Gemeentevergaderingen — Deel VII: Mensen helpen de vergaderingen te bezoeken
1 Nadat Jezus’ discipelen tijdens het pinksterfeest van het jaar 33 G.T. de heilige geest hadden ontvangen, werden er in de ene plaats na de andere christelijke gemeenten gevormd. Zij waren nu de mensen aan wie God zijn geest had geschonken, en zij kwamen geregeld bijeen (Hand. 2:1; 13:1). Insgelijks beseft Gods volk in deze tijd hoe noodzakelijk het is geregeld gemeentevergaderingen te bezoeken. Wij willen alle leden van de gemeente en de geïnteresseerde personen die in ons gebied wonen, aanmoedigen om geregeld met ons bijeen te komen.
2 Gedurende het dienstjaar 1980 was het gemiddelde vergaderingbezoek voor de vijf wekelijkse vergaderingen als volgt: Openbare lezing — 104 procent Wachttoren-studie — 102 procent, Theocratische School — 92 procent, Dienstvergadering — 89 procent, en Gemeenteboekstudie — 93 procent. Is dit niet reeds aanmoedigend? Hoe laat jullie vergaderingbezoek zich met deze cijfers vergelijken? Wat kan eraan worden gedaan om nog meer met schapen te vergelijken personen ertoe aan te sporen iedere week met ons bijeen te komen? — Hebr. 10:24, 25.
GEÏNTERESSEERDE PERSONEN HELPEN
3 Zoals in Onze Koninkrijksdienst van maart 1981 werd aangeraden, zouden wij een geregeld programma volgen om bijbelstudenten naar Gods organisatie te leiden. Wekelijks kunnen wij op progressieve wijze uiteenzetten hoe Jehovah’s organisatie, en ook de plaatselijke gemeente, werkzaam is. Verklaar het doel van de vijf wekelijkse vergaderingen, hoe ze worden geleid, welke boeken worden gebruikt, enzovoort. Zie voor aanvullende suggesties Bekwaam gemaakt tot de predikingsdienst, blz. 216-219.
4 Maak een goed gebruik van de strooibiljetten waarop de vijf vergaderingen en het adres van de Koninkrijkszaal staan. Reizende opzieners hebben er hun bezorgdheid over uitgesproken dat deze strooibiljetten in veel gemeenten niet voorradig zijn of niet door de broeders en zusters worden gebruikt. Heeft jullie gemeente ze in voorraad? Als jullie ze niet hebben, kan de secretaris wellicht gauw een bestelling plaatsen. Heb jij strooibiljetten bij je en laat je er indien mogelijk in elk huis één achter? Er zijn heel wat ervaringen waaruit blijkt dat personen in contact zijn gekomen met de waarheid doordat zij een strooibiljet hadden ontvangen.
5 Blijf ermee voortgaan geïnteresseerde personen die in april de Gedachtenisviering bijwoonden, verdere hulp te bieden zodat zij vaker naar de Koninkrijkszaal komen. Wij vinden het fijn als er nieuwelingen komen. Maar wat kunnen wij doen om hen te helpen inzien hoe noodzakelijk het is om geregeld met ons te vergaderen? Willen zij in geestelijk opzicht groeien dan hebben zij geregelde omgang met Jehovah’s volk nodig. Denk eens terug aan de eerste keer dat je de Koninkrijkszaal bezocht. Herinner jij je nog wat toen indruk op je maakte? Was het niet de vriendelijkheid van degenen die je begroetten toen je binnenkwam? Zij namen het initiatief, maakten kennis met je en zorgden ervoor dat je je thuisvoelde. Terwijl je naar hun gesprekken luisterde, realiseerde je je misschien wel dat velen zich extra inspanningen hadden getroost om anderen mee te brengen. Het was duidelijk dat deze mensen gelukkig waren, zich interesseerden voor anderen en elkaar liefhadden. Dit maakte een blijvende indruk. Kunnen wij nog meer doen om nieuwelingen te begroeten en ervoor te zorgen dat zij zich welkom voelen?
6 Laat je anderen met je meerijden? Gewoonlijk zijn geïnteresseerde personen eerder geneigd vergaderingen te bezoeken als wij hen elke week thuis afhalen en mee laten rijden. Eén zuster die nu met haar man op Brooklyn Bethel dient, vertelde dat toen zij nog in haar vroege tienerjaren was, anderen in de gemeente geregeld bij haar thuis langskwamen en haar in de auto meenamen naar de vergaderingen. Doordat de broeders en zusters dit voor haar overhadden, werd zij bijzonder aangemoedigd om zowel de gemeenteboekstudie als de andere vergaderingen wekelijks te bezoeken. Als zij nu terugkijkt, is zij dankbaar dat anderen persoonlijke aandacht voor haar hadden en haar hielpen naar de Koninkrijkszaal te komen. Zouden wij persoonlijk meer kunnen doen om anderen in dit opzicht bij te staan?
HOE DIENAREN KUNNEN HELPEN
7 Ouderlingen en dienaren in de bediening kunnen veel doen om de belangstelling voor de plaatselijke vergaderingen te stimuleren en om verkondigers en gezinnen te helpen de gemeente te ondersteunen. Zij dienen de broeders en zusters geregeld thuis te bezoeken om hen aan te moedigen (1 Petr. 5:2). Kunnen er betere regelingen worden getroffen om de zieken en zwakken te helpen de vergaderingen te bezoeken? En hoe staat het met anderen die geestelijk zwak zijn of die geen vervoer hebben?
8 Belangstelling kan vaak worden aangewakkerd door „de eetlust van de gemeente op te wekken”. Ter illustratie: Hang een lijst met de komende openbare lezingen op het mededelingenbord. Bovendien kunnen het onderwerp en de naam van de spreker worden genoemd als op de dienstvergadering de plaatselijke mededelingen worden behandeld. Gemeenteboekstudieleiders kunnen de verkondigers op de hoogte houden van toekomstige vergaderingonderdelen, materiaal dat speciale voorbereiding vereist, enzovoort. Doen jullie als aangestelde dienaren in dit opzicht wat binnen jullie vermogen ligt?
9 Elk van ons zal er een volledig aandeel in willen hebben om anderen te helpen de vergaderingen te bezoeken. Dit zal ertoe leiden dat meer van onze broeders en zusters worden gesterkt en aangemoedigd.