Gemeentevergaderingen — Deel V: Voordeel trekken van openbare lezingen
1 Bevond jij je onder de toehoorders toen de eerste serie openbare lezingen zoals wij die thans kennen, in augustus 1945 van start ging? Er waren toentertijd slechts zo’n 3400 verkondigers in Nederland. Thans, 36 jaar later en met zo’n 22.500 verkondigers meer, kunnen wij terugkijken en zeggen dat de openbare lezingen veel voordeel hebben afgeworpen. Ze hebben er beslist toe bijgedragen dat duizenden onder ons met de waarheid in aanraking zijn gekomen en dat het geloof van elk van ons versterkt is.
2 Degenen die het meeste profijt van de openbare lezingen hebben getrokken, zijn wellicht de sprekers zelf. Hoe dat zo? Wel, bij het uitwerken van de voortreffelijke schema’s die zij ontvingen, moesten zij ten einde de lezingen onderwijzend en interessant te maken, naslagwerk verrichten in de bijbel en in de publikaties van het Genootschap. Hun naslagwerk heeft hun begrip van de Schrift verdiept en hun geloof versterkt.
3 De sprekers hebben er bij het uitspreken van hun lezingen naar gestreefd Jezus, de grootste openbare spreker aller tijden, na te bootsen. Hij sprak niet alleen met autoriteit maar ook op een liefdevolle wijze, zodat het hart van ontvankelijke toehoorders ertoe bewogen werd gunstig te reageren (Matth. 7:29). Zelfs zijn tegenstanders zeiden over hem: „Nooit heeft iemand anders op deze wijze gesproken” (Joh. 7:46). Hij hield zulke voortreffelijke lezingen omdat hij de gedachten en beginselen van zijn Vader op zo’n eenvoudige wijze en met overtuiging en begrip tot uitdrukking bracht. Hij zette de mensen tot handelen aan (Matth. 7:28, 22:46). Hij wist de aandacht te vangen van alle soorten van publiek — jonge en oude mensen, mensen van alle rangen en standen — en gebruikte illustraties die zij begrepen (Matth. 13:3-9, 34, 35, 45-48). Hij richtte zijn boodschap tot het hart van zijn luisteraars, waarbij hij indringende vragen gebruikte om hen aan het denken te zetten en hen ertoe te brengen hun beweegredenen te onderzoeken, hun eigen conclusies te trekken en beslissingen te nemen. — Matth. 16:5-16; 17:24-27; 26:52-54.
4 Wanneer sprekers hun grondig uitgediepte materiaal op Jezus’ manier brengen, kan het niet anders of de zaal zal er voordeel van trekken. Maar hoe kunnen de toehoorders het meeste profijt van de lezing trekken? Het is belangrijk om aandacht aan het gesprokene te schenken en de geest niet te laten afdwalen. Eén manier om opmerkzaam te blijven, is de schriftplaatsen op te zoeken en ze met de spreker mee te lezen. Enkelen proberen zich zelfs de strekking van de schriftplaats te binnen te brengen voordat de spreker hem leest. Een paar aantekeningen maken, helpt ook, want iemand herhaalt daardoor op papier wat hij gehoord heeft, waardoor het tweemaal zoveel indruk maakt.
5 Velen die aandachtig naar openbare lezingen hebben geluisterd, zijn ertoe gebracht veranderingen in hun leven aan te brengen. Een zuster merkte onlangs na een lezing op: „Eindelijk begrijp ik waarom het zo belangrijk is vriendelijker en zorgzamer voor mijn familie te zijn.” Wat de spreker zei, bereikte het hart en er werden veranderingen aangebracht. Dit beklemtoont de voordelen van het wekelijks herhalen van schriftuurlijke raad. — Joh. 13:17.
TOEKOMSTIGE VOORDELEN
6 In mei beginnen wij met een nieuwe serie van 60 openbare lezingen. Wij kunnen ernaar vooruitzien onderwerpen als „Onder vervolging staande blijven”, „Wat schuilt er achter de geest van opstand?” en „Wordt uw leven door de waarheid veranderd?” te beluisteren. Alhoewel enkele van de titels van de lezingen bekend kunnen klinken, zijn de schema’s helemaal bijgewerkt.
7 Degenen die deze nieuwe lezingen toegewezen krijgen, zullen ze grondig willen voorbereiden zodat het gebruikte materiaal informatief en praktisch zal zijn. Sprekers dienen enthousiast te zijn en er moeite voor te doen anderen te onderwijzen, aan te moedigen en te motiveren. Hun lezingen dienen niet langer dan 45 minuten te duren. Elk van ons zal deze openbare lezingen willen bijwonen en er voordeel van willen trekken, waardoor wij er blijk van geven dat wij er alle waardering voor hebben door Jehovah te worden onderwezen. — Joh. 6:45.