jehovah’s geest en zegen hebben onze broeders in de Verenigde Staten, Duitsland, Japan en Zuid-Afrika enorme vooruitgang geboekt. Wij zijn nu bezig met het vervaardigen van zo’n veertig MEPS (Multilanguage electronic phototypesetting systems, ofte wel meertalige elektronische fotozetsystemen), geheel door onze broeders ontwikkeld, die geplaatst zullen worden op bijkantoren waar vertaalwerk wordt verricht. Met deze geweldige MEPS computeruitrusting zullen wij in zo’n 250 talen tekst kunnen verwerken — een absolute noodzaak als wij voordat het einde komt, dit goede nieuws van het Koninkrijk in gedrukte vorm voor alle bewoners van de aarde beschikbaar willen hebben. — Matth. 24:14.

CASSETTEBANDJES

Enkele jaren geleden begonnen wij ten gerieve van de broeders en zusters de bijbel en ander materiaal op cassettes op te nemen. Deze bandjes zijn niet alleen aangenaam om te beluisteren, maar ook onderwijzend. Ze worden dan ook heel erg gewaardeerd. Gedurende het afgelopen jaar zijn er in Brooklyn 3.686.468 bandjes met verschillende opnamen geproduceerd, buiten de cassettes die door andere bijkantoren werden vervaardigd.

PIONIERS

De laatste paar jaar is de economische druk op de broeders en zusters enorm toegenomen. Men zou dus geneigd zijn te denken dat minder personen de middelen zouden hebben om zich in de pioniersdienst te kunnen bedruipen. De cijfers over de afgelopen drie jaar geven echter iets anders te zien. Het gemiddelde aantal pioniers is gestegen van 137.861 (1980) naar 151.180 (1981), en in 1982 was er een nooit eerder bereikt hoogtepunt van 172.859! Dit is een toename van 14,3 procent alleen al in het afgelopen jaar!

Enkele bijkantoren berichten dat veel meer broeders en zusters het afgelopen jaar in de hulppioniersdienst zijn gegaan. Japan schrijft: „De meeste gebieden worden elke twee à drie weken of elke maand bewerkt en de reactie van de mensen is over het algemeen onvriendelijk, maar dat weerhoudt de broeders en zusters er niet van te pionieren.” Pakistan, waar slechts 193 verkondigers zijn, schrijft: „Enkele zusters hebben kans gezien hun aangelegenheden zo te regelen dat zij in de gewone pioniersdienst konden gaan. Een zuster met een gezin met vijf kinderen staat ’s morgens vroeg om vijf uur op om haar huishoudelijke werk voor die dag te doen, zodat zij vrij is om in de pioniersdienst te gaan wanneer de kinderen naar school zijn.” Zelfs uit een land waar het werk verboden is, komt het volgende bericht: „Heel wat leden dienen als hulppionier.” Dat is beslist aanmoedigend om te horen.

Dat de kosten voor levensonderhoud nog steeds hoog zijn, blijkt uit het enorme bedrag dat het Genootschap uitgeeft om de tienduizenden volle-tijdbedienaren (speciale pioniers, zendelingen en reizende opzieners) in hun toewijzing te ondersteunen. In 1982 bedroegen deze uitgaven ten behoeve van de velddienst $20.843.248,53. Als Jehovah’s dienstknechten in alle delen van de aarde niet zulke edelmoedige bijdragen hadden gegeven, zou deze ondersteuning niet mogelijk zijn geweest. Alle dank gaat derhalve naar Jehovah uit, omdat hij het hart van zijn dienstknechten ertoe beweegt deze volle-tijdbedienaren in zijn dienst te ondersteunen. — Vergelijk 1 Kronieken 29:3-9, 14-17.

Wanneer wij overdenken wat er het afgelopen jaar in verband met de uitbreiding van de Koninkrijksverkondiging tot stand is gebracht, geven wij direct toe dat dit alleen mogelijk is geweest omdat Jehovah zijn volk leiding en richtlijnen heeft verschaft, alsook een overvloed van zijn dynamische energie. Hiervoor brengen wij hem onze lof en dank. Wij zullen blijven bidden: ’Maak dat wij uw wil doen, o Jehovah, want u bent onze God.’ — Ps. 143:10.

[Tabel op blz. 24-31]

BERICHT OVER HET DIENSTJAAR 1982 VAN JEHOVAH’S GETUIGEN OVER DE HELE WERELD

(Zie publicatie)

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen