Vergaderingen die ons helpen discipelen te maken
WEEK DIE OP 11 MAART BEGINT
15 min: Lied 13. Algemene mededelingen. Bespreking van brochure „Jehovah’s Getuigen in de twintigste eeuw”, pag. 23, 24, over de „praktische waarde van het ’goede nieuws’ voor uw gemeenschap”. Nodig bekwame jonge lezers, broeders of zusters, uit om paragrafen te lezen. Stel dan vragen aan de zaal. Beklemtoon dat het christendom praktisch is en dat wij dit materiaal bij onze prediking kunnen gebruiken om anderen te helpen waardering te krijgen voor het „goede nieuws”.
25 min: „Hoe is Gods koninkrijk op jouw gezin van invloed?” Baseer inleidende woorden op paragrafen 1-3. Behandel de overblijvende paragrafen daarna grondig: lees vooral de teksten en verkrijg commentaar over de betekenis die ze in ons leven zouden moeten hebben. Vraag bij bespreken van paragraaf 7 aan plaatselijke verkondigers commentaar over wat zij doen om andere leden van hun eigen gezin in de velddienst te helpen. Beklemtoon dat het voor allen die ware discipelen van Jezus Christus zijn, nodig is nauwgezet gehoor te geven aan de leiding van Gods koninkrijk. Maak alsjeblieft ten volle gebruik van wat er in het artikel in „Onze Koninkrijksdienst” staat.
15 min: „Het goede nieuws aanbieden — aan gezinnen”. Stel na inleidend commentaar over paragraaf 1 aan de toehoorders vragen over paragrafen 2 en 3. Demonstreer de aanbieding uit paragraaf 4, maar onderbreek bij passende punten en nodig de zaal uit commentaar te geven, door te vertellen wat in hun ogen doeltreffend was, alsook door suggesties te geven over de wijze waarop de aanbieding misschien doeltreffender zou kunnen worden gemaakt door beter af te stemmen op de specifieke huisbewoner. Behandel de rest van het artikel met vragen. Leg er de nadruk op dat ons doel bij het gebruiken van het nieuwe boek het maken van discipelen is — betrek indien mogelijk hele gezinnen in bijbelbesprekingen.
5 min: Zorg dat allen duidelijk weten welke velddienstregelingen er zijn. Besluit met lied 119 en gebed.
WEEK DIE OP 18 MAART BEGINT
12 min: Lied 16. Algemene mededelingen inclusief kort financieel verslag. Behandel brochure „Jehovah’s Getuigen in de twintigste eeuw”, blz. 25, 26, „Hun wereldomvattende organisatie en werk”. Behandel in de vorm van een lezing, maar betrek de zaal erin door het stellen van vragen. Verwerk hierin hoevelen er volgens het „Jaarboek” van 1979 werden gedoopt en hoeveel bijbelstudies er werden geleid, en wat de plaatselijke gemeente tot deze cijfers bijdroeg.
18 min: Ga verder in de brochure, blz. 26-31. „Vragen die vaak omtrent hen worden gesteld”. Wijs van tevoren meerdere gezinsgroepen aan (dus niet slechts één) om die vragen te beschouwen die als het geschiktst voor het gebied van de gemeente zijn geselecteerd. Bespreek hoe deze in de velddienst beantwoord zouden kunnen worden, of wanneer geïnteresseerden vragen stellen. Beklemtoon dat het voor het maken van discipelen belangrijk is goed toegerust te zijn om vragen te beantwoorden.
23 min: „Bereiden jullie je als gezin voor?” Ouderling bespreekt met gezin hoe waardevol het is als gezin samen de bijbel te lezen, alsook zich gezamenlijk voor te bereiden op vergaderingen en velddienst. Bespreek werkelijk de suggesties in het artikel. Laat een ouder demonstreren hoe hij een kind een eenvoudige aanbieding van het „Gezinsleven”-boek zou kunnen leren: wijs het kind er vooral op dat het geïnteresseerd moet zijn in het maken van discipelen, en dat het dus een van zijn ouders of een andere verkondiger mee terugneemt om iedereen te helpen die belangstelling toont. In verband met paragraaf 10 kun je een jongere in de zaal zijn hand laten opsteken en vragen: Hoe kan ik een gezinsstudie hebben als mijn ouders niet in de waarheid zijn? Bespreek hoe hij geholpen kan worden.
7 min: Spreek erover hoe noodzakelijk het is in de voor ons liggende tijd suggesties toe te passen om allen te helpen veel vrucht te dragen en in overeenstemming met de jaartekst te bewijzen dat wij Christus’ discipelen zijn. Nodig de zaal uit voor de vergadering van volgende week Openbaring 2 en 3 te lezen en te bestuderen. Mededelingen voor de dienst. Lied 60 en gebed.
WEEK DIE OP 25 MAART BEGINT
8 min: Lied 3 en algemene mededelingen.
20 min: Tot wie zullen wij als gezin gaan? Behandel dit in de vorm van een lezing en betrek de zaal in een bespreking van onderstaande vragen; bespreek de schriftplaatsen naarmate de tijd het toestaat.
Er wordt een voortdurende druk op gezinnen uitgeoefend om hen van het dienen van Jehovah af te brengen. De loyaliteit van ieder gezinslid wordt hevig op de proef gesteld. Wij dienen vertrouwen te hebben in het bestuur en de leiding waarin Jehovah door Christus voorziet. Bespreek Johannes 14:6. Geen hoop voor nu en voor toekomst buiten Gods voorziening door middel van Jezus om. — Hand. 4:12.
Vroege christenen ondergingen soortgelijke beproevingen op loyaliteit. Toen Jezus een moeilijke schriftuurlijke waarheid naar voren bracht, keerden sommigen zich af, maar Petrus niet (Joh. 6:67-69). Hebben wij dezelfde geestesgesteldheid? Waarom is het voor gezinsleden belangrijk er net zo over te denken als Petrus?
Wat zouden wij winnen door ons af te keren? Omgang met een liefdeloze wereld, misschien wat sensuele opwinding, een terugkeer tot geest-verduisterende leerstellingen, een kort doelloos leven, gevuld met problemen, een leegte die door de demonen gevuld wordt. — 2 Petr. 2:19-22; vergelijk Lukas 11:24-26.
Wat hebben en behouden wij door onder Christus’ leiderschap te blijven? De voordelen van Christus’ losprijs, de bijbel als een gids voor ons leven, een vaste hoop op een paradijsaarde, hoop op de opstanding van de doden, het voorrecht de naam van Jehovah te dragen, een duidelijke kijk op het scherpomlijnde verschil tussen Jehovah’s organisatie en die van Satan, gelegenheden om goed nieuws met anderen te delen, een leven met een doel en een werkelijke hoop. — Joh. 14:19; 1 Petr. 3:18; Matth. 6:10; Jes. 43:10, 11; Joh. 15:19.
Om onder Christus’ leiderschap te blijven, hebben wij een krachtig geloof nodig. Hoe kan ieder gezinslid door het geloof dat hij opbouwt, een gunstige invloed op het gehele gezin hebben? (Rom. 10:17) Het maken van discipelen onder leiding van Jezus brengt ons nader tot elkaar en versterkt ons geloof, terwijl wij anderen helpen op de manier waarop wij geholpen zijn (Matth. 28:19, 20). Wat wordt er nog meer van onze gezinnen vereist om Jehovah’s goedkeuring te hebben? — Joh. 15:4, 10. (Leg de nadruk op eenheid en gehoorzaamheid.)
Wij willen als gezin dicht bij Jehovah blijven en ons laten leiden door Christus en degenen die aangesteld zijn om voor de kudde te zorgen. Laat ons door dagelijks gedrag tonen dat wij dezelfde waardering hebben die door Petrus tot uitdrukking werd gebracht. — Joh. 6:67-69.
25 min: ’Hoor wat de geest tot de gemeenten zegt.’ Te behandelen door een ouderling met goede onderwijsbekwaamheden.
Korte inleidende bespreking: Vorige maand bespraken wij geïnspireerde boodschappen aan de gemeenten Efeze, Smyrna en Pergamum en hun toepassing op gemeenten in deze tijd. Beklemtoon hoe de boodschappen aan de gemeenten Thyatíra, Sardes, Filadélfia en Laodicéa nuttig zijn voor de gemeenten in deze tijd, en ook voor de vele gezinnen waaruit deze gemeenten bestaan.
(Nodig allen uit de bijbel open te slaan bij Openbaring hoofdstuk 2. Zaaldeelname.) Wie is degene met ’ogen als een vuurvlam’ die de gemeenten en hun opzieners inspecteert? Wat was in de gemeenten Thyatíra prijzenswaardig? (Openb. 2:18, 19) Wat voor vrouw was Izébel? Welke dingen onderwees zij? Wat was haar houding? Wat zal er in onze tijd gebeuren met degenen die onberouwvol een dergelijke handelwijze volgen? Kan Jezus als hoofd van de gemeente in deze tijd op de hoogte zijn van kwaaddoen dat niet aan anderen openbaar is? (vs. 20-23) Wat zijn de „diepe dingen van Satan”? Hoe kunnen wij het als persoon en als gezin vermijden deze „diepe dingen” te leren kennen? (vs. 24; „Mysterie”-boek, blz. 172) Welke aanmoediging voor ons in deze tijd wordt in vers 25 gegeven? In welke activiteit zullen getrouwe gezalfden delen? Wat betekent het dat zij „de morgenster” ontvangen? (vs. 26-28; fm, blz. 174-178)
Zijn wij als de gemeente Sardes? Hoe zouden mensen in deze tijd levend kunnen lijken, maar toch dood zijn? (3:1, 2) Wat moeten zowel gemeenten als gezinnen in gedachten houden? Waarom? (vs. 3) Wat wordt van ons als christenen vereist als wij de beloning van eeuwig leven wensen, aangezien de „bovenklederen” iemands voorkomen als christen aanduiden? (vs. 4-6)
Zijn wij als de gemeente in Filadélfia? Reageren wij op de open deur van christelijke activiteit? Hoe kunnen wij dit als gezin doen? (vs. 8) Hoe heeft de „synagoge van Satan” hulde voor de voeten van de gezalfden gebracht? (vs. 9; fm, blz. 200-202) Welke beloningen worden de getrouwe gezalfden in Filadélfia in het vooruitzicht gesteld? Wat geeft dit te kennen met betrekking tot getrouwen in deze tijd? (vs. 10-13)
Wat was het probleem met de gemeente in Laodicéa? Wat betekent het lauw te zijn? Op welke wijze zou dit ons in deze tijd kunnen overkomen? (vs. 14-16) In welk opzicht waren de Laodicenzen „ellendig en beklagenswaardig en arm en blind en naakt”? Hoe kunnen gezinnen zich in deze tijd in dezelfde toestand bevinden? Welk middel voor herstel wordt er voorgeschreven? Hoe kunnen christenen in deze tijd van dat middel gebruik maken? (vs. 17, 18) Hoe worden wij ertoe aangemoedigd om op streng onderricht van Christus te reageren? (vs. 19)
Besluit: Wij moeten ons er altijd van bewust zijn dat wij als gemeente en als gezin geïnspecteerd worden. Redding spruit niet voort uit het feit dat wij slechts beweren Jehovah’s Getuigen te zijn. Laat een ieder van ons aandacht schenken aan wat de geest tot de gemeenten zegt.
7 min: Velddienstmededelingen en aanmoediging om de jaartekst in ons leven toe te passen. Lied 33 en gebed.
WEEK DIE OP 1 APRIL BEGINT
5 min: Lied 48 en algemene mededelingen.
30 min: Wat doen wij met wat wij leren?
Voorbereiding van dit onderdeel dient RUIM VAN TEVOREN te worden gedaan. Ten einde ons in ons dagelijks leven te helpen worden er iedere week veel goede velddienstpunten en suggesties in het programma van onze dienstvergadering, Theocratische School en gemeenteboekstudie behandeld. Gebruiken wij wat wij leren? Gebruik in dit aandeel 10 minuten voor elke vergadering. Wijs in het begin van de maand één of twee boekstudiegroepen aan om elk van de drie vergaderingen te behandelen, en gebruik hiervoor, indien mogelijk, andere groepen dan vorige maand. Vraag hen erop uit te zijn gebruik te maken van dingen die ze hebben opgestoken uit wat op deze vergaderingen is besproken. Zij kunnen zulke punten gebruiken bij het nemen van persoonlijke beslissingen, bij informeel getuigenis, wanneer zij van huis tot huis gaan, nabezoeken brengen, of op elke andere manier. In dit programma zouden wij graag hun ervaringen horen. Dit dient dus géén herhaling van de vergaderingen te zijn, maar dit onderdeel moet laten uitkomen hoe materiaal van de vergaderingen in werkelijkheid gebruikt is.
20 min: Dien loyaal — geef het niet op! Het volgende materiaal zal door een ouderling met de zaal besproken worden. De schriftplaatsen dienen in de bespreking opgenomen te worden.
Wat is loyaliteit? (Ef. 4:24) Als je weet dat een lid van de gemeente zich aan ernstig kwaaddoen schuldig maakt, waartoe zou loyaliteit jou dan moeten aanzetten? (Lev. 5:1) Als je iemand kritiek op een broeder zou horen uiten, waartoe zou loyaliteit jou dan aanzetten? (Ps. 50:20, 21; 1 Tim. 5:19) Als er zich een gelegenheid voordeed om heel wat geld te verdienen, maar er zat een mogelijk risico in dat onze christelijke broeders schade berokkend zou worden, tot welke handelwijze zou loyaliteit ons dan aanzetten? — Spr. 28:20; 1 Tim. 6:9, 10.
Welke situaties in deze tijd kunnen loyaliteit van jonge christenen op de proef stellen? Hoe was de jonge Jozef in staat om aan de druk en verleiding om immoraliteit te bedrijven, weerstand te bieden? Wat leren wij van de uitdrukking „dag aan dag” in verband met deze beproeving? Hoe zouden soortgelijke situaties op school kunnen ontstaan? (Gen. 39:7-12) Hoe kunnen de zonen van Eli voor de jonge Samuël een beproeving op zijn loyaliteit gevormd hebben? Kunnen soortgelijke beproevingen in deze tijd van binnen Gods gemeente uit over jongeren komen? — 1 Sam. 2:12-18.
Besluit met de aanmoediging om loyaliteit tot een deel van onze persoonlijkheid te maken. — Ef. 4:24; 1 Thess. 2:10.
5 min: Velddienstmededelingen. Lied 65 en gebed.