Dienstvergaderingen voor juni
Week die op 2 juni begint
8 min: Plaatselijke mededelingen. Geselecteerde Mededelingen uit Onze Koninkrijksdienst. Bespreek het dienstbericht van maart van de plaatselijke gemeente.
15 min: „’Doe je uiterste best’”. Vragen en antwoorden. — Zie ook De Wachttoren van 15 april 1993, blz. 28-30.
22 min: „Kennis van God beantwoordt veel vragen”. Voorzitter bespreekt artikel met twee of drie verkondigers, onder wie een jongere. Geef commentaar op par. 1, waarbij je beklemtoont waarom het Kennis-boek ons zo doeltreffend helpt vragen te beantwoorden. Demonstreer een oefenperiode, en geef na elke aanbieding suggesties ter verbetering.
Lied 200 en slotgebed.
Week die op 9 juni begint
10 min: Plaatselijke mededelingen. Financieel verslag.
15 min: Herinneringen voor de zomer. Lezing en bespreking met toehoorders. De meesten van ons maken plannen voor extra activiteiten tijdens de zomer, bijvoorbeeld een vakantie, het bezoeken van familieleden of het genieten van ontspanning. Hoe kunnen wij de dingen zo regelen dat theocratische activiteiten niet worden verwaarloosd? Bespreek het volgende: (1) Alle drie de dagen van het districtscongres bijwonen. (2) Geregeld de vergaderingen blijven bijwonen, of wij nu thuis zijn of elders. (3) Regelingen treffen voor een geregeld aandeel aan de dienst, en als de vakantie elders wordt doorgebracht, de velddienstrapporten naar de gemeente sturen. (4) Een voorraadje lectuur meenemen om onderweg informeel getuigenis te geven. (5) Een groter aandeel aan avondgetuigenis hebben nu het langer licht is. (6) Ons in de zomer voor een of meer maanden voor de hulppioniersdienst opgeven. (7) Ouderlingen dienen ervoor te zorgen dat de gemeenteactiviteiten goed georganiseerd blijven en dat alle toegewezen taken worden behartigd wanneer iemand er niet is.
20 min: Anderen onderwijzen — Een dringende noodzaak. Lezing door ouderling. Neem het wereldbericht op blz. 33 van het Jaarboek 1997 door. De extra krachtsinspanningen om mensen getuigenis te geven waar zij maar aangetroffen kunnen worden, brengen vruchten voort. Nu bestaat de dringende noodzaak terug te gaan naar mensen bij wie lectuur is achtergelaten, en hun de waarheid te onderwijzen. Wanneer je hen in openbare gelegenheden ontmoet, vraag dan op een tactvolle manier naar hun naam en adres zodat er een nabezoek kan worden gebracht. Wij dienen meer te doen dan slechts Koninkrijkszaden planten; wij moeten ze ook begieten (1 Kor. 3:6-8). Wanneer zaad in voortreffelijke grond wordt gezaaid, kan goed onderwijs de persoon in kwestie helpen de betekenis ervan te begrijpen (Matth. 13:23). Wij dienen zo volledig en bekwaam mogelijk deel te nemen aan het onderwijzingswerk (Hebr. 5:12a). Verwerk punten uit het inlegvel in Onze Koninkrijksdienst van juni 1996, par. 25, 26. Leg er de nadruk op te proberen bijbelstudies te beginnen uit de Wat verlangt God-brochure of het Kennis-boek.
Lied 204 en slotgebed.
Week die op 16 juni begint
5 min: Plaatselijke mededelingen. Geef kort een of twee suggesties over gesprekspunten in de lopende tijdschriften.
20 min: „Het expansieprogramma betreffende Koninkrijkszalen”. Bespreking van inlegvel, met enige zaaldeelname, door bekwame ouderling. Vestig de aandacht op de nieuwe regeling die aan het eind vet gedrukt staat.
20 min: Uw religie als waar of vals identificeren. Een ouderling leidt een bespreking met twee of drie bekwame verkondigers, gebaseerd op de Ontwaakt! van 22 december 1989, blz. 18. Veel schijnbaar oprechte mensen worden herhaaldelijk bezocht. Toch hebben zij nooit een bijbelstudie aanvaard. Bespreek hoe punten in dit Ontwaakt!-artikel gebruikt kunnen worden om hen bewust te maken van de noodzaak in overeenstemming met nauwkeurige kennis te handelen. Vestig de aandacht op sleutelpunten in hoofdstuk 5 van het Kennis-boek: „Wiens aanbidding wordt door God aanvaard?” Lees par. 20. Er kunnen bij zulke personen nabezoeken worden gebracht om hen vriendelijk en tactvol aan te moedigen een studie te aanvaarden en de vergaderingen bij te wonen.
Lied 201 en slotgebed.
Week die op 23 juni begint
10 min: Plaatselijke mededelingen.
15 min: Wat zeggen zij over ons? Lezing gebaseerd op de inlichtingen in de Index van Wachttoren-publikaties 1986–1989, blz. 109. Kies opmerkelijke „Uitspraken van anderen” over Jehovah’s Getuigen — ons gedrag en ons werk. Laat zien hoe anderen een gunstige indruk hebben gekregen door ons gade te slaan. Leg uit waarom dit ons ertoe dient aan te zetten ons altijd gepast te gedragen en te volharden in ons werk. Zet uiteen hoe zulke gunstige commentaren gebruikt kunnen worden wanneer wij met bekenden en geïnteresseerden spreken die meer over ons willen weten.
20 min: „Ouders — Leid je kinderen op in de prediking”. Vragen en antwoorden. Verwerk de richtlijnen in het Bediening-boek, blz. 102, onder het kopje „Jonge mensen helpen”.
Lied 211 en slotgebed.
Week die op 30 juni begint
10 min: Plaatselijke mededelingen. Herinner iedereen eraan de velddienstrapporten over juni in te leveren.
20 min: „Jongeren — Wat zijn jullie geestelijke doeleinden?” Twee vaders bespreken samen het artikel. Zij bespreken hoe zij hun kinderen kunnen helpen beseffen waarom het belangrijk is theocratische doeleinden te stellen die geestelijke zegeningen met zich zullen brengen, in plaats van materiële belangen na te streven. — Zie ook het Bediening-boek, blz. 118-120.
15 min: Ons voorbereiden op de lectuuraanbieding voor juli. Neem enkele gesprekspunten uit het Eeuwig leven-boek door die het goed zullen doen in het gebied van jullie gemeente. Noem manieren waarop die in een aanbieding verwerkt kunnen worden. Herinner iedereen eraan melding te maken van de bijdragenregeling, een bericht bij te houden van wat verspreid wordt, en terug te gaan en de belangstelling aan te wakkeren.
Lied 109 en slotgebed.
OPMERKING: Er zal deze zomer in Onze Koninkrijksdienst voor elke week een dienstvergadering gepland staan. Gemeenten kunnen het programma naar behoefte aanpassen om het „Geloof in Gods Woord”-districtscongres bij te kunnen wonen en vervolgens in de dienstvergadering van de week daarop een 30 minuten durend overzicht van programmahoofdpunten te hebben. Het dag-voor-dagoverzicht van het districtscongresprogramma dient van tevoren te worden toegewezen aan twee of drie bekwame broeders die in staat zijn de aandacht te vestigen op de belangrijkste punten. Dit goed voorbereide overzicht zal de broeders en zusters helpen zich de hoofdpunten te herinneren voor persoonlijke toepassing en gebruik in het veld. Commentaren vanuit de zaal en ervaringen die worden verteld, dienen kort en ter zake te zijn.