Schema voor de theocratische bedieningsschool voor 2009
RICHTLIJNEN
In 2009 zullen voor de theocratische bedieningsschool de volgende regelingen gelden.
BRONNENMATERIAAL: Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift [bi12], „De gehele Schrift is door God geïnspireerd en nuttig” (uitgave 1991) [si], Lessen van de Grote Onderwijzer [lr] en Redeneren aan de hand van de Schrift (uitgave 1993) [rs].
De school dient OP TIJD te beginnen met een verwelkoming en dan verder te gaan zoals hieronder staat beschreven. Na elk onderdeel zal de schoolopziener het volgende onderdeel aankondigen.
HOOFDPUNTEN UIT HET BIJBELLEESPROGRAMMA: 10 minuten. In de eerste 4 minuten dient een bekwame ouderling of dienaar in de bediening Schriftuurlijke punten te bespreken uit het wekelijkse Bijbelleesprogramma. Hierop wordt een uitzondering gemaakt als het Bijbelleesgedeelte voor die week bestaat uit de eerste hoofdstukken van een Bijbelboek. Dan moet het materiaal voor de eerste 4 minuten uit het Geïnspireerd-boek genomen worden. In de week van 5 januari worden bijvoorbeeld de eerste vijf hoofdstukken van Genesis gelezen, en dus zal de spreker dan een paar hoofdpunten kiezen uit de inleidende paragrafen over het boek Genesis in het Geïnspireerd-boek. Hij dient de stof een toepassing te geven die van praktisch nut is voor de gemeente. Of hij nu het Bijbelleesgedeelte bespreekt of punten uit het Geïnspireerd-boek, het voornaamste doel is de toehoorders te helpen beseffen waarom en hoe de inlichtingen waardevol zijn. De spreker dient voor dit gedeelte beslist niet meer dan 4 minuten te gebruiken. Hij moet 6 minuten overhouden waarin de toehoorders korte commentaren (30 seconden of minder) kunnen geven over interessante punten die ze bij het Bijbellezen zijn tegengekomen. Hierna laat de schoolopziener de leerlingen vertrekken die in een bijzaal een toewijzing hebben.
TOEWIJZING 1: 4 minuten of minder. De toegewezen stof zal door een broeder worden voorgelezen, zonder inleiding of besluit. De schoolopziener zal er vooral in geïnteresseerd zijn de leerlingen te helpen met begrip, vloeiendheid, goede zinsklemtoon, modulatie, juiste pauzes en natuurlijkheid te lezen.
TOEWIJZING 2: 5 minuten. Dit onderdeel zal aan een zuster worden toegewezen. De leerlinge zal uit de lijst op blz. 82 van het Bedieningsschool-leerboek een setting toegewezen krijgen of er zelf een kiezen. Ze dient het toegewezen thema te gebruiken en het toe te passen op een aspect van de velddienst dat realistisch en praktisch is voor het plaatselijke gebied. Als er geen verwijzingen als bronnenmateriaal worden genoemd, zal de leerlinge stof voor dit onderdeel moeten verzamelen door nazoekwerk te doen in onze publicaties. De schoolopziener zal vooral letten op de manier waarop de leerlinge de stof uitwerkt en de manier waarop ze de huisbewoonster helpt over de Bijbelteksten te redeneren en de hoofdpunten van de presentatie te begrijpen. De schoolopziener zal één assistente toewijzen.
TOEWIJZING 3: 5 minuten. Dit onderdeel mag aan een broeder of een zuster worden toegewezen. De leerling dient het toegewezen thema uit te werken. Als er geen verwijzingen als bronnenmateriaal worden genoemd, zal de leerling stof voor dit onderdeel moeten verzamelen door nazoekwerk te doen in onze publicaties. Wanneer een broeder deze toewijzing krijgt, zal dit onderdeel gehouden worden als een lezing met de toehoorders in de Koninkrijkszaal in gedachten. Wanneer dit onderdeel aan een zuster wordt gegeven, dient het altijd gepresenteerd te worden zoals voor toewijzing 2 is aangegeven. Merk op dat thema’s met een sterretje alleen aan broeders toegewezen mogen worden, die ze als een lezing zullen uitwerken, en indien maar enigszins mogelijk moet er een ouderling of een dienaar in de bediening worden gebruikt.
RAADGEVINGEN: 1-2 minuten. De schoolopziener zal niet van tevoren aankondigen aan welke spreekhoedanigheid een leerling zal werken. Na de toewijzingen 1, 2 en 3 zal de schoolopziener enkele positieve opmerkingen maken over een aspect van de presentatie waarvoor een compliment gegeven kan worden. Hij zal specifieke redenen geven waarom dat aspect van de presentatie doeltreffend was en vaak naar het Bedieningsschool-leerboek verwijzen. Afhankelijk van de behoefte van elke leerling kan er na de vergadering of op een ander tijdstip onder vier ogen aanvullende opbouwende raad gegeven worden.
TIJDSBEPALING: Geen enkele presentatie mag over tijd gaan, en dat geldt ook voor de opmerkingen van de raadgever. De toewijzingen 1, 2 en 3 dienen tactvol beëindigd te worden wanneer de tijd om is. Als de broeders die de hoofdpunten uit het Bijbelleesprogramma behandelen, over tijd gaan, dient hun onder vier ogen raad gegeven te worden. Iedereen dient zorgvuldig op zijn tijdsbepaling te letten. Het totale programma duurt 30 minuten.
RAADGEVINGENFORMULIER: In Bedieningsschool-leerboek.
TOEGEVOEGDE RAADGEVER: Het lichaam van ouderlingen kan een bekwame ouderling kiezen, als die naast de schoolopziener beschikbaar is, om de toewijzing van toegevoegde raadgever te behartigen. Als er voldoende ouderlingen in de gemeente zijn, kan deze toewijzing elk jaar door een andere bekwame ouderling behartigd worden. Het zal de verantwoordelijkheid van de toegevoegde raadgever zijn zo nodig persoonlijke raad te geven aan de broeders die de hoofdpunten uit het Bijbelleesprogramma presenteren. Het is niet nodig dat hij na elk van die lezingen door medeouderlingen of dienaren in de bediening raad geeft.
OVERZICHT VOOR DE THEOCRATISCHE BEDIENINGSSCHOOL: 20 minuten. Om de twee maanden zal de schoolopziener een overzicht houden. Dat zal voorafgegaan worden door de hoofdpunten uit het Bijbelleesprogramma, zoals hierboven uiteengezet. Het overzicht zal gebaseerd zijn op de stof die in de voorgaande twee maanden, met inbegrip van die week, op de school behandeld is. Als de gemeente in de week van het overzicht voor de theocratische bedieningsschool een kringvergadering heeft of als de kringopziener de gemeente in die week bezoekt, dient het overzicht naar een week later verschoven te worden en dienen de toewijzingen 1, 2 en 3 van de week erna gebruikt te worden. Er dienen geen veranderingen te worden aangebracht in het schema van het wekelijkse Bijbelleesprogramma of de behandeling van de hoofdpunten.
SCHEMA
5 jan. Bijbellezen: Genesis 1-5
Nr. 1: Genesis 3:1-15
Nr. 2: Waarom Jezus een groot onderwijzer was (lr hfst. 1)
Nr. 3: ’Uw arbeid is niet tevergeefs’ (1 Kor. 15:58)
12 jan. Bijbellezen: Genesis 6-10
Nr. 1: Genesis 9:1-17
Nr. 2: Reageren op tegenwerpingen ten aanzien van geloof in God (rs blz. 177 §4–blz. 179 §1)
Nr. 3: Een brief van een liefdevolle God (lr hfst. 2)
19 jan. Bijbellezen: Genesis 11-16
Nr. 1: Genesis 14:1-16
Nr. 2: Hij die alles heeft gemaakt (lr hfst. 3)
Nr. 3: Hoe vormt Jehovah ons? (Jes. 64:8)
26 jan. Bijbellezen: Genesis 17-20
Nr. 1: Genesis 17:1-17
Nr. 2: Waarom mensen niet in staat zijn een rechtvaardige regering in het leven te roepen (rs blz. 350-351 §1)
Nr. 3: God heeft een naam (lr hfst. 4)
2 feb. Bijbellezen: Genesis 21-24
Nr. 1: Genesis 22:1-18
Nr. 2: „Dit is mijn Zoon” (lr hfst. 5)
Nr. 3: a Manieren waarop we ons kunnen verruimen in onze liefde voor anderen (2 Kor. 6:11-13)
9 feb. Bijbellezen: Genesis 25-28
Nr. 1: Genesis 25:1-18
Nr. 2: De Grote Onderwijzer diende anderen (lr hfst. 6)
Nr. 3: Waarom menselijke pogingen om verlichting te brengen niet kunnen slagen (rs blz. 351 §2–blz. 352 §2)
16 feb. Bijbellezen: Genesis 29-31
Nr. 1: Genesis 29:1-20
Nr. 2: Waarom we „niet langer bezorgd” moeten zijn (Matth. 6:25)
Nr. 3: Gehoorzaamheid beschermt je (lr hfst. 7)
23 feb. Bijbellezen: Genesis 32-35
Overzicht voor de theocratische bedieningsschool
2 mrt. Bijbellezen: Genesis 36-39
Nr. 1: Genesis 39:1-16
Nr. 2: Sommigen zijn hoger dan wij (lr hfst. 8)
Nr. 3: Alleen Gods koninkrijk zal in de werkelijke behoeften van de mensheid voorzien (rs blz. 352 §3–blz. 353 §1)
9 mrt. Bijbellezen: Genesis 40-42
Nr. 1: Genesis 40:1-15
Nr. 2: We moeten verleidingen weerstaan (lr hfst. 9)
Nr. 3: b Pas op voor een onafhankelijke geest!
16 mrt. Bijbellezen: Genesis 43-46
Nr. 1: Genesis 44:1-17
Nr. 2: Jezus’ macht over de demonen (lr hfst. 10)
Nr. 3: De Bijbelse profetieën zijn volkomen betrouwbaar gebleken (rs blz. 353 §2-5)
23 mrt. Bijbellezen: Genesis 47-50
Nr. 1: Genesis 48:1-16
Nr. 2: Moeten we bang zijn voor de Duivel?
Nr. 3: Hulp van Gods engelen (lr hfst. 11)
30 mrt. Bijbellezen: Exodus 1-6
Nr. 1: Exodus 1:1-19
Nr. 2: Jezus leert ons bidden (lr hfst. 12)
Nr. 3: Vinden genezingen in deze tijd plaats door middel van Gods geest? (rs blz. 167-168 §4)
6 apr. Bijbellezen: Exodus 7-10
Nr. 1: Exodus 9:1-19
Nr. 2: Zij die Jezus’ discipelen werden (lr hfst. 13)
Nr. 3: c Hoe zijn Galaten 6:2 en Galaten 6:5 met elkaar te rijmen?
13 apr. Bijbellezen: Exodus 11-14
Nr. 1: Exodus 12:21-36
Nr. 2: Waarom we moeten vergeven (lr hfst. 14)
Nr. 3: Het verschil tussen de genezingen van Jezus en zijn apostelen en die in deze tijd (rs blz. 168 §5–blz. 169 §3)
20 apr. Bijbellezen: Exodus 15-18
Nr. 1: Exodus 15:1-19
Nr. 2: Hoe kunnen we valse aanbidding mijden?
Nr. 3: Een les over vriendelijkheid (lr hfst. 15)
27 apr. Bijbellezen: Exodus 19-22
Overzicht voor de theocratische bedieningsschool
4 mei Bijbellezen: Exodus 23-26
Nr. 1: Exodus 24:1-18
Nr. 2: Wat is echt belangrijk? (lr hfst. 16)
Nr. 3: Hoe ware christenen in deze tijd te herkennen zijn (rs blz. 169 §4–blz. 170 §2)
11 mei Bijbellezen: Exodus 27-29
Nr. 1: Exodus 29:1-18
Nr. 2: Hoe we gelukkig kunnen zijn (lr hfst. 17)
Nr. 3: d Misplaatste loyaliteit en de gevaren ervan
18 mei Bijbellezen: Exodus 30-33
Nr. 1: Exodus 31:1-18
Nr. 2: Waarom in de eerste eeuw gaven van gezondmaking werden gegeven (rs blz. 170 §3–blz. 171 §3)
Nr. 3: Vergeet je niet dank je wel te zeggen? (lr hfst. 18)
25 mei Bijbellezen: Exodus 34-37
Nr. 1: Exodus 37:1-24
Nr. 2: Mogen we vechten? (lr hfst. 19)
Nr. 3: e Wanneer is toegeeflijkheid verkeerd?
1 juni Bijbellezen: Exodus 38-40
Nr. 1: Exodus 40:1-19
Nr. 2: Wil je altijd de eerste zijn? (lr hfst. 20)
Nr. 3: Welke hoop is er op werkelijke genezing voor de hele mensheid? (rs blz. 171 §4-6)
8 juni Bijbellezen: Leviticus 1-5
Nr. 1: Leviticus 4:1-15
Nr. 2: Mogen we ergens over opscheppen? (lr hfst. 21)
Nr. 3: f Hoe moeten christenen autoriteit uitoefenen?
15 juni Bijbellezen: Leviticus 6-9
Nr. 1: Leviticus 8:1-17
Nr. 2: ’Gelooft u in gezondmaking?’ (rs blz. 172 §1, 2)
Nr. 3: Waarom we niet mogen liegen (lr hfst. 22)
22 juni Bijbellezen: Leviticus 10-13
Nr. 1: Leviticus 11:29-45
Nr. 2: Hoe het komt dat mensen ziek worden (lr hfst. 23)
Nr. 3: Zegeningen die gedoopte discipelen ervaren
29 juni Bijbellezen: Leviticus 14-16
Overzicht voor de theocratische bedieningsschool
6 juli Bijbellezen: Leviticus 17-20
Nr. 1: Leviticus 19:1-18
Nr. 2: Hebben wij allen in het geestenrijk geleefd voordat wij als mens geboren werden? (rs blz. 195 §2–blz. 196 §2)
Nr. 3: Word nooit een dief! (lr hfst. 24)
13 juli Bijbellezen: Leviticus 21-24
Nr. 1: Leviticus 22:17-33
Nr. 2: Kunnen mensen die slechte dingen doen, veranderen? (lr hfst. 25)
Nr. 3: Hoe ware christenen zich het lot van de armen aantrekken
20 juli Bijbellezen: Leviticus 25-27
Nr. 1: Leviticus 25:39-54
Nr. 2: Waarom het moeilijk is het goede te doen (lr hfst. 26)
Nr. 3: Als Adam niet had gezondigd, zou hij dan uiteindelijk naar de hemel zijn gegaan? (rs blz. 196 §3, 4)
27 juli Bijbellezen: Numeri 1-3
Nr. 1: Numeri 3:1-20
Nr. 2: Waarom voor zachtaardigheid zelfbeheersing nodig is
Nr. 3: Wie is jouw God? (lr hfst. 27)
3 aug. Bijbellezen: Numeri 4-6
Nr. 1: Numeri 4:1-16
Nr. 2: Hoe je kunt weten wie je moet gehoorzamen (lr hfst. 28)
Nr. 3: Moet iemand naar de hemel gaan om een werkelijk gelukkige toekomst te hebben? (rs blz. 196 §5–blz. 197 §1)
10 aug. Bijbellezen: Numeri 7-9
Nr. 1: Numeri 9:1-14
Nr. 2: Vindt God alle feesten goed? (lr hfst. 29)
Nr. 3: Op welke manieren kunnen we onze loyaliteit aan Jehovah tonen?
17 aug. Bijbellezen: Numeri 10-13
Nr. 1: Numeri 13:17-33
Nr. 2: Hulp om niet bang te zijn (lr hfst. 30)
Nr. 3: Wat betekent 1 Petrus 3:19, 20? (rs blz. 197 §2)
24 aug. Bijbellezen: Numeri 14-16
Nr. 1: Numeri 14:26-43
Nr. 2: Wat betekent het Gods wet lief te hebben? (Ps. 119:97)
Nr. 3: Waar we troost kunnen vinden (lr hfst. 31)
31 aug. Bijbellezen: Numeri 17-21
Overzicht voor de theocratische bedieningsschool
7 sep. Bijbellezen: Numeri 22-25
Nr. 1: Numeri 22:20-35
Nr. 2: Hoe Jezus werd beschermd (lr hfst. 32)
Nr. 3: Wat betekent 1 Petrus 4:6? (rs blz. 197 §3)
14 sep. Bijbellezen: Numeri 26-29
Nr. 1: Numeri 27:1-14
Nr. 2: Wat wordt er met „ernstige vermaning” bedoeld, en waarom is het belangrijk? (Ef. 6:4)
Nr. 3: Jezus kan ons beschermen (lr hfst. 33)
21 sep. Bijbellezen: Numeri 30-32
Nr. 1: Numeri 32:1-15
Nr. 2: Wat gebeurt er als we doodgaan? (lr hfst. 34)
Nr. 3: Is hemels leven het vooruitzicht van alle christenen? (rs blz. 198 §1-3)
28 sep. Bijbellezen: Numeri 33-36
Nr. 1: Numeri 33:1-23
Nr. 2: We kunnen wakker worden uit de dood! (lr hfst. 35)
Nr. 3: In welke opzichten is Gods koninkrijk superieur aan alle menselijke regeringen?
5 okt. Bijbellezen: Deuteronomium 1-3
Nr. 1: Deuteronomium 2:1-15
Nr. 2: Wat zegt het ’Nieuwe Testament’ over eeuwig leven op aarde? (rs blz. 199 §1–blz. 200 §2)
Nr. 3: Wie zullen er worden opgewekt? Waar zullen ze leven? (lr hfst. 36)
12 okt. Bijbellezen: Deuteronomium 4-6
Nr. 1: Deuteronomium 4:15-28
Nr. 2: Een avond om aan Jehovah en zijn Zoon te denken (lr hfst. 37)
Nr. 3: Wanneer kan er worden gezegd dat minder beter is? (Spr. 15:16)
19 okt. Bijbellezen: Deuteronomium 7-10
Nr. 1: Deuteronomium 9:1-14
Nr. 2: Waarom we van Jezus moeten houden (lr hfst. 38)
Nr. 3: Aan hoeveel personen stelt de Bijbel hemels leven in het vooruitzicht? (rs blz. 200 §3, 4)
26 okt. Bijbellezen: Deuteronomium 11-13
Overzicht voor de theocratische bedieningsschool
2 nov. Bijbellezen: Deuteronomium 14-18
Nr. 1: Deuteronomium 15:1-15
Nr. 2: Wat houdt vrees voor God in?
Nr. 3: God vergeet zijn Zoon niet (lr hfst. 39)
9 nov. Bijbellezen: Deuteronomium 19-22
Nr. 1: Deuteronomium 22:1-19
Nr. 2: Hoe we God blij kunnen maken (lr hfst. 40)
Nr. 3: Behoren alleen natuurlijke Joden tot de 144.000? (rs blz. 200 §5–blz. 201 §2)
16 nov. Bijbellezen: Deuteronomium 23-27
Nr. 1: Deuteronomium 25:1-16
Nr. 2: Kinderen die God blij maken (lr hfst. 41)
Nr. 3: g Welke dingen moeten we als heilig bezien?
23 nov. Bijbellezen: Deuteronomium 28-31
Nr. 1: Deuteronomium 30:1-14
Nr. 2: Waarom we moeten werken (lr hfst. 42)
Nr. 3: Wat is de Bijbelse hoop van de „grote schare”? (rs blz. 201 §3-5)
30 nov. Bijbellezen: Deuteronomium 32-34
Nr. 1: Deuteronomium 32:1-21
Nr. 2: Wat is „de grote dag van Jehovah”? (Zef. 1:14)
Nr. 3: Wie zijn onze broers en zussen? (lr hfst. 43)
7 dec. Bijbellezen: Jozua 1-5
Nr. 1: Jozua 5:1-15
Nr. 2: Onze vrienden moeten van God houden (lr hfst. 44)
Nr. 3: Wat is Gods koninkrijk? Hoe we laten zien dat we ervóór zijn (lr hfst. 45)
14 dec. Bijbellezen: Jozua 6-8
Nr. 1: Jozua 8:1-17
Nr. 2: Een wereld wordt door water vernietigd — Zal dat nog eens gebeuren? (lr hfst. 46)
Nr. 3: Waarom is Prediker 7:21, 22 praktische raad?
21 dec. Bijbellezen: Jozua 9-11
Nr. 1: Jozua 9:1-15
Nr. 2: Hoe we weten dat Armageddon dichtbij is (lr hfst. 47)
Nr. 3: Gods vredige nieuwe wereld — Jij kunt daar ook zijn (lr hfst. 48)
28 dec. Bijbellezen: Jozua 12-15
Overzicht voor de theocratische bedieningsschool
[Voetnoten]
a Alleen aan broeders toewijzen, liefst een ouderling of dienaar in de bediening.
b Alleen aan broeders toewijzen, liefst een ouderling of dienaar in de bediening.
c Alleen aan broeders toewijzen, liefst een ouderling of dienaar in de bediening.
d Alleen aan broeders toewijzen, liefst een ouderling of dienaar in de bediening.
e Alleen aan broeders toewijzen, liefst een ouderling of dienaar in de bediening.
f Alleen aan broeders toewijzen, liefst een ouderling of dienaar in de bediening.
g Alleen aan broeders toewijzen, liefst een ouderling of dienaar in de bediening.